Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Frank Vanden Broucke brengt debuutroman uit

 

Kunstenaar Frank Vanden Broucke stelt op vrijdag 19 mei zijn nieuwe expositie Black & White voor in De Sleutelbrug. De tentoonstelling omvat een persoonlijke selectie houtskool- en pasteltekeningen alsook De Wonderkamers II, humoristische illustraties met een vleugje surrealisme. Tijdens de expositie zal Vanden Broucke er ook zijn debuutroman Système D presenteren, een semi-biografisch verhaal over het opgroeien in Brugge in de jaren 60 en 70.

 

Het creatieve curriculum van Frank Vanden Broucke (55) toont aan dat de kunstenaar graag zijn grenzen verlegt. Aanvankelijk spitste Vanden Broucke zich voornamelijk toe op illustraties en striptekeningen, maar gaandeweg trad het schilderwerk steeds meer op de voorgrond. Het illustratieve karakter van zijn werken blijven echter de rode draad doorheen zijn carrière en onthult daarbij ook de kunstenaar als verhalenverteller.

‘In 1997 heb ik samen met scenarist Guy Brunet de vijfdelige stripreeks De Lotgenoten uitgebracht. Die eerste kennismaking met het schrijven heeft mij doen dromen om zelf een eigen stripverhaal uit te brengen. Helaas is het publiceren van stripverhalen in het huidige uitgeverslandschap een technisch kluwen geworden en financieel behoorlijk uitputtend. Die obstakels hebben mij echter een andere piste opgestuurd, namelijk het schrijven van een roman’, zegt hij.

Système D is uiteindelijk een fictieve autobiografie geworden. ‘Ik heb mijn inspiratie gehaald uit de vele verhalen en anekdotes van mijn bejaarde moeder’, licht Vanden Broucke toe. ‘Het boek speelt zich af in het Brugge van 1962 tot en met 1984 en is doordrenkt van de tijdsgeest.’ De kunstenaar/schrijver neemt regelmatig een loopje met de werkelijkheid, maar gaat controversie niet uit de weg. Zo ligt het alcoholprobleem van zijn vader vaak aan de basis van heel wat anekdotes en schrijft hij ook rechtuit over de intieme relaties van zijn getrouwde moeder. ‘Die rauwheid zal mij misschien wat kritiek opleveren, maar ik wou dat niet maskeren. Het maakt Système D tot wat het is: een komisch, droevig en ontroerend verhaal gebaseerd op fictie en waarheid.’

 

Black & White

Vanden Broucke zal zijn debuutroman voorstellen in de Speelmanskapel van het Vrijzinnig Centrum De Sleutelbrug. Van 19 tot en 28 mei exposeert de kunstenaar er immers met zijn tentoonstelling Black & White. De gepresenteerde werken zullen bestaan uit een selectie pastel- en houtskooltekeningen alsook De Wonderkamers II, het vervolg op een succesvolle tentoonstelling die dateert uit 2015. De Wonderkamers zijn komische, surrealistische illustraties die op de binnenkaften van oude boeken verwerkt worden, tevens een symbolische knipoog naar zijn schrijversdebuut. (LDD)

 

____

 

http://www.frankvandenbroucke.eu

Black & White opent op 19 mei en loopt daarna van 20 mei tot en met 28 mei, elke dag van 14 tot 18 uur. Locatie: Speelmanskapel VC De Sleutelbrug, Beenhouwersstraat 1, 8000 Brugge.

Système D, uitgeverij Scribarouck, 19,50 euro. Te verkrijgen tijdens Black & White of via mail (frankvdbroufr@gmail.com)

 

 

Impressionant pianotrio nu pas voor het eerst live in Brugge!

Foto Viktor Van Wynendale

 

Eigenlijk hadden we al op 30 maart in De Werf live moeten kunnen kennismaken met de muziek van Steiger, maar ‘door onvoorziene omstandigheden’ bleven we helaas van dat optreden verstoken. Niet getreurd evenwel: op 19 mei staan de muzikanten op het podium van Jazz & Blues Café 27Bflat dat dus de primeur krijgt van het eerste concert in Brugge van dat jonge Gentse trio.

 Gilles Vandecaveye: ‘Onze komst naar Brugge kadert binnen een kleine tournee die is bedoeld om in elke provincie onze eerste full-cd ‘And Above All’ (El Negocito Records) aan het publiek voor te stellen. Waar onze vorige release – een EP, in 2016 – volledig akoestisch was, zal je op de cd een mix horen van elektronische en akoestische muziek. We hebben heel bewust gezocht en gestreefd naar een evenwicht tussen die twee. Voorts zijn er ook invloeden van verschillende stijlen en genres (jazz, pop, rock…), maar we zijn steeds vertrokken vanuit een basis als pianotrio.’

EXit: Steiger is niet echt het typische ‘pianotrio’ zoals we dat in de jazz kennen?

Vandecaveye: ‘Wij hebben onszelf nooit grenzen opgelegd of gesteld, evenmin blijven we binnen een vastgelegd kader. Onze composities zijn ofwel heel vrij, ofwel keurig uitgeschreven. We bekijken wat we kunnen doen met onze achtergrond, met onze invloeden, en dat mondt uit in ‘ons eigen ding doen’. We hebben dus doelbewust dat stramien van het klassieke ‘jazzpianotrio’ opengetrokken, zonder evenwel dat concept te willen afbreken.’

EXit: Kun je de achtergrond van de muzikanten kort schetsen?

Vandecaveye: ‘Kobe Boon (contrabas), Simon Raman (drums) en ik hebben allen jazzopleiding gevolgd aan het Conservatorium Gent en zijn aansluitend elk een tijdje onze eigen weg gegaan: Simon (les gevolgd bij onder andere Teun Verbruggen) heeft in Antwerpen verder gestudeerd, Kobe is naar Zweden (Anders Jormin) getrokken en heeft later in Antwerpen zijn Master afgewerkt en ik ben in Kopenhagen (Rytmisk Musik Konservatorium) beland. Daarna heb ik ook mijn Master in Gent afgewerkt bij Erik Vermeulen en Christian Mendoza. In onze muziek zijn dan ook onder andere Scandinavische invloeden geslopen. Ook hebben we geproefd van en/of zijn we actief in andere kunstrichtingen. Concreet in mijn geval: mijn moeder is actrice Marijke Pinoy en ik heb daardoor nog in theatervoorstellingen gestaan. Verder speel ik ook in verschillende pop- en rockgroepen. Kobe en Simon spelen bij gelegenheid en componeren muziek voor theater.’

EXit: In jullie bio lees ik dat Steiger al op heel wat podia heeft gestaan, zelfs grote zoals Gent Jazz.

Vandecaveye: ‘Ons trio speelt nu een zestal jaren samen: we hebben dat parcours heel rustig afgelegd en steeds meer kansen gekregen om op te treden. De mogelijkheden breiden zich voortdurend verder uit, waardoor wij steeds meer ervaring kunnen opdoen. Nu hadden we wel het gevoel dat we dus klaar waren om onze eerste full album uit te brengen.’

EXit: En jullie hebben nóg hele mooie vooruitzichten?

Vandecaveye: ‘We zijn geselecteerd voor de Belgium Jazz Meeting die dit jaar Flagey als locatie heeft. We waren zelf – uiteraard aangenaam – verrast. Die selectie hebben we te danken aan programmatoren en muzikanten uit de jazzwereld die allemaal sterk in ons geloven. Steiger kan zich daardoor straks voorstellen aan een internationaal publiek van mensen die beroepsmatig met jazz bezig zijn – concertorganisatoren en –programmatoren, journalisten … – een unieke kans dus. En in het najaar gaan we, met dank aan JazzLab Series, op tournee voor een twaalftal concerten in heel Vlaanderen en Brussel.’(PJG)

 

Raymond van het Groenewoud solo in de Stadsschouwburg op 13 mei

‘Ik omschrijf mijn speelstijl graag als Spaanse punkblues’

Foto Jeannot Kerfs

 

Sinds 1967 staat Raymond van het Groenewoud (°1950), de grootste Nederlandstalige singer-songwriter, al op de planken en een halve eeuw later is van ophouden nog bijlange geen sprake. Op zaterdag 13 mei tref je deze Straffe Man immers aan in de rode pluche van de Stadsschouwburg voor een intiem soloconcert.

EXit: ‘Kreten en Gefluister’: dat vraagt een woordje uitleg?

Raymond van het Groenewoud: ‘Voor de zekerheid zal ik nog eens zeggen dat ik de enige ben op het podium, ten behoeve van mensen die denken dat ik ‘Meisjes’ zal spelen. In mijn ogen gaat dat niet goed alleen. Van dat misverstand ben ik dan al af, bij deze. Het is ikzelf aan de piano of op de akoestische gitaar of 30 seconden onnozel doen. Het zijn per definitie liedjes, want het kan zich niet verschuilen achter een groove of een riff. Het gaat richting wat ze vroeger een chanson noemden.’

EXit: Wat omvat de set?

Raymond: ‘Ik zal putten uit het oeuvre. En ja, er zitten ook enkele nieuwe dingen in. In elk geval: zaken die niet op plaat staan.’

EXit: Het lied tot de essentie herleid?

Raymond: ‘Het ouderwetse begrip ‘een lied’ is de essentie.’

EXit: Is dat geen eenzame bezigheid, zo zonder groep?

Raymond: ‘In de latere jaren, het zijn er toch al een pak, ben ik toch altijd bezig geweest met mezelf te isoleren om redelijk gefocust aan het optreden te beginnen. Dat begrip ‘groep’ is betrekkelijk in die zin dat ik dan toch in de camionette zat of zit. De voorbereiding is hetzelfde. Op het podium zie je natuurlijk wel het verschil, maar de positieve reactie van mensen die het op mij gemunt hebben als figuur, is dat ze me nu meer dan ooit kunnen verstaan. En dat ze meer dan ooit het liedje begrijpen en tot in de nuances van het lied kunnen doordringen.’

EXit: Heeft Raymond een trouw publiek?

Raymond: ‘Ik heb een trouw publiek in die zin dat ik nu merk dat ik veertig jaar na het uitbrengen van de single ‘Meisjes’ nog altijd publiek heb. Evolueert mijn publiek? Daar heb ik geen idee van. Ik maak geen sociologische studie van hoe mijn publiek eruitziet, daar heb ik geen tijd voor.’

EXit: We lezen dat het concert ‘nog meer genieten van de muzikale vrijheid’ is…

Raymond: ‘Er is natuurlijk ook een vrijheid omdat ik kan remmen en versnellen wanneer ik zelf wil. En stoppen ook. En herbeginnen. Je bepaalt de balans zelf. Muziek is geluid, geluid is balans. En als je het op je eentje mag regelen, dan is dat meestal snel geregeld.’

EXit: Pas je die balans aan je publiek aan?

Raymond: ‘Onbewust wellicht wel. Ik heb wel een routine, hoor, met dat solo optreden. Ik stap op de trein en ik kom eraf wanneer ze me zeggen dat het gedaan is.’

EXit: Hoe houd je je stem in conditie?

Raymond: ‘Door er niet over na te denken. Voorlopig heb ik het getroffen. Als ik één keer per week optreed, dan heb ik gemerkt dat er geen problemen zijn. Als het langer duurt, moet ik thuis tegen heug en meug een half optreden simuleren, zanggewijs, om zeker te zijn dat ik geen probleem krijg als ik dan echt optreed.’

EXit: Is dat niet een van de levensgrote angsten voor een artiest?

Raymond: ‘Neen, daar begin ik niet aan. Ja, als operazangeres misschien wel. Die moet een specifiek register halen. Die noten staan daar, die moet ze zingen. Ik kan het liedje anders zingen als ik merk dat ik met mijn stem niet naar boven geraak. Die angst begrijp ik wel, maar hoef ik gelukkig niet te delen.’

EXit: Je wordt nog altijd een jong veulen genoemd in de programmabrochure…

Raymond: ‘Ik keek gisteren naar een documentaire van Algerijnse muzikanten op leeftijd en daar kwam ook weer de stelling voor dat een artiest nooit oud wordt. Ik zeg niet per definitie dat het niet waar is. Ze zullen wel iets bedoelen van enthousiasme. Het enthousiasme van de jongeling behouden ze omdat ze het zo graag doen.’

EXit: In vergelijking met vroeger, welk aandeel neemt muziek in jouw dagelijks bestaan nu nog in?

Raymond: ‘Meer en meer, omdat ik het een aantal jaren geleden in mijn kop heb gehaald om nu zelf op gitaar te willen uitdrukken wat ik bedoel. Aangezien ik altijd heb geweten dat ik technisch op een voor mij nauwelijks aanvaardbaar peil werk, ben ik ijverig gitaar beginnen te studeren. Ik kom er nu op uit dat het een verplichting is voor elke dag en dat neemt stilletjesaan twee uur in beslag. Dat heb ik vroeger nooit gehad. Ik deed maar wat. Ik maakte liedjes en dat was wanneer ik wou. Nu begin ik bijna het leven van een muzikant te leiden die ok wil zijn met zichzelf.’

EXit: Komt de inspiratie nog dagelijks?

Raymond: ‘Ik vind dat niet moeilijk, inspiratie. Ofwel ben je lui genoeg om het te laten wegwaaien ofwel ben je gemotiveerd om er iets mee te doen. Mijn gitaarstudie is er om puur met die vingers bezig te zijn. Ik ben fan van Eric Clapton omdat hij de enige was die met zijn gitaar iets bekomen heeft bij mij. Hij was 21, ik was 16 en hij speelde bij John Mayall. Wat Clapton toen speelde, daar was ik ondersteboven van. De blues, uiteraard. Ik heb trouwens ontdekt dat mijn stijl uitkomt bij Spaanse punkblues. Ik maak wendingen die ik zelf associeer met Spaanse muziek. Blues zit er altijd in, want dat is de manier van het sleuren aan de snaren en de pijn te willen uitdrukken door aan de snaren te trekken. Ik doe het noodgedwongen als een beginner omdat ik die studie niet begonnen ben toen ik klein was, maar nu pas. Dat is het punkelement. Ik geneer me ook niet voor een fout, daar kun je gewoon niets aan doen.’

EXit: Nog nieuw werk in het vooruitzicht?

Raymond: ‘Zeker, half mei verschijnt de nieuwe lp/cd ‘Allermooist op Aard’. Op 13 mei sluit ik in Brugge de tournee ‘Kreten en Gefluister’ af, op 18 mei start dan al de clubtoer ’40 jaar Meisjes’. Ik moet altijd maar werken, meneer, het is schandalig! Je kent de clichés van pensioen, hé. Ofwel val je in een zwart gat ofwel blijkt het dat je nog meer moet werken dan vroeger. Ik zit in het tweede geval.’

EXit: Kortom, het einde is nog lang niet in zicht.

Raymond: ‘Op korte termijn niet. Ziekte en dood kunnen een belemmering zijn, maar dat geldt voor alle leeftijden.’ (ADC & LF)

Info: www.ccbrugge.be en http://www.raymondvanhetgroenewoud.be

 

Tricolore muziek in een Zwankendamse huiskamer

foto EDM

 

In een vorig leven liet Chris Brion als uitbater van het legendarische Kavijakscafé in Zwankendamme al een deel van het kruim van de Belgische muziekscène in zijn afspanning optreden, nu zet hij zijn liefde voor muziek terug in de verf met huiskamerconcerten. Op vrijdag 12 mei mag hij Jan Hautekiet en Bart Buls in zijn living verwelkomen.

 

Je zou het niet vermoeden, maar achter de gevel van een eenvoudig rijtjeshuis in de Lisseweegse Steenweg in Zwankendamme gaat een heuse muziektempel schuil. De muren van de living van Chris Brion hangen vol muziekgerelateerde  kunst en kunstreproducties, de planken van zijn kasten staan barstensvol cd’s, platen en boeken. Zijn zetel, tafel en stoelen vliegen er op regelmatige basis buiten om plaats te maken voor publiek, artiest-met-instrument en technische installatie tijdens een huiskamerconcert van vaderlandse makelij. ‘Ik draag de Belgische muziek in mijn hart’, zegt Brion. ‘Ik heb veel respect voor wat die artiesten al hebben gemaakt. In het Kavijakscafé  liet ik bijvoorbeeld Roland, Guido Belcanto, Raymond van het Groenewoud, Hans de Booij, Marie-Laure Béraud, Paul Couter… optreden. Ik had soms maar te bellen, ze kwamen graag af. Buiten het café heb ik nog Skitsoy en Cowboys & Aliens in Het Entrepot gezet en Willem Vermandere in de kerk van Zwankendamme laten spelen. Dat was vroeger. Nu doet het opnieuw deugd dat ik door die huiskamerconcerten weer wat leven in de brouwerij kan brengen. Ik denk dat ik mijn beroep heb gemist. Nadat mijn vrouw is gestorven, sloot ik me op. Je luistert naar muziek en je leest boeken, maar that’s it. Toen ik weer buitenkwam, trokken de mensen aan mijn mouw. ‘Kom, Chris, we gaan nog iets doen.’ Al is de oppervlakte in mijn living eerder beperkt, toch kunnen een zestigtal mensen telkens staand genieten van de intieme optredens. Zo kwamen Derek, Bruno Deneckere, Steven Debruyne, Tiny Legs Tim en Paul Couter al langs. Ik kijk nu vooral uit naar het concert van Jan Hautekiet en Bart Buls op vrijdag12 mei. Iedereen is welkom. Dichter kun je niet bij de muziek komen, want je zit er met je neus op.’

 

Driehonderd keer Arno

Muziek is zijn leven. Hij ademt ook muziek. ‘Ik ben daarmee grootgebracht’, zegt Chris. ‘Mijn ouders luisterden altijd naar Franse muziek van Charles Aznavour, Joe Dassin, Adamo, Mireille Mathieu en Dalida, maar als kind luisterde ik liever naar Brel, Gainsbourg, Brassens en Ferré. Mijn pa hoorde dat niet graag en ik verstond dat niet. Gelukkig heeft mijn nonkel me laten kennismaken met The Beatles, The Stones en The Kinks. Ik heb altijd de kriebel gevoeld om zelf muziek te spelen, maar ik heb het nooit gedaan. Waarom? Heb ik geen verklaring voor. Nu leer ik wel mondharmonica spelen, misschien doe ik daar wel iets mee in combinatie met poëzie.’

Brion heeft een boontje voor de Belgische muziekscene in het algemeen en voor Arno Hintjes in het bijzonder. Hij kent hem al meer dan 34 jaar, speelde mee in zijn videoclip ‘Black Dog Day’ en zag ondertussen al een dikke driehonderd concerten van de Oostendse Brusseleir. ‘Natuurlijk ben ik hem nog niet beu gezien. Elk optreden is uniek, want de nummers klinken telkens anders. Arno in mijn living? Gôh, dat is te hoog gegrepen, maar als ik toch zou mogen kiezen, dan zou ik hem graag samen met Paul Couter zien spelen. Ook Stef Kamil Carlens staat op mijn verlanglijstje.’ (ADC)

 

____

 

Interesse om een concert bij te wonen of er zelf op te treden? Contact via Chris.brion@telenet.be

 

BRU∙TAAL ONTVANGT BIJNA 2400 BEZOEKERS TIJDENS OPENINGSWEEKEND

Bru∙Taal, het nieuwe internationale literatuurfestival in Brugge, heeft een mooi openingsweekend achter de rug. Brugge mocht maar liefst 2384 literatuurliefhebbers ontvangen op 50 activiteiten, verspreid op 12 locaties in de Brugse binnenstad.

“Bru∙Taal heeft z’n start duidelijk niet gemist”, lichten curatoren Hendrik Tratsaert en Sigrid Bousset toe. “Op de openingsavond, vrijdag in Concertgebouw Brugge, waren bijna 600 mensen, en daar zijn we erg tevreden over. Deze bezoekerscijfers overtreffen toch onze verwachtingen.” De openingsavond stond in het teken van “Verhalen uit de Grote Stad”. Ondermeer Sandro Veronesi, Adriaan van Dis, Cees Nooteboom en Ilja Leonard Pfeijffer lazen voor uit eigen werk. De Palestijns-Syrische dichter Gayath Almadhoun was voor veel aanwezigen dé ontdekking van de avond.

APARTE PROGRAMMA’S EEN SCHOT IN DE ROOS

Op zaterdag en zondag presenteerde Bru∙Taal ontmoetingen met deze en vele andere auteurs, op biezondere plekken in de historische binnenstad van Brugge. Heel wat activiteiten waren uitverkocht: Adriaan van Dis en Philippe Claudel die dertig lezers voorlazen op een bootje op de Brugse reien, en ook het creatieparcours Brutalavista in de Poortersloge was een groot succes. De auteursontbijten met Boualem Sansal en Lara Taveirne, en de auteursgesprekken met Cees Nooteboom, Sandro Veronesi, Herman Leenders & Ilja Leonard Pfeijffer en Claudio Magris lokten volle zalen.

“De combinatie van luisteren, beleven en ontmoeten slaat aan,” aldus de curatoren van Bru∙Taal. “Dat blijkt ook duidelijk uit de lange rijen die er telkens staan voor de signeersessies. Ook de boekenverkoop op het festival overtreft alle verwachtingen.”

Het eerste festivalweekend is zondagavond afgesloten met de Woordparade. Auteurs, theatermakers en performers trokken in stoet door de Brugse binnenstad en stelden een nieuw gedicht voor Brugge voor. Dat is gebaseerd op de inzendingen van meer dan 300 lezers, die reageerden op de oproep “Wat is de mooiste zin die je ooit hoorde of las over een stad?”. Het gedicht kreeg de titel “De Tango van de Teckle met de stad.

Bru∙Taal loopt nog de hele week

Bru∙Taal loopt nog tot en met zaterdag 13 mei. Brugge mag van de week ondermeer Dimitri Verhulst, Arnon Grunberg, Gary Younge, Stefan Hertmans & Jef Neve, Connie Palmen, Herman Koch, David van Reybrouck en Tim Parks ontvangen.
Bru∙Taal presenteert vrijdagavond 12 mei een programma De Zonde Van… waarin 7 auteurs een nieuwe tekst presenteren over hun favoriete hoofdzonde.
Zaterdag 13 mei is er opnieuw een volledig dagprogramma, en dan sluit het festival ’s avonds af met BruTaalFeest!

http://www.brutaalBrugge.be

 

Uitwijken speelt in 25 Brugse wijken

 

Foto EDM

Ten huize Brugge Plus, in de Lange Vestingstraat, hangt een groot stadsplan met zicht op Brugge stad tot de haven van Zeebrugge. Daarop geprikt, tientallen gekleurde punaises die tekenen voor evenveel ‘Uitwijkens’ gedurende een werkjaar. Deze mini-wijkfestivalletjes, in 2010 gestart tijdens het stadsfestival ‘Brugge Centraal’, zijn vier keer per jaar (februari, mei, juli en september) niet meer weg te denken uit het lokale cultuuraanbod.

De twee sturende krachten achter Uitwijken zijn Marec Zeghers en Stef De Blieck, beiden gepokt en gemazeld in dit soort initiatieven. Stef tekent daarnaast ook nog verantwoordelijk voor de Belgiek, de ‘mobiele zaal’ die aan alle Brugse buurt- en straatcomités gratis ter beschikking gesteld wordt.

Marec & Stef: ‘Cultuur in de wijken, als tegengewicht voor het rijke aanbod in de binnenstad, keert in oorsprong terug naar Brugge Culturele Hoofdstad 2002. Bruggeling Pierre Muyle werkte toen een plan uit voor de Brugse rand, onder de naam Wijk Up. Daaruit groeide de Uitwijken-werking binnen Brugge plus.

Vandaag is Uitwijken niet meer het broertje van toen, maar een voldragen wijkfestival dat buren mekaar doet ontmoeten, culturele partners laat meewerken en opdrachten geeft aan jonge talentvolle theatermakers. Vooral dat laatste aspect uit de werking van Uitwijken is vaak onderbelicht.’

‘Sinds 2008 produceert Uitwijken locatietheater met een lage drempel. Omdat het aanbod van locatietheater zeer schaars is, geven wij opdrachten aan jonge theatermakers om een voorstelling te maken voor alle leeftijden. In die voorbije acht jaar zijn op die manier talenten aan bod gekomen als Simon D’Huyvetter, Eva Binon, Arend Pinoy en een pak anderen. Deze kwaliteitsvolle producties die bij ons startten, krijgen vaak een verlengd leven op andere plekken. Een drietal opvoeringen uit het verleden worden nu in de komende Uitwijken-meitoer hernomen. Je kan er oa genieten van Richarken van Theater Blauwhuis of ‘Wereld…einde van een’ van Compagnie Frieda.’

Uitwijken viel onlangs nog in de prijzen. Begin dit jaar kregen ze een onderscheiding van het Vlaams Netwerk tegen armoede met de prijs voor het evenement met de laagste drempel. Dat is al de tweede Vlaamse erkenning, want in 2011 ontvingen ze voor Uitwijken de allereerste Vlaamse cultuurprijs voor Lokaal Cultuurbeleid.

Uitwijken opent de dans in mei in Zeebrugge (6 mei) en sluit af op het Werfplein in Christus-Koning (28 mei). En hoeft het herhaald: alles gratis. (LF)

____

www. uitwijken.be

 

Brugge is klaar voor een groot(s) literair festival

Foto Sarah Bauwens

  • Een nieuwe lente, een nieuw geluid en dat geluid wordt dezer dagen ten gehore gebracht middels de bedachtzame stemmen van wijd en zijd bekende auteurs als Annelies Verbeke, Cees Nooteboom, Connie Palmen, Philippe Claudel, Sandro Veronesi, Tim Parks en nog eens 38 andere genodigden. Het zijn deze prominenten uit de wereld van poëzie en proza die Brugge in één krachtige inhaalbeweging tot literaire hoofdstad van Vlaanderen moeten opwaarderen. Grootspraak? Een literair festival, gespreid over negen dagen en twee weekends is ongezien in Vlaanderen en alleen te vergelijken met grote buitenlandse kleppers als het festival van Berlijn of dat van het Italiaanse Mantova. Bovendien oogt het programma, met 78 activiteiten, vooral  de verdienste van KAAP (voorheen Vrijstaat O. en De Werf) zeer gevuld en hopelijk niet té.
  • Dat Brugge met deze invulling van Bru-Taal de lat wel zeer hoog legt, mislukken is geen optie, beseffen de twee curatoren Sigrid Bousset (bekend van Passa La Porta) en Hendrik Tratsaert. Ze gingen voluit voor een volumineus programma waar niemand naast kan kijken. Literaire festivals te lande duren in de regel een lang weekend, maar voor dit Bru-Taal-pakket zal ook de Vlaamse literatuurliefhebber moeten worden aangesproken. Wellicht wordt dat dé uitdaging, want voor de gouden driehoek Gent-Antwerpen-Brussel is Brugge nog al te vaak down under.
  • Gegeven het rijke programma is het vreemd dat er geen ruimte is voor de non fictie die vandaag in opmars is, ten koste van het literaire boek overigens. Genres als non fictie of de literaire thrillers, zoals beoefend door de Fictieven, zoals ze zich noemen, voelen zich dan ook ondergeschoven in het literaire aanbod. Curator Sigrid Bousset verkiest echter ‘de samenleving van vandaag (te) benaderen vanuit de verbeelding’. Beiden krijgen een punt.
  • Voorts roept de titel Bru-Taal hoge verwachtingen op. Brutaal moet het worden, maar naar het hoe is het nog gissen. Daarom is het uitkijken naar het programma van literair journaliste Jelle Van Riet die 24 auteurs met hun meest subversieve tekst(en) wil confronteren. Als Bru-Taal zijn naam wil waarmaken, dan vooral hier.
  • Dat de expliciete link met Brugge en haar literaire geschiedenis niet aan bod komt, erkennen de twee curatoren, maar daartegenover staat dat vele Brugse auteurs, ook de emigranten, een podiumplek krijgen. Bovendien krijgt Guido Gezelle alsnog een aparte plek bij monde van twaalf dichteressen die zullen reageren op Gezelles Rijmsnoer. En daar duikt ook alweer Jan Fabre op. Zijn beeld, De man die vuur geeft, dat sinds 1999 en het Gezellejaar, een bijwijlen verwaarloosd bestaan leidde in de Gezelletuin, krijgt een nieuwe kans en plek (naast het toegangspoortje) toegewezen. Of Brugge klaar is voor een groots literair festival? Niet twijfelen. (LF)

 

 

Toneel dezer dagen

Donderdag 4 mei 2017
20.00 uur
Mount Tackle, Heike Langsdorf, radical_hope (Kaap)
Biekorf Theaterzaal

‘Een woordeloze voorstelling over taal’

Aan de vooravond van het literaire festival Bru-Taal presenteert Kaap een voorstelling zonder gesproken taal, maar waar wel een taalkundig zoektocht aan vooraf ging. Danseres en performancekunstenaar Heike Langsdorf werkte voor verschillende theatermakers, choreografen, beeldend kunstenaars en architecten, waaronder Jan Fabre en Kris Verdonck. Al enkele jaren onderzoekt ze de voorwaarden voor actie binnen en buiten de theater- en kunstcontext. Voor Mount Tackle onderzoekt ze, samen met enkele andere kunstenaars, wat de ‘modi vivendi’ zijn van een hele berg spullen, inclusief levende performers. Samen werken ze aan een ruimte die uitnodigt om te toeven & te luisteren, te kijken en te flaneren. Het publiek krijgt alle kansen om die ruimte te verkennen. (Info http://www.kaap.be)

 Dinsdag 9 mei 2017, Platform

Woensdag 10 mei 2017, Onderworpen
20.00 uur
NTGent
Stadsschouwburg

NTGent zocht voor deze twee stukken inspiratie in het werk van de succesvolle Franse schrijver, dichter en filmregisseur Michel Houllebecq. In zijn oeuvre beschrijft hij het failliet van onze libertijnse en individualistische westerse maatschappij. In Platform begint de uitgebluste ambtenaar Michel een relatie met de jonge zakenvrouw Valerie. Samen hebben ze een geniaal idee: de organisatie van seksvakanties. Hun droom wordt brutaal kapot geslagen als een moslimterrorist een aanslag pleegt op een van hun vakantiedorpen. Na de vele aanslagen in Europa de afgelopen maanden, een schrijnend actueel stuk. In Onderworpen gaat Houllebecq nog een stap verder wanneer een democratisch verkozen moslim president van Frankrijk wordt. Wie laat zich onderwerpen en is dat een goede of slechte zaak? NTGent werkt voor dit stuk samen met het Gentse, multiculturele collectief Action Zoo Humain. De voorstellingen sluiten thematisch op elkaar aan, maar kunnen ook apart gezien worden. (Info www.ccbrugge.be, t 050 44 30 60)

 

Blinde Gloria, Appassionata CC Scharpoord

Vrijdag 5 en zaterdag 6 mei (20 uur)

 Begin mei 2017 brengt jongerentheater Appassionata een nieuwe, eigen productie. Dit keer wilden de jongeren zelf gaan voor een bewerking van een klassieker. Ze kozen voor het verhaal van koning Oedipus en maakten daar een frisse, jonge versie van met heel wat speelse en vrolijke momenten. Wanneer een waarzegster de jonge Oedipus vertelt dat hij zijn vader zal vermoorden en met zijn moeder zal trouwen, slaat hij op de vlucht. Wat hij niet weet, is dat zijn ouders niet zijn natuurlijke ouders zijn. Hij doodt de koning, lost het raadsel van de sfinx op en krijgt de hand van de koningin als beloning. Jaren later, wanneer ineens iedereen blind wordt in zijn koninkrijk, raadpleegt hij opnieuw de waarzegster. Heel wat leden spelen al enkele jaren bij Appassionata en hebben in die tijd een heel eigen vormentaal ontwikkeld: eigenzinnig, grappig, poëtisch en gedurfd. Verwacht je aan een fantasierijke, jeugdige update van een fascinerend verhaal.

Info t 050 63 04 30, www.cultuur.knokke-heist.be

‘Vele Brugse auteurs krijgen hier een podiumplek’

Foto EDM

LITERAIR FESTIVAL BRU-TAAL START DEZE WEEK 

Van 5 tot 13 mei neemt elke rechtgeaarde literatuurliefhebber het best een weekje vrijaf, want dan palmen zowel internationale als Nederlandstalige auteurs de binnenstad in met poëzie en proza. Het lijstje namen is er ééntje om u tegen te zeggen waaronder internationaal gerenommeerde auteurs als Cees Nooteboom en Claudio Magris die exclusief naar Brugge komen. Bru-Taal staat ook voor andere kunstvormen met performances, muziek en crossovers. Het dag-aan-dag-programma vindt u in de ruim verspreide bijlage van de Standaard der Letteren, volledig gewijd aan het festival. De artistieke leiding van dit groots opgevatte project berust bij Sigrid Bousset en Hendrik Tratsaert.

EXit: Bru-Taal presenteert zich als zeer ambitieus, zowel naar budget als naar inhoud. Met 60 auteurs en 30 muzikanten legt u de lat op risico-hoogte. Of niet zo?

Sigrid Bousset: ‘De lat ligt hoog als het gaat om de kwaliteit en renommée van de auteurs die we programmeren. Heel veel van de gekozen auteurs vind je terug op de tafels van de betere boekhandels. Het zijn auteurs die vaak op internationaal niveau hoog aangeschreven staan en veel gelezen worden, en dat geldt evenzeer voor de Nederlandstalige schrijvers in ons aanbod. Als je je wilt positioneren in de Europese wereld van de literaire festivals, is er geen alternatief.’

Hendrik Tratsaert: ‘De uitgebreidheid van het festival is een ander aspect en zat in de briefing van opdrachtgever Stad Brugge. Daarop heb ik Sigrid aangezocht om mee te creëren, want zij beschikt over een goed netwerk en ze heeft een boeiende visie op literatuur.’

‘Het was ook hun vraag om van bij de start zowel ambitieus als internationaal te programmeren en daarmee een originele invulling te geven aan het begrip Bru-Taal. We kregen daarvoor carte blanche. Burgemeester Renaat Landuyt gaf enkele suggesties: gebruik de stad, werk samen met lokale partners, betrek de stadsdiensten en geef regelmatig updates.’

EXit: Een literair festival over negen dagen gespreid is vrij uniek.

Tratsaert: ‘We zijn gestart met een longlist en hebben daaruit een shortlist gefilterd. We kozen meteen voor proza en poëzie, en niet voor non-fictie of voor een programma voor de jeugd. Uiteindelijk klopten we af op 78 activiteiten. Een nieuw literair festival moet een zeker volume hebben. Daarom wilde ik organiseren over twee weekends heen, omdat je daardoor een boog kunt uitzetten. Maar inderdaad, literatuurfestivals van deze lengte zijn schaars.’

Bousset: ‘Deze lengte is vrij uniek. Meestal duurt een literatuurfestival een viertal dagen, hoewel de echte groten als bijvoorbeeld het internationale literatuurfestival Berlijn meteen tien dagen duren. Het literatuurfestival in het Italiaanse Mantova, ietwat gelijk aan de Brugse schaal, is een lichtend voorbeeld . Daar palmen auteurs van wereldwijd de stad volledig in. Alle hotels zitten daar ook bomvol, want iedereen wil dat festival meemaken. Ik denk dat Brugge ook het potentieel heeft om een stad te worden waar een één- of tweejaarlijks literatuurfestival de hele binnenstad bezet. Brugge is daar volgens mij de meest geschikte stad van Vlaanderen voor met zijn historisch decor en locaties op wandelafstand.’

EXit: Bru-Taal wordt een festival waar de locaties een belangrijke rol spelen.

Bousset: ‘In Brugge willen we de combinatie tussen diepgaande auteursgesprekken enerzijds, en anderzijds aanwezig zijn in die bijzondere openbare ruimte die Brugge te bieden heeft. Zo wordt proza voorgelezen vanop een bootje bij valavond, lezen dichters poëzie vanop een brug en organiseren we ontbijten met auteurs in gezellige interieurs.’

Tratsaert: ‘We gaan ook heel verschillende locaties bezetten. In de Poortersloge (aan het Jan Van Eyckplein) bieden we plek aan het experimentele Brutalavista, een literaire trip in 18 performances. De literaire journaliste Jelle Van Riet voelt er 24 auteurs aan de tand over hun meest subversieve tekst. In het Provinciaal Hof (Markt) ontvangen we de internationaal gerenommeerde auteurs als Cees Nooteboom, Sandro Veronesi, Philippe Claudel en Boualem Sansal. ’

EXit: Hoe tevreden bent u het over het auteursaanbod?

Bousset: ‘Heel. Belangrijke auteurs als Claudio Magris of Cees Nooteboom komen exclusief naar Brugge en zijn in ons taalgebied zelden op een podium te zien. Claudio Magris stelt exclusief en eenmalig de Nederlandse vertaling van zijn langverwachte nieuwe roman voor in Brugge! Dat alleen al is zeer aantrekkelijk voor de literatuurliefhebbers uit heel Vlaanderen en zelfs Nederland. De Bruggelingen zelf zijn enthousiaste lezers, dat heb ik al mogen vaststellen toen ik hier in het verleden aan de slag was. Daarnaast zijn er ook nog de Brugse uitstekende boekhandels die hun boeken met veel liefde presenteren.’

‘Let op, Bru-Taal is geen klassiek literatuurfestival, maar een gebeuren waarin verschillende artistieke disciplines elkaar bevruchten en crossovers plaatsvinden. Dat komt niet zo vaak voor in de literaire wereld. Dankzij een ploeg als KAAP met een uitstekende kennis en ervaring lukt dat wonderwel. Vaak gaan literatuur en muziek hand in hand.’

EXit: Jullie programmeren heel veel poëzie, proza en muziek, maar geen non-fictie. Mag ik dat een gemiste kans vinden?

Bousset: ‘Dat is een bewuste keuze. We willen de samenleving van vandaag benaderen vanuit de verbeelding, vanuit hoe auteurs de actuele tendensen in de maatschappij verwerken in hun romans. Dat vind ik een interessant uitgangspunt. Debatten over de actualiteit kun je volgen in de media. Maar het publiek heeft net nood aan ademruime, aan meegevoerd worden door het woord, aan schoonheid, aan de kracht van de verbeelding.’

EXit: Brugge heeft een rijke literaire geschiedenis, van het Gruuthuse-handschrift tot Christine D’Haen. Komt dat aan bod?

Tratsaert: ‘Een expliciet historische link leggen we niet, maar we geven vele Brugse auteurs, ook de ‘emigranten’, een bijzondere plek in het programma. Van Herman Leenders over Bart Moeyaert, Peter Verhelst, Delphine Lecompte, Lara Taveirne, David Van Reybrouck, Peter Vermeersch tot het dichterscollectief van Het Venijnig Gebroed. ’

Bousset: ‘Anderzijds geven we wel een plek aan de onovertroffen Guido Gezelle: twaalf dichteressen reageren op Gezelles poëzie onder de noemer Rijmsnoer. Die oogst wordt door classicus Patrick Lateur gebundeld in een aparte uitgave van het Guido Gezellegenootschap.’

‘In die schitterende Gezelletuin wordt ook Jan Fabres beeld De man die vuur geeft na restauratie teruggeplaatst. Tijdens die ‘herinstallatie’ zullen acteurs bij valavond en kaarslicht voorlezen uit Restanten, poëtische teksten over slapeloosheid van Jan Fabre.’

EXit: De slotavond vindt plaats in cinema Liberty?

Tratsaert: ‘BRUTAALFEEST! wordt de knallende afsluiter van Bru·Taal. Een rally met meer dan tien schrijvers en muzikanten en één collectief, een publieke samenzwering tussen frisse dichters, slammers en rappers van internationaal topniveau. Straffe teksten die stuiteren op het podium en in je hoofd. Ze komen uit deze contreien, uit Londen en Amsterdam en brengen hun meest vrijmoedige, baldadige tekst.’

EXit: Vraag ik mij af: kent u sommige auteurs niet?

Bousset: ‘Ja. We hebben ons laten verrassen door onze jonge programmamedewerkster Laura Van den Bossche: zij kwam aan met veelbelovende auteurs als de New Yorkse debutante Julie Buntin, of de Ierse Eimeir Mc Bride. Ook de tekstperformers van Brutalivasta, geprogrammeerd door Pascal Lervant, verdienen het te worden ontdekt. De rest van het veld kennen we.’

EXit: Slotvraagjes: hoe ziet u beider top-drie eruit?

Bousset: ‘Voor mij is dat zeker de openingsavond in het Concertgebouw (5 mei). De combinatie auteurs die je daar als publiek gepresenteerd krijgt, is vrij uniek. Op twee zet ik Claudio Magris, een heel bijzondere man die ons een vreugdesprong deed maken met zijn late en onverwachte toezegging. Drie: de 24 auteurs en hun subversieve tekst.’

Tratsaert: ‘Voor mij is dat op de eerste plaats ‘De Zeven Hoofdzonden’ met de bijbehorende kortverhalen. Gevolgd door het Brutaalfeest op de slotavond. En de komst van de te weinig bekende Christophe Boltanski en de Nederlandse dichter Menno Wigman. Globaal kijk ik uit nieuwsgierigheid uit naar auteurs die ik nog niet eerder ontmoet heb.’ (LF)

 

____

 

 

http://www.brutaalbrugge.be

%d bloggers liken dit: