Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Jazz Brugge, grote ambitie waar gemaakt

Tigran Hamasyon (foto Frank Verlinden)

 

Afgelopen weekend (vrijdag 16 – zondag 18 november) vond de achtste editie plaats van het festival Jazz Brugge. Drie dagen lang presenteerden KAAP en Concertgebouw Brugge onder de noemer ‘crossing cultures’ 18 concerten met 67 muzikanten uit 17 verschillende landen. Met een totaal van 1650 festivalgangers, en een uitverkochte zaterdag, genoot het festival grote publieke belangstelling.

Het tweejaarlijkse festival Jazz Brugge, opgestart in 2002, voerde al van bij de eerste editie een gedurfde koers door zich exclusief te wijden aan de Europese jazz. Voor deze achtste editie verbreedde het festival de focus onder de noemer ‘Crossing Cultures’. Jazz incorporeert immers meer dan ooit elementen van buitenaf, zowel geografisch als muzikaal.

De openingsavond stond volledig in het teken van het label W.E.R.F. Records. Dat vierde zijn 25e verjaardag met een betoverende creatie van Free Desmyter en Bassem Hawar, die volgend jaar op album verschijnt en ook albumreleases van jong talent als Donder en MDC III. De hele avond werd live uitgezonden door Klara en jongeren bracht live verslag uit van hun concertervaring. Jazz Brugge 2018, en meer in het bijzonder de openingsavond, was ook een hommage aan de in maart overleden Rik Bevernage, oprichter van het festival en bezieler van het label W.E.R.F. Records. (Pieter Koten)

Theatergezelschap Reynaert viert zeventigste verjaardag

‘Samen theater maken schept een onbetaalbare band’

 

Het Sint-Kruise theatergezelschap Reynaert wordt dit seizoen zeventig. Het gezelschap bleef sinds 1948 onafgebroken actief. Voorzitster vandaag is Els Janssens. Haar vader was één van de stichters, haar grootvader en moeder maakten deel uit van de kring. Samen met secretaris Veronique Declerq, het bestuur en de leden is ze klaar voor de feestelijke jubileumproductie Deurdedeurdeur eind november 2018 in het Gemeenschapshuis in Sint-Kruis.

EXit: Jullie vieren zeventig jaar met een echte deurenkomedie?
Els Janssens:
’We kiezen inderdaad voor een fris, sprankelend stuk voor een ruim publiek, want zij zijn de reden van ons bestaan. Deurdedeurdeur is een bewerking van de klassieker Stilte Aub van Michael Frayn. Het is een geliefd stuk in amateurtheatermiddens, maar deze versie is wel erg origineel. Zoals de titel doet vermoeden, gaat het om een echte deurenkomedie met een heel typische aaneenschakeling van intriges, verwarringen en spanningen, maar het zit vooral boordevol humor.’

EXit: Het stuk vormt een inkijk in het leven achter de schermen van het theater?
Veronique Declercq:
‘Een theatergezelschap staat op enkele repetities van de première. De tijd dringt, maar er staat nog heel wat niet op punt. Het publiek ziet het stuk eigenlijk drie keer vanuit een ander standpunt: één keer op de generale, één keer vanuit de coulissen en tenslotte zien ze ook de voorstelling zelf die uitmondt in een komische chaos.’

EXit: Vormt zo’n komedie nog een uitdaging voor een kring die zeventig jaar bestaat?
Janssens
: ‘Heel zeker. Deurdedeurdeur is een komedie, maar het is geen eenvoudig stuk om te brengen. Het tempo ligt zeer hoog en de tekst is een hele boterham. Ook het decor is een hele uitdaging, net door die drie verschillende standpunten. Gelukkig kunnen we rekenen op een pak decormedewerkers en acteurs die ook achter de schermen een handje toesteken.’

 EXit: Wat vandaag binnen het amateurtheater vandaag niet altijd evident is?
Declercq: 
‘Reynaert heeft nog steeds een gedreven kern die regelmatig wordt aangevuld met jonge, nieuwe mensen, maar dat is inderdaad niet vanzelfsprekend. Het culturele aanbod is veel groter dan vroeger en mensen investeren minder tijd in één hobby. Amateurtheater vraagt een groot engagement. Drie keer per week repeteren, zes voorstellingen, tekst instuderen, decor opzetten, drukwerk opmaken … Maar de voldoening die je krijgt, is nog steeds heel groot. Als je zo nauw en gedreven met mensen samenwerkt, schept dat een onbetaalbare band.’

EXit: Reynaert is één van de oudste nog actieve Brugse amateurtheaterkringen?
Els Janssens: 
‘Ons theatergezelschap ontstond kort na de Tweede Wereldoorlog vanuit de kring ‘Volksverheffing’ die tijdens de oorlog had opgehouden te bestaan. Er was geen zaal meer, want de ruimte waar de voorstellingen plaatsvonden, werd ingepalmd door spullen van mensen die op de vlucht waren. Toen mensen na de oorlog de draad van het normale leven opnieuw konden oppikken, namen enkele oud-leden van de Volksverheffing het initiatief om, samen met enkele jongeren, een nieuwe kring op te richten. Op 14 september 1948 was Reynaert een feit. De naam verwijst naar de guitigheid en spitsvondigheid van het hoofdpersonage uit het middeleeuwse verhaal.’

