Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Brugse illustratoren kloppen aan internationale deuren

Foto Paul Willaert

 

‘Er is altijd iemand beter dan jijzelf. Soms werkt dat verlammend’

 Zonder twijfel is Bruggeling Klaas Veplancke (°1964) een van Vlaanderens beste illustratoren. Als auteur en/of illustrator tekent hij sinds 1998 voor tientallen boeken die zowel in Vlaanderen als in het buitenland hoge ogen gooien. Sinds enkele jaren bouwt hij vooral aan een internationale carrière met New York als speerpunt. Collega en Bruggeling Pieter Van Eenoge, tien jaar jonger, bouwt eveneens aan een internationale carrière, hoewel niet gemakkelijk: ‘Ik ben niet zo goed in mezelf in de markt te zetten. Op het internet zie je door de bomen het bos niet meer’. Een gesprek over het beroep.

 

EXit: Is illustrator een zwaar beroep?

Klaas Verplancke: ‘Het is in elk geval geen job van nine to five. Wij behoren tot de categorie kunstenaars, maar dan met een meer commercieel-publiek karakter. Wij moeten die twee combineren: een zakelijk instinct met een artistieke overgave. Het werk wordt onderschat. Men herleidt ons nog te vaak tot de categorie ‘hobby’. Wij zijn ook allebei opgeschoven naar het werk voor tijdschriften en magazines, deels omdat het aanbod jeugdliteratuur in Vlaanderen is afgeroomd.’

Pieter Van Eenoge: ‘Dat moet ik toch tegenspreken. Ik ben nooit een fervent jeugdboekillustrator geweest. Het was voor mij een zijsprong om aan een werkbeurs te geraken. Voorlopig heb ik geen opdrachten in die sector, maar samen met Klaas werk ik wel aan een jeugdboek, een plan dat nu nog een beetje ligt te bestoffen, maar straks hernomen wordt. Wij hebben samen aardig wat ervaring, ikzelf al twintig jaar, Klaas dertig.’

 EXit: Voltijds illustrator in Vlaanderen, is dat een sprong in het ongewisse?

Pieter: ‘Half, half. Maar ik werk nu aan een overzichtsboek over mijn carrière zoals die in de voorbije twintig jaar is gegroeid. Starten in deze sector was een berekend risico. Ik zag hoe andere illustrators goed bezig waren en werd een beetje jaloers. Heb toen ook maar ‘geprobeerd’ en dat is stelselmatig en goed gelukt, maar het was zeker niet altijd gemakkelijk. Ik moet bekennen, ik heb vaker stress van te weinig werk dan van te veel.’

Klaas: ‘Het is een moeilijke kwestie. Je moet het vooral met volle goesting doen, want leven en werken als illustrator brengt je niet meteen dicht bij de ‘vetpotten’.’

EXit: Hoe verloopt de carrière van een illustrator?

Klaas: ‘Het werk komt in golven aangewaaid. Soms krijg je een opdracht voor twintig tekeningen, soms zit je maanden te wachten op een aanbod. Daarom doe ik zelf actieve prospectie. Ik zoek naar werk, zoals door portfolio’s op te sturen naar mogelijke klanten zoals uitgevers of art directors. Je kunt niet zitten wachten op een verlossend telefoontje. Dat hoort bij onze bedrijfscultuur.’

EXit: Illustreren lijkt mij een solitaire job. Er is alleen de tekenaar en een wit blad.

Pieter: ‘ Klopt, maar dat geldt ook voor veel andere jobs zoals schrijver of muzikant. Maar het is wel een taak van soms dag en nacht werken. Het valt mij op dat grote illustratoren vaak kinderloos zijn. Kunnen ze maximaal werken.’

Klaas: ‘Die eenzaamheid is er zeker, maar ik geef ook twee dagen in de week les in Antwerpen en dat helpt. Het lesgeven is een boeiende en plezante bezigheid, je maakt er contacten met goede collega’s. De jongste jaren krijg ik vaak opdrachten om in het buitenland te gaan jureren. Ieder jaar staat ook de vakbeurs in Bologna op mijn programma. Ben daar vaste klant. Ik heb er een netwerk opgebouwd dat nu rendeert, zoals door internationale contacten met literaire organisaties.’

Pieter: Bologna staat niet op mijn programma. De kinderboekenwereld is mijn wereld niet. De huidige indeling van illustratoren in categorieën als striptekenaar, cartoonist of jeugdauteur is mij bovendien te beperkend. Ik heb wel het voordeel dat ik werk met een ‘agent’ die de internationale markt aftast.’

 EXit: Wat gebeurt er als jullie inspiratie opdroogt?

Klaas: ‘Geen probleem. Ik beweeg voortdurend van links naar rechts en omgekeerd. Zo ben ik op veel terreinen aan de slag en er komen geregeld nieuwe zaken bij. De inspiratie komt met de opdracht, maar het blijft opletten voor het vervallen in routine. Daarom heb ik de voorbije drie jaar geen kinderboeken meer geïllustreerd. Afwisseling werkt.’

EXit: Is het buitenland, en Amerika in het bijzonder, hét streefdoel van een ambitieuze illustrator?

Klaas: ‘Het speelt zeker, want binnenlands is de markt niet groot. Daarom zoeken illustratoren, hierin geholpen door het internet, naar nieuwe afzetplaatsen. Zo hebben Pieter en ik de voorbije jaren gepubliceerd in The New York Times, net zo goed als in de Vlaamse kwaliteitspers. Concurrentie werkt in twee richtingen. Voor een New Yorks publiek zijn wij wellicht een beetje exotisch.’

Pieter: ‘Amerika is heel streng. Als je hier een idee levert, is het meestal meteen raak. In Amerika kunnen ze er dagen lang over discussiëren en bijsturen. Een idee wordt uitgewerkt tot in de puntjes. Zelfs één dag voor de deadline durven ze nog alles om te gooien.’

‘Klaas: ‘Maar anderzijds, je bereikt er een miljoenenpubliek mee en het staat prettig op je cv. Het is dan ook een enorme markt. Weet u dat The New York Times elke dag plusminus 50 tekeningen en illustraties bestelt. Exciting!’

Pieter: ‘Hier in Brugge zou ik graag eens kunst integreren in een gebouw. Muurschilderingen. De nieuwe De Republiek was een mooie gelegenheid, maar die is aan mij voorbij gegaan. In Amerika zou ik graag eens een cover van The New Yorker tekenen, maar ik hengel er niet naar. Ik probeer vooral relevant te blijven. Zolang het duurt…’

EXit: Wie zijn jullie grote voorbeelden in de sector?

Klaas: ‘In alle ernst, voor mij is dat Pieter. Hij doet heel knappe dingen waar ik jaloers op ben. In een buitenlandse context denk ik aan de Spaanse illustrator Pablo Amargo. Die wil ik graag inhalen.’

Pieter: ‘Voor mij is dat de Franse illustrator Yann Kebbi. Een onwaarschijnlijk talent. Jonge gast nog. Maar ik hou er rekening mee: er is altijd iemand beter dan jijzelf en soms werkt dat verlammend. Van Klaas kan ik nog heel wat leren: zijn commerciële feeling in het vak, zijn energie en zijn persistance, het volhouden.’ (LF)

www.klaas.be en http://www.pietervaneenoge.be

Arentshuis toont ‘De sleutel tot alle kunsten’

 

Nog tot 18 augustus toont het Arentshuis (Dyver) tekeningen uit het prentenkabinet van Musea Brugge. Deze tentoonstelling omvat een selectie van de vijftig meest bijzondere 16de– tot vroeg 18de-eeuwse Europese tekeningen uit deze collectie. Het gaat in hoofdzaak over bladen van noemenswaardige kunstenaars afkomstig uit de Lage Landen, hoewel ook enkele Italiaanse, Franse en Duitse meesters zijn vertegenwoordigd. Stuk voor stuk zijn het belanghebbende tekeningen die tot nog toe weinig bekend waren.

De aanleiding van de tentoonstelling is de publicatie van een nieuwe wetenschappelijke catalogus ‘European Old Master Drawings from the Bruges Print Room’ (Lannoo, 2019). De nieuwe wetenschappelijke catalogus verschijnt precies vijfendertig jaar na de eerste catalogus van de Brugse tekeningencollectie.

Collectie

De tekeningencollectie van het Brugse prentenkabinet betreft een relatief kleine collectie die zeer uiteenlopend is op vlak van school, techniek en functie. Naast enkele grote namen zoals Jacques Callot, Frans Floris of Govaert Flinck zijn het vooral de zeldzame werken van minder gekende tekenaars zoals Jan van Mieris, Johan van Lintelo, Theodoor van Thulden of Lodewijk de Deyster die de grote troef van de collectie vormen. Ondanks haar beperkte omvang illustreert de collectie, met haar amalgaam van technieken, formaten, functies, stijlen en uiteenlopende afgebeelde onderwerpen, uitstekend het gevarieerde gebruik van het medium van de tekenkunst van de 16de tot de vroege 18de eeuw. Op 5 tekeningen na zijn al deze oude meestertekeningen afkomstig uit de schenking van John Steinmetz (Britse inwijkeling) in 1864. Deze tentoonstelling zet voor het eerst de hoogtepunten van de collectie in de kijker en toont de tekenkunst als de sleutel tot alle kunsten.

Een half jaar uit het prentenkabinet

De werken in de tentoonstelling en catalogus illustreren de zoektocht van de kunstenaar vanaf het neerzetten van de eerste ideeën en motieven over het maken van verschillende compositiestudies tot (in sommige gevallen) het uittekenen van het finale ontwerp dat als leidraad bij de uitvoering werd gebruikt.

De tentoonstelling in de twee zalen van het Arentshuis biedt een uitzonderlijke opportuniteit om het creatieve proces van kunstenaars van de 16e tot de vroege 18e eeuw in alle intimiteit te bewonderen en te waarderen. De tekeningen zijn uitzonderlijk voor een periode van zes maanden te zien, waarna ze weer voor enkele jaren op rust en uit het licht in het prentenkabinet zullen bewaard worden. Warm aanbevolen. (LF)

 European Old Master Drawings from the Bruges Print Room (EN), Lannoo Uitgeverij, 2019. Hardcover, 256 pagina’s Prijs: € 55.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Brugotta zet (bijna) jarige Tom Waits in de schijnwerpers

 

Vorig jaar behandelden tal van Brugse groepen de queen of pop Madonna met de nodige egards voor haar zestigste verjaardag, Dit jaar valt de bijna 70-jarige Amerikaanse Tom Waits die eer te beurt in de Stadsschouwburg. Op zaterdag 16 maart covert een delegatie van de Brugse pop- en rockscene de schoonste en strafste songs van onze rockheld-met-de-rauwste-schuurpapieren-stem.

 

Het concept van de Brugotta tribute-avond voor Tom Waits oogt simpel, maar zal heel wat verrassende songinterpretaties opleveren. Het oeuvre van Waits is immers zeer uitgestrekt, van jazz en blues tot avantgardistische rockmuziek, Balkanfolk en cabaret. Volgende Brugse artiesten gaan ermee aan de slag: Alexander Einfinger, Berth, BIG JOE AND PHANTOM 309, Cosy Corner, Four In Affairs, Dirty5, Inge Stassen, Koeferbak Funk, Kung Foef, Lemon, Les Daniels, MAANBAR, N-Carbon, OZiUM, Peter De Blieck, Small Change, Steel Orchid, Straitjacket, UMBRA, Ziggy en Metronoom Band (onder leiding van Steven Van Havere).

 

‘Tom Waits was voor ons eerder een onrechtstreeks bron van inspiratie’, zegt Hans Vermeersch van Lemon. ’Zijn geëxperimenteer met percussie is/was wel uniek, en heeft niet alleen ons geïnspireerd om op dat vlak dingen te proberen in de studio. Zijn mix van jazz, blues en experimentele elementen vind ik zeer buitengewoon. De muziek van Tom Waits heb ik vooral in mijn jeugd beluisterd, in een fase waarin Leonard Cohen, Bob Dylan erg belangrijk waren. Ik vind hem een even unieke stem als die twee andere namen. Zijn muziek weet als geen ander het nachtleven op te roepen voor mij. Daarnaast ben ik ook erg fan van zijn werk als acteur, in films als Rumble Fish, The Fisher King en recent, met stip, The Ballad of Buster Scruggs.’ Lemon speelt een cover van ‘Blind Love’, een nummer van het album ‘Raindogs’.

 

Karen Vanhulle zou de muziek van Waits niet spontaan opleggen. ‘Ik ben er niet mee opgegroeid, maar ik kan wel zijn schrijfstijl en de uiteenlopende (donkere) sferen van zijn songs appreciëren. Tom Waits betekent voor mij experiment, creativiteit en vrijheid. Zijn stijl straalt dit uit. Voor Brugotta ben ik aan de slag gegaan met het nummer ‘Soldier’s Things’. De melodie, moraal en sfeer inspireerden me van in het begin. Het is een moderne interpretatie geworden met sporen van de herkenbare melodie en daarover een zwoel, mysterieus en prikkelend laagje. Van het repertoire dat ik van hem ken, scoort dit nummer het hoogst voor mij.’

 

Het leven samengevat in een zin

Wat de groep MAANBAR aantrekt in ‘s mans muziek, is zijn bezwerende, bijna sjamanistische manier van zingen. ‘We zijn geen fans van Tom Waits die heel zijn oeuvre kunnen reciteren of per se als hem willen klinken. Dat is ons inziens onmogelijk. Er is niets dat klinkt als Tom Waits, zoals Tom Waits. Hij is één van die artiesten die in een simpele zin een heel leven lijkt te steken. Waits kan ‘I love you’ zingen met minstens tien extra betekenissen. Naast tristesse en roes klinkt daar dan ook nog eens een portie wrange humor door. Vreemd genoeg is ook de zin naar whisky iets hoger bij het beluisteren van zijn platen’, legt Dicky Antoine van MAANBAR uit die op 16 maart kiest voor een Nederlandse versie van ‘Picture in a Frame’ uit het album ‘Mule Variations’. ’Hij heeft een eigen soort genre gecreëerd. Dat is weliswaar divers – voor elke bar een andere plaat –  maar vooral altijd en ontegensprekelijk zijn eigen geluid. Dat is bijzonder. Het is enerzijds eenvoudig om Tom Waits te imiteren. Onlangs testten we dat nog uit op een repetitie met onze eigen songs en teksten. Hilarisch om te doen, want het is een betrekkelijk eenvoudig trucje. Geloofwaardig is het zelden tot nooit. Grote artiesten hebben een herkenbaar en bijgevolg te imiteren geluid, maar dat maakt hen natuurlijk ook erg uniek. Wij koesteren Tom Waits voor luistermomenten in de late uren en zagen dit project als een uitdaging. Op zich denk ik niet dat we het zouden hebben aangedurfd om Tom Waits zomaar te coveren in onze set.’

 

Niet te doorleefd graag

Francis D’Hondt van Cosy Corner is eerder fan van zijn eerste platen ‘Closing Time’ uit 1973 ‘The Heart of Saturday Night’ uit 1974. ‘Op die platen zingt hij nog min of meer met een zuivere stem. Ik ben niet echt fan als zijn stem te doorleefd gaat klinken. De songs op ‘Closing Time’ kun je echt beleven als ze op het juiste moment in je leven opduiken. Wij kiezen op Brugotta voor ‘Old Shoes’ uit ‘Closing Time’ omdat dit nummer onze band het best ligt. We hebben er een lapsteel aan toegevoegd zodat de song een country tint krijgt.’

 

De ‘zingende tandarts’ Inge Stassen was niet zo vertrouwd met het oeuvre van Waits. ‘Voor de Brugotta-tribute heb ik mij afgelopen zomer verdiept in het repertoire van Tom Waits. Ik heb heel wat liedjes beluisterd en gezocht naar songs die ik mooi of geschikt vond om te coveren. Ik zing in een band, maar mijn collega’s zijn geen Tom Waits-fans en liepen niet over van enthousiasme om een nummer van hem te spelen. Daarom heb ik uiteindelijk een song gekozen waar ik in mijn eentje iets mee kon doen. ‘Diamonds on my Windshield’ is een song die gebouwd is op een loop in de bas. Dat is een kort stukje dat voortdurend herhaald wordt. Ik ben geen bassist, maar wel fluitiste. Ik heb ook een elektronisch blaasinstrument (Roland Aerophone) en een loopstation. Daarmee heb ik een opname gemaakt.’ (ADC)

 

_____

 

http://www.ccbrugge.be

 

Cowboys & Aliens halen de raspaarden van stal

 

Met de nieuwe fullcd/elpee ‘Horses of Rebellion’ plant de Brugse band Cowboys & Aliens een stevige Dr Martens tussen de deur. We hebben lang moeten wachten op vers materiaal, maar het was het wachten waard: in de 11 nieuwe nummers schuren, rocken en beuken de stonerheads weer als vanouds. Op vrijdag 15 én zaterdag 16 maart halen Cowboys & Aliens hun rebellerende paarden van stal om ze los te laten in de concertzaal van De Kelk (Langestraat). Don’t hold your horses!

 

Cowboys & Aliens laten al sinds 1996 de Brugse goegemeente op zijn grondvesten daveren. Meer dan twee decennia later voegen Henk Vanhee (zang), John Pollentier (gitaar), Peter Gaelens (drums) en Tom Neirynck (bas) met ‘Horses Of Rebellion’ een nieuwe langspeler aan hun oeuvre toe. ‘De laatste fullcd  (‘Language Of Superstars’) van Cowboys & Aliens dateert al van 2005. Al brachten we in 2011 en 2013 nog twee EP’s (‘Sandpaper Blues Knockout’ en Surrounded By Enemies’) op de markt, we voelden nu toch de noodzaak om weer een volwaardige plaat te maken’, zegt John. ‘Er is een lange periode overgegaan, want  we begonnen eraan in januari 2016. Ondertussen bleven we optreden, vierden we ons twintigjarig bestaan en kregen we met de Oost-Vlaamse Limburger of de Limburgse Oost-Vlaming Tom Neirynck er een nieuwe bassist bij.’

Henk Vanhee: ‘Voor mij lag de vervanging van de bassist gevoeliger omdat ik een zeer nauwe band had en heb met ex-bassist Kris Vandekerckhove. Twee voorwaarden had ik vooropgesteld: ik wilde graag met een generatiegenoot in zee gaan en als het even kon moest de insteek van deze nieuweling breder zijn dan enkel metal. Ik had geen zin om leadzanger te worden van een pure metalband, want dat is Cowboys & Aliens niet. Onze muziek leunt nogal vaak dicht tegen metal aan. Kris en ik vormden een goed tegengewicht  en dat gevoel ervaar ik bij Tom nu ook. Hij is technisch zeer goed en past perfect in onze groep.’

John: ‘Ik wist meteen dat het zou matchen met Tom. Na vier repetities was hij al mee in ons verhaal.’

EXit: Een nieuwe mens, ook een nieuw geluid voor Cowboys & Aliens?

Henk: ‘Absoluut. Kris plukte de bas met de vingers, Tom is een plectrumbassist en speelt bovendien met een fuzzpedaal, iets waar Kris een maagzweer van kreeg.’

John: ‘Kris was meer een ‘classic rock bassist’, maar Tom biedt nu iets meer ondersteuning voor mijn gitaarspel. Op de nieuwe plaat rocken we als vanouds, maar onze sound is zeer gevarieerd: stonerrock, punk, metal, grunge, classic rock… Wat we graag horen, staat op de plaat. Je zou kunnen stellen dat ‘Horses of Rebellion’ een analyse is van bijna een kwarteeuw Cowboys and Aliens.’

EXit: Wat is jouw drijfveer om nieuwe songs te schrijven, Henk?

Henk: ‘Ik heb altijd een drijfveer om nieuwe songs te schrijven. John komt meestal aandraven met het muzikale kader, de lyrics en bijbehorende melodielijnen komen uit mijn koker. Ik moet me nooit forceren om teksten te schrijven omdat ik altijd wel scherpe kanten te ventileren heb. Een songtekst is het perfecte vehikel daarvoor.’

EXit: Schrijf je uit woede?

Henk: ‘Als ik schrijf, komt er zelden een aangename kant bij mij naar boven, tot mijn eigen frustratie. Vrijblijvend schrijven lukt me nog steeds niet. Ik heb me er al bij neergelegd.’

EXit: Schreeuwt de muziek van Cowboys & Aliens ook niet om zulke teksten?

Henk: ‘Dat denk ik persoonlijk niet. Er steekt wel degelijk humor in mijn teksten, maar het is vooral zelfspot als het ego het even laat afweten…’

John: ‘Henk werkt altijd voort op de riffs die ik hem aanreik. Er staan vijf nummers op de plaat die ik thuis helemaal alleen heb gemaakt. Die heb ik aan Henk gegeven om zijn ding te doen. Op repetitie nemen wij dat over. Bij andere nummers is het dan weer zwaar zwoegen om alles perfect op zijn plaats te krijgen.’

Henk:  ‘Wat weer nieuw voor ons was: samen in de repetitieruimte  kruipen en daar songs smeden, soms vanaf nul. Zeven nummers zijn op die manier ontstaan.’

 EXit: Andere bands zullen graag lezen dat het ook bij jullie zwoegen en zweten is…

Henk: ‘Ja, je mag niet ongeduldig worden, want dan word je slordig en haal je niet alle kwaliteiten uit je band. We laten ons vooral niet opjagen en leggen onszelf  geen druk op om tegen een bepaalde datum een plaat af te leveren. Toen het plan er was, ging het wel bijzonder vlot, mede door de inbreng van ons label Polderrecords van Tom Maene die heel assertief met ons meedacht.’

EXit: Hebben jullie de ambities scherp gesteld met deze nieuwe plaat?

John: ‘We koesteren de ambitie om een aantal mooie festivals te kunnen spelen zoals we vroeger ook al hebben gedaan. Dat zal lukken, want er is interesse dankzij deze nieuwe plaat. Er zijn ook contacten vanuit het buitenland, maar dat blijft altijd een moeilijk verhaal. In oktober spelen we wel in Spanje op het Desertrockfestival, maar de aanbieding om een aantal optredens in Las Vegas te verzorgen, moeten we naast ons neerleggen. We zouden niet de eerste band of artiest zijn die strandt op de luchthaven omdat we niet over de geldige vergunningen beschikken.’

Henk: ‘Ambitie is er altijd, maar we blijven oldskool. We houden ons rock ’n rollgehalte hoog: bij ons krijg je altijd een rockshow, al is het nu voor 50 of 5.000 man. Wij deinzen niet achteruit. De bezieling bij Cowboys & Aliens is er altijd en die blijft.’ (ADC)

________

http://www.facebook.com/cowboysandaliensgrooves

 

Cowboys & Aliens halen de raspaarden van stal

 

Met de nieuwe fullcd/elpee ‘Horses of Rebellion’ plant de Brugse band Cowboys & Aliens een stevige Dr Martens tussen de deur. We hebben lang moeten wachten op vers materiaal, maar het was het wachten waard: in de 11 nieuwe nummers schuren, rocken en beuken de stonerheads weer als vanouds. Op vrijdag 15 én zaterdag 16 maart halen Cowboys & Aliens hun rebellerende paarden van stal om ze los te laten in de concertzaal van De Kelk (Langestraat). Don’t hold your horses!

Cowboys & Aliens laten al sinds 1996 de Brugse goegemeente op zijn grondvesten daveren. Meer dan twee decennia later voegen Henk Vanhee (zang), John Pollentier (gitaar), Peter Gaelens (drums) en Tom Neirynck (bas) met ‘Horses Of Rebellion’ een nieuwe langspeler aan hun oeuvre toe. ‘De laatste fullcd  (‘Language Of Superstars’) van Cowboys & Aliens dateert al van 2005. Al brachten we in 2011 en 2013 nog twee EP’s (‘Sandpaper Blues Knockout’ en Surrounded By Enemies’) op de markt, we voelden nu toch de noodzaak om weer een volwaardige plaat te maken’, zegt John. ‘Er is een lange periode overgegaan, want  we begonnen eraan in januari 2016. Ondertussen bleven we optreden, vierden we ons twintigjarig bestaan en kregen we met de Oost-Vlaamse Limburger of de Limburgse Oost-Vlaming Tom Neirynck er een nieuwe bassist bij.’

Henk Vanhee: ‘Voor mij lag de vervanging van de bassist gevoeliger omdat ik een zeer nauwe band had en heb met ex-bassist Kris Vandekerckhove. Twee voorwaarden had ik vooropgesteld: ik wilde graag met een generatiegenoot in zee gaan en als het even kon moest de insteek van deze nieuweling breder zijn dan enkel metal. Ik had geen zin om leadzanger te worden van een pure metalband, want dat is Cowboys & Aliens niet. Onze muziek leunt nogal vaak dicht tegen metal aan. Kris en ik vormden een goed tegengewicht  en dat gevoel ervaar ik bij Tom nu ook. Hij is technisch zeer goed en past perfect in onze groep.’

John: ‘Ik wist meteen dat het zou matchen met Tom. Na vier repetities was hij al mee in ons verhaal.’

EXit: Een nieuwe mens, ook een nieuw geluid voor Cowboys & Aliens?

Henk: ‘Absoluut. Kris plukte de bas met de vingers, Tom is een plectrumbassist en speelt bovendien met een fuzzpedaal, iets waar Kris een maagzweer van kreeg.’

John: ‘Kris was meer een ‘classic rock bassist’, maar Tom biedt nu iets meer ondersteuning voor mijn gitaarspel. Op de nieuwe plaat rocken we als vanouds, maar onze sound is zeer gevarieerd: stonerrock, punk, metal, grunge, classic rock… Wat we graag horen, staat op de plaat. Je zou kunnen stellen dat ‘Horses of Rebellion’ een analyse is van bijna een kwarteeuw Cowboys and Aliens.’

EXit: Wat is jouw drijfveer om nieuwe songs te schrijven, Henk?

Henk: ‘Ik heb altijd een drijfveer om nieuwe songs te schrijven. John komt meestal aandraven met het muzikale kader, de lyrics en bijbehorende melodielijnen komen uit mijn koker. Ik moet me nooit forceren om teksten te schrijven omdat ik altijd wel scherpe kanten te ventileren heb. Een songtekst is het perfecte vehikel daarvoor.’

EXit: Schrijf je uit woede?

Henk: ‘Als ik schrijf, komt er zelden een aangename kant bij mij naar boven, tot mijn eigen frustratie. Vrijblijvend schrijven lukt me nog steeds niet. Ik heb me er al bij neergelegd.’

EXit: Schreeuwt de muziek van Cowboys & Aliens ook niet om zulke teksten?

Henk: ‘Dat denk ik persoonlijk niet. Er steekt wel degelijk humor in mijn teksten, maar het is vooral zelfspot als het ego het even laat afweten…’

John: ‘Henk werkt altijd voort op de riffs die ik hem aanreik. Er staan vijf nummers op de plaat die ik thuis helemaal alleen heb gemaakt. Die heb ik aan Henk gegeven om zijn ding te doen. Op repetitie nemen wij dat over. Bij andere nummers is het dan weer zwaar zwoegen om alles perfect op zijn plaats te krijgen.’

Henk:  ‘Wat weer nieuw voor ons was: samen in de repetitieruimte  kruipen en daar songs smeden, soms vanaf nul. Zeven nummers zijn op die manier ontstaan.’

 EXit: Andere bands zullen graag lezen dat het ook bij jullie zwoegen en zweten is…

Henk: ‘Ja, je mag niet ongeduldig worden, want dan word je slordig en haal je niet alle kwaliteiten uit je band. We laten ons vooral niet opjagen en leggen onszelf  geen druk op om tegen een bepaalde datum een plaat af te leveren. Toen het plan er was, ging het wel bijzonder vlot, mede door de inbreng van ons label Polderrecords van Tom Maene die heel assertief met ons meedacht.’

EXit: Hebben jullie de ambities scherp gesteld met deze nieuwe plaat?

John: ‘We koesteren de ambitie om een aantal mooie festivals te kunnen spelen zoals we vroeger ook al hebben gedaan. Dat zal lukken, want er is interesse dankzij deze nieuwe plaat. Er zijn ook contacten vanuit het buitenland, maar dat blijft altijd een moeilijk verhaal. In oktober spelen we wel in Spanje op het Desertrockfestival, maar de aanbieding om een aantal optredens in Las Vegas te verzorgen, moeten we naast ons neerleggen. We zouden niet de eerste band of artiest zijn die strandt op de luchthaven omdat we niet over de geldige vergunningen beschikken.’

Henk: ‘Ambitie is er altijd, maar we blijven oldskool. We houden ons rock ’n rollgehalte hoog: bij ons krijg je altijd een rockshow, al is het nu voor 50 of 5.000 man. Wij deinzen niet achteruit. De bezieling bij Cowboys & Aliens is er altijd en die blijft.’ (ADC)

http://www.facebook.com/cowboysandaliensgrooves

 

‘Poster Show’ in De Tank zet grafische ontwerpers in the picture als kunstenaar

Foto Frauke Dendooven

 

We Are What We Are – of kortweg WAWWA – is een nieuw initiatief opgestart door De Tank-residenten. De residenten zullen regelmatig een event organiseren en dat zelf inhoudelijk invullen. Een expo, performance, lezing of workshop: alles is mogelijk. De curator van de eerste editie is Hans Demeulenaere. Hij leidt het project in met de ‘We Are What We Are – N°0 The Poster Show’.

Ontwerper als kunstenaar

De opener van WAWWA – ‘N°0 The Poster Show’ – bestaat uit een tentoonstelling waar een reeks unieke posters zijn opgenomen die de postertentoonstelling als onderwerp hebben. Kunstenaar en curator van dienst is Hans Demeulenaere. Hij selecteerde de verschillende grafische ontwerpers en gaf ze allemaal dezelfde briefing. ‘Ik gaf bewust elke ontwerper dezelfde minimale voorwaarden en context omdat ik de focus wil leggen op de grafisch ontwerper als kunstenaar. En niet op de ontwerper als uitvoerder. Meestal werkt een grafisch vormgever in opdracht en volgens specifieke richtlijnen, maar ik wou ze net genoeg context meegeven om zoveel mogelijk vrijheid te creëren. Daardoor zullen er veel uiteenlopende stijlen te zien zijn binnen eenzelfde gegeven’, zegt hij.

Elke poster op de expo zal een uniek exemplaar zijn. Er zitten bovendien internationale werken tussen de posters: onder andere vormgevers uit Portugal, Frankrijk en Nederland nemen deel. Naast deze vormgevers kunnen de Tank-residenten vrij een eigen poster creëren volgens hetzelfde concept.

Kruisbestuiving

Hans is zelf geen grafisch ontwerper, maar maakt vooral sculpturaal werk die gelinkt is aan architectuur en houdt van samenwerkingen met andere kunstenaars. Hij kiest bewust voor een concept buiten zijn eigen comfortzone: ‘Het werkt inspirerend om andere disciplines te ontdekken en daarmee te experimenteren. Dat maakt De Tank ook interessant. Er is een wisselwerking tussen verschillende kunsten. Het WAWWA-idee doet me denken aan een atelierwerking die ik ooit in Den Haag bezocht. Kunstenaars hadden daar hun eigen atelier maar bundelden ook de krachten om gezamenlijke expo’s te cureren. Zeer verfrissend.’

 

De Tank is sinds 2017 een atelierwerking met tentoonstellingsruimte van Het Entrepot waar Brugse creatievelingen betaalbare werkruimtes kunnen huren. De kunstenaars die er verblijven, brengen er op die manier verschillende disciplines en ideeën samen.

Vrijdag 15 maart vanaf 19 uur in De Tank (Burg 4)

www.hetentrepot.be en www.detank.be

 

Toneeltip

Pier, Kunst Adelt

16, 22, 23, 28, 29 en 30 maart om 20 uur (Toneelzaal kinderboerderij ‘De Zeven Torentjes’)

Pier is een jonge gast, een beetje een rare gast. Een stil water met een diepe grond. Pier leeft in een wereld waarin alles moet, moet, moet … tot hij plots de controle verliest en door het lint gaat. Pier zou een drama kunnen zijn, maar het is bovenal een warme voorstelling, met tragikomische personages die hem in al hun onhandigheid proberen te helpen. Pier is een voorstelling die nazindert en onder je vel kruipt. Een stuk die misschien geen antwoorden biedt, maar je wel vol troost naar huis stuurt. De tekst is van Jan Sobrie, een jonge, Vlaamse acteur en theatermaker. Hij schrijft en creëert fris en eigentijds theater. Zijn teksten zijn poëtisch, zijn personages herkenbaar en zijn thema’s actueel. (SD)

______www.kunstadelt.be

Soep en Feiten in De Republiek

 

Vanaf maart kan men in De Republiek (Sint-Jakobsstraat 36) terecht voor een reeks actualiteitslezingen gebald in een lunch break. Tijdens ‘Soep en Feiten’ sta je bij een kom dagverse soep stil bij de actualiteit. Een gastspreker zoomt in op een hot topic terwijl je je eigen boterhammen verorbert.

Speciaal voor ‘Soep en Feiten’ opent het Grand Café van De Republiek één dinsdag per maand de deuren om 12 uur (de keuken serveert dus enkel soep). Voor een deelnameprijs van 5 euro krijg je een plaatsje én een kom heerlijke soep. Op voorhand inschrijven is niet nodig. Op de Facebookpagina ‘Soep en Feiten’ staat alle informatie over sprekers en thema’s. De thema’s zijn divers: geschiedenis, (wereld)politiek, maatschappelijke vraagstukken, economie, wetenschap, Brugge… Als extraatje zorgt de Openbare Bibliotheek bij elke lezing voor een leeslijst voor mensen die nog meer achtergrond en duiding bij het thema willen. Wie woont, werkt of studeert in Brugge is van harte uitgenodigd in het Grand Café van De Republiek. Schrijfster en opiniemaker Dalilla Hermans bijt de spits af voor de eerste editie op dinsdag 12 maart van 12 tot 13 uur. Luttele dagen na Internationale Vrouwendag werpt ze haar licht op girl power en het toenemende aantal vrouwen op de barricades. De volgende lezingen zijn gepland op 2 april, 7 mei en 4 juni.

Soep en Feiten is een initiatief van Vormingplus i.s.m. De Republiek, Masereelfonds Brugge en Openbare Bibliotheek Brugge. Info Facebookpagina ‘Soep en Feiten’

 

 

Jan De Wilde beleeft zevende jeugd

 

Zijn eerste (televisie)optreden dateert van het jaar 1965 en kijk eens naar omhoog: na 54 jaren tref je meneer Jan De Wilde nog steeds op het podium aan. Het icoon van de kleinkunst dat wereldberoemd is in Vlaanderen met zijn liedjes ‘Eerste sneeuw’, ‘Fanfare van Honger en Dorst’, ‘Walter’… strijkt met zijn tienkoppige bende muzikanten op vrijdag 8 maart neer in de Stadsschouwburg. De architect van die heropbloei van de theatertournee(s) van Jan De Wilde is nieuwbakken Bruggeling Geert Vandenbon. Hèhè! Wat een Geert!
 
Al enkele jaren ontfermt Geert Vandenbon zich met zijn bedrijfje Pinguin Productions over het tourleven van de nu 75-jarige Jan De Wilde. Bescheiden gestart in 2015, maar anno 2019 toch al dik tachtig concerten op de teller op onder meer de Gentse Feesten, Boterhammen in het Park, Dranouter, Ancienne Belgique en in de Stadsschouwburgen van Brugge, Mechelen en Leuven. Waarom spreekt Zijne Aaigemse Eigenwijsheid nog altijd zo tot de verbeelding? ‘Het origineel is nog altijd beter dan wat er na hem komt’, stelt Vandenbon. ‘Hij heeft zichzelf zo gespaard, hij is in al die jaren zuinig geweest voor en op zichzelf. Maar hij blijft actueel. Zijn liedjes – enkele van de hand van Lieven Tavernier – staan steevast in diverse eindejaarslijstjes van Radio1 en Radio 2. Hij zingt en vertelt zo’n mooie verhaaltjes en al het gaat bijna nooit over hemzelf, je leert er hem wel goed door kennen. En toch blijft er altijd een mysterieuze waas over Jan hangen. Dat maakt de figuur van Jan De Wilde zo boeiend over meerdere generaties heen, want op de concerten komen alle leeftijden af.’

‘Dag meneer De Wilde’
Begin januari zond Canvas de vijftig minuten durende ‘Belpop’-documentaire ‘Dag meneer De Wilde’ uit. Ook hier was Geert een van de drijvende krachten achter die fraaie reportage. ‘De dood van zijn goede vriend Zjef Vanuytsel eind 2015 heeft sterk ingehakt op het gemoed van Jan. Alsof hij enerzijds zijn eigen eindigheid vóór zich zag, en anderzijds besefte dat hij dankbaar moest zijn voor wat hij nog elke dag mocht doen. Wat mij verraste, is dat er nauwelijks goed recent beeldmateriaal bestond van Jan. Daarom beslisten we om op een professionele wijze zelf een concert op te nemen. Bij het bekijken en beluisteren van het beeldmateriaal groeide de idee om verder te gaan. Ik ben toen gaan kamperen in de VRT om door het archief te ploegen op zoek naar Jan. Een heerlijke trip was dat. In de reportage schetst Jan zijn eigen portret, aangevuld met die (oude) beelden én met quotes van generatiegenoten en bewonderaars. Het resultaat is een mooie documentaire geworden over vijftig jaar muziekgeschiedenis, vervat in één onvoorspelbaar leven.’

Puik van Struijk
Geert Vandenbon is geen onbekende in Brugge. Hij speelde ooit gitaar bij Q-bic en is nu weer komen wonen in de stad. Hij houdt zich niet alleen bezig met de kraste knar van de kleinkunst, hij heeft in de ‘portefeuille’ van Pinguin Productions ook een aantal jongere ‘acts’ zitten. Zoals Stoomboot, het alter ego van de 26-jarige Niels Boutsen, die al drie cd’s op zijn curriculum vitae heeft staan. Of de pianiste Katrien Verfaillie die in een duiventil (‘de kleinste concertzaal ter wereld’) melancholische composities bij elkaar tokkelt. En dan moeten we nog even stilstaan bij de Nederlandse Stephanie Struijk die stilaan voet aan grond krijgt in Vlaanderen. ‘Ik zag haar bezig in het tv-programma De Wereld Draait Door en ik was meteen blown away’, bekent Geert. ‘Ik heb haar management gecontacteerd voor meer info en wat bleek? Ze had geen booker voor Vlaanderen. Ik ben op de kar gesprongen en ondertussen kan Stephanie al een mooi live-palmares voorleggen. Zij zal ook het voorprogramma van Jan De Wilde in de Stadsschouwburg voor haar rekening nemen. Schrijf maar op, Stephanie Struijk is een naam die we in de komende jaren nog vaak zullen horen.’ (ADC)

http://www.pinguinproductions.be

 

 

Concertgebouw toont historische foto’s over ruimtevaart

Niet Michael Jackson, maar wel astronaut Neil Armstrong zorgde een halve eeuw geleden (20 juli 1969) met zijn ‘moonwalk’ voor een van de meest historische en mediatieke gebeurtenissen uit de wereldgeschiedenis. Ruimtevaart en bij uitbreiding de kosmos spreken nog steeds tot de verbeelding en dat komt ook tot uiting op ‘New Evidence’, de tentoonstelling van de Duitse fotograaf Peter Voigt in het Concertgebouw als de perfecte prelude op het Multidisciplinair Kosmos Festival (26/3-10/4).

 Het publiek zal vanaf 6 maart in het Concertgebouw ook een beetje kunnen walken on the moon, want de muren van het rode gebouw op ’t Zand zullen dan opgetuigd zijn met authentieke foto’s uit het archief van de NASA en unieke vintage prenten over het ontstaan van de ruimtevaart in de Verenigde Staten en de nucleaire wetenschap. Alle foto’s komen uit de verzameling van de Duitse fotograaf Peter Voigt die in 2005 begon met de aanleg van zijn ondertussen indrukwekkende collectie. Tijdens zijn studie geofysica aan de universiteit van Frankfurt wakkerden oude foto’s zijn interesse voor ruimtevaart en nucleair onderzoek aan. ‘Het kinderlijke enthousiasme en de wetenschappelijke onschuld die in de foto’s worden tentoongespreid, kunnen worden gezien als een blauwdruk voor hedendaagse wetenschappelijke expedities op onbekende terreinen’, stelt Voigt.

Reis door de ruimte

‘Zijn verzameling telt ongeveer 1.500 originele zwartwitnegatieven en 1.200 originele foto’s waaronder heel wat beelden met de originele NASA-stempel. We zijn vereerd dat we een deel daarvan in het Concertgebouw kunnen tonen’, zegt curator en fotograaf Peter De Bruyne. ‘Zo presenteren we twintig originele foto’s van een Apollovlucht. Het gaat om foto’s die de astronauten zelf hebben gemaakt. Indrukwekkende,  maar ook poëtische beelden. Door die twintig foto’s te bekijken, krijg je toch een beetje het gevoel dat je mee bent op die ruimtereis.’

Humor en wetenschap

Voigt is ook sterk geïnteresseerd in de nucleaire wetenschap. Enkele jaren geleden trok hij naar een plaats in New Mexico waar ooit atoomproeven plaatsvonden. Daar maakte hij ter plaatse spectaculaire panoramische foto’s die eveneens in het Concertgebouw te zien zijn. Klinkt allemaal serieus en ernstig, maar toch schuilt er ook heel wat humor in de prenten op de foto-expo. ‘Dat klopt’, zegt De Bruyne. ‘Hij toont heel grappige foto’s van wetenschappers die wetenschappelijke testen uitvoeren met huis-, tuin- en keukenmateriaal. Precies alsof het stills zijn uit een sciencefictionfilm van de jaren vijftig. De fotoreeks over satellieten is ook bijzonder: die objecten zien eruit als kleurige insecten. ‘New Evidence’ is een goede kennismaking met de geschiedenis van de ruimtevaart en is de ideale gangmaker voor ons Multidisciplinair Kosmos Festival waar beeld en muziek centraal staan.’ (ADC)

 

De fototentoonstelling ‘New Evidence (Historic NASA images)’ van Peter Voigt loopt vanaf woensdag 6 maart tot en met zondag 30 juni. 

 

%d bloggers liken dit: