Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Maandelijks archief: december 2016

Robin Verheyen NY Quartet pakt Parazzar integraal in!

8

Foto’s Tom Vanbesien

91011

Het lot kan vreemde wendingen nemen… Saxofonist Robin Verheyen is voor jazzminnenden al jaren een begrip, want speelt zowel in binnen- als buitenland met de fijnste muzikanten, verwent de liefhebber steevast en zonder uitzondering met schitterende cd’s, deinst er bovendien nimmer voor terug om zich aan niet echt voor de hand liggende projecten te wagen (zie bv. zijn project rond Guillaume de Machaut) en zag al die verdiensten reeds met meerdere awards gehonoreerd. Toch heeft zijn naam pas de – dus al veel eerder verdiende – ècht grote weerklank sinds Verheyen zich in 2015 associeerde met Tom Barman en al snel daarna de groep TaxiWars op de muziekwereld werd losgelaten.

Na een stomend concert van dat viertal in Parazzar eerder dit jaar, zorgde het nieuws dat Verheyen er opnieuw was uitgenodigd voor een stormloop op de beschikbare toegangskaarten. Elke vierkante meter van de ruimte in de Soulbar was dan ook ingepalmd door bezoekers die in enthousiasme niet onderdeden voor elkaar. Bovendien stond als opwarmer Tape Cuts Tape (Rudy Trouvé, Lynn Cassiers, Eric Thielemans) geprogrammeerd en dat gedreven trio deed met een gevarieerde spannende set de temperatuur dermate stijgen dat het leek alsof de klimaatopwarming zich het meest manifesteert in Sint-Andries Brugge.

Robin Verheyen en zijn kompanen uit New York – Russ Johnson (trompet), Drew Gress (contrabas), Jeff Davis (drums) – voldeden in die broeierige sfeer vervolgens aan alle hooggespannen verwachtingen met een optreden waarvoor in de eerste plaats werd geput uit de nieuwe cd ‘A Look Beyond (Cap-Vert Illuminations)’ (Challenge Records). Omdat afbeeldingen van muzikanten in volle actie bekijken vaak interessanter is dan uitgeschreven concertanalyses (en soelaas kunnen bieden waar woorden falen), wordt hier de eer gegund aan Tom Vanbesien om middels een aantal van zijn foto’s een evocatie op te roepen van dit fantastische concert.

Paul Godderis

20 jaar Maud Bekaert

 

maud-bekaert_ellen-de-meulemeester-1

(foto EDM)

Een leven vol van zelf gekapte letters en (soms) cijfers die samen betekenisvolle teksten en boodschappen vormen: met dit soort kleine en soms ook grote kunstwerken baant de Brugse letterkapster Maud Bekaert (40) zich een weg doorheen het artistieke landschap. Dezer dagen staat haar winkel-atelier in de Sint-Clarastraat wagenwijd open met zicht op een selectie van haar werk zoals in de voorbije twintig jaar gegroeid. Iedereen is er welkom om te genieten, want zoals één van haar teksten zegt: ‘In elk moment een eeuwigheid’. Een portret van een ‘kleine’ dame met een groot hart voor het leed van de Zuid-Afrikaanse sloppenkinderen. Kunst met een warme boodschap.

 

 Het begon met een sabbatjaar

Maud Bekaert: ‘‘Ik was van kindsaf fel geboeid door werken met de handen, maar in de klassieke humaniora die ik volgde kwam dat uiteraard niet of amper aan bod. Alvorens naar de universiteit te gaan, literatuur was mijn passie, nam ik een sabbatjaar om te doen wat ik graag deed: handwerk. Zo belandde ik gedurende een jaar bij de Brugse letterkapper Pieter Boudens, maar echt gefascineerd door dat ambacht werd ik pas tijdens de avondcursussen die ik volgde bij Brody Neuenschwander (LF. Amerikaans-Brugse kalligraaf) en zijn echtgenote Nadine Lebacq.’

 Meteen verliefd

Maud: ‘Het begon met een coup de foudre. Was meteen verliefd op de geur van het atelier en de rijkdom van de materialen en werktuigen. Dat zat er bij mij stevig ingebakken. Ik was als kind al geboeid door doe-het-zelf-zaken, een omgeving waar ik graag in vertoefde en vertoef. De opleiding bij Brody gaf de doorslag. Hij beschikt over een gigantische vakkennis en uitgerekend in die periode ontdekte men in zijn huis (‘De Patience’ op het Jan Van Eyckplein ) schitterende middeleeuwse muurschilderingen. Alsof toeval niet bestaat. Dat jaar betekende voor mij niet minder dan een oase, een bad waarin je ondergedompeld wordt en intensief verdwijnt in het creëren. Na 23 jaar letterkappen , ik reken even 3 jaar opleiding erbij, ga ik nog steeds even gefascineerd op in dit werk.’

Nieuwe technieken

Maud: ‘Uitgerekend in een tijd van hoogtechnologische kennis is de belangstelling voor het letterkappen ongemeen groot en die interesse zal nog toenemen naarmate we weggaan van het pure schrijven. We leven in een tijd waarin alles snel moet gaan, maar iedereen wil ontsnappen aan die snelheid. Bij letterkappen gaat het om traagheid en om het minder vlugge. Je wilt iets maken dat blijft, hoewel dat voor mij niet zo essentieel is, maar voor de meeste mensen wel. ‘

‘De jongste jaren werk ik ook intensief met nieuwe technieken zoals 3D-printing en het uit-laseren van letters uit metaal. Ik maak mijn ontwerpen nog steeds met de hand en die ontwerpen worden nadien ingevoerd in de computergestuurde laser-machine die de letters produceert. Waterjetten is ook een recente techniek. Je richt een waterstraal onder hoge druk op de steen en die haalt er bepaalde vormen uit. De keuze aan technieken die vandaag voorhanden is, is een grote troef voor het ambacht. De meeste letters beeldhouw ik wel nog altijd met hamer en beitel in steen, maar het is een mooie aanvulling.’

Ambacht wordt kunst

Maud: ‘Wat ik maak, is ambachtelijk tot stand gekomen. Of het nu al of niet kunst is of wordt, daar ben ik tijdens het creëren niet mee bezig. Veel van mijn werk is gemaakt in opdracht, zoals grafstenen bijvoorbeeld, en dat is ambacht of functioneel werk. Daarnaast heb je de vrije werken. Daar ben ik alleen bezig met schoonheid, met inhoud, met literaire teksten met vormen, met tal van zaken. Maar ik ben nooit bezig met ‘ik ga nu een kunstwerk maken’. Ik denk dat het woord kunstambacht het beter samenvat. Kunst of niet is een moeilijke kwestie. Het label wordt veel te snel toegekend.’

 Zuid-Afrika

Maud Bekaert is sinds 2004 ‘gebeten’ door de microbe Zuid-Afrika. In dat jaar reisde ze rugzakgewijs door het land en kwam zwaar onder de indruk van de levensomstandigheden in de Kaapse sloppenwijken. Terug in Brugge, in 2008, organiseerde ze hier het project Wor(l)ds. Zuid-Afrikaanse letterkappers maakten ontwerpen die hier door Belgische letterkappers werden gekapt. Deze ontwerpen werden tijdens een openbare veiling op de Burg geveild en verzamelde zo een som van 90.000 euro. De helft van dat geld ging naar een Zuid-Afrikaans weeshuis, met de andere helft werden educatieve projecten opgestart. Ze gaat elk jaar gedurende een maand naar Zuid-Afrika om dit project op te volgen en bij te sturen indien nodig.

‘Bij de Zuid-Afrikaanse ontwerpers zaten enkele mensen uit de sloppenwijken die gratis meewerkten. In ruil gaf ik hen een opleiding tot letterkapper. Ik heb er intussen al een vijftigtal opgeleid en daaruit zijn er nu vijf voltijds letterkapper geworden. Ik ga elk jaar terug, maar in feite hebben zij mij niet meer nodig’, zegt ze.

tweede fase

Maud: Ons project (LF. partner/auteur Peter Verhelst werkt mee aan dit verhaal) gaat nu over in een tweede fase. De sloppenwijken ontgroeien blijkt immens moeilijk te zijn. Daarom investeren we nu in opleiding, in goed onderwijs. Geen evident verhaal, want veel onderwijs in Zuid-Afrika is ondermaats. Wat doen wij? We betalen op dit ogenblik voor drie kinderen van letterkappers een schoolopleiding. Een opleiding is een ticket voor een betere toekomst, maar ook een verhaal dat veel inzet vraagt, want je onttrekt deze kinderen voor een hele tijd aan de, weliswaar moeilijke, thuisomgeving. De ouders zelf betalen ook een stukje mee. De resultaten zijn fantastisch om te zien.’ (LF)

Info: http://www.lettersinsteen.be

Elke dag tot 30 december (van 11 tot 18 uur)

Drie eeuwen gerechtigheid in beeld

De kunst van het recht

de-kunst-van-het-recht_sarah-bauwens

foto Sarah Bauwens

 

Iedereen kent Vrouwe Justitia met haar weegschaal, zwaard en blinddoek, maar weet u ook hoe recht werd gesproken in de late middeleeuwen of in nog latere tijden? De jongste tentoonstelling in het Groeningemuseum biedt nu een boeiend overzicht van hoe kunstenaars zich in de periode 1450-1750 lieten inspireren door recht en gerechtigheid.

 In vier zalen en vijf ‘kabinetten’ toont de Brugse museumparel 120 uiteenlopende objecten: schilderijen, beeldhouwwerken, glasramen, tekeningen, prenten en boeken. Allemaal verwijzen ze naar de kunst in het recht zoals gedurende 300 jaar, tot 1750, verbeeld. Groeninge zelf levert twintig kunstwerken die worden aangevuld met een honderdtal bruiklenen uit binnen- en buitenland. Bijbelse (voor)kennis is niet vereist, maar wel behulpzaam, want veel objecten putten uit de rijke Bijbelse geschiedenis, zoals met de afbeeldingen van het Salomonsoordeel of de Kuise Suzanne het geval is. De vaste collectie kunst van Groeninge blijft toegankelijk, maar werd herschikt in de zes overblijvende en aangepaste zalen. ‘Kunst van het recht’ werd samengesteld door het duo Tine Van Poucke en Vanessa Paumen.

De tentoonstelling biedt een boeiend overzicht van hoe kunstenaars en hun opdrachtgevers, vaak de juridische overheid, zich lieten inspireren door recht en gerechtigheid. In de late middeleeuwen ijverden de Vlaamse en Brabantse steden om het mooiste stadhuis-annex-schepenzaal die gebruikt werd voor rechtspraak. Aan de muren werden moraliserende en vooral waarschuwende kunstwerken opgehangen die eventuele boosdoeners de lust moest benemen.

Een favoriet onderwerp was ‘Het Laatste Oordeel’ met het einde der tijden waarbij Christus zijn oordeel velt over iedereen die ooit geleefd heeft. Dat ‘Laatste Oordeel’ was een kernpunt in het christelijke geloof en veel voorstellingen, van kerkportieken tot fresco’s, miniaturen en monumentale schilderijen waarschuwden voor de gevolgen van verderfelijk gedrag. De tentoonstelling toont enkele voorbeelden van het ‘Laatste Oordeel’ uit Geraardsbergen en Maastricht die voor de eerste keer hun vaste locatie verlaten hebben.

De blikvanger van de tentoonstelling is het werk van Vlaamse Primitief Gerard David ‘Het oordeel van Cambyses’, een oud-Perzisch verhaal in een Brugse setting. Het verhaal uit de zesde eeuw voor onze jaartelling vertelt hoe het een corrupte rechter vergaat: hij wordt levend gevild en zijn huid wordt op de troon gehangen waarin zijn zoon voortaan recht zal spreken.

Naast de vier museumzalen werden ook nog vijf ‘kabinetten’ ingericht, intiemere ruimtes waarin wordt stilgestaan bij de rechtspraak van toen. Bijzonder mooi daarin zijn de tien glasraampjes en drie ontwerptekeningen die alle gerelateerd zijn aan gerechtigheid. Naar de originele locatie van deze glaspaneeltjes blijft het raden. Een afzonderlijk kabinet toont het belang van een zestiende-eeuwse Brugse jurist met grote faam, Joos De Damhouder, wiens werken Europees verspreid en gebruikt werden. Waarmee gezegd: een boeiende tentoonstelling die om een aandachtig bezoek vraagt. (LF)

De kunst van het recht, Groeningemuseum, tot 5 februari (ma. gesloten). Gratis voor kinderen en Bruggelingen. Info op http://www.museabrugge.be

 

 

‘Een eigen creatie laat je niet los’

 

nancy-brendonck-en-rudy-steyvers_ellen-de-meulemeester 

Wie thuis is in het betere amateurtheater, kent ongetwijfeld de Brugse actrice Nancy Brendonck. Ze staat regelmatig op scene bij verschillende Brugse en andere West-Vlaamse kringen. Met Souvenir toerde ze het afgelopen seizoen door heel Vlaanderen én de voorstelling werd geselecteerd voor het Landjuweel. Op 9 december speelt ze samen met Rudy Steyvers Stroomdorst, haar eerste eigen creatie.  

 EXit: Waarom een eigen stuk?
Nancy Brendonck:
‘Het is iets wat sinds deze zomer door mijn hoofd spookt. Ik raakte geïnspireerd door de manier van werken van Rudy Steyvers en hij raakte geboeid door mijn manier van acteren. Hij is mental coach en heeft een systeem ontwikkeld ‘Train Your Mind Yourself (TYMY)’, waarmee hij mensen helpt die vast zitten of problemen hebben, om hun leven weer op de sporen te krijgen. Een thema dat mij – ik ben maatschappelijk werkster van opleiding – erg boeit en dat bovendien heel actueel is.’

EXit: Hoe ben je concreet te werk gegaan?
Brendonck:
‘Ik ben ideeën gaan verzamelen over het onderwerp. Ik heb zelf enkele sessies gevolgd bij Rudy en ik hield een notitieboekje bij waarin ik flarden schreef. Daarna is de creatieve molen beginnen te draaien en ben ik alles gaan bundelen tot een stuk. Stroomdorst is geen klassiek opgebouwd verhaal geworden. Ik heb al vaker voorstellingen mee gecreëerd bij een gezelschap, maar dit is toch nog iets anders. Een eigen creatie laat je niet los.’

EXit: Was is de rode draad?
Brendonck: ‘Ik kruip in de huid van Margot, een vrouw die op een belangrijk kruispunt in haar leven staat. Ze weet het even allemaal niet meer en zoekt een uitweg. Het personage dat Rudy op scene zet, kan haar daarbij helpen. Of dat lukt en hoe of waar ze uiteindelijk uitkomt, daar moet het publiek voor komen kijken. We geven het liefst niet te veel op voorhand over de inhoud mee. Laat de mensen maar mee stromen.’

EXit: Wat is dan jouw rol, Rudy?
Rudy Steyvers:
‘Als ‘mental coach’ reik ik mensen tools aan om met hun vragen, problemen of negatieve gedachten om te gaan. Alles draait om denken, spreken en voelen. Ik geef voordrachten en trainingen, maar ik wilde eigenlijk al langer wat creatiever omspringen met wat ik doe. Toen ik een tijdje terug Nancy ontmoette, viel de puzzel in elkaar. We doen een poging om mijn manier van werken en ‘trainen’ te integreren in het theaterstuk dat Nancy schreef. Uiteindelijk speel ik ook echt mee in het stuk. Stroomdorst is dus geen monoloog.’

EXit: Is Stroomdorst autobiografisch?
Brendonck:
‘Nee, dat niet. Ik heb niet de behoefte om mijn eigen leven op scene te zetten. Het is natuurlijk wel zo dat, als je gaat schrijven, je heel veel inspiratie vindt in je eigen leven. In die zin zit er zeker ook een stuk van mezelf in. Margot is een heel gewone vrouw en wordt dus geconfronteerd met wat leeft in onze maatschappij. Dat is denk ik ook de sterkte van het stuk, dat het zo herkenbaar is. Iedereen zal zich bij momenten wel kunnen identificeren met het personage.’

EXit: Is het een therapeutisch stuk?
Steyvers:
‘Dat is sterkt uitgedrukt, maar het kan. We noemen het graag een ‘inspirerend’ stuk. We hopen en denken wel dat mensen met een goed gevoel naar buiten zullen stappen. Er komen heel wat emoties naar boven, maar Stroomdorst is geen dramatisch stuk. Humor helpt heel vaak om de dingen te relativeren of te verwerken. We willen vooral een stuk brengen dat theatraal sterk is, maar waarin ook mijn filosofie in verwerkt zit. We hopen in die zin dat mensen zich na het stuk beter voelen en weten dat er altijd wel een uitweg is. Dat is waar mijn filosofie om draait.’

EXit: Vanwaar ‘Stroomdorst’?
Brendonck: ‘De titel lag vrij snel vast. Ik had er verschillende opgeschreven, maar deze vat gewoon heel mooi samen waar het stuk om draait. Stroom staat hier voor energie, voor creativiteit, geluk, liefde… Margot is ‘dorstig’ naar al die dingen, dus eigenlijk naar wat het leven is. We vonden het bovendien een heel krachtig woord.’ (SD)

Stroomdorst, 9 december om 20 uur , CC De Dijk, reservatie: stroomdorst@outlook.be

27Bflat nodigt Isbin Trio uit

isbin-trio

Op 15 december laat het Isbin Trio – Gilbert Isbin (luit), Xavier Rau (contrabas), Peter Vangheluwe (percussie) – het publiek graag kennismaken met een repertoire dat hoofdzakelijk uit nieuwe composities bestaat. Vooraf even stadsgenoot, componist, gitarist èn luitspeler Gilbert Isbin om wat “duiding” gevraagd…

EXit: Hoe en wanneer is dit nieuwe trio ontstaan?

Isbin: ‘Na mijn tournee in de VS (Californië, meer bepaald), had ik het echt wel wat gehad met dat verre reizen en wat er bij het toeren allemaal komt kijken. Ik wou gewoon weer in Brugge en met muzikanten van hier spelen. Mijn beide huidige kompanen ken ik al lang: Peter speelde reeds mee op mijn allereerste cd; Xavier was lid van Extensions; beiden maakten ook deel uit van Gilbert Isbin Group en waren te horen op de CD ‘Water With A Smile’ met Lea Van Loo als zangeres. Niet alleen zijn dat uitstekende muzikanten, we zijn ook vrienden. Dat we wekelijks kunnen repeteren, zonder tijdrovende verplaatsingen, is een voordeel èn een luxe. En ook dat het met dit trio leuk optreden is, relaxt en zonder uitslovend tourschema.’

EXit: Spelen jullie een volledig nieuw, speciaal voor dit trio geschreven repertoire?

Isbin: ‘We hebben ongeveer anderhalf jaar gewerkt aan ons programma. Ik heb eerst een drietal arrangementen gemaakt van “oudere” muziek en vervolgens ook nieuwe composities voor dit trio geschreven: 11 stukken (van in totaal dus 14) die momenteel ons repertoire uitmaken, zijn van mijn hand. Let wel: de arrangementen voor die nieuwe nummers ontstaan in trioverband. Dat is een heel spontaan proces, waarbij tijdens de repetitie geopteerd wordt voor een ander ritme, tempo of een ander middenstuk, een nieuwe intro of outro,… Met zijn drieën zoeken we variaties. Dit is echt een organische manier van werken. We hebben inmiddels al een aantal keren kunnen optreden, zowel in België als in Nederland, en de bedoeling is volgend jaar een cd op te nemen. Ik heb nu al weer 3 nieuwe nummers klaar. Het wordt dus sowieso selecteren welke composities de cd halen.’

EXit: Zal je die, net als de vorige cd – ‘Stathis Skandalidis Plays Gilbert Isbin’ – op je eigen label uitbrengen?

Isbin: ‘Dat is nog even afwachten. Er zijn wel wat bestaande labels (o.a. een Japans) die ik geschikt vind, maar de “luitwereld” is niet zo groot en het label dat ik zou kiezen moet dus wel die wereld kennen en de CD degelijk kunnen promoten, anders heeft het geen zin. Indien het niet anders kan, wordt het inderdaad een release op mijn eigen label Tern. Maar daarnaast zijn er andere mogelijkheden die ik in het verleden al heb uitgebouwd: o.a. biedt het internet (Spotify, I Tunes, Cd Baby, Amazon, de luitverenigingen, enz.) extra pistes voor distributie en promotie.’

EXit: Ik beluisterde de stukken die op jouw website te proeven zijn, met als conclusie: zeer gevarieerd repertoire, gaande van zowel eerder “traditionele” stukken tot verfrissend modern klinkende composities.

Isbin: ‘Dat klopt: we hebben bewust en gericht gestreefd naar een vorm van toegankelijke en melodische muziek die toch modern klinkt. En variatie is inderdaad troef: ‘Sundown’ (https://www.youtube.com/watch?v=oPAmXry99y0) is gebaseerd op een Indische raga; ‘Yes Love’ (https://www.youtube.com/watch?v=d7Tumb-PuWw) heeft iets van een jazzballad; in ’ ‘k Ben al zo lang op weg geweest’ (W. De Buck, arr. Gilbert Isbin) (https://www.youtube.com/watch?v=iiaBAlt9AzI) wordt de folky melodie verweven met kwart-akkoorden, enz. Wij streven naar zoveel mogelijk variatie op melodisch, harmonisch en ritmisch vlak. Door de inbreng van meer instrumenten is het ritmegevoel zeer belangrijk. Peter, de percussionist, kan echt fijne, zachte, swingende grooves leggen. In combinatie met een luit is dat zeer belangrijk: de percussie is steeds aanwezig maar overheerst nooit. Ook Xavier stelt zich met zijn inventieve baslijnen steeds ten dienste van het nummer. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat ik met deze muziek terugkeer naar waar het voor mij indertijd allemaal is begonnen.’

Exit: De video’s bij de muziek ogen ook zeer verrassend; o.a. de beelden bij ‘Dance’ (https://www.youtube.com/watch?v=80YOjblUEaI): wie nam je daarvoor onder de arm?

Isbin: ‘Bruggeling Didier Eeckhout heeft alle video’s gemaakt: hij is er in geslaagd met zeer weinig middelen tot mooie resultaten te komen. Hier geldt letterlijk: “Less is more”. Er steekt een heel concept achter. Zo passen mooie, rustgevende beelden van een rit langs de Damse Vaart perfect als illustratie voor ‘ ‘k Ben al zolang weggeweest’, waardoor ook meteen een link wordt gelegd naar Brugge. Didier voelt onze muziek echt goed aan en zijn video’s zijn dan ook waarlijk een meerwaarde.’ (PJG)

Donderdag 15 december om 20.00 uur in 27Bflat (Katelijnestraat) www.27bflat.bewww.gilbertisbin.com

Brugge Foto op veertien locatie

 

danielle-van-zadelhoff_1

Danielle Van Zadelhoff

In de donkerste weken van het jaar loopt in Brugge vanaf 8 december de vierde editie van het fotografiefestival Brugge Foto. Met boeiende tentoonstellingen én een uitgebreid extra programma is Brugge Foto een uniek evenement op veertien locaties in de binnenstad. Alle expo’s liggen op wandelafstand van elkaar.

et festival getuigt van de diversiteit in de wereld van het fotografisch beeld, met aandacht voor documentaire verhalen, fotografische essays, intimistische avant-garde en conceptuele fotografie. Er zijn drie themalijnen uitgezet: Engeland (thema van December Dance in het Concertgebouw ), Body & Soul en Photography 2.0. Meer dan dertig Belgische en buitenlandse fotografen tonen hun fotoprojecten. Op het programma staan zowel toonaangevende fotografen als aankomend talent, zoals Klaartje Lambrechts en Lionel Jusseret.

In het Karmelietenklooster in de Ezelstraat loopt een duo-tentoonstelling.The English’ van Ian Berry is een belangrijk fotografisch document, een zeer persoonlijke verkenning van Engeland en het leven van zijn inwoners. Collega Magnum-fotograaf John Vink presenteert met ‘This was Belgium’ unieke zwart-witafdrukken met opnames uit zijn archief. Vink maakt sterke reportagefotografie. Hij brengt de visuele elementen op het juiste moment samen en maakt zo eenvoudig leesbare beelden.

De indringende en tijdloze portretten van Danielle van Zadelhoff kunnen je niet onberoerd laten. Haar liefde voor schilderkunst en fascinatie voor de menselijke psyche vinden elkaar wonderwel in haar foto’s. Haar tentoonstelling ‘A caring eye’ wordt getoond in het Broederkloooster van het Hospitaalmuseum, zij aan zij met de eeuwenoude kunstwerken van dit middeleeuwse pand.

Het artistieke werk van Jean-François Lepage bevindt zich in het grensgebied van de modefotografie en de kunst. schoonheid. In de serie ‘Recycling (prelude)’ creëert hij griezelige collages door foto’s uit zijn archief te deconstrueren en er een surrealistische dimensie aan toe te voegen. Lepage exposeert in 44 Gallery.

De fascinatie van Rob Mellink voor de vrouw blijft niet onopgemerkt. De voyeuristische maar spektakelloze manier waarop hij hen in beeld brengt, plaatst de toeschouwer in een benarde positie en geeft hem hierdoor de gelegenheid op deze blik te reflecteren. Zijn portretten maken een spanning voelbaar die op vergelijkbare wijze terug te vinden is in de wijze waarop wij onze identiteit en intimiteit vandaag etaleren, in en met fotografie. Mellink’s foto’s zijn te zien in De Schipperskapel.

Er is ook een aanvullend programma, met lezingen, filmvoorstellingen, bookshop, een portfolio review in samenwerking met Urbanautica en Het Salon der Monologen als afsluiter. (LF)

 Praktisch: 8 dec. 2016 – 8 jan. 2017. De expo’s zijn open van do. tot zo. van 14 tot 18 uur. www.bruggefoto.be en www.facebook.com/BRUGGEFOTO

Agenda toneel

5 en 26 november en 2 en 3 december
20.00 uur
De Kreupele van Inishmaan
KT Reynaert, Gemeenschapshuis Sint-Kruis

Enkele jaren terug schreef theatermaker Wim De Wulf De Gomaar-trilogie voor figurentheater Ultima Thule. Een instant succes. De Gomaar-trilogie werd onder meer geloofd omwille van de gebalde, volks-poëtische taal en het ingenieuze spel met heden en verleden. In het stuk gaat het hoofdpersonage Gomaar op zoek naar een vaderfiguur. Het publiek volgt hem van kind tot volwassene. In december 2014 ensceneerde KT Reynaert al deel één en twee. In december 2016 sluiten ze af met De Kreupele van Inishmaan, het derde en laatste deel. Halfweg de jaren ’30 reist een beroemde Amerikaanse regisseur naar het Ierse eiland Inishmaan. Daar woont ook kreupele Billy die droomt van een leven ver weg van het eiland. De komst van deze regisseur kan voor hem het begin van een nieuw leven worden. Althans, dat hoopt hij.

Info tel 0494 43 38 92 of online via http://www.toneelreynaert.be

 

Vrijdag 16 december en zaterdag 17 december
20.00 uur
Sneeuw, NTGent
Stadsschouwburg

 

ntgent_sneeuw_jules-august

Cultuurcentrum Brugge zet dit jaar zeven voorstellingen van NTGent op het programma. In december is dat het stuk met de zeer toepasselijke titel Sneeuw. Het stuk is gebaseerd op de gelijknamige bestseller uit 2002 van de Turkse Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk. Thema’s als liefde, politiek en religie worden er met elkaar verweven tot een complex, maar aantrekkelijk geheel. Met subtiele humor schetst hij een portret van zijn vaderland: een immens grensgebied tussen westerse en oosterse waarden, een wereld waarin rede, lust en religie al eeuwenlang vechten om voorrang. Op scene onder meer Frank Focketyn en Els Dottermans, twee absolute publiekslievelingen. De regie is in handen van Luk Perceval.

Info t 050 44 30 60, www.ccbrugge.be

 

26 november, 3, 9, 10, 16 en 17 december
20.00 uur
Push Up 1-3, Kunst Adelt
Toneelzaal 7 Torentjes

Een zestien verdiepingen hoog hoofdkwartier van een internationaal bedrijf. Een groepje workaholics kruist de degens. Eén van hen zal de leiding krijgen over een nieuw kantoor. Eén van hen zal die zeer gewilde promotie krijgen. Hun ambities zijn torenhoog. Ze gaan zo op in hun strijd dat ze af en toe zelfs vergeten waar het leven nog om draait. Push Up 1-3 is een aaneenschakeling van spitse en grappige dialogen. De tekst is van Roland Schimmelpfennig, één van de meest gespeelde hedendaagse theaterauteurs. De regie is in handen van Jochen Balbaert.

Info http://www.kunstadelt.be, t 0487 76 62 48 (van 19.00 tot 21.30 uur)


10 december
20.30 uur
Euthanasie met Barbara en Stefanie
De Werf

Een ‘ultieme must-see,’ dat is wat Het Nieuwsblad van deze voorstelling vindt. In het stuk halen de zussen Barbara en Stefanie Claeys dit zwaarwichtige thema uit de taboesfeer. Gewapend met accordeons, gekleed in lange witte gewaden, maar ook derwisj-dansend gaan ze de dood te lijf en maken ze het thema bespreekbaar. Euthanasie met Barbara en Stefanie is geen pleidooi voor of tegen, maar een surrealistische en persoonlijke kijk op de dood. In deze zeer poëtische, visuele voorstelling worden tekst, live muziek en beelden op heel eigenzinnige, expressionistische wijze gemixt. Het publiek vond het alvast een geslaagd en beklijvend stuk. (SD)

Info http://www.dewerf.be, t 050 33 05 29, reservatie@dewerf.be

 

Delva’s hartkloppingen (in Sint-Janshospitaal)

 delva

Na het succesvolle De heksen van Breugel rondt het museum Sint-Janshospitaal het jaar af met een kleinschalige tentoonstelling van de Canadese kunstenaar van Vlaamse origine, Thierry Delva. Geboren in Deinze, maar als prille twintiger uitgeweken naar Canada waar hij vandaag beeldhouwkunst doceert in Halifax. Zijn werk werd al in heel wat galerijen en musea in de Verenigde Staten en Canada tentoongesteld.

 De titel van de tentoonstelling, Drawings from the heart, mag je hier vrij letterlijk nemen. De kunstenaar werd in 2005 getroffen door een hartinfarct. Herstellende raakte hij gefascineerd door de curves van zijn hartslag die hij aflas van de ziekenhuis-apparatuur. Delva vroeg zich af hoe zijn hart zou reageren wanneer hij zich intens inleefde in een kunstwerk en welke tekeningen dat zou opleveren. Zo belandde hij in 2014 in het (museum) Sint-Janshospitaal en vroeg zich af hoe zijn hart op de werken van Hans Memling zou reageren. Het zijn deze tekeningen die nu tentoongesteld worden op de zolder van het museum. Deze vrij originele performance krijgt stilaan grote weerklank. Zo vroeg de Canadese zangeres Céline Dion aan Delva om een tattoo van de hartcurve van haar overleden man. (LF)

 Drawings from the heart-Thierry Delva. Sint-Janshospitaal, Mariastraat 38. Tot 22 januari 2017, van dinsdag tot zondag. http://www.museabrugge.be

 

 

Erik Bogaerts dompelt Vrijstaat O in Scandinavische sferen

mephiti_john-thai

 

De nieuwe tour van JazzLab Series, de organisatie die zich onverdroten en vol overtuiging verder blijft inzetten om ‘Belgische jazz in de beste omstandigheden aan een breed publiek te presenteren’, brengt Mephiti naar Oostende. Componist, saxofonist en frontman Erik Bogaerts koos voor dit project met zorg vijf muzikanten, onder wie enkele getrouwen die we graag terugzien.

 EXit: Vanwaar de fascinatie voor Scandinavië die duidelijk jouw composities kleurt?

Bogaerts: ‘Ik heb het geluk gehad om met mijn familie vele reizen te kunnen maken naar Noorwegen. Daar kampeerden we vaak weken in de natuur. Ik probeer jaarlijks naar het noorden te trekken om er te genieten van de rust en de overweldigende schoonheid van Scandinavië. Na een residentie in het Zweedse dorpje Harlösa in 2014 was het voor mij ook mogelijk om daar concerten te spelen met verschillende van mijn projecten. Met de groep L l o p (Benjamin Sauzereau, Jens Bouttery en Brice Soniano) nam ik er een album op in een kerk uit het jaar 1100 (de cd komt in 2017 uit bij ~suite & El Negocito Records) en ook afgelopen zomer ben ik daar gaan spelen in duo met pianist Hendrik Lasure (SCHNTZL).’

EXit: Kan ‘Mephiti’ worden beschouwd als een logisch vervolg op wat je brengt met Banjax en Kvartett, of is dit radicaal anders?

Bogaerts: ‘Muzikaal gezien is het een ander verhaal, hoewel ik denk dat er wel veel herkenbare dingen zullen zijn voor de luisteraar. De bezetting van Mephiti zorgt ook voor een andere invalshoek, voor mij een bewuste keuze om een bepaalde klankkleur te verkrijgen die me inspireert. Die keuze werd gedreven door de behoefte om te spelen met de desbetreffende muzikanten die ik leerde kennen in de afgelopen jaren.’

EXit: Gitarist Bert Cools was (net als zijn drummende broer Stijn) ook van de partij op ‘Osa’ van Banjax, maar je haalt er nu een tweede gitarist, Ruben Machtelinckx, bij?

Bogaerts: ‘Rubens debuut album ‘Faerge’ was voor mij een enorme ontdekking. Zijn benadering van gitaar spelen en muziek schrijven geven mij zowel als luisteraar en als medemuzikant zin om te spelen. Zijn muziek heeft een heel herkenbare kleur en die wou ik erbij. De combinatie met Bert Cools en Indrė Jurgelevičiūtė, twee muzikanten met ook zo’n uitgesproken sterke stem, hoor ik persoonlijk enorm graag.’

EXit: Je integreert inderdaad nog een derde snaarinstrument, de kankles?

Bogaerts: ‘Indrė Jurgelevičiūtė speelt kankles, een Litouwse harp en ze zingt. Ik ken haar van de groep ‘Merope’ en natuurlijk ook van het samen spelen in ‘Book Of Air: Vvolk’ (Granvat). Zij geeft het geheel een heel andere wending, haar muzikale achtergrond is heel verschillend van de mijne en dat vind ik zeer begeesterend. Ik zou uren kunnen luisteren naar haar muziek, reden genoeg dus om haar te betrekken in dit project. Met bassist Brice Soniano heeft Mephiti zelfs vier snaarinstrumentalisten, een echte luxe dus voor mij en drummer Stijn Cools.’ (PJG)

Zondag 4 december om 17 uur in Vrijstaat O., www.vrijstaat-o.be, www.erikbogaerts.com, http://www.jazzlabseries.be

Tentoonstelling ‘Axel Ghyssaert, modern wonen in en rond Brugge’

02_ghyssaert

Van 26 november tot 8 januari 2017 ontvangt het Stadsarchief deze tentoonstelling georganiseerd door het Sint-Lukasarchief in Brussel. Het Stadsarchief speelt niet enkel de rol van gastheer, maar is ook de belangrijkste ‘bruikleengever’.

 Architect en stedenbouwkundige Axel Ghyssaert (° Kortrijk, 29 mei 1933) woont al heel lang in de Brugse rand en realiseerde de meeste van zijn projecten in West-Vlaanderen. Tot zijn belangrijkste architectuurrealisaties behoren het penitentiair complex voor 750 gedetineerden in Brugge-Sint-Andries (1980) en de basisschool De Linde met individuele openluchtklassen aan de Brieversweg in Sint-Kruis (1981). Ghyssaert schonk zijn archief in 2010 aan het Architecture Archive – Sint-Lukasarchief vzw. Wetenschappelijk medewerkster Sophie Gentens maakte haar masterscriptie over het oeuvre van deze modernistische architect om daaropvolgend deze tentoonstelling samen te stellen.

 Deze tentoonstelling belicht niet het volledige werk van Axel Ghyssaert, maar zoomt in op zijn werk als architect van private woningen. Meer bepaald gaat het om een selectie van twaalf woningen die dateren uit de periode 1960-1975. Zeven daarvan zijn gelegen op het grondgebied van Brugge (voornamelijk in de rand). De andere woonhuizen zijn gesitueerd in Zedelgem, Varsenare, Oostkamp, Torhout en het Waals-Brabantse Bonlez. Zijn meest in het oog springende realisaties zijn onder meer zijn eigen woonhuis met landschapstuin in de Doolhofweg in Sint-Kruis en het huis Van Leynseele in Tillegempark 4 in Sint-Michiels. Dit laatste was tijdens het Openmonumentenweekend opengesteld voor het publiek. Voor de tentoonstelling wordt er voornamelijk geput uit het architectuurarchief van Axel Ghyssaert, aangevuld met stukken uit de bouwvergunningsdossiers bewaard in het Stadsarchief en met beeldmateriaal.