EXit: Destijds speelde Reynaert met alleen mannen?
Janssens: 
‘Onder druk van de kerk mochten vrouwen inderdaad geen theater spelen. Mijn grootvader kroop daarom destijds in de huid van een barones, wat ongetwijfeld hilarische taferelen opleverde. Onze toenmalige regisseur wilde wel vrouwen op de planken en trok daarom zelfs even richting Nederland om met een gemengde groep te kunnen spelen. Na drie jaar volgde dan toch een belangrijk kantelpunt en werd Reynaert in 1951 een gemengd gezelschap. De geleden schade werd trouwens ruimschoots goedgemaakt. Vandaag telt ons bestuur iets meer vrouwen dan mannen (lacht).’ (SD)

http://www.toneelreynaert.be

 

Brugse schrijver publiceert eerste deel van nieuwe Van In-reeks

Foto Ellen De Meulemeester

 

 

Handmade in Brugge: het kunst- en ambachtswerk van Pieter Aspe

 Wie het nog niet op de Brugse aanplakzuilen zou hebben opgemerkt: Pieter Aspe heeft een nieuwe thriller uit. ‘Episode 1’ is het eerste deel van een compleet nieuwe tiendelige reeks over het personage Van In die anno 2018 geen deel meer uitmaakt van het Brugse politiekorps wegens pensioengerechtigd. Geen spoiler alert over het hagelverse boek in onderstaand artikel, want we laten schrijver Pierre Aspeslag (°1953) aan het woord over zijn manier van werken. We troffen hem aan in zijn vaste stek ‘De Loge van Marec en Aspe’ (Sint-Jakobsstraat 6). Handmade in Brugge. With love.

Het werkproces?

Pieter Aspe: ‘Eerst zoek ik een idee, een thema. Dat kan heel gevarieerd zijn. Een onnozele zin die ik ergens eens heb opgevangen, een beeld dat ik zag, een artikel dat ik in de krant las … Het moet vooral iets zijn dat blijft hangen. Mijn geheugen werkt op die manier. Ik noteer niets. Ik heb dan ook nooit een notitieboekje op zak. Je kunt dit misschien vreemd vinden, maar ik ga ervan uit ik alles mag vergeten wat niet de moeite is. Wat blijft hangen, is wel de moeite. Dat vormt mijn basisidee. Onbewust laat ik dat idee rijpen en gaandeweg komen er zaken bij. Ik vertrek met heel weinig. Dan is het beste moment aangebroken om te beginnen te schrijven.’

Schema’s?

Aspe: ‘Het boek mag dan al strak gecomponeerd zijn, ik maak nooit schema’s op. Op voorhand zet ik ook geen structuur uit. Al vanaf mijn eerste boek werkte ik zo. Toen mijn debuutboek ‘Het vierkant van de wraak’ verschenen was, zei iemand me dat het precies was alsof ik al heel mijn leven wist hoe je een verhaal moet opbouwen. Er moet een logica in het verhaal zitten. Als je een huis bouwt, moet je ook beginnen met de funderingen en bouw je stelselmatig op. Als je ergens met de structuur begint te foefelen, zakt het in elkaar. In mijn geval komen de beste ideeën al doende.’

‘De verschillende lagen in mijn verhaal kan ik moeilijk op voorhand bedenken. Je hebt schrijvers die zich daar suf over piekeren en borden volkleven met gekleurde post-its met verwijzingen. Ik noteer enkel de namen en bepaalde karaktertrekken van nevenpersonages, anders ben ik ze na tien bladzijden alweer vergeten. Een boek is goed voor een gevuld A4’tje aan beide zijden beschreven met notities, alles door elkaar. Dat is alles.’

Schrijfritme?

Aspe: ‘Vroeger schreef ik ’s morgens omdat we dan ’s middags vrij hadden. Sinds Bernadette er niet meer is, kan het al eens gebeuren dat ik ook op andere momenten van de dag schrijf, zeker als het een ‘donkere’ dag is. Maar ik schrijf het liefst ’s morgens. Ik kan elk moment van de dag schrijven, maar ik moet dan wel over een tijdsblok van minstens drie uur beschikken. Ik werk het liefst in periodes. Dus niet drie dagen schrijven en dan een week iets anders doen. Ik moet de focus op mijn verhaal kunnen behouden. Mijn schrijftempo ligt op 1.700 woorden in drie à vier uur. In noodgevallen pas ik ‘warspeed’ toe: dan pen ik 3.400 woorden neer. Dat is wel lastig…’

Rituelen?

Aspe: ‘Tijdens het schrijven rook ik twee à drie sigaretten. Ik las per schrijfsessie een korte pauze van vijf minuten in omdat ik dan zin heb in een sigaret of gewoon eens mijn hoofd enkele minuten rust wil gunnen. Voor de rest: zonder drank, zonder muziek. Geen afleiding in mijn schrijfkot, ik schuif ook mijn mobieltje aan de kant. Ik werk op een vaste computer. Op een laptop werk ik niet graag. Sommige mensen nemen hun laptop mee naar buiten en schrijven in de tuin als de zon hoog staat. Ik vind dat allemaal niet comfortabel. Ik werk met het tekstverwerkingsprogramma Word. Tijdens het schrijven check ik soms zaken op het internet, maar daar gebruik ik een andere computer voor. Mijn schrijfcomputer is enkel bedoeld om mijn teksten te maken en daarmee kan ik niet op het internet surfen.’

Met de pen?

Aspe: ‘Mijn handschrift is compleet misvormd omdat ik al meer dan twintig jaar niet meer met de hand schrijf. Ik ben linkshandig en als ik met de hand schrijf, dan maak ik alle vulpennen kapot. Tijdens signeersessies op de Boekenbeurs bijvoorbeeld kwam ik soms wel weer in het ritme omdat ik dan weer schreef, al waren het dan maar vaak namen. Voor het overige schrijf ik, behalve een to do-lijstje, niet meer met de hand. De eerste tachtig bladzijden van mijn manuscript voor het ‘Vierkant van de wraak’ heb ik met de hand geschreven. Zo ben ik begonnen. Ik wilde dat ambachtelijk doen. Ik had een registerachtig schrift gekocht om met een fijn stiftje het verhaal neer te schrijven. Na tien bladzijden begon het al redelijk onleesbaar te worden. En achteraf moest ik het toch overtypen. Dan heb ik een typemachine gekocht. De eerste semi-computer van Brother, met een klein schermpje, en een diskettestation. En dan kon je bladzijde per bladzijde printen. Primitief als je er nu op terugkijkt, maar het lukte ook. De boeken werden ook geschreven.’

Vooruitdenken?

Aspe: ‘Ik ben al aan het nadenken over episode 2 voor de nieuwe Van In-reeks. Vanaf januari 2019 begin ik weer effectief te schrijven. Nu ben ik al wat bezig met research voor bepaalde onderwerpen. Per boek reken ik op ongeveer vijftig schrijfdagen, verdeeld over drie maanden. Ik schrijf het verhaal in één ruk. Ik herlees niets tot het af is. Het herlezen neemt gemiddeld twee weken in beslag. Na mijn correcties gebeurt er redactie op de tekst. Ik prijs me gelukkig dat ik hiervoor al twintig jaar kan samenwerken met een uitmuntende redactrice.’ (ADC)

http://www.aspenv.be

 

Fietsen door het najaarsprogramma van Cactus Muziekcentrum (deel 2)

Lubomyr Melnyk (foto Quinetta)

Na een succesvol muzikaal voorjaar en een schitterende hete zomer richt Cactus Muziekcentrum alweer volop zijn pijlen op een goedgevuld najaar. Wannes Belaen (productie) en Felix Van de Loock (programmatie Cactus Club/More Music!) geven graag duiding bij de binnen- en buitenlandse artiesten en groepen die straks in onze stede hun decibels zullen produceren.

   EXit: Op zaterdag 17 november staan in de Biekorf twee Amerikaanse groepen die mij onbekend zijn: Darto en Wand?
Felix: ‘De avond draait natuurlijk in de eerste plaats rond het fantastische Wand. Wie zijn rockbands graag psychedelisch heeft, herkent frontman Corey Hanson misschien als de sidekick van de fuzzkoning Ty Segall. Met zijn eigen Wand trekt hij het gitaarregister helemaal open en speelt hij met garage, psych, indie én glamrock. Voor fans van T.Rex, The Stooges, MC5, King Gizzard, The Oh Sees en dies meer. Compleet geschifte band.’

EXit: De 69-jarige Oekraïense componist Lubomyr Melnyk geldt, als grondlegger van de ‘continuous music’, als één van de grote innovatoren in de hedendaagse klassieke scene. Hij was al eerder te gast bij jullie en nu speelt hij op vrijdag 23 november opnieuw een exclusief concert. Welke indruk heeft hij met zijn vorige optreden nagelaten bij jullie? 

Felix: ‘Melnyk is nog steeds een van de meest spectaculaire pianisten om aan het werk te zien, zelfs op zijn gezegende leeftijd. Lange tijd werd er in de klassieke wereld op hem neergekeken, maar sinds pianisten als Nils Frahm en Olafur Arnalds hem openlijk als invloed noemen, kan hij weer toeren en heeft hij eindelijk de aandacht die hij verdient. Zijn ‘continuous music’ is een vingervlugge manier van spelen waarbij de noten in elkaar overlopen en harmonische boven en -ondertonen creëren. Fait divers: Melnyk beweert dat hij door zijn speelstijl de snelste pianist ter wereld is, en 19 noten per seconde kan spelen. Per hand. Waar of niet, zijn muziek is echt wondermooi en het uitverkochte concert tijdens More Music! was zo intens dat we hem graag opnieuw uitnodigden.’

EXit: Welk vlees hebben we in de kuip met de groepen Beak> (Engeland) en Spill Gold (Nederland) op zaterdag 1 december in de MaZ?

Felix: ‘Beak> is de experimentele rockband met onder andere Geoff Barrow, de mastermind van Portishead, in de rangen. Hun derde album ‘>>>’ kwam uit in september en is opnieuw een heerlijk trippy plaat. De band werkt volgens een zeer streng opnameproces en maakt muziek die fans van acts als Can! en Neu, of recenter Battles, Holy Fuck, Moon Duo en Suuns zeker zullen smaken. Denk: dansbare ritmes, psychedelische synths en een flinke dosis weirdness.’

EXit: Op vrijdag 14 december wijken we graag uit naar De Werf voor de concerten van AAN/EOP en Beraadgeslagen. Dat wordt een avond vol verrassende muziek? 

Felix: ‘Ja, tenzij je thuis bent in de wereld van de ‘veranda-jazz stoepdisco’, ‘lint-jazz’, ‘synthbebouwing’, en het ‘headbehangen’. Dat is alvast hoe Beraadgeslagen, ofte Lander Ghyselinck (Stuff) en Fulco Ottervanger (De Beren Gieren, Stadt), hun muziek omschrijven. Wij vonden tot nog toe geen betere beschrijving van hun compleet van de pot gerukte mix van jazz en electronica. Het vreemdste is eigenlijk dat het gewoon fantastisch goed werkt. Wie er bij was toen ze op Pukkelop een feestje bouwden deze zomer zal dat beamen. Ook in De Werf spelen Lander en Fulco met drums en toetsen gewoon midden in het publiek, want een podium is zo 2017.’

EXit: Tot slot wordt het ook uitkijken naar Portland, winnaars van De Nieuwe Lichting 2018 op Studio Brussel en finalisten van Humo’s Rock Rally 2016, op zaterdag 15 december in Villa Bota. Dat concert was al meteen uitverkocht? 

Felix: ‘Ze hebben met ‘Pouring Rain’ dan ook een keigoeie single onder de arm de dus de ticketverkoop ging zoals verwacht heel snel. Op Leffingeleuren deze zomer bewezen ze alvast geen one-hit-wonders te zijn. De mensen die een ticketje hebben kunnen bemachtigen, kunnen zich gelukkig prijzen. Kleine kans dat je ze nog op zo’n klein podium te zien zal krijgen.’ (ADC)

 www.cactusmusic.be

Dichters van Vrijdag-avond in boekhandel De Reyghere in Brugge op donderdag 15 november (20 uur)

 

Er zijn weinig uitgeverijen die nog een echte lans voor poëzie durven breken. In Vlaanderen kan je ze alvast op één hand tellen. Uitgever bij uitstek die jong en opkomend talent onder haar vleugels neemt is Vrijdag. De afgelopen jaren verzamelden ze een uitgebreide groep jonge, kwalitatieve en actieve dichters en moedigde ze aan samen op pad te gaan. Het fluïde dichterscollectief Dichters van Vrijdag werd geboren.

Na de opmerkelijke tournee van deze dichters treedt de intussen fors uitgebreide groep opnieuw voor het voetlicht. In het Salon van boekhandel De Reyghere (Markt Brugge) treden Moya De Feyter, Kim Pauwels, Frederik Lucien De Laere en Shari van Goethem op donderdag 15 november om 20 uur aan. Maak u op voor een intieme avondopstelling met verrassende wendingen.

Moya De Feyter liet dit jaar hoge ogen opgooien met haar poëziedebuut. Ze reeg de recensies aaneen en ook in Watou kreeg een gedicht van haar een volledige muur voor zich. Dat bracht haar zelfs helemaal tot in Nederland op de fameuze “Nacht van de Poëzie”.

Kim Pauwels debuteerde in 2017 met “Tweelingstrijd”, een bundel die uitblinkt in de veelzijdigheid. Pauwels houdt ons twee spiegels voor, die van onze binnenwereld, en die van ons perspectief op de buitenwereld. Vlot en vinnig vinden haar woorden hun weg.

Shari Van Goethem blinkt uit in veelzijdigheid, maar legt zich vooral toe op haar poëzie. Een paar jaar geleden al sprong ze mee in het avontuur van de Poëziebus, waarna prompt ook een bundel volgde. Nu pronkt ze tussen de genomineerden voor de Melopee Poëzieprijs.

Frederik Lucien De Laere zorgt mee voor de drijvende kracht achter Het Venijnig Gebroed, maar is binnenkort aan zijn vijfde solobundel toe. Na zijn ambitieuze performance in “In uiterste staat” groeit zijn poëzie in theatraliteit en dwingendheid en durft hij zich met grote voorgangers meten.

 

Info: https://www.facebook.com/events/1895383927436505/

Driedaags festival Jazz Brugge verkent grenzen van jazzmuziek

Colin Stetson (foto Peter Gannushkin)

In het meest prestigieuze en waardevolle gebouw uit de nalatenschap van Brugge 2002 – zowel qua architectuur als qua culturele invulling – met name in het Concertgebouw – kunt u van vrijdag 16 tot en met zondag 18 november terecht voor de achtste editie van Jazz Brugge, een driedaags festival dat onder de titel Crossing Cultures de grenzen van de jazzmuziek verkent, of misschien wel: van muziek in zijn ruimste betekenis. Op vrijdag 16 november om 18 uur wordt het festival in de inkomhal feestelijk op gang getrapt door het Mâäk Quintet. De organisatie van het festival ligt in handen van kunstencentrum KAAP en Concertgebouw Brugge

 

Het Jazz Brugge festival kende in 2002 een explosieve start in het jaar waarin Brugge culturele hoofdstad van Europa werd, en was één van de absolute blikvangers in de jaarprogrammatie. Het evenement werd in augustus van dat jaar opgezet als vierdaags festival dat zou alterneren met Jazz Middelheim, toen eveneens nog een tweejaarlijks festival.

In 2004 verhuisde het festival naar de maand mei en werd er een museumluik aan toegevoegd, met middagconcerten in een zaal van het Groeningemuseum.

Vanaf de editie 2006 vond het festival plaats op zijn definitieve bestemming in de maand oktober, telkens een middagconcert in Groeninge, een vooravondconcert in de Kamermuziekzaal van het Concertgebouw, waarna de avondprogrammatie voortgezet werd in de grote concertzaal.

Voor de edities 2008 tot en met 2014 werd de affiche verder uitgebreid met middagconcerten, masterclasses… De middagconcerten verhuisden in 2010 naar de zolderverdieping van Oud Sint-Jan. Bij al deze festivaledities werd uitdrukkelijk en consequent gekozen voor de kaart van de Europese jazz.

Jazz op wereldniveau

Na het schrikkeljaar 2016 staat Jazz Brugge er vandaag opnieuw in vol ornaat voor een drietal goed gevulde concertdagen in het Concertgebouw. Verdeeld over drie locaties (Kamermuziekzaal – Concertzaal – Studio 1) krijgt u er concerten te zien die een representatieve staalkaart bieden van jazz op wereldniveau. Het concept van (enkel) Europese jazz wordt losgelaten en onder de noemer ‘Crossing Cultures’ trekken programmatoren Pieter Koten, Benny Claeysier (beiden KAAP) en Jeroen Van Acker (Concertgebouw) de wijde wereld in om u te laten proeven van exotische klanken, verrassende combinaties, stevige grooves, verstilde soundscapes, hemelse stemgeluiden, vleugjes elektronica.

W.E.R.F.label

De eerste festivalavond is volledig gewijd aan artiesten die werk uitbrachten op het Brugse W.E.R.F. label, en draagt dan ook de toepasselijke naam W.E.R.F. Labelnight. Aanleiding is de viering van de 25e verjaardag van het platenlabel, dat in 1993 ontstond en een eerste release kende met ‘Sketches of Belgium’ (W.E.R.F. 001), waarbij Bruggeling Kris Defoort (piano/compositie) de leiding nam in een bezetting die de naam K.D.’s Basement Party kreeg.

Op zaterdag 17 november om 11 uur komt Elina Duni de Kamermuziekzaal onderdompelen in melancholie met haar nieuwe ECM-album ‘Partir’. Het avondprogramma vat aan om 19 uur en biedt een viertal concerten verdeeld over Kamermuziekzaal en Concertzaal. Jamie Branch komt uit de Chicago-scène en sluit deze festivalavond af met de voorstelling van haar debuut-cd ‘Fly or Die’. Een volgens de programmatoren niet te missen mix van avant-garde, grooves en kamermuziek door een artieste met een grote présence.

Zondag is er in de ochtend een familievoorstelling van Hans Beckers met Teun Verbruggen (10 uur en 11.30 uur), waarna deze laatste festivaldag vanaf 14 uur voortgezet wordt met een vijftal concerten. Het Jakob Bro trio, met de fantastische drummer Joey Baron in zijn rangen, komt zijn nieuwe cd ‘Bay of Rainbows’ (ECM Records) voorstellen. James Brandon Lewis op zijn beurt doet u naar adem happen met een broeierige mix van elementen uit jazz, hiphop, postbop, gospel, freefunk…

Om 18.30 uur sluit het festival af met een soloconcert van bassaxofonist Colin Stetson in de concertzaal. (RUDI VANMARCKE)

Een overzicht van het volledig festivalprogramma vindt u in de programmabrochure die bij dit EXit-nummer steekt.

 

 

 

 

In de ban van ikigaj

 

 

Radiomaakster Christina Van Geel heeft er een passie bij: ikigaj, een uit Japan overgewaaide levensfilosofie die ze heeft ervaren tijdens een bezoek aan het Griekse ‘ikigaj-eiland’ Ikaria. De sporen daarvan legde ze voor aan zeven ‘wijzen’ waaronder de filosofen Alicja Gescinska en Johan Braeckman, psychiater Dirk De Wachter. Het resultaat is een lijvig boek en een recept voor een evenwichtig bestaan.  

 EXit: ‘In het spoor van ikigaiis een titel die bij weinig mensen een belletje doet rinkelen. Wat betekent ‘ikigai?

Christina Van Geel: ‘Blij dat de titel alvast doet wat ook de bedoeling van het boek is: ons even aan het denken zetten. Je ikigai kun je omschrijven als datgene wat fundamentele betekenis geeft aan je leven, waar je ’s ochtends voor uit je bed komt. Noem het je raison d’être. Wie zich na enig wroeten in zijn binnenste bewust is van zijn ikigai – wat écht telt – en er ook naar leeft, leeft doorgaans gelukkiger, zinvoller, bewuster. En langer! Ikigai is één van de kenmerken van de Blauwe Zones, geografische plaatsen op de wereld waar mensen beduidend langer leven dan elders. Het Griekse eiland Ikaria is zo’n Blauwe Zone. Het wordt ook wel ’het eiland waar mensen vergeten te sterven’ genoemd. Ik heb het vooral leren kennen als het eiland waar mensen niet vergeten te leven. Daar ben ik op zoek gegaan naar sporen van ikigai.’

EXit: Hoe vindt iemand zijn ikigai?

Van Geel: ‘Je kent ongetwijfeld ’De vragen van Proust’, heel persoonlijke en confronterende vragen. Ikigai werkt ook met een paar lastige vragen. Waar hou je van? Waar ben je goed in? Wat heeft de wereld nodig? Welke meerwaarde haal je hier zelf uit? Als je doet waar je van houdt, waar je goed in bent, wat de wereld nodig heeft en waar je zelf op de een of andere manier beter van wordt, dan zit je je ikigai op het spoor. Het zijn vragen die je wakker maken en die je schoonspoelen, als een frisse douche.’

EXit: Is dat altijd zo eenvoudig?

Van Geel: ‘Zeker niet. Wat je over jezelf leert, is niet per se welkom. We houden graag vast aan wat vertrouwd is, ook al is het niet goed voor ons. Dat kan gaan over een job, een relatie, de plek waar we wonen. De angst voor verandering zit er diep in. En àls je dan de stap durft te zetten naar een leven dat spoort met wat belangrijk is voor jou, wil je omgeving misschien niet mee. Het is niet omdat jij weet wat echt telt voor jou, dat je baas daar rekening mee houdt. Leerlinggericht onderwijs dat kinderen niet enkel ziet als een cijfer op een rapport, zinvolle jobs die mensen aanspreken op hun goesting en talent zijn minstens zo belangrijk als dingen veranderen in je persoonlijk denken en doen. Onze hele maatschappij verdient een zinvolle schop onder kont.’

‘Die maatschappelijke vertaling van ikigai vind ik heel belangrijk. Omdat geluk en levenskwaliteit geen esoterisch gezwets is van idealistische wereldverbeteraars. Het zijn knalharde voorwaarden voor een gezonde en welvarende samenleving. Eén op de drie Vlamingen ervaart zijn werk niet als zinvol. Elke dag ondernemen 28 Vlamingen een poging tot zelfmoord, waarvan er drie effectief zijn. En 46% van de Belgen voelt zich eenzaam. Dat zijn toch hallucinante cijfers! Ik beweer niet dat we met toegepaste ikigai alle burn-outs en erger de wereld uithelpen. Maar een scherper bewustzijn van wat ons zin geeft in het leven én de kans om daarnaar te leven, verdienen we toch.’

EXit: Hoe groot is de kans dat u staat te roepen in de woestijn?

Van Geel: ‘Laten we vooral samen roepen. Ik wil onze nieuwe Brugse burgemeester graag uitnodigen voor een gesprek: over hoe we van Brugge een echte ikigai stad kunnen maken. En stad die actief en creatief meewerkt aan het geluk en de levenskwaliteit van zijn inwoners. Een stad die een boei dùrft uit te gooien naar de velen die nu dreigen te verzuipen. Laten we daar samen over nadenken en vooral actie ondernemen. Via mijn website inhetspoorvanikigai.be en via de facebookpagina In het spoor van ikigai zal ik die maatschappelijke sporen de volgende maanden verder onderzoeken. Alle hulp is welkom.’ (LF)

In het spoor van ikigaj, Christina Van Geel, uitgeverij Vrijdag

 

 

 

 

 

Guido Gezelle, een vrolijke Frans?

 

 

Dat zou je niet zo vlug zeggen, als je het beeld van de dichter ziet in de schaduw van de Onze-Lieve-Vrouwekerk. Gezelle, met zijn ‘zwaar peinzend hoofd’, gaan we niet vlug associëren met humor en geestigheid. Ik zie er niet zo vlug een toerist een selfie nemen met het beeld als achtergrond . Zwaarmoedigheid kwam bij Gezelle dikwijls bovendrijven: ‘Door hore en more moet ik/deur dikke en dinne gaan/en overal ontmoete ik/mij boozen, langs de baan/.

Het was de donkere kant van Gezelle, of zoals hij het verwoordt: ‘het leven doet het leven dood’, een diepe melancholie die zijn moeder Monica veelal overviel, en waarvan haar oudste zoon een portie meekreeg.

Een aardigaard

Maar er is ook vaderskant. ‘Vader was een aardigaard’, zegt Gezelle. Stadsgenoot Johan van Iseghem typeerde hem in het Gezellejaar als een humorist, wat hij ook was. ‘Ja, daar zijn nog blijde dagen in het leven’, en dan zien we de dichter van spotverzen, de scherpe polemist, die met woordspelingen en grappige invallen mensen haarscherp kan typeren, en zelfs belachelijk maken. Het is de Gezelle die glimlacht, die ‘monkelplooit’ zoals hij het omschrijft, die diepzinnigheid met luchtigheid afwisselt.

De verzamelaar Gezelle vinden we ook bij zijn grote woordentas, zoals hij zijn vele duizenden woordfiches noemt met uitdrukkingen, zeldzame woorden enzovoort. En ook raadseltjes, die hij her en der sprokkelde en publiceerde, voornamelijk in ’t Jaer 30, het weekblad waar hij de tegenstander over de knie legde, meestal met een tackle met beide voeten vooruit.

Niet ver van myne deur, heb ik een raren gebeur…

Bart Vandekerkhove bracht onder deze titel die raadsels nu in een boek samen, 170 in totaal, een uitgave van de Guido Gezellekring. Ja, Gezelle leeft nog, want hij wordt nog gelezen, en de Gezellekring timmert hiervoor nog altijd aan de weg. EXit-cartoonist Marec maakte er mooie en grappige tekeningen bij, veelal met een guitige Gezelle in een Brugs decor, met eigentijdse tekstballonnen.

Een raadseltje? Het verschil tussen een molenaar en een advocaat ? Er is er geen, ze nemen allebei uit de zak. Of wat nu niet meer politiek correct is: in welk huisgezin is er de meeste vrede ? Waar de man doof en de vrouw blind is. En als laatste een wijsheid die allen ter harte gaat: ‘Ik zoude ’t geern worden/Ma ‘k en zou ’t niet geern zijn’. Het antwoord: oud. Wie er meer wil van lezen, vindt hier zijn gading. (ROBRECHT FOSSAERT)

‘Gezelle in 170 raadsels’, Guido Gezellekring, verkrijgbaar in de Brugse boekhandels

Fietsen door het najaarsprogramma van Cactus Muziekcentrum (deel 1)

Milo Meskens- Julie Romelaere

Na een succesvol muzikaal voorjaar en een schitterende hete zomer richt Cactus Muziekcentrum alweer volop zijn pijlen op een goedgevuld najaar. Wannes Belaen (productie) en Felix Van de Loock (programmatie Cactus Club/More Music!) geven graag duiding bij de binnen- en buitenlandse artiesten en groepen die straks in onze stede hun decibels zullen produceren.

  EXit: Met de Nederlandse punkband The Ex halen jullie een nog levende legende naar de MaZ. Ze bestaan al sinds 1979, maar nog steeds alive and kicking. Wat mogen we van hen verwachten op vrijdag 2 november?

Felix: ‘The Ex wordt vaak in één adem genoemd met hun generatiegenoten van Sonic Youth, waarmee ze nauwe banden onderhouden. Het is de meest eigenzinnige band van Nederland, die nog steeds een echte DIY/punk-mentaliteit hebben. Hun muziek is gebouwd op een basis van distorted gitaren, maar door de jaren heen is The Ex steeds vrijer geworden en hebben ze elementen van jazz en improvisatiemuziek in de mix gegooid. Het is een echte cultband, nooit doorgebroken naar het grote publiek, maar altijd op handen gedragen door andere muzikanten.’

EXit: Reggae voert op zaterdag 3 november de boventoon aan met Kenny Knots en Donovan Kingjay?

Wannes Belaen: ‘Klopt. Dub revolution is ondertussen aan zijn 21ste editie toe. We zijn trots dat we opnieuw twee grote namen uit de dubscene naar Brugge kunnen halen. Kenny Knots en Donovan Kingjay zijn twee top mc’s uit het Verenigd Koninkrijk en beiden hebben er al een indrukwekkende carrière op zitten. Zij zorgen op 3 november voor de nodige lyrical fyah!’

 EXit: Niet alleen Jamaica is op die avond prominent vertegenwoordigd, dichter bij huis kunnen we ons ook opwarmen aan de beats van Black Pearl Soundsystem en Forward Fever?

Wannes: ‘Onze vaste partner Forward Fever is er uiteraard ook weer bij. En dan hebben we inderdaad nog Black Pearl samen met Missing Link. Zij knallen opnieuw dub, deep roots, rockers en stepper dubs uit de zelfgebouwde Back Pearl Soundsystem.’

 EXit: De wonderboy van de Belgische muziekscene Jasper Maekelberg speelt met zijn band Faces On TV op zaterdag 10 november in de MaZ. Waarom wordt dit een niet te missen concert?

Felix: ‘Vroeger kenden we Jasper Maekelberg altijd als ‘de producer van xxx’, hij bepaalde mee het geluid van bands als Bazart, Warhola, Tsar B en Hypochristmutreefuzz. Daarnaast speelde hij ook mee in Warhaus. Maar vorig jaar bracht hij eindelijk zijn solodebuut uit op Unday en dat is echt een heel sexy plaat geworden. Zijn singles doen het goed op de radio, maar bovenal is Faces On TV een bezwerende liveband, met hun zwoele sound een ideale opwarmer voor een avondje uit.’

EXit: Wat ligt er op het bord van onze zuiderburen van Pale Grey, die het voorprogramma van Faces On TV spelen?

Felix: ‘Pale Waves is aan onze kant van de taalgrens nog onbekend en onbemind, maar breekt op dit moment wel overal potten met hun eclectische mix van indierock, electronica en hiphop. Ze tekenden paraat op alle grote showcasefestivals van het afgelopen jaar. Te ontdekken!’

 EXit: Wie graag de muziek van Ryan Adams, Ben Howard of Damien Rice hoort, zal zijn gading vinden in het optreden van Milo Meskens op vrijdag 16 november in de Biekorf?

Felix: ‘Sinds zijn overwinning bij de Nieuwe Lichting van StuBru rijgt Milo Meskens de radiohits letterlijk aan elkaar. Zijn recept, fijne folkpop die goed in het oor ligt, brengt hij nu ook naar de podia met een full-band. Wie één van zijn vele festivaloptredens en radioshowcases bijwoonde, weet dat Milo het live ook helemaal waarmaakt. Bovendien loopt er een wedstrijd waarmee hij een lokaal talent als zijn voorprogramma uitnodigt. Spannend wie dat gaat worden.’

____ww.cactusmusic.be

Lara’s Kerkhofblommen(straat)

Foto Ellen De Meulemeester

 

 

Met ‘Kerkhofblommenstraat’ heeft de Brugse auteur Lara Taveirne (°1983) een stevig leesboek afgeleverd en daarmee haar derde roman die nu moet zorgen voor de definitieve doorbraak. Taveirne gooide hoge ogen met haar debuut ‘De Kinderen van Calais’ (uit 2014), een confronterend verhaal over twee puberende meisjes die zich te pletter storten van de kliffen. Een jaar later al verraste ze met ‘Hotel zonder sterren’, een liefdesverhaal over een weekend in een chique Portugees hotel. En nu is er ‘Kerkhofblommenstraat’, een 300 bladzijden tellend verhaal dat uit een heel ander vaatje tapt.

 Het complexe verhaal speelt in de twintiger jaren, kort na Wereldoorlog 1. Zeven vrouwen werken om den brode op een chrysantenveld dat paalt aan de Begraafplaats Steenbrugge, een 12 hectare groot park waar vandaag ongeveer 130.000 mensen begraven liggen. Allerheiligen staat voor de deur en op het veld is het alle hens aan denk, maar dat belet de vrouwen niet om met verhalen allerhande en roddels over Jan en alleman de dag rond te maken.

Het verhaal gaat helemaal los wanneer Arabella, de dochter van de chrysantenbaas, besluit om op het veld van haar ouders te gaan werken. Ze komt er terecht in het mini-wereldje van de volwassenen die haar ‘een groot geheim’ onthouden. De vrouwen op het veld, de vriendinnen, Arabella’s ouders en ‘tante Hortense’ zullen elk een steentje bijdragen en zorgen voor een mysterieus verhaal achter een vredelievende façade. De Centrale Begraafplaats (aangelegd in 1784, vanaf toen verboden om te begraven in en rond de kerken) speelt daarin een belangrijke rol die zich toespitst op het graf van ‘de dichter’ (bedoeld Guido Gezelle, in het verhaal niet met naam genoemd). Deze plek is de toeverlaat voor wie met geheimen worstelt of op zoek is naar liefde. Dit praalgraf werd ontworpen door baron Jean-Baptiste Bethune jr. en is een van de pronkstukken onder de graven.

‘Kerkhofblommenstraat’ schetst een raak en precies beeld van het arme Vlaanderen uit het begin van de vorige eeuw. Taveirne bedient zich daarvoor van een tussentaal en een rijke oogst aan dialectwoorden die aan de vergetelheid worden onttrokken. Zo is er sprake van stratendweil, snottekezen, elletuiten, marbels, kobbenetten en onderlievetjes. Ook heel wat vergeten uitdrukkingen vinden hier hun weg, zoals ‘Van benauwdheid schruwelde ze de hele buurt bijeen’ of van sterke Berendina ‘met haar trekpaardbillen en haar geschoeperd blond haar’. Het gebruik van deze kleurrijke tussentaal, ooit meesterlijk door Hugo Claus in Het Verdriet van België neergezet, krijgt steeds meer navolging. Het gebruik ervan bezorgde de Nederlandse uitgever (Prometeus) kopzorgen bij het nalezen van het manuscript: ofwel de helft schrappen ofwel de taal in zijn geheel intact laten. Wat gebeurde. Met dit boek staat Lara Taveirne aan te kloppen bij de garde van gevestigde (vrouwelijke) Vlaamse auteurs als Lize Spit en Greet Op de Beeck. Ze geniet alvast de steun van Tom Lanoye die vindt ‘dat ze wel eens kan uitgroeien tot de grootste verteller onder hen’. (LUC FOSSAERT)

 Kerkhofblommenstraat, Lara Taveirne, uitgeverij Prometeus

 

 

 

 

%d bloggers liken dit: