Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Maandelijks archief: september 2018

En dan nu: muziek! (deel 3)

De (meeste) zomerfestivals zijn achter de rug, maar niet getreurd. In september zijn de kansen voor de muziekliefhebbers legio om uit hun kot te komen. In vogelvlucht door het Brugse concertaanbod!

 CACTUS

Na een geslaagde (warme) editie van het Cactusfestival en een mooie concertreeks tijdens Moods! komt het nieuwe seizoen van Cactus Muziekcentrum eind september stilaan weer op gang. Op maandag 24 september vormt het Concertgebouw het decor voor een optreden van José González & The String Theory. De Zweedse bard José González is een graag geziene gast op het Cactusfestival en leverde zowel solo als met zijn band Junip hoogtepunten op in het Minnewaterpark. De man bezit dan ook een vocaal timbre waarmee het uiterst aangenaam wegdromen is en kan meer dan aardig uit de voeten met de Spaanse gitaar. Die combinatie versmolt hij in drie prachtige platen, waarvan debuutalbum Veneer (met hits als ‘Heartbeats’ en ‘Crosses’) ondertussen uitgegroeid is tot een moderne klassieker. In 2011 ging González een eerste keer op tour met het Göteborgse experimentele strijkorkest The String Theory, een twintigkoppig orkest onder leiding van componist PC Nackt, zeven jaar later zal het Brugse publiek getuige zijn van een tweede tournee.

 DAVEREND/Unplugged

Het nieuwe seizoen voor Cultuurcentrum Brugge betekent meteen ook een nieuwe reeks van Brugotta-optredens onder de Daverend/Unplugged-noemer. De formule blijft ongewijzigd: Brugse groepen krijgen in zaal Daverlo (Assebroek) een prachtig forum om hun muzikaal kunnen te etaleren, ofwel op volle sterkte (Daverend) ofwel op een gedemptere volume (Unplugged). Op vrijdag 28 september mogen Maanbar en Lee Anderson de boel in gang trappen. Maanbar bestaat uit Dicky Antoine (zang, gitaar, keys), Kris De Busscher (drums, zang), David Boddaert (bas) en Tom Van den Abeele (gitaar, zang). Zij tekenen voor uitgepuurde indiepopmuziek. Achter Lee Anderson gaan Leander van het Groenewoud, Dries Hoof, Jacob Haghebaert en Sylvester Vanborn schuil. Voor hen zijn The Beatles, Bob Dylan en de Amerikaanse folklegende Tim Hardin belangrijke invloeden. De sound van Lee Anderson is klassiek en tegelijk fris. NOOT: alle concerten van Daverend/Unplugged zijn gratis. (ADC)

 

www.cactusmusic.bewww.dekelk.bewww.ccbrugge.bewww.thejamm.be, www.brocantecafe.com, www.snuffel.one/nl/events

EXit sprak met Gunther Broucke, intendant van Brussels Philharmonic

‘De samenwerking met het Concertgebouw staat in de sterren geschreven’

 

Een tekort aan nieuwe en verfrissende ideeën kun je Gunther Broucke niet verwijten. Hij toverde Brussels Philharmonic uit de problemen en zette het orkest op de kaart met onder meer filmmuziek voor films als The Artist en The Aviator. De thuishaven Flagey staat borg voor volle zalen, maar Broucke wil meer en laat daarvoor zijn oog vallen op een nauwe(re) samenwerking met het Concertgebouw. Het orkest en het Vlaams Radio Koor staan niet minder dan 14 keer op de Brugse planken. Hoog tijd voor een gesprek.

 Brussels Philharmonic kleurt West-Vlaams en dat is een eufemisme. Zowel de algemeen manager (Gunter Broucke) als de operationeel directeur (Filip Strobbe) als de voorzitter van de Raad van Bestuur (Hugo Vandamme) en de productieverantwoordelijke (Jim Seynaeve) zijn van West-Vlaamse origine.

 Gunther Broucke: (grappend) ‘Kwaliteit komt samen. We zijn dan ook een soort missionarisproject in Brussel.’

(ernstig) ’Ik vind dat West-Vlamingen mekaar goed verstaan. Dat valt mij steeds weer op. En dat is nodig ook, want West-Vlaanderen loopt nog steeds een beetje achterop voor bepaalde zaken. Zo heeft deze provincie nog steeds geen Koninklijk Conservatorium en dat is een reëel gemis. Een echt professioneel ensemble is er evenmin. Natuurlijk is er Anima Eterna Brugge, maar dat is meer een projectensemble. Er is ook Symfonieorkest Vlaanderen, maar dat heeft zijn toevlucht in Gent gevonden. En tot voor Brugge 2002 had West-Vlaanderen evenmin een concertzaal. Maar Vlamingen zijn  harde werkers, al tonen we dat niet altijd.’

 EXit: Brussels Philharmonic staat het komende seizoen met meer dan tien producties in het Concertgebouw. Dat is opvallend veel.

Broucke: ‘Dat is absoluut zo en dat heeft veel te maken met de expansie van het orkest in de laatste jaren. De voorbije vier à vijf jaar zijn we dan ook zeer sterk gegroeid, zowel op het niveau van de producties, de dirigenten als de topsolisten. Vroeger waren ze uitzondering op de affiche, vandaag is dat regel.’

 ‘Onze producties verdienen het ook om meer dan één keer opgevoerd te worden, eenmalig is voor niemand een goede zaak. Daarom zitten wij nu op twee niveaus na te denken. Eén: kunnen wij het publiek in Brussel nog verbreden? We brengen dan elk concert tweemaal, want nu is alles steevast uitverkocht. Tweede element: we zijn een orkest van de Vlaamse Gemeenschap dat opereert in Brussel, maar ook in Vlaanderen echt wil aanwezig zijn. Prominent aanwezig. We willen daarom een tweede plek uitbouwen die ook onze thuis is.’

 EXit: En daarvoor kijkt u naar de centrumsteden?

Broucke: ‘Probleem natuurlijk. Gent heeft niet echt een geweldige zaal (LF. De Bijloke die straks verbouwd wordt), Antwerpen is bezet terrein en Limburg heeft zelfs geen zaal. Zo komen we uit bij Brugge dat niet alleen een uitstekende zaal heeft, maar met de kust een boeiend wervingsgebied en zelf ook een boeiende werking heeft. Al die elementen samen zorgen ervoor dat de samenwerking tussen Brussels Philharmonic en het Concertgebouw in de sterren geschreven staat. Dat is geen evident gesprek, duidelijk, maar het wordt met open vizier gevoerd. Voor het Concertgebouw is het nog een aftasten wat die plek kan zijn van zo’n extra-zware speler. Het is een gesprek dat tijd vraagt.’

 EXit: In afwachting komen jullie dit seizoen met een wel zeer gevarieerd programma naar Brugge.

Broucke: ‘Een orkest van vandaag moet alles spelen, van negro-spirituals over Mahler tot operette toe. Hoe lang is het al geleden dat er nog een operette op het podium stond? Er is daar nochtans een publiek voor, daar ben ik van overtuigd, maar er moet nog een en ander afgestoft worden. Toen wij indertijd begonnen met filmmuziek lachten de collega’s ons uit. Vandaag speelt bijna iedereen het.’ (LF)

DE REST VAN HET INTERVIEW LEEST U IN DE PAPIEREN EXIT VAN SEPTEMBER. OVERAL GRATIS TE VERKRIJGEN!

Mini-concerten zorgen voor maxi sfeer bij Chris Brion

Stef Kamil en Chris Brion

 

Zwankendammenaar Chris Brion mag binnenkort weer wat kasten in zijn living verschuiven om er schoon volk te laten optreden. Bijna maandelijks organiseert hij een exclusief en intiem concert van Belgische makelij in zijn rijhuis. Unieke optredens, jazeker, want waar anders krijg je de kans om op slechts een halve meter afstand Stef Kamil Carlens, Bert Dockx of Jan Hautekiet te zien spelen?

 Een onvoorwaardelijke liefde voor muziek drijft Chris Brion vooruit om zijn woonkamer op regelmatige basis om te vormen tot een mini-concertzaal, goed voor een podium van ongeveer tien vierkante meter en een publiek van maximaal zestig personen. In het verleden kwamen onder meer Jan Hautekiet & Bart Buls, Stef Kamil Carlens, Derek, Bruno Deneckere, Steven Debruyne, Tiny Legs Tim en Paul Couter al langs. Voor het najaar en volgend voorjaar prikte Chris al een aantal concerten vast. ‘Op zaterdag 22 september komt Bert Dockx, bekend van Dans Dans, Flying Horseman en zichzelf, af voor een solo-optreden’, zegt Brion. ‘Hij stelt er zijn nieuwe cd voor waarop hij nummers van onder meer Fleetwood Mac, Bob Dylan en Bruce Springsteen covert. Het publiek zal al zittend zijn fascinerend gitaarspel kunnen bewonderen. Op zaterdag 20 oktober proberen we iets nieuws. We laten pianospel de poëzie  van de Oostendse actrice en woordkunstenares Isabelle Vandemaele ontmoeten. Voorafgaand bieden we onze bühne gedurende een half uur aan het publiek aan voor een ‘vrij podium’. Wie zich geroepen voelt om een tekst voor te dragen, is van harte welkom. Alles kan.’

The Rolls is de nieuwe band van zanger-gitarist Derek (&The Dirt) en gitarist Bruno Deneckere.  ‘Zij komen op vrijdag 16 november optreden. Het zal knetteren in mijn living, want ook bassist Mario Vermandel en drummer Tony Gyselinck komen mee. Ze brengen eigen composities, geïnspireerd op de gedichten van Charles Bukowski, die muzikaal dicht aanleunen bij het werk van JJ Cale. Het concert van The Antler King op zaterdag 16 maart 2019 ligt ook al vast voor de voorstelling van hun derde album. Benieuwd of ze dit keer ook weer catchy psychedelische indiepopsongs zullen spelen.’

No stress zone

‘Vroeger organiseerden we een drietal concerten per jaar, maar de vraag blijft groot. Na het optreden van Stef Kamil Carlens en Gregory Frateur merken we grote interesse voor meer concerten. ‘Wellicht komen Stef, Steven Debruyn en Tiny Legs Tim nog eens terug. Ook Roland Van Campenhout concerteert volgend jaar bij ons. Ik dring niemand iets op, de organisatie van een concert in mijn living verloopt op een organische manier. Eén ding staat vast: de muzikanten worden zeer verwend bij ons. We bieden hen een heerlijke diner aan en we zorgen ervoor dat ze zich thuisvoelen. No stress. Het publiek ontvangt hen met open armen. Ze kunnen het optreden aanwenden als een try-out – er mag al eens iets misgaan – , maar ik merk dat ze zelf geen fouten toestaan. Het zijn echte perfectionisten. Die toewijding zien we graag’, besluit Chris Brion. (ADC)

___Interesse om een concert bij te wonen of er zelf op te treden? Contact via Chris.brion@telenet.be

 

‘Bare is een emotioneel stuk dat naar de keel zal grijpen’

 

KotéKoer is een van de twee zeer succesvolle Brugse musicalverenigingen. Vorig seizoen stonden ze in de Stadsschouwburg met de musicalversie van de filmhit Legally Blonde. Dit keer kiezen ze voor Bare, een minder bekende titel die daarom niet minder emoties zal losmaken. Afspraak halfweg september 2018 in zaal Daverlo in Assebroek.

 EXit: Waar gaat het stuk over?

Sven Vanrietvelde: Bare volgt een groep laatstejaarsstudenten op een streng katholieke kostschool. Peter en Jason zijn verliefd op elkaar, maar Jason, een populaire atleet, worstelt met zijn gevoelens en zijn reputatie. Het stuk start op het moment dat Peter hun relatie wil bekendmaken, maar Jason daar toch niet klaar voor is. Wanneer dan ook de repetities voor het schooltoneel Romeo en Julia starten, stijgen de spanningen, nemen de twijfels toe en beginnen geheimen aan de oppervlakte te komen.’

 EXit: Waarom Bare?

Vanrietvelde: ‘Bij de stukkeuze gaan we eigenlijk vooral op ons gevoel af. Bare stond al een tijdje op ons verlanglijstje. De show ging in 2000 Los Angeles in première en haalt sindsdien staande ovaties over heel de wereld. Het verhaal is sterk en de thematiek is tijdloos. Het taboe rond holebi’s is lang niet meer zo groot als vroeger, maar jongeren zullen altijd worstelen met hun identiteit, met hun uiterlijk, relaties en de onzekerheid en twijfels daarrond. Het verhaal gaat ook over hoe de anderen daar mee omgaan, klasgenoten, ouders … Belangrijk bij de stukkeuze is bovendien dat de rechten vrij zijn. Dat is niet zo evident binnen musical.’

 EXit: Kiezen jullie bewust voor een meer bescheiden productie?

Vanrietvelde: ‘Er is geen vast stramien, maar we kunnen inderdaad niet elke keer voor een groots opgezet spektakel gaan. Musical is een intensieve bezigheid en we blijven natuurlijk liefhebbers. Het is anderzijds ook echt fijn om dit soort stukken te brengen. Met Bare kunnen we bewijzen dat musical meer kan zijn dan gewoon entertainment. Het artistieke team krijgt bovendien de kans om dieper in te gaan op details, op spel en emoties, op kostuums en decor, en dat vinden ze heel fijn.’

EXit: Geldt dat ook voor de acteurs/zangers?

Vanrietvelde: ‘Zeker. Onze jonge cast bestaat uit een vijfentwintigtal mensen, wat relatief klein is voor een musical. Hun betrokkenheid is veel groter. Naast de hoofdrolspelers hebben ook alle leden van het ensemble een mooie rol waarin ze veel van zichzelf kwijt kunnen. Alle personages hebben in opdracht van de regisseur hun eigen achtergrondverhaal opgebouwd. Ze hebben ook mee hun eigen kostuum gekozen.’

EXit: Mikken jullie op een jongerenpubliek?

Vanrietvelde: ‘Ze zullen zich ongetwijfeld aangesproken voelen en er zullen ongetwijfeld heel wat jongeren in het publiek zitten, maar we mikken niet per se op die doelgroep. Iedereen zal kunnen genieten van het stuk, ook de volwassenen. De thematiek wordt even goed vanuit het standpunt van de ouders belicht. We richten ons dus tot alle musicalliefhebbers.’

EXit: Jullie kiezen voor Daverlo?

Vanrietvelde: ‘We staan heel bewust in een kleinere zaal. Bare is een emotioneel stuk dat ongetwijfeld naar de keel zal grijpen. Om die emoties nog sterker te maken, wilden we heel dicht bij het publiek spelen. Een musical die het publiek van het eerste moment kan meeslepen en beroeren, er is niets mooier dan dat!’ (SD)

 14, 15, 21 en 22 september om 20 uur, 16 en 22 september om 15 uur, www.kote-koer.be, www.ticketwinkel.be

Kussen uit Brugge

 

Zoengedichten? Dan denkt u wellicht aan de verzen van de Latijnse liefdesdichter Catullus uit de eerste eeuw voor Christus. Anderhalf millennium later werd de Europese poëzie overspoeld door (zoen)gedichten. De meeste van deze neolatijnse zoengedichten zijn vandaag vergeten, maar de ‘Kussen uit Brugge’ van Bruggeling Janus Lernutius (1545-1619) verdienen het ook nog vandaag gelezen te worden.

Althans dat vindt de Brugse classicus Tom Inghelbrecht die ze vanonder het (archief)stof haalde, keurig vertaalde en ze in een mooi uitgegeven bundel naar de lezer bracht.

Janus lernutius werd geboren in Brugge op 13 november 1545 als oudste zoon van een van de rijkste burgers van de stad. Hij genoot hier een gedegen opleiding. Brugge genoot immers nog steeds van het aureool ‘Athene aan de Reien’ en was een intense handelsmetropool. Hij huwde hier met ene Maria Tortelboom en een jaar later deed hij zijn intrede in de Brugse stadsraad. Hij schreef toen al poëzie die in 1579 door uitgeverij Plantijn werd uitgegeven. Deze collectie jeugdgedichten maakte hem ‘beroemd’ en leverde hem een adellijke titel op.

Lernutius schreef zijn leven lang poëzie. Zijn vriend Justus Lipsius, aan wie een bundel was opgedragen, was lyrisch over deze oogst zoengedichten. Hij noemde ze ‘welverzorgd, scherpzinnig en in alle opzichten vervaardigd met de gunst van Venus’. Over Lernutius’ boeiende leven is vrijwel niets gepubliceerd. Ook zijn poëzie is ‘onontgonnen’. Wie, zoals de auteur, zijn verzen wil lezen, moet op zoek gaan naar de edities van 1614 of nog oudere drukken.

Tom Inghelbrecht, beroepshalve leraar aan het Klein Semininarie in Roeselaere, ontdekte deze zoengedichten tijdens een stage in de Biekorf. Met de vertaling wil hij deze vergeten Brugse dichter, begraven in de Sint-Salvatorskerk, teruggeven aan de Bruggeling. Tip voor een biografie? (LF)

 

En dan nu: muziek! (deel 2)

De (meeste) zomerfestivals zijn achter de rug, maar niet getreurd. In september zijn de kansen voor de muziekliefhebbers legio om uit hun kot te komen. In vogelvlucht door het Brugse concertaanbod!

SNUFFEL

Snuffel Backpacker Hostel (Ezelstraat) pakt op vrijdag 14 en zaterdag 15 september uit met een tweedaags minifestival waarbij enerzijds rock (14/9) en anderzijds urban & hiphop (15/9) centraal staan. De groep Budget Trash – u kent die gasten nog van in de finale van de laatste editie van Humo’s Rock Rally – trekken om 17.45 uur met hun frivole garagerock het festival op gang. Daarna volgen een uur later de Antwerpse band Lagüna – nog Humo’s Rock Rally-volk en daar zelfs goed voor een tweede plaats – en Elefant om 19.50 uur. De Brugse heren van Soviet Grass mogen met hun vuile bluesrock de eerste festivaldag afsluiten. Voor het urban & hiphop-luik de dag nadien liggen nu al het Gentse Gangthelabel en rapper Bringhim alvast, maar er volgen nog meer namen. Houd alvast de facebookpagina van de Snuffel in de gaten.

 THE JAMM

In The Jamm, het gebouw in de Pathoekeweg (34C) waar groepen in alle comfort kunnen repeteren en een exclusief drumstel kunnen kopen, organiseert Dirk Defauw regelmatig huiskamerconcerten in de beste omstandigheden, voor een publiek van maximaal dertig man/vrouw. Op zaterdag 15 september heeft hij Joni Sheila uitgenodigd. Dirk: ‘Joni Sheila is een half Filipijnse, half-Belgische singer-songwriter en straatartiest die opgegroeid is in Gent. Ze leerde zichzelf gitaar spelen en zingen. In november 2014 lanceerde ze haar debuutalbum ‘Change’ dat ze volledig heeft gefinancierd via een crowdfunding-campagne. Vorig jaar ging Joni op tournee door Australië. Ze vond een nieuwe thuis in Melbourne, waar ze een gerenommeerd straatartiest werd.’

Landloper in Brugse wijken

 

Van vrijdag 7 tot en met zondag 30 september brengt Uitwijken cultuur tot in de voortuinen van Brugse deelgemeenten. Brugge Plus vzw organiseert ook dit jaar theater, cinema, muziek, circus, concerten en veel meer in de wijken van Sint-Kruis, Sint-Andries, Assebroek en Sint-Michiels. Tijdens Uitwijken presenteert het Gents productiehuis Blauwhuis zijn voorstelling Landloper. Het verhaal gaat over onderweg zijn: beslissen om te vertrekken, het kiezen van een pad en alle maffe ontmoetingen die daarbij horen.

EXit: Wat is Blauwhuis?

Michaël Minjauw: ‘Blauwhuis is een combinatie van twee dingen. Enerzijds is Blauwhuis een productiehuis dat films maakt en produceert. Anderzijds brengen we jeugdtheatervoorstellingen die al heel vaak in de creatieve buitenlucht van Uitwijken werden geboren en later een eigen leven gaan leiden in de theaterzalen of daarbuiten.’

EXit: In welk opzicht verschilt Blauwhuis van andere productiehuizen?

Minjauw: ‘Blauwhuis brengt jeugdvoorstellingen die aan de ene kant een hoog rock-’n-roll-gehalte hebben en zeer energiek zijn, maar die aan de andere kant ook op een speelse manier een gevoelige snaar raken en heftige thema’s niet uit de weg gaan. Bovendien is hetgeen we maken niet alleen tijdloos, maar ook zeer eigentijds. Onze voorstelling Wilt Hard werd gemaakt voor pubers en ik heb die gezien terwijl ik tussen het jonge geweld in de zaal zat. Het is indrukwekkend als je zo’n publiek dat barst van de onvoorspelbare puberende hormonen toch kunt meekrijgen in een verhaal.’

 EXit: Op Uitwijken brengen jullie de voorstelling Landloper die wordt omschreven als een ‘theatrale roadmovie’. Wat mag ik me daarbij voorstellen?

Minjauw: ‘Je hebt heel veel films, theater en literatuur over personages die onderweg zijn en van alles meemaken op hun tocht. Ik vind het zeer boeiend om te zien welke interessante ontmoetingen je soms meemaakt en hoe vaak je als mens onderweg bent. Eigenlijk zijn we als mens altijd in beweging, ook al staan we daar nooit bij stil. Ook als we slapen, neemt onze geest soms met ons een loopje in rare dromen. Als ik dat zie in verhalen, raakt me dat en wil ik daarmee aan de slag gaan.’

EXit: Kunnen jullie zich herkennen in de rondtrekkende personages?

Minjauw: ‘Het gegeven van onderweg zijn is mij niet onbekend. Ik ben bijvoorbeeld al heel veel verhuisd. Ik heb ook al veel maffe ontmoetingen gehad. Ik vind het ook heel erg interessant om te onderzoeken waarom een personage vertrekt en met een tocht begint. Verder vind ik de zoektocht naar een thuis boeiend. Wat is thuis? Het antwoord op die vraag is nooit hetzelfde. Binnen tien jaar kan jouw thuis helemaal anders zijn. Die zoektocht is bovendien universeel, hoe jong of oud je ook bent.’

EXit: Hebben jullie de plekken al gezien waar Blauwhuis zal spelen op Uitwijken?

Michaël Vandewalle: ‘Marec Zeghers van Uitwijken heeft onze roadmovie al in gang gestoken tijdens een uitvoerige rondleiding om te zien waar het ideaal zou zijn om te spelen. De locaties zien kan ook inspirerend werken.’

EXit: Zou het niet het road-moviegevoel versterken mochten jullie de speelplekken pas ontdekken op de dag van de voorstelling?

Minjauw: ‘Dat is te risicovol, want je zou beperkingen kunnen ondervinden waardoor je een deel van je verhaal niet kunt spelen.’

Vandewalle: ‘Het is ook belangrijk om te weten welk uitzicht je hebt. Zo begin je niet te schrijven over een stedelijke omgeving terwijl je speelt in de natuur. Stel dat je speelt op een open vlakte of een bos, creëer je een andere vorm van fantasie. Bij een open verkaveling zie je enkel de verkaveling. Als je de show daarentegen in een bos opvoert, kun je als toeschouwer fantaseren dat er nog een hele wereld in dat bos leeft.’

EXit: Wat verwachten jullie ervan?

Silke Thorrez: ‘Ik vind het superspannend om viermaal dezelfde voorstelling op een andere plek op te voeren. Ik ben ervan overtuigd dat het op die manier vier verschillende opvoeringen zullen worden. Ook het gegeven van buiten spelen vind ik leuk. Je hebt de toevallige natuurelementen, voorbijgangers en het feit dat mensen niet vastzitten in een zaal.’

Minjauw: ‘Door onverwachte gebeurtenissen wordt spelen in openlucht magisch. Onze vorige voorstelling Richarken speelden we op een plein in Zeebrugge dat volledig ingesloten was door huizen. Het had al de hele dag geregend, maar toen we de plek naderden, begon de zon de hemel open te breken. In de eerste scène maakten de personages ruzie. Net op dat moment vlogen er enkele meeuwen voorbij waar we op den duur ook ruzie mee maakten. Die verrassingen kunnen zowel bijdragen aan je show, als tegenwerken. Regen, mensen die lawaai maken of een hond die zit te blaffen … Het kan ook tegenvallen, maar dat maakt het net spannend. Je weet nooit op voorhand wat er gaat gebeuren.’ (FL)

http://www.bruggeplus.be

 

September Jazz sluit stilaan de zomer af

 

 

Op zaterdag 8 september (vanaf 19 uur) staat het jaarlijks evenement September Jazz hoog genoteerd op de uitgaanskalender. Op het binnenplein van de stedelijke school voor buitengewoon lager onderwijs De Ganzenveer in het Bilkske kun je terecht voor de 22ste editie van dit festival, met een drietal kwalitatieve jazzconcerten in een fin-de-saison sfeertje. Een muzikale avond die naar jaarlijkse gewoonte volledig wordt ingekleurd door programmator Willy Schuyten, en dit binnen de schoot van KAAP.  Zoals steeds is deze festivalavond volledig gratis.

Wie September Jazz al eerder bezocht kent het concept : één en al aandacht voor het podium voor wie zich op de muziek wil focussen, en daarnaast achteraan het terrein een terras- en bargedeelte waar Bruggelingen en wat verdwaalde najaarstoeristen zich in een gemoedelijke sfeer opmaken om stilaan afscheid te nemen van de zomer.

Het Sal La Rocca Quartet opent de avond met een groovy setje hedendaagse hard bop dat ongetwijfeld de meer doorwinterde jazzliefhebber zal aanspreken.  Dit kwartet gaat later in het najaar nog binnen het JazzLab-circuit op tournee in Vlaanderen, maar eerst komt Brugge aan de beurt.  Bezetting : Sal La Rocca (contrabas) – Pascal Mohy (piano) – Lieven Venken (drums)  – Jeroen Van Herzeele (saxofoon).

‘Noteer in deze groep de aanwezigheid van het in Vlaanderen veel te weinig gehoorde supertalent van de Waalse pianist Pascal Mohy en van de inventieve drummer Lieven Venken, al een tijd terug in België na verschillende jaren in New York te hebben gewoond’, zegt Willy Schuyten.

Henri Texier

Het is zonder twijfel te danken aan het jarenlang zorgvuldig opgebouwd adressenboekje en het uitgebreid jazznetwerk van Schuyten dat niemand minder dan de 73-jarige Henri Texier September Jazz aandoet met zijn Henri Texier Sand Quintet (Henri Texier (contrabas), Sébastien Texier (altsax, klarinet), Vincent Lê Quang (tenorsax & sopraan), François Corneloup (baritonsax), Gautier Garrigue (drums)).  Aanvang omstreeks 20.30 uur.

Texier stond al meermaals op het podium van de grote concertzaal in het Concertgebouw. Hij was er op de allereerste editie van Jazz Brugge (2002) met zijn ‘Azur Quintet’.  In 2004 bracht het trio Romano/Sclavis/Texier in een memorabel concert hun fabuleuze ‘Suite Africaine’ en in 2008 speelde hij het slotconcert van dit festival met zijn ‘Henri Texier Strada Quintet’. Op het festival van 2012 tenslotte maakte hij deel uit van het Aldo Romano 4tet. Voor wie Texier nog nooit aan het werk zag, biedt September Jazz een unieke herkansing.

Schuyten licht het concert van Texier nog even verder toe: ‘Het was Armand Meignan, directeur en programmator van het Europajazz Festival in Le Mans (FR) die Texier ertoe bewoog een project te realiseren rond zowel de 39ste verjaardag van het festival als rond Texiers oudere werk, dat voor de gelegenheid in een hedendaags jasje gestoken werd en een nieuwe bezieling kreeg. Begin 2018 werd de cd-opname Sand Woman gereleased.’

 Afsluiter 

Om 22.30 uur  sluiten Kleptomatics de festivalavond af. Drummer Yves Peeters deed de inspiratie voor deze brassband op tijdens een reis naar New Orleans in het jaar 2000. Hij laat zich omringen door een sextetje blazers (Rob Banken (altsaxofoon), Bruno Van der Haegen (tenorsaxofoon), Peter Delannoye (trombone), Berlinde Deman (tuba), Loïc Dumoulin (trompet), Thomas Mayade (trompet)).  Een afsluiter die ongetwijfeld De Ganzenveer in een broeierige sfeer zal onderdompelen.

Als je achteraan het terrein een lege plaats ontwaart aan de infostand van KAAP: die is van Rik Bevernage, wiens warme persoonlijkheid en fris keurende blik we sedert een paar maanden moeten missen. (RUDI VANMARCKE)

http://www.kaap.be

 

Portret van 100 jaar (water)toerisme in Brugge

 

Als iemand in Brugge ei zo na alles afweet over de Brugse reien en de bijbehorende bootjes, dan is het Edmond Coucke (98). Hij is de hoofdfiguur in het boek ‘Het Vloeibare Goud’ dat het verhaal vertelt van het toerisme op en rond de Brugse reien . Samen met stadsgids Mia Lingier, auteur van het boek, grasduinen ze in meer dan 100 jaar toeristische bootjesverhuur.

Mia Lingier kent het thema door en door, want in 2006 tekende ze al voor de publicatie ‘De Brugse reien, Aders van de Stad’.

Ere wie ere toekomt, want blijkt dat niet Godfroid Coucke, de vader van Edmond, de pionier is van de boottochten op de reien, maar wel de Brusselse ondernemer Jules Vander Schueren die volgens archiefstukken in 1905 al een vergunning kreeg voor vijf jaar om ‘met gondels op de vaarten onzer stad te varen’. Stamvader Godfroid Coucke was echter de eerste Bruggeling die geregeld met zijn eigen roeiboten (!) op de Brugse reien te zien was, roeiboten die hij verhuurde zonder begeleider. Sinds de jaren 30 groeide dat uit tot een heus bedrijf dat in 1943 overging in de handen van Edmond Coucke.

Oeverbewoner en brandende lantaarns

Een en ander was nauw verbonden met het opkomende, overwegend Engelse toerisme uit die tijd. Op het eind van de 19de eeuw zette toenmalig burgemeester Visart de Bocarmé in op twee troeven die Brugge uit de economische dieperik moesten helpen. Het eerste was de uitbouw van de haven van Zeebrugge, het tweede het toerisme. Godfroid Coucke startte zijn bedrijf met zes roeiboten en nadien nog twee motorboten. Anderen gingen al snel zijn voorbeeld volgen, want voor watertoerisme was dit de gedroomde locatie. Couckes eerste aanlegsteiger lag in Groeninge (6), vlakbij het Bonifaciusbrugje dat er pas kwam in 1911. Later werd dat de plek aan de Dyver waar ‘bootexcursies Gruuthuse’ een begrip werd . In datzelfde jaar vaardigde de Stad een reglement uit voor het varen op de reien: men moest Bruggeling zijn, oeverbewoner en de boten mochten niet langer zijn dan zes meter, voorzien van een volgnummer en ’s avonds uitgerust met en brandende lantaarn. In 1913 waren er al zes uitbaters. Het parcours was iets langer dan vandaag en liep van Begijnhof tot ’t Zand (waar het Station zich bevond).

Naast het levensverhaal schetst het boek ‘Het Vloeibare Goud’ een boeiend portret van 100 jaar toerisme en lokale politiek. Een aanwinst, dit boek, voor de Brugge-bibliotheek. (LF)

Het vloeibare goud, Mia Lingier, uitg. Van De Wiele

 

%d bloggers liken dit: