Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

EXit-juni, de zomer lonkt

EXit-juni met heel wat moois

*Leen Speecke geeft bibliotheekfakkel door aan Koen Calis

*Paul Van Damme met naslagwerk over ‘Propaganda in België’

*Het Concertgebouw verkent de kosmos tijdens nieuw seizoen

*Burlesque met een ondeugende knipoog

*Nieuwe muziektempel in hartje binnenstad

*Da Cantar bvrengt De Tachtigjarige Oorlog komt naar de Sint-Jakobskerk

*Fotopagina: Stijn Vos toont de Triënnale

*en zo veel meer….

 

Aan het strand van….

Up with People te gast in Brugge

 

Op zondag 20 mei (20 uur) brengt Up with People een muzikale show in het Sint-Lodewijkscollege. Up with People is een organisatie waarbij een honderdtal internationale studenten gedurende een periode de wereld rondreizen. Sinds het ontstaan (52 jaar geleden) heeft de groep al meer dan zeventig landen bezocht. Ook veel Bruggelingen maakten al deel uit van de groep. 

‘Up with People is het best gekend voor hun muzikale show die de hele familie aanspreekt, maar het is meer dan dat. Het is een internationale educatieve organisatie die jonge mensen de kracht wil bijbrengen om positieve veranderingen teweeg te brengen in hun eigen gemeenschappen en de wereld’, zegt woordvoerder Peter Monbailleu die in 1984-85 zelf meereisde met de groep. ‘Door de unieke combinatie van muziek, sociale projecten en internationale reizen realiseren ze een sterke impact op de gemeenschappen die ze bezoeken. Op die manier brengen ze jonge mensen de kennis en ervaring bij die ze nodig hebben in onze huidige complexe samenleving. Al meer dan vijftig jaar doorbreekt Up with People culturele grenzen en brengt de groep mensen samen net door de unieke vorm waarop ze de wereld rondreizen. Op die manier werkt Up with People aan een wereld met meer hoop, vertrouwen en vrede.’

De studenten van Up with People verblijven in Brugge van 15 tot 22 mei bij gastfamilies. Ze zullen aan verschillende sociale projecten meewerken. Op zondag 20 mei treden ze op in het Sint-Lodewijkscollege met hun nieuwste productie ‘Live On Tour’. De show bevat popmedleys, internationale dansen en originele UWP-nummers.

‘De show meemaken is niet de enige manier om betrokken te geraken bij de groep. Lokale jongeren tussen 17 en 29 kunnen zich ook kandidaat stellen om mee te reizen met één van de komende tournees. De voorbije jaren reisden trouwens heel wat Bruggelingen mee met Up with People’, aldus Peter Monbailleu.

 

Aspe en Marec richten uitgeverij en koffiebar op in de Sint-Jakobsstraat

Foto EDM

 

De nieuwe logebroeders van Brugge

 

De (h)echte vriendschap tussen Pieter Aspe en Marec wordt verankerd in De Loge van Marec en Aspe, een eigen gloednieuwe uitgeverij en koffiehuis in de Sint-Jakobsstraat. De ene is Vlaanderens meest gelezen misdaadauteur met een verkoop van drie miljoen (!) boeken op zijn conto, de andere is een van de beste cartoonisten van ons land met een jaarlijkse productie van enkele duizenden tekeningen. Met De Loge willen ze hun eigen werk en ook die van anderen in boekvorm aan het publiek presenteren.

 

Tussen Aspe en Marec zijn enkele parallellen te trekken. Ze zagen allebei het levenslicht in de Brugse parochie Sint-Jakobs: Pierre Aspeslagh werd  er 65 jaar geleden geboren, Marc De Cloedt volgde drie jaar later. ‘We hebben elkaar toen nooit ontmoet. Pierre woonde aan de kerk, ik in de Beenhouwersstraat.’

De vriendschapsband tussen beide auteurs zou pas later ontstaan, meer bepaald in de Ronde van Frankrijk editie 2011 toen ze – in opdracht van Het Nieuwsblad waar Marec al een kwarteeuw cartoonist is – drie weken lang elk op hun eigen manier zouden berichten over het wel en wee van de geletruidrager en het daarmee gepaard gaande randcircus.  ‘Wijnjournalist Alain Bloeykens maakte ook deel uit van ons gezelschap, maar hij ging elke avond vroeg slapen. Dan bleven Pierre en ik plakken in de bar. Het klikte wonderwel goed tussen ons, we zaten nooit om gespreksstof verlegen’, zegt Marec. Aspe beaamt: ‘Die weken waren intensief. We deelden niet alleen dezelfde visie, maar ook dezelfde vorm van humor. Na de slotrit op de Champs Elysées dachten we dat ons contact nadien zou verwateren, maar het tegendeel bleek waar. We bleven elkaar opzoeken en we gingen vaak samen eten, altijd vergezeld van onze echtgenotes.’

 

Muze

Het is de liefde voor hun echtgenotes dat ervoor zorgde dat in september 2017 hun eerste gezamenlijk boek verscheen. ‘Bea. Afscheid van een Muze’ luidt de titel van de graphic novel die meandert over ‘de liefde, de dood en alles daartussenin’ in het algemeen, maar in het bijzonder over de bijzondere romance tussen Pieter Aspe en zijn lieve vrouw Bernadette Vandebroucke die veel te vroeg en onrechtvaardig op 31 augustus 2016 na een korte, slepende ziekte kwam te overlijden. ‘Ik liep al een paar jaren met het idee rond om eens iets anders te tekenen – in een andere stijl – dan de dagelijkse cartoons. Ik had zin om nog eens te tekenen wat ik zag en niet alleen wat ik in mijn hoofd had. Als onderwerp had ik het thema ‘de muze’ naar voren geschoven. Wat betekent een muze voor een kunstenaar? Ik weet wat het is om een muze te hebben en ik wilde dat eens uitleggen. Voor mij is een muze iemand die op onverwachtse momenten de kunstenaar inspireert. Ik dacht hiervoor al langer aan Pierre en Bernadette, maar toen werd ze plots ongeneeslijk ziek. Na haar overlijden, durfde ik het niet goed te vragen. Het betekende veel voor mij dat Pierre toch zijn deur heeft opengezet en mij heeft toegelaten om hun verhaal op te tekenen. Ik moest telkens diep graven bij Pierre om alles naar boven te halen. In het begin was het zoeken naar een goede formule om het boek te maken. We zijn twee keer opnieuw begonnen.’

 

EXit: Pierre, voor jou was het wellicht ook een moeilijke opdracht om je verhaal zo persoonlijk neer te schrijven?

Aspe: ‘Als ik ons verhaal alleen had moeten schrijven, dan zou ik het daar zeer moeilijk mee hebben gehad. Gelukkig kwam Marc op het juiste moment met zijn vraag. Een maand eerder was ik er nog niet klaar voor. Ik heb het muze-project bekeken als een soort eerbetoon aan Bernadette, dat is voor mij uiteindelijk de motivatie geweest om het toch te doen. We kozen ervoor om mijn verhaal uit mijn standpunt te vertellen en het verhaal van Bernadette via de tekeningen van Marc. Die twee verhaallijnen lopen parallel in het boek door en treffen elkaar om de zoveel pagina’s. Het is een mooi boek geworden. Er zit zoveel symboliek in verwerkt en er zitten zoveel lagen in om het te doorgronden. Ik denk dat Bernadette het zo gewild zou hebben.’

 

EXit: Is het voor sommigen een troostboek?

Aspe: ‘Ik heb veel positieve reacties gekregen van mensen die zich aangesproken voelden. En geen enkele negatieve. Althans niet in mijn gezicht.’

Marec: ‘Een van de mooiste reacties die we kregen, was tijdens een signeersessie in The Cartoonist. Een vrouw in de buurt had het boek gekocht en kwam na enkele uren geëmotioneerd terug. Het verhaal had haar tot tranen toe bewogen. Zoiets had ik nog nooit meegemaakt; meestal bezorgt mijn werk mensen tranen van het lachen.’

 

DE REST VAN HET INTERVIEW LEEST U IN DE PAPIEREN VERSIE VAN EXIT MEI. OP MEER DAN HONDERD LOCATIES GRATIS VERKRIJGBAAR!

The Congos in het Kingston van de Noordzee

Reggaeliefhebbers, aandacht: op zaterdag 12 mei spelen The Congos een concert in Bredene, het Kingston van de Noordzee. Na passages van onder meer The Gladiators, Lee Perry, Max Romeo, Ken Boothe en Inner Cirlce pakt de organisatie dus opnieuw uit met een straf reggaeconcert in het Meeting & Eventcentrum Staf Versluys.

Op de Afro C Festival Launch Party op 12 mei wordt de line-up van het Afro C Festival bekendgemaakt. Dit kleurrijke festival in Bredene vindt plaats op vrijdag 10 en zaterdag 11 augustus en blijft ook in 2018 volledig gratis.
De Launch Party vindt plaats in het gezelschap van de legendarische Jamaicaanse band The Congos.

Volgens het weekblad Humo maakten The Congos in 1977 met ‘Heart of the Congos’ het allerbeste reggaealbum aller tijden. De band rond spilfiguren Cedric Mython en Ashanti Roy brengen spirituele en geëngageerde reggaemuziek. Wereldwijd zijn ze een graag geziene reggaeband. Veertig jaar na hun ontstaan en vele platen later  zijn The Congos nog steeds on the road en in bloedvorm.

In mei verschijnt er een nieuw album van The Congos. Hiervoor werken ze samen met de Belgische reggaetrots Pura Vida. Het wordt hun tweede plaat samen en dus een opvolger van de klassieker “We nah give up” uit 2011.

Tickets: 18 euro VVK en 20 euro ADD, http://www.stafversluyscentrum.be

Drieluik in de Onze-Lieve-Vrouwekerk

Ook dit voorjaar organiseert de vereniging ‘Concerten Onze-Lieve-Vrouwekerk Brugge’ in de week van Onze-Lieve-Heer Hemelvaart een concert en een concertMis, in samenwerking met het Concertgebouw Brugge. Meer zelfs, met de toevoeging van een lezing bieden de organisatoren een drieluik in de Onze-Lieve-Vrouwekerk aan.

Op dinsdag 8 mei (20 uur) geeft Ignace Bossuyt, prof. em. musicologie, een lezing over de Brugse polyfonisten in de vijftiende eeuw. Het onderzoek van Ignace Bossuyt is vooral gericht op de polyfonie uit de renaissance.

Op vrijdag 11 mei (20 uur) vindt het feestelijk concert plaats. Dan voert Psallentes, ensemble voor oude muziek, onder leiding van dirigent Hendrik Vanden Abeele de ‘Missa de Sancto Martino’ van componist Jacob Obrecht (1457/8-1505), zangmeester van de Sint-Donaaskerk in Brugge, uit. Psallentes omkadert deze mis ook nog met enkele gregoriaanse liederen. Dat concert past binnen het nieuwe festival ‘Gold’ (zie hierboven). Concertgangers krijgen de kans om voor de uitvoering van de ‘Missa de Sancto Martino’ een gratis bezoek te brengen aan het Hospitaalmuseum (Mariastraat 38) waarbij ze tussen 18.30 uur en 19.45 uur toelichting krijgen over de Sint-Maartensdiptiek van Hans Memling.

Het ensemble Currende, onder leiding van Erik Van Nevel, verzorgt de concertMis van zondag 13 mei (11 uur) muzikaal. Dit gezelschap brengt die zondag na Onze-Lieve-Heer Hemelvaart de ‘Missa sub tuum praesidium confugimus Sancta Dei genitrix’ van Jacob Obrecht. In deze mis wordt elk misdeel groter qua bezetting. Het kyrie is driestemmig, het gloria vierstemmig, het credo vijfstemmig, het sanctus zesstemmig en het agnus zevenstemmig. Ook zingen ze enkele liederen van Lupus Hellinck (1493/4-1541), zangmeester van de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Brugge: Jerusalem luge, In convertendo en An Wasserflüssen Babylon.

Lezing en de concertMis: gratis. Concert: 20 euro. Kaarten zijn te koop in kunsthuis Manna (Heilige Geeststraat 3), in herenmodezaak Parallax (Zuidzandstraat 17), in de Onze-Lieve-Vrouwekerk en via een overschrijving op rekeningnummer BE41 1096 6210 9410 met vermelding van aantal en naam.

 

Gold, 15deeeuwse Brugse polyfonie

Albert Edelman (Foto Friese Landuyt)

 

Van 7 tot en met 13 mei loopt er in Brugge een nieuw festival: Gold. Het festival vertelt het verhaal van Donaas De Moor en verbindt onroerend erfgoed, kunstschatten en muziek van Brugge uit de vijftiende eeuw.

Tijdens deze eerste editie van het festival staat de Bruggeling Donaas de Moor (+1483) centraal. Een figuur, die onder andere door de muziek van Jacob Obrecht, vandaag nog steeds bekend is. De Moor was een rijke pelshandelaar. Hij investeerde veel in kunst en met zijn kapitaal verbouwde hij onder meer de Sint-Jakobskerk waar zijn persoonlijke kapel nog altijd bestaat. Verder schonk hij veel geld aan de minderbedeelden en liet hij de godshuisjes in de Boeveriestraat bouwen.

De Moor was ook nauw betrokken bij de Brugse politiek tot hij beschuldigd werd van fraude. Hij werd verbannen uit de stad en nam zijn toevlucht tot het West-Vlaamse Middelburg. Hij kwam terecht bij Pieter Bladelin, die samen met zijn vrouw Middelburg heeft gesticht en in Brugge Hof Bladelin liet bouwen. De Moor overleed vrij snel. Vermoedelijk voor een flinke som geld werd zijn ballingschap opgegeven en mocht hij begraven worden in de Sint-Jakobskerk van Brugge.

Polyfonie

‘Het is opmerkelijk hoeveel muziek die in Brugge geschreven is, verspreid werd van Polen tot Italië’, zegt Albert Edelman, artistiek coördinator Oude Muziek bij het Concertgebouw Brugge. ‘De kwaliteit van de kunst was bovendien extreem hoog. Veel rijke mensen zorgden ervoor dat ambachtslieden, boekbinders, schilders en componisten hier hun weg vonden. Nu koopt geld andere dingen, maar toen kocht geld kunst. Europese musea hangen vol met kunst die in Brugge of voor Bruggelingen is gemaakt.’

De visueel herkenbare Vlaamse Primitieven zijn alom bekend, maar het 15deeeuwse Brugge liet ons nog een ander kunstproduct na: de polyfonie. ‘Gold brengt muziek waarmee Brugge groot geworden is op externe locaties, waarvoor de muziek is bedacht, bijvoorbeeld in een kerk’, aldus Edelman. ‘Daar komt de muziek thuis. Hard inzetten op de architectuur en de kunst die erbij hoort in combinatie met de historische verhalen van één Bruggeling, hebben we nog niet gedaan. Daarom was dit festival een buitenkans. We willen Gold zo om de twee jaar organiseren.’

Een breed aanbod

Een van de hoogtepunten van Gold is Missa De Sancto Donatiano van Jacob Obrecht, meteen een van de topstukken die het Concertgebouw dit seizoen presenteert. De Vlaamse componist schreef deze mis ter nagedachtenis aan Donaas de Moor. ‘Obrecht was zeer beroemd in Brugge dus de vrouw van de Moor, Adriana, zal een flink bedrag betaald moeten hebben om die mis te laten schrijven’, vertelt Edelman. ‘Daarmee heeft ze wel gezorgd dat haar man onsterfelijk is geworden.’ De mis bevat diverse thema’s uit Donaas’ leven. Zo is er een Vlaams lied dat verwijst naar zijn voedselbedeling in de gevangenis. ‘We weten uit de Moors testament dat deze mis is geschreven voor de Sint-Jakobskerk. Ik vind het dan ook heel magisch om dat op die plek te laten horen, en dat op 10 mei, door het wereldberoemde kamerkoor The Tallis Scholars.’

Naast dat topstuk, is Gold uiteraard veel meer. Een hele week kan men op verschillende plaatsen in Brugge, ook de Brugse Musea, ontdekken hoe de polyfonie hier -nog altijd- is ingebed, onder meer met enkele concertwandelingen. Een uitzonderlijke dag wordt zaterdag 12 mei met Take Out Obrecht: een gratis concertwandeling doorheen de hele binnenstad. Frederik Neyrinck, huiscomponist van het Concertgebouw, heeft een participatief project gemaakt van diezelfde mis. Hij knipte het stuk in zeventien secties en elk deel zal op acht locaties doorheen de stad gespeeld worden. Onder andere in de Sint-Jakobskerk, de orgelzaal op het Muntplein, Hof Bladelin en op de Vismarkt. “Een paar solisten van Brugge doen hieraan mee, musici van het conservatorium, de harmonie van Oedelem en Oostende, een aantal koren’, somt Edelman op. ‘Ook Wim Bertelmans speelt vanop de beiaard. Op de Burg is er ten slotte een groot slotmoment. Het is ambitieus, maar ook heel tof. Als je heel hard je best doet, kun je alle stukjes eens horen, maar de meesten zullen toch moeten kiezen.’ (LF/FL)

Gold, stemmen uit de Brugse Renaissance, 7-13 mei. Info concertgebouw.be/gold

 

‘Het accordeon blinkt uit in veelzijdigheid’

 

 

Van 6 mei tot en met 3 juni barst opnieuw het tweejaarlijkse muziekfeest Airbag los. Eén instrument staat centraal: het accordeon. Nieuw is dat het programma mee in handen is van een curator. Accordeonvirtuoos Gwen Cresens speelt regelmatig met Kommil Foo en Patrick Riguelle, maar is ook gastmuzikant bij bekende namen als Raymond van het Groenewoud, Guido Belcanto, Arno, Boudewijn De Groot en vele anderen.

 EXit: Je bent de allereerste curator van Airbag?
Gwen Cresens:
‘Ik heb een heel bijzondere band met festival, want ik was er elke keer al bij. In de eerste editie ontstond Papillon, een musette- en chansonprogramma dat ik maakte samen met Jean Corti. Later passeerde ik nog met Sam Vloemans, Raymond van het Groenewoud, Bart Voet en Esmé Bos. Met mijn eigen Orquesta Tanguedia concerteerde ik via Airbag in het Franse Wazemmes.’

EXit: Je hebt niet getwijfeld?
Cresens:
‘Zeker niet. Ik heb het programma samengesteld met Peter Roose, artistiek verantwoordelijke voor het festival. We zijn samen tot een heel divers aanbod gekomen. Die grote diversiteit is de sterkte van Airbag. Het is veel meer dan gewoon een accordeonfestival. Het is een echt stadsfestival dat zijn gelijke in Vlaanderen niet kent.’

EXit: Welke accenten heb je gelegd?
Cresens:
‘Ik vond het vooral belangrijk om een Belgische focus te leggen met muzikanten als Wim Claeys, Elke De Meester en de band Variomatic. Daarnaast wilde ik ook aandacht voor het jonge werk. Er is een heel nieuwe generatie beloftevolle accordeonisten op komst die heel uiteenlopende interessante dingen doet. Het was voor mij vooral een kwestie van ‘kill your darlings’. Bram van Weverberg speelt het hedendaagse klassieke repertoire. Stan Maris schrijft eigen werk en experimenteert met jazz en free jazz. Kajetan Kubala vertolkt op virtuoze wijze Russische klassiekers. Bruggeling Louis De Backere ten slotte is een muzikaal fenomeen waar we nog veel van zullen horen.’

 EXit: Je brengt ook jouw Orquesta Tipica Belgica mee?
Cresens:
‘Dat orkest bestaat uit vier bandoneons, een piano, contrabas en een strijkerssectie van minstens vier violen. We presenteren samen de dansmuziek uit Buenos Aires uit de eerste helft van de vorige eeuw. Je ziet ons aan het werk op de Burg op zondag 20 mei, in openlucht met een grote dansvloer voor het podium.’

EXit: Er staat op 24 mei een Curator Night op het programma. Wie nodig je uit?
Cresens:
‘Die avond speel ik met mijn nieuwe kwartet met drie doorwinterde jazzmuzikanten: Matthias Dewaele op drums, Janos Bruneel op bas en Alano Gruarin op piano. We spelen tango, musette, maar ook klassieke muziek van Bach en Grieg. Verder nodig ik het Brussels Chamber Orchestra onder leiding van Michel Bisceglia uit. Met hen breng ik een aantal stukken uit mijn nieuwste plaat die dit voorjaar verscheen op het label van Klara & Warner Classics.’

EXit: Kort daarna breng je een ode aan Dalida?
Cresens:
‘Ik doe dat samen met onder meer mijn vrouw Karla Verlie. We zijn allebei al jaren geïntrigeerd door deze fenomenale grande dame van de Franse muziek. Dalida kende grote muzikale successen, groeide uit tot icoon van de jaren 70, maar in de liefde kende ze minder geluk. In 2017 was het dertig jaar geleden dat ze uit het leven stapte. Voor ons een reden om een volledig programma te wijden aan haar onsterfelijke oeuvre met nummers als Parole Parole, Gigi l’amoroso en Ciao Ciao Bambino.’

EXit: Je speelt ten slotte ook in duo?
Cresens:
‘De voorbije jaren zijn heel wat professionele accordeonisten in duo gaan werken. Philippe Thuriot en Rony Verbiest bijvoorbeeld, maar ook Smeulders & Smeulders die een selectie uit hun Bach-programma zullen spelen. De Nederlandse dames van Toeac zijn specialisten in de creatie van hedendaagse composities. Zelf speel ik met Anne Niepold, een fantastische accordeoniste in de diatonische ‘range’, het broertje van het klassieke accordeon dat vaak in Ierse muziek wordt gebruikt. We spelen onder meer eigen nummers uit de plaat die we twee jaar geleden samen hebben gemaakt.’

www.airbag.be

 

C A P P A E R T stelt nieuwe cd voor in complete duisternis

Er staan donkere weken in het vooruitzicht voor C A P P A E R T, het nieuwe project van Annelies en Sarah Cappaert. Letterlijk dan, want C A P P A E R T stelt hun nieuwe cd ‘Warrior of the Good’ voor tijdens de unieke concertreeks ‘In the dark’. Op woensdag 2 en vrijdag 11 mei hult ook Theaterzaal De Biekorf zich in complete duisternis voor de zusjes-met-de-engelenstemmen.

 

 

Het concept van ‘In the dark’ mag dan al voor zich spreken, voor C A P P A E R T is het alvast een hele beproeving om concerten te spelen in een volledig donkere zaal. Ook voor het publiek zal het een aanpassing vragen en moet ze een blind vertrouwen stellen in wat er op het podium plaatsvindt. ‘Alles gebeurt in het donker. Er is niks, maar dan ook niks te zien. Gelukkig wel te horen en dat maakt deze concertreeks net zo bijzonder’, zegt Annelies Cappaert. ‘Als visuele prikkels wegvallen en je enkel kunt terugvallen op je tastzin, geuren en geluiden, word je kwetsbaar en keer je je meer naar binnen. Dat kan wel confronterend zijn. In het donker luister je ook anders naar muziek. Het is een uitdaging om jezelf over te geven aan die duisternis. Gelukkig weten we ons op het podium omringd door fantastische muzikanten. Al zal er vast wel eens iets mislopen en misschien al eens een scheve noot weerklinken. Dat mag. Onze muziek zal alvast heel eerlijk binnenkomen bij het publiek.’

Het project ontstond op vraag van Blindenzorg Licht en Liefde. Bij elk concert is er een team van blinde en slechtziende mensen aanwezig om het logistiek mogelijk te maken. Deze mensen leiden het publiek naar de zitplaatsen voor een unieke belevenis van het concert. Naast Annelies en Sarah maken ook Steve Willaert (piano, harpejji, accordeon), Wouter Berlaen (contrabas), Bert Verschueren (elektrische en akoestische gitaren) en Pim Dros (drums en percussie) deel uit van CAPPAERT.  ‘We mikken op 15 à 20 optredens in die reeks. Al spelen we ook gewone concerten, in the spotlights, dus.’

Ongepolijste juwelen

‘Ze schrijft muziek in kleurrijke penseelstrepen. Het zijn melodisch ongepolijste juwelen waar het gevoel primeert. Haar teksten zijn gelaagd en onthullen zich als Matroesjka’s. Een schrijfster die leeft ìn en voor haar liedjes…’ Zo omschrijft producer, filmcomponist en arrangeur Steve Willaert het schrijftalent van Annelies. ‘Ja, Steve heeft me overtuigd om met eigen werk naar buiten te komen’, zegt ze. ‘Ik hou van het bedenken van melodieën die volgens hem vandaag ‘rijkdom’ betekenen in de muziekwereld. Jarenlang hebben we backing vocals gedaan voor verschillende groepen en artiesten (De Dolfijntjes, Jo Lemaire …). Dat zijn hele goede leerscholen geweest om muzikaliteit en podiumvastheid op te doen. Steve gaf me genoeg zelfvertrouwen om nu met ‘Warrior of the Good’, een cd met eigen songs, uit te pakken.’

EXit: Opmerkelijk: je schreef je muziek in een huisje op de rotsen in Noord-Frankrijk. Een ideale plek om je diepste zieleroerselen naar buiten te brengen?

Annelies: ‘In dat huisje kan ik in alle rust en stilte schrijven en componeren. Werken met zicht op zee werkt zeer inspirerend voor mij. Sfeer vind ik heel belangrijk in songs en daar kan ik er in mijn eentje aan sleutelen.’

‘Ik schrijf op mijn eigen aangeleerde manier. In tegenstelling tot mijn broer en mijn zussen heb ik nooit een muziekopleiding genoten. Ik vond dat vroeger niet zo tof. Het blijkt nu niet echt een nadeel, want ik hoor het wel en kan de noten wel vinden. Als ik songs maak, speel ik alles zelf in: gitaar, bas, piano en percussie. Op het podium laat ik dat wel over aan mijn schitterende muzikanten zodat ik mij helemaal kan inleven in mijn songs.’ (ADC)

C A P P A E R T op vrijdag 11 mei in Theaterzaal De Biekorf,  20 uur. 

Tickets en info: http://www.cappaertmusic.com of xinix@lichtenliefde.be

 

Marcel Ponseele: ‘Je moet de beste zijn, anders kom je er niet’

Foto Friese Landuyt

Van Sint-Kruis naar Santa Cruz

De Brugse barokhoboïst Marcel Ponseele (60) oogt dan wel Bourgondisch, maar vergis u niet: hij heeft een loodzwaar beroep. Ruim honderd dagen per jaar zit hij op vliegtuigen richting Japan, Rusland of Zuid-Amerika, hokt hij op allerlei hotelkamers en doet hij de was en de strijk van zijn concertkleding. Met zijn ensemble Il Gardellino speelt hij op 4 mei in het Concertgebouw een thuismatch met een oratorium van Telemann, geleid overigens door een andere Bruggeling: Peter Van Heyghen. Het werk, Der Tag des Gerichts, beoogt ‘krachtige emoties’.

 Marcel Ponseele: ‘Dit werk heeft Il Gardellino al uitgevoerd in Antwerpen. We hebben toen dat werk van onder het stof gehaald. Der Tag des Gerichts van Telemann is heel boeiend, want je hoort er de overgang naar de klassieke muziek. Telemann was al tien jaar gestopt met componeren toen hij dit werk geschreven heeft. Hij was een leeftijdsgenoot van Johan Sebastian Bach, maar schreef al modernere werken. Bovendien heeft hij veel meer muziek geschreven dan Bach. Telemann was ook goed bevriend met Bach. Hij was ook peter van een van zijn kinderen.’

EXit: Klopt het dat de hobo een zeer moeilijk instrument is om te bespelen?

Ponseele: ‘Fysiek gezien is het een moeilijk instrument. Je moet weinig zuurstof, maar veel kracht en druk geven om het mondstuk te laten trillen. Als je het te slap maakt, krijg je het geluid van een doedelzak. Het is een compromis tussen mooie klank en fysieke haalbaarheid. Vroeger werd er weleens gezegd dat de hobo een ongezond instrument is omdat je longblaasjes ervan kunnen springen. Mijn specifieke probleem is echter dat mijn buikvlies soms begint te scheuren. Als het definitief doorscheurt, zal ik geopereerd moeten worden en zal ik niet meer kunnen spelen. Ik heb zelfs al een navelbreuk gehad.’

EXit: Een muzikant beoefent een zwaar beroep?

Ponseele: Nee, toch niet. Ik zeg dat ook aan mijn studenten: je moet de beste zijn, anders kom je er niet. Veel muzikanten spelen vandaag voor weinig geld, enkel en alleen om te kunnen overleven. Verder weet je soms in landen als Spanje of Italië de dag voor een optreden niet of je effectief kunt optreden. Ondanks die problemen heb je als muzikant wel je vrijheid. Als je wil stoppen met muziek maken, stop je ermee.’

EXit: Ben je ook nog dikwijls te vinden in het buitenland?

Ponseele: ‘Vroeger speelde ik twee tot drie keer per jaar in Japan. Dat reizen zit er nog in, al probeer ik het af te bouwen. Ik zit toch nog over de honderd dagen per jaar in het buitenland. Ik speel vaak met mijn ensemble in Zuid-Amerika. We speelden ook al in Polen waar er in tegenstelling tot België nog ongelofelijk veel jongeren in het publiek zitten.’

‘We hebben ook al in Bolivia gespeeld op een festival dat plaats vond in oude jezuïetenposten. Van Sint-Kruis naar de oerwouden van Santa Cruz (lacht). We kwamen daar toe in de oude missieposten en speelden in barokke kerkjes. Om vijftig kilometer te overbruggen, zaten we een hele dag in een camionet met een chauffeur die op een cocablad kauwde. Een hele belevenis.’

EXit: Naast muziek spelen bouw je ook je eigen instrumenten?

Ponseele: ‘Inderdaad, met mijn broer Francis maak ik muziekinstrumenten. Dat is een vak, dat kun je aanleren. We bouwen onder meer violen en gitaren. Francis is verantwoordelijk voor de algemene houtbewerking en de bouw van de houtblazers. Dat doen we in een oud schooltje in Hoeke. Dat was vroeger één klas voor alle studiejaren. Ik heb er nooit les gevolgd.’

EXit: Hoe kijk je nu terug op je carrière?

Ponseele: ‘Tevreden. Ik heb kunnen doen wat ik wou, ik heb kunnen spelen wat ik graag speel. Als ze mij opbellen met de vraag iets te spelen waar ik niet achter sta, kan ik het me permitteren om te weigeren. Ik ben verwend, dus. Ik heb ook het geluk dat Bach er is, want die muziek blijft boeien. Hij is en blijft de allergrootste. Mocht er alleen Telemann zijn, ik was al lang gestopt met muziek spelen. Naast Bach en Telemann heeft Il Gardellino nog interessante pareltjes gevonden. Ik denk maar aan Johann Friedrich Fasch, een componist die ongelofelijk veel muziek heeft geschreven waar je blij van wordt.’

EXit: De Oude Muziekbeweging vergrijst snel. Is er aflossing van de wacht?

Ponseele: ‘De toppers van weleer, een Herreweghe of een van Immerseel, blijven aan boord, want dit zijn zeer gedreven mensen. Toch staat er opvolging te wachten. Mensen als Bruggeling Bart Naessens of Korneel Bernolet zijn stuk voor stuk zeer getalenteerd. Ze gaan een eigen weg, het zijn geen afkooksels van de pioniers.’ (LF/FL)

Il Gardellino op 4 mei in het Concertgebouw

____

%d bloggers liken dit: