Reacties uitgeschakeld voor
Geplaatst door lfossaert op 17/10/2022
‘Koffiestories’: een expo over rijk koffieverleden
Achter een kop koffie schuilen heel wat (hi)stories. Verspreid over vijf locaties in de Brugse binnenstad brengt de expo ‘Koffiestories’ het verhaal van bij de productie van de koffiebonen tot in het kopje. Bij elke expomodule hoort een toepasselijke activiteit. Geniet tijdens de expomaand van koffieproeverijen, performances, workshops of onverwachte ontmoetingen bij een lekkere kop koffie.
Bij het ontbijt of onderweg: een kop koffie maakt deel uit van de start van de dag. Maar koffie hoort evengoed bij pauze op het werk, bij taart op zondag of als troost op de koffietafel bij het afscheid van een overledene. Geproduceerd aan de ene kant van de wereld, wordt koffie hoofdzakelijk aan de andere kant gedronken. De keten omspant de hele aardbol. Elke streek heeft zo eigen tradities rond het zetten en drinken van koffie. De expo ‘Koffiestories’ zet het erfgoed van dat rijke koffieverleden in de kijker: de productie, de sector, de tradities en gebruiken.
Een Brugse editie
‘Koffiestories’ werd ontwikkeld door het Centrum Agrarische Geschiedenis en reist Vlaanderen rond. Op initiatief van het FIKA-huis, met ondersteuning van de Erfgoedcel Brugge landt de expo nu ook in Brugge. De expo kreeg wel een originele lokale twist: in de plaats van alle expomodules samen te presenteren, werd elk thema gekoppeld aan een andere partner en locatie. Zo maakt men kennis met de koffieplant in de Oxfam Wereldwinkel, met koffiebranden in Hoofdbibliotheek de Biekorf, met koffiezetten in ‘Magda’s koffiecorner’ in de Magdalenakerk en met Koffiedrinken in de Campus Xaverianen van hogeschool VIVES. In Brugge zijn ook fantastische koffie-ondernemers actief. Het project van Kopje Zwam, waarin koffiegruis gebruikt wordt om microgroenten te kweken, krijgt aandacht in de extra module rond Koffie recycleren aan het stedelijk klimaatpunt, zo is de cirkel rond. Shopping Brugge sprong ook mee op de kar en promoot de Brugse koffiehuizen tijdens de expomaand.
Divers activiteitenaanbod
Tijdens de expomaand kan men zelf aan de slag gaan met koffie. Koffie maken en proeven kan in de barista workshop en koffieproeverij van de Oxfam Wereldwinkel. Of maak kennis met het recept en ritueel van Arabische koffie tijdens de activiteit van Avansa. Koffie troost, verwarmt en verbindt. YOT, Werkplaats Immaterieel Erfgoed en het FIKA-huis dompelen je onder in een deugddoend ‘kopje troost’. Ze werkten een volledige dag uit rond troost en koffie in de Magdalenakerk. Verteltheater, creaworkshops en zelfs een workshop parkbaden.
Koffiedrinken op verrassende wijze kan in het pop-up koffiehuis ‘Paard en Ruiter’ van het kunstencollectief Norma, voor de gelegenheid opgesteld in de Biekorf. Tijdens je kop koffie (gebrand door ‘Handmade in Brugge’-labelhouder DEES Koffiebranders) word je door hen meegenomen naar een andere wereld. FIKA-huis en het VIVES Spellenlab nodigen je uit in de FIKA-living, opgesteld bij VIVES. Bij een lekker geurende koffiepot leidt een spel het gesprek. Originele ontmoetingen en reflectie verzekerd. Na al dat koffiedrinken blijft er heel wat koffiegruis over. Bart van Kopje Zwam weet er raad mee en legt via een pizzaworkshop de principes van circulaire stadslandbouw uit.
Deze samenwerking tussen de diverse partners zorgde voor een boeiende kruisbestuiving tussen erfgoed, ondernemerschap, sociale verbinding, lokaal vakmanschap, ecologie en fairtrade. (RD)
‘Koffiestories’ vindt plaats van 6 oktober tot 6 november 2022.
Reacties uitgeschakeld voor
Geplaatst door lfossaert op 16/10/2022
Klimax wordt Brugges eerste klimaatfestival
Klimax Brugge, een bundeling van diverse klimaatorgansaties, organiseert van 1 tot 15 oktober tal van activiteiten over het klimaat. Op het programma: lokale ecologische initiatieven, workshops, inspirerende lezingen en tips en tricks om ook thuis mee aan de slag te gaan. Deze activiteiten worden door verschillende organisaties uitgewerkt, maar onder een gezamenlijke noemer gepromoot. Avansa Brugge (het vroegere Vormingplus) en Grootouders voor het Klimaat uit de regio Brugge zijn de trekkers van dit initiatief.
‘De doelstelling is duidelijk’,zegt Lobke Vermeire, coördinator van het Klimax-festival. ‘Er worden in Brugge al heel wat initiatieven genomen rond duurzaamheid en klimaat. Wij willen een forum bieden aan bestaande initiatieven en organisaties ook aansporen om rond dit thema te werken.’ Vijftien dagen lang kun je je als Bruggeling op verschillende locaties in de stad onderdompelen in het klimaatthema. Een activiteit kan een gesprek zijn, maar net zo goed een kinderactiviteit, een film, een voorstelling, tentoonstelling of een lezing. De activiteit gaat over klimaat, CO2-reductie, biodiversiteit, klimaatadaptatie… en moet openstaan voor iedereen.Ze kan puur informerend of wervend zijn, maar ook een kritische blik bieden.
EXit: Wat is de precieze inbreng van Avansa?
Lobke Vermeire: ‘Wij, Avansa en de Grootouders voor het Klimaat, bundelen de voorstellen en zorgen voor een evenwichtig programma en een mooie communicatiecampagne. Alle activiteiten worden bekendgemaakt via een gezamenlijke folder, een website en een Facebookpagina. Op die manier kunnen meewerkende organisaties niet alleen op meer bereik rekenen, maar spreken ze ook eens een ander publiek aan. We proberen om de drempel om deel te nemen zo laag mogelijk te houden. Onze bedoeling is om deze periode als vaste ‘klimaatperiode’ te claimen en er een jaarlijkse campagne van te maken. Op die manier kunnen samenwerkingen en publiek ook groeien.’
EXit: Wat is de meerwaarde voor de stad?
Lobke: ‘Deze tweeweekse dient als ‘megafoon’ voor klimaatinitiatieven die nu al genomen worden, maar soms (net) niet door het brede publiek opgepikt worden. Door nieuwe en lopende projecten onder de aandacht te brengen, versterken we het netwerk tussen Bruggelingen en organisaties die mee de Brugse klimaatdoelen helpen realiseren. Alleen door samen te werken (middenveld, bedrijven, scholen… maar ook stadsdiensten) zullen we de gestelde doelen voor Brugge kunnen halen.’
‘Het stadsbestuur geeft in Brug 7 van zijn klimaatplan ‘BruggeNaarMorgen’ aan dat ze alle Bruggelingen mee wil in dit klimaatverhaal, ook de meest kwetsbaren. Dus waarom niet samenwerken met het middenveld en die slaagkans en het bereik aanzienlijk vergroten? Er is ook de concrete doelstelling van de Stad om een jaarlijks klimaatevent te organiseren. Met Klimax Brugge kunnen we mee invulling geven aan deze doelstelling.’ (LF)
Reacties uitgeschakeld voor In vogelvlucht: de najaarsprogrammatie van Cactus Muziekcentrum
Geplaatst door lfossaert op 09/10/2022
Cactus Muziekcentrum komt (eindelijk) thuis. Op zaterdag 22 oktober vinden de eerste concerten plaats in de gloednieuwe Cactuszaal aan de Bargeweg. Muziek, veel muziek staat ons daar te wachten. Programmator Felix Van De Loock loodst ons met kennis van zaken door het diverse concertaanbod: van Borokov Borokov tot MEAU en Wiegedood.
EXit: Wellicht een iconische datum voor jullie: op zaterdag 22 oktober komt er een einde aan het nomadische bestaan van Cactus Muziekcentrum en vinden de eerste concerten plaats in de gloednieuwe Cactuszaal aan de Bargeweg. Hoe wordt de avond muzikaal ingekleurd?
Felix: ‘We gaan die avond meteen de boel volledig op zijn kop zetten! Van de absurdistische elektronica van Borokov Borokov, over de ravebeats van Chibi Ichigo tot de scheve disco van Aili: deze drie liveacts staan er om bekend stevige feestjes te bouwen. De broers van Carlamote, bekend van hun Carla feestjes, houden de boel aan de gang tijdens en na de optredens. Het is trouwens heel fijn om te zien hoe enthousiast iedereen is voor die avond, want bijna meteen na de aankondiging waren de helft van de tickets de deur al uit. Geen idee hoe het er bij het ter perse gaan zal voorstaan, maar het gaat hard! Dat belooft voor de toekomst.’
EXit: Postpunk! Daar staan de Britse gasten van TRAAMS garant voor. Zorgt hun uitgesteld concert op de jongste editie van het Cactusfestival voor een waar feestje?
Felix: ‘Inderdaad, door Brexit-perikelen moesten we TRAAMS last minute vervangen op zondag. Het is voor Britse bands van die grootte op dit moment echt niet gemakkelijk om te touren in Europa. Op woensdag 26 oktober komen ze het goedmaken. Hun mix van postpunk is de ene keer explosief, de andere keer donker en vuil. Wat ons betreft: één van de interessantste Britse gitaarbandjes.’
EXit: Charlotte Adigéry en Bolis Pupul zijn ongetwijfeld dé muzikale revelatie van de laatste jaren. Hun cd ‘Tropical Dancer’ bevat slimme, geestige en zeer dansbare elektronische tracks. Staan de dansbenen al op scherp voor hun concert op vrijdag 28 oktober?
Felix: Dat zou toch moeten. ‘Tropical Dancer’ is de belangrijkste plaat die dit jaar in België is uitgekomen. Met hun combi van dancebeats en aan de ene kant humoristische, maar aan de andere kant zeer relevante lyrics hebben Charlotte & Bolis een compleet eigen genre uitgevonden. Over de hele wereld krijgen ze lof toegeworpen en op de festivals behoorde hun liveshow steevast tot een van de hoogtepunten.’
EXit: Ik zag Urban Dance Squad meer dan een kwarteeuw geleden aan het werk in een te hete Antwerpse concertzaal. Militante raps en scheurende gitaren waren destijds het handelsmerk van die toonaangevende Nederlandse band rond Rudeboy en dj DNA. Ik vermoed dat ze nog altijd even energiek uit de hoek zullen op zaterdag 29 oktober?
Felix: ‘Ze zijn er zeker niet rustiger op geworden. We zijn heel enthousiast dat we deze Nederlandse crossoverlegendes bij ons op het podium hebben staan. Naar verluidt liggen zij trouwens aan de basis van de sound van Rage Against The Machine. Zach de La Rocha en de zijnen wisten na een optreden van UDS definitief welke richting ze uit wilden. Wie tickets had voor de geannuleerde show van Rage in het Sportpaleis kan bij ons dus zijn hart ophalen bij de founding fathers van het genre.’
EXit: Midlake is een Amerikaanse band die op donderdag 3 november optreedt. Welk muzikaal verhaal hebben zij te vertellen?
Felix: ‘Midlake is een echte Duyster-favoriet zoals we ze graag hebben: meevoerende, psychedelisch en rijk georkestreerde indiefolk met invloeden van Americana en zelfs funk en progrock. De band hield er mee op in 2013, tot groot gemis van de fans. Maar vorig jaar waren ze er plots opnieuw met een fantastische nieuwe plaat ‘For The Sake of Bethel Woods’. Een ware cultband.’
EXit: Vrouwen aan de macht en aan de microfoon: Anne-Sophie Ooghe imponeerde ons met haar band High Hi. Zij palmen op zaterdag 12 november moeiteloos de Cactus Club in?
Felix: ‘Ik beken: ik ben zelf grote fan van High Hi. Zowel hun songs als hun liveoptredens en hun hele visuele stijl zit perfect in elkaar. Ze zijn enerzijds poppy en toegankelijk, maar anderzijds met genoeg hooks en weerhaakjes om je telkens weer mee te trekken. Tijdens Moods! ’21 speelden ze nog een uitverkochte show voor een zittend Brugs publiek, maar ik kijk vooral uit naar het echte werk. Nog een band die trouwens hoog scoorde op de zomerfestivals.’
EXit: Zwanen zijn onlosmakelijk verbonden met (de geschiedenis van) Brugge, maar op zaterdag 19 november mogen jullie zwanen van een andere categorie verwelkomen: Michael Gira en Kristof Hahn van de legendarische groep Swans, opgericht in 1982. Wordt dat een trip down to memory lane?
Felix: ‘Tijdens zijn zeldzame soloconcerten speelt Gira werk uit zijn volledige backcatalogue, gaande van interpretaties van nummers van SWANS, over Angels of Light tot nummers die hij uitbracht onder eigen naam. Michael Gira kennende verwacht ik niet meteen een gezellig akoestisch onderonsje, het belooft intens te worden. Opnieuw een enorm invloedrijk figuur uit de muziekgeschiedenis op onze planken.’
EXit: Een portie black metal die door merg en been gaat, komt van de Belgische groep Wiegedood. Op vrijdag 2 december concerteren ze in de Cactus Club. Wat maakt hun muziek zo speciaal? ?
Felix: ‘Tijdens zijn zeldzame soloconcerten zoals de naam ook ergens doet vermoeden is Wiegedood geen band voor doetjes. Hun ‘Pulverising Black Metal’ gaat letterlijk door merg en been. Het is een combinatie van razendsnelle blastbeats, snijdende gitaarriffs en ijzingwekkende vocals. Wat Wiegedood zo uniek maakt, is dat ze een van de meest extreme bands in het genre zijn, dat nu ook niet bepaald bekend staat om z’n gezelligheid. Zeker op hun laatste plaat trekken ze de ‘gore’ meter volledig open. Ik kan iedereen aanraden om eens hun nummer ‘FN SCAR 16’ op te zetten met volume op 11. Een absolute ervaring die met niets te vergelijken is.’
EXit: Cactus is van vele muziekmarktjes thuis, want naast loeiharde metal plaatsen jullie ook de Nederlandse indiepopsensatie MEAU op jullie affiche (donderdag 8 december). Piepjong (21), maar veelbelovend?
Felix: ‘Klopt. We willen een muziekcentrum zijn waar iedereen iets uit het aanbod kan pikken. MEAU scoorde een monsterhit met ‘Dat Heb Jij Gedaan’, een goudeerlijk liedje over partnergeweld dat een gevoelige snaar raakte in België en Nederland. Ondertussen bewees MEAU op de verschillende festivalpodia al dat ze zeker geen one hit wonder is.’
EXit: Naima Joris is een parel uit de grote Belpopfamilie. Op vrijdag 16 december stelt ze met full band haar nieuwe plaat voor. Aan wat mogen we ons laven?
Felix: ‘Een van de mooiste en meest verstillende stemmen uit de Belpop. Naima Joris draagt het hart op de tong en weet haar publiek altijd te raken. Haar puurheid maakt haar optredens enorm intens, maar ook vol van melancholie. Ze laat zich bovendien begeleiden door een kransje topartiesten uit de Belgische jazzscene. In het najaar komt haar nieuwe plaat uit, die ze komt voorstellen in Cactus Club op 16 december.’ (ADC)
Reacties uitgeschakeld voor ‘Dansen op vluchtige noten’
Geplaatst door lfossaert op 05/10/2022
Veelbelovend debuut van An Van Paemel
Literaire debuten hebben een hoog risicofactor, zo weet elke beginnende auteur, maar dat weerhoudt weinigen ervan om de proef op de som te nemen. An Van Paemel, schrijfcoach bij Avansa, sluit zich aan bij deze groep. Groot pluspunt: haar eerste contact met een literaire uitgeverij (Houtekiet) was meteen raak. ‘Dansen op vluchtige noten’ is dan ook een beloftevol debuut dat uitnodigt naar meer.
An Van Paemel komt uit Blankenberge, liep school in het Brugse Atheneum en studeerde nadien Germaanse talen aan de Universiteit van Gent. Gaf enkele jaren les, maar het gehaspel van de ene ‘interim’ naar de andere deed haar snel afhaken. Er volgde nog een korte opdracht bij de VRT om tenslotte ervaring op te doen bij een overheidsdienst die controles uitvoerde op de naleving van sociale wetten. Niet meteen de meest sexy job, maar naar eigen zeggen deed ze er heel wat inspiratie op voor haar latere schrijfwerk.
EXit: Waar is de vlam ontstoken?
An Van Paemel: ‘Die vlam is er altijd al geweest, hoewel mijn moeder steevast waarschuwde dat een schrijver nooit genoeg verdient om van te leven. Had ze groot gelijk in, maar dat temperde de goesting niet.’
‘Zo kwam ik terecht bij de Volkshogeschool (nu Avansa), het vroegere VormingPlus, waar ik mij aansloot bij een schrijfclub onder leiding van Ingrid Verhelst. We noemden ons ‘Het Brugse Schrijverscollectief’. We publiceerden bundeltjes met korte verhalen, uiteraard in eigen beheer en vooral bedoeld voor vrienden en familie. We waren slechts met een stuk of tien enthousiastelingen, maar dat drukte de pret niet.’
‘Zodra Ingrid Verhelst andere oorden opzocht heb ik de leiding overgenomen. De opdracht luidde: verhalen schrijven. Heb ik enkele jaren gedaan. Zeer plezant.’
EXit: Bestaat dat eigenlijk: leren schrijven?
An: ‘Ja, rekening houdend met het gegeven dat diegenen die erop afkomen meestal vooraf interesse hebben getoond, dat scheelt. Sommigen hebben bijvoorbeeld hulp nodig omdat hun verhaal vastzit. En er zijn natuurlijk algemene vaardigheden die je moet beheersen: hoe bouw je een plot op, hoe steek je structuur in een verhaal, dat soort zaken.’
‘Er is ook de theorie en daarna vooral veel oefenen, feedback geven (of krijgen). Je leert veel door elkaars werk te beoordelen. Uiteraard spreken we hier van fictie.’
EXit: Wat heeft Brugge te maken met uw verhaal?
An: ‘Het verhaal is begonnen met mijn oma en met een rare aanloop. In 2013 organiseerde Brugge de tentoonstelling ‘Liefde en Devotie en het Gruuthuse handschrift’. In de schrijfclub inspireerden we ons aan het Gruuthuse handschrift voor een verhaal of een gedicht. Ik koos het welbekende ‘Egidius waer bestu bleven’. Mijn oma heette Egidia en ik vond dat zo’n mooie naam dat ik dacht: hier moet ik een verhaal over schrijven. Ik schreef toeneen kortverhaal over mijn omadie ik omzeggensniet gekend heb, maar hetgeen ik wel wist was voldoende uitnodigend. Uit dat kortverhaal leerde ik dat ik veel meer kon doen met dat gegeven. Uit het verhaal is toen de roman ontstaan.’
EXit: De roman schuwt de grote thema’ niet …
An: ‘Wat mij vooral boeit, is de link tussen geschiedenis en heden. Er is dan wel een andere context, maar menselijke emoties en drijfveren zijn dezelfde gebleven. Ik heb me in mijn roman geconcentreerd op thema’s die nu nog heel actief zijn als vluchtelingen, pandemie, feminisme en de dunne grens tussen geestelijk en gezond.’ (LF)
Veel thema’s, Wereldoorlog I het decor
Gidia, de oudste dochter uit een arm Nederlands gezin, moet gaan werken als ‘krankzinnigenverpleegster’ (omfloerste termen zijn niet aan de orde in het verhaal) om de studies van haar broers te betalen. Zij zoekt vruchteloos naar een uitweg uit het saaie leven dat meisjes in dat tijdvak moesten leiden. Bovendien breekt de eerste Wereldoorlog uit en veel Vlamingen nemen de vlucht naar (het neutrale) Nederland. Een van die vluchtelingen is de Belg ‘Jean’ die ook nog een begenadigd cellist is. Hij fleurt Gidia’s dagen op met muziek. De ware reden voor zijn aanwezigheid in de psychiatrie verneemt de lezer stukje bij beetje. (LF)
Dansen op vluchtige noten, An Van Paemel, uitg. Houtekiet
Reacties uitgeschakeld voor Schaken voor kids
Geplaatst door lfossaert op 03/10/2022
Schaken is een sport voor twee mensen. Elke deelnemer heeft 16 stukken. Bedoeling: de koning in de val te lokken. Christel Minne, lerares aan de Freinetschool Klimop, schreef een prentenboek over schaken, bedoeld voor kleuter tot volwassene. Bij het boek hoort een toolbox vol tips en spelletjes zodat een volwassene het spel stap voor stap kan aanbrengen voor kinderen vanaf 4 jaar. De titel van het boek is ‘Later word ik koningin’ en wordt binnenkort uitgegeven door de Gentse uitgeverij Thinkers Publishing.
EXit: Wat maakt het boekje speciaal?
Christel Minne: ‘Er bestaan al kinderboeken over schaken, vanaf plus 7, maar meestal bevatten die veel theorie en weinig speelse elementen. De tekeningen zijn er meestal om sfeer te scheppen en niet om didactisch te ondersteunen.’
‘Mijn boek is anders: het kan ‘gelezen’ worden door kleuters. Aangezien ik al tien jaar schaakles geef aan kleuters in de Freinetschool weet ik wat die leeftijdsgroep nodig heeft en wat hen aanspreekt: goede tekeningen, een leuk verhaal en spelletjes, het liefst gecombineerd met bewegend leren.’
‘Het verhaal staat bovendien in rijmvorm en de tekeningen illustreren de schaakregels. Als je als volwassene dit boek voorleest leer je ondertussen zelf de schaakregels en helpen de tekeningen zodat het kind ze memoriseert.’
EXit: Bij het boekje hoort een een toolbox (een software platform)?
Christel: ‘Klopt. Dat is bedoeld voor de individuele trainer of voor groepsbegeleiders. Aan de hand van heel wat spelletjes leest de volwassene hoe je het schaken stap voor stap kan aanleren aan jonge kinderen.’
‘Met schaken bereik je ontzettend veel: het is een multicultureel en verbindend spel, geschikt voor iedereen.Ik hoop dat veel leerkrachten het opnemen in hun aanbod op school.’ (LF)
Reacties uitgeschakeld voor Directeur kunstencentrum KAAP Rolf Quaghebeur
Geplaatst door lfossaert op 30/09/2022
‘Het traject dat we de voorbije vijf jaar hebben doorlopen, was er een van vallen en opstaan’
Hoe vreemd het ook mag klinken, maar de samensmelting van het Brugse De Werf en het Oostendse Vrijstaat O. bleef sommige geesten wel heel lang beroeren. Onder impuls van Rolf Quaghebeur is daar nu een dikke streep onder getrokken. Dat is ook subsidieheer Vlaanderen niet ontgaan. KAAP ontving in de jongste bedeling niet minder dan 1,8 miljoen euro. Quaghebeur wil daar ‘op een heel verantwoorde manier mee omspringen’. Zoals bijvoorbeeld met het tiendaagse belevingsfestival AMOK (30 september tot 9 oktober) dat inzet op ontdekking en beleving in de binnenstad met muziek, beeldende kunst en literatuur. Een heel gevarieerd programma voor iedereen die houdt van een ‘samenspel tussen muziek, lichaam en samenleving’.
EXit: Directeur KAAP: wat trok je over de streep voor de job?
Rolf Quaghebeur: ‘In 2018 was het een jaar na de fusie tussen De Werf en Vrijstaat O. Dat was een leuk experiment. Dat was de enige echt volwaardige geslaagde fusie in Vlaanderen met twee partners die hetzelfde gewicht hadden. Die samengingen zonder dat de ene de andere consolideerde. Het was een verzoening van de beide manieren van werken, van twee bedrijfsculturen.’
EXit: Gold dat ook voor De Werf?
Rolf: ‘Er is nooit iemand gedwongen om in die fusie te stappen. Er was niets opgelegd. Minister Sven Gatz stuurde wel aan op samenwerking en fusies, maar een minister van Cultuur gaat in een Kunstendecreet nooit een organisatie verplichten om iets te doen. De Raad van Bestuur was heel evenwichtig samengesteld, de personeelsploegen waren netjes samengevoegd. Of iedereen daar achteraf gelukkig mee was, dat is een andere vraag, maar het was zeker geen gedwongen huwelijk.’
‘Wat die fusie zo uniek maakte en atypisch was voor de kunstencentra in Vlaanderen, was dat je een kunstencentrum hebt die een werking ontplooit in twee steden. Zowel in Brugge als in Oostende. ‘
EXit: Toch liep niet alles van een leien dakje.
Rolf: ‘De misrekening die bij het begin is gemaakt, is om de werkingen op elkaar te doen gelijken. In het begin was er een behoudsgezinde reflex. Er werd zelfs gezegd: ieder doet voort zijn eigen ding. Maar zo werkt een fusie niet.’
EXit: De Werf had die ervaring al met HetNet.
Rolf: ‘Klopt, maar dat was minder een fusie, eerder een consolideren van HetNet binnen de werking van De Werf die groter was. Dat heeft voor wat spanningen gezorgd en we hebben wat publiek verloren in beide steden. Dat was heroriënteren en van nul beginnen. Ik ben hier gearriveerd toen de crisis op zijn hoogte- of dieptepunt zat, wat op zich ook geen ondankbaar moment was.’
EXit: Was dat subsidiedossier van levensbelang voor KAAP?
Rolf: ‘Zeker, want dat is de basisfinanciering in onze sector. Wij zijn een onafhankelijke vzw. We moeten onze financiering uit publieke middelen halen en wat de professionele kunsten betreft, is dat het Kunstendecreetmet een ‘werkingssubsidies voor professionele kunsten’ zoals dat heet.’
EXit: U kaapte een toegift voor tien jaar weg.
Rolf: ‘Voordien zaten we in een ritme van vijf jaar. Duim omhoog, duim omlaag: eigenlijk kun je van 1 miljoen euro naar nul euro gaan, wat bij De Werf bijna een paar keer is gebeurd. Het heeft een paar keer aan de rekker gehangen om bijna niets meer te krijgen. Uiteraard zijn we nu zeer blij met die beslissing.’
EXit: Een vaak gehoorde kritiek luidt: ‘Er is geen jazz meer in De Werf.’
Rolf: ‘Ik snap dat dat voor een publiek moeilijker leesbaar is. Als je het geheel bekijkt, dan zie je dat we kunstenaars en muzikanten op een plek in de stad laten reageren. Wij werken met het stedelijk weefsel. Momenten van gevaar, van risico of niet vrijblijvendheid gaan creëren in de stad, daarvoor moet je nomadisch te werk gaan. Zeker in een stad als Brugge die werelderfgoedstad is, maar waarvan ook de openbare ruimte heel monofunctioneel gedefinieerd is. Het gaat over toerisme, over economie die vandaag de dag heel brutaal. Ik vind het een mooie casus door het erfgoedgegeven, door die bescherming, om te zeggen hoe je met hedendaagse kunst momenten van publieke ruimte kan creëren, in de zin van: dit is wat we delen, hier gaan we in interactie met elkaar, spreken we met elkaar en doen we iets met elkaar. Dat is ook het uitgangspunt van AMOK. Onze infrastructuur rammelt voorlopig aan alle kanten, dus zien we onze eigen ruimte als een hub, een vertrekpunt. We zullen altijd andere plekken in de stad nodig hebben om dat te doen. Vandaar dat we samenwerken met Musea Brugge. Zo hebben we opeens twintig zalen ter beschikking. Dat geldt ook voor het Concertgebouw, het Cultuurcentrum, Cactus Muziekcentrum, De Republiek, Cinema Lumière, Snuffel, kerkfabrieken, zelfs met het stedelijk zwembad Guilini gaan we een samenwerking aan. Met AMOK gaan we zelfs proberen om monumenten in te pakken. Het is echt een bevraging van wat is hedendaagse kunst in een erfgoedstad. Dat is ook de lijn die Brugge met Oostende verbindt.’
EXit: Het programma van AMOK oogt redelijk ‘niche’. Op welke publiek mikken jullie?
Rolf: ‘Op een zo breed mogelijk publiek én het avontuurlijke publiek waarvan we merken dat de bezoekers zowel jong als oud zijn. Ik besef dat we nooit het grote publiek zullen bereiken. We hebben ook geen zaal van 1.200 zitjes die we moeten vullen. Ondanks dat het discours dan wel ‘niche’ klinkt, zorgt het wel voor een stevige intellectuele ondergrond waarop je best toegankelijke activiteiten kunt programmeren. We organiseren ook festivals waar er 700 man op afkomt. De AMOKATHON op vrijdag 30 september is eigenlijk helemaal niet niche. Een cultuurcentrum is opgericht om zoveel mogelijk aan cultuurspreiding en participatie te doen. In Brugge heb je het Cultuurcentrum dat het op een excellente manier doet. Wij moeten dat niet meer doen. Wij zetten meer in op het experiment, maar het is daarom niet minder toegankelijk. Het voldoet misschien minder aan een vooropgesteld verwachtingspatroon, maar we laten de kunstenaars doen wat ze moeten doen. Ik wil verrast worden door de kunstenaars en we gaan ervan uit dat ons publiek dat ook wil.’
EXit: Belangrijk tijdens het tiendaagse AMOK-festival is de viering van het 30-jarig bestaan van jullie huislabel W.E.R.F. Records?
Rolf: ‘Naast het tweestedenverhaal is ook dit platenlabel een uniek gegeven. Er is geen enkel kunstencentrum dat een eigen platenlabel heeft die dan ook al drie decennia consequent inzet op de Belgische jazz.’
EXit: De relevantie blijft dan ook overeind?
Rolf: ‘Meer dan ooit relevant. Als je jazz definieert als avontuurlijke muziek – jazz was van oorsprong geen muziek, maar een levensstijl – dan willen we kunst weer ‘gevaarlijk’ maken, relevant maken voor de samenleving. We kunnen niets anders dan hiervoor vertrekken bij de jazz. Rik Bevernage heeft titanenwerk verricht voor heel Vlaanderen. Wij halen onze identiteit niet meer uit de plaats waar we zitten, maar uit de productie in een internationale context. Dat label is een krachtig instrument, dat is pure muziekproductie. Wat voor een musea de collectie de alfa en omega is voor elke tentoonstelling, is dit label – dat trouwens staat voor ‘Wasted Energy Record Factory’ – voor de jazzmuziek. Het label doet het zeer goed, zowel digitaal als fysiek. Tijdens corona was er een revival van vinyl en nu zelfs van de cd. Het zit in een groeifase, met zelfs veel verkoop wereldwijd en is dus nog steeds belangrijk als promotie-instrument voor die Belgische artiesten.’ (ADC/LF)
Reacties uitgeschakeld voor
Geplaatst door lfossaert op 27/09/2022
Geert Lommée en zijn liefde voor Amerika
Is er nog honger naar boeken over Amerika? De stroom aan degelijke en andere literatuur over Trumpiaans Amerika is immers nog ver van opgedroogd, getuige de lijst van recent gepubliceerde boeken over elk denkbaar aspect van de Amerikaanse samenleving. Tussen al die (vak)literatuur door vind je af en toe een vreemde eend in de bijt. Onder die noemer rangschikken we het boek ‘Glory Days in America’ van Bruggeling GeertLommée, 360 bladzijden liefdesverklaring aan een land dat hem, na een exchange student in 1977 in Ohio, niet (meer) loslaat. Blijkt alvast dat het land meer te bieden heeft dan wat de reportages van Louis Theroux ons doen geloven.
De auteur bekent: Amerika is zijn grote liefde en dat sinds vele jaren. Het land dat hij al zo vaak heeft bezocht staat immers borg voor een onuitputtelijke bron van verhalen. Het land leerde hij kennen door het kriskras te verkennen met de autobus, de mobilhome of de auto, en dat in de periode tussen 1977 en 2018. Na een jaar als student exchange keerde hij er regelmatig terug. Na al die bezoeken vond hij de tijd rijp voor een liefdesverklaring in boekvorm.
EXit: Een boek over een zo uitgestrekt continent lijkt mij niet eenvoudig.
Geert Lommée: ‘Nee,ik ben dan ook van oost naar west gesukkeld en weer terug. Ik heb er eindeloos gepraat en ben vriend geworden met klasgenoten, schoolmeesters en de man in de straat. Ik heb mij ondergedompeld in sportmanifestaties, drive-in movie en demolitionderby’s en uiteindelijk belandde ik weer aan de keukentafel bij mijn Amerikaanse tweede moeder. Amerikanen worden heel snel familie.’
EXit: Amerika staat voor ons vaak symbool voor extreem (wapen)geweld.
Lommée: ‘Ik heb geprobeerd de Amerikanen zo objectief mogelijk te benaderen en gelukkig laten de Amerikanen zich ook vlot benaderen. Zelden moest ik een excuus zoeken voor een gesprek en wat vaak als een oppervlakkig gesprek begon, eindigde vaak in een onuitwisbare kennismaking. En door die vele contacten is mijn liefde voor de Amerikaan bij elke reis alleen maar groter geworden. En ja, er is de compleet gekke wapenwetgeving, de onvoorwaardelijke liefde voor God, de aanbidding van geld, de onwetendheid over de rest van de wereld en junkfood. België kennen ze evenmin, Brussel des te meer.’ (LF)
_____
‘Glory Days in America’, Geert Lommée, boek bestellen via geert.lommee@telenet.be of in boekhandel De Reyghere.
Reacties uitgeschakeld voor De Republiek als kloppend hart voor sociaal & cultureel ondernemerschap
Geplaatst door lfossaert op 22/09/2022
‘Samen maken we stad!’ Met een heldere baseline bij de nieuwe huisstijl zet De Republiek een volgende stap in zijn intussen rijkgevulde geschiedenis. De Republiek is een gekend historisch pand met uniek Grand Café, maar is vooral ook een brede community van stadmakers. Een mix van creatieve doeners, innovatieve denkers, ambachtelijke makers en maatschappelijke ondernemers die op een positieve manier rebelleren en als netwerk meewerken aan de stad van morgen. ‘Als een incubator ondersteunen we impactvolle sociale en culturele projecten en helpen deze groeien’, zegt algemeen coördinator Bart Geernaert.
Een verhaal op lange termijn
Bart Geernaert: ‘De nieuwe huisstijl van De Republiek is een vertaling van wat al even bezig is. Zeven jaar geleden (in 2015) zijn we hier opnieuw begonnen onder impuls van Jorijn Neyrinck en Jan De Clercq. Het was, eerlijk gezegd, een beetje een alles-of-nietsverhaal. Er was toen één personeelslid in dienst – Carine die als poetsdame trouwens nog altijd een rots in de branding is – en je had verschillende partijen in dit vervallen stadsgebouw die nogal ‘zoekende’ waren. We zijn uiteindelijk met enkelen gesprongen en hebben gepoogd een doorstart te maken voor een nieuw verhaal op lange termijn. Stijn Van Wynsberghe nam het horeca-gedeelte voor zijn rekening, Lieven Neyrinck ontfermde zich over het gebouwenbeheer en ik stond in voor de algemene leiding. Vandaag zijn we een team van 41 collega’s.’
Het oudste cultuurhuis van Brugge
Geernaert: ‘In het begin spendeerde ik veel tijd in het Stadsarchief om uit te zoeken welke rol dit gebouw in de loop van de geschiedenis heeft gespeeld voor de stad. Wat was – maar vooral – wat kan vandaag opnieuw de meerwaarde zijn voor de stad? Fascinerend om te vast te stellen dat ‘Het Boterhuis’, zoals het gebouw aanvankelijk heette, al sinds 1580 dienst deed als een soort ‘zuivelcoöperatie’ avant la lettre waarbij de boeren hier hun waren kwamen slijten aan de Bruggelingen. Toen al was het een gebouw waarin veel ontmoetingen plaatsvonden. En dat is altijd zo gebleven. In 1834 werd het omgedoopt tot Koncertgebouw. Een kleine 200 jaar later is het nog steeds een cultuurhuis, meteen het oudste van en in de stad, maar misschien niet meer in de klassieke zin van het woord.‘
De Republiek als incubator Geernaert: ‘Het gebouw heeft in de loop van de jaren veel verschillende culturele ‘bewoners’ mogen verwelkomen. Denken we bijvoorbeeld aan poppentheater Pietje Puppe, Cinema Lumière, tapis plein, Lessen in het Donker, Cinema Novo, Mooov!, MA Festival, Cactus Muziekcentrum, het Concertgebouw, De Korre/het Net … Vele culturele spelers van vandaag hebben hier dus ergens een verleden, zijn hier ontstaan of hebben er tijdelijk verbleven. Hier zijn dus veel kiemen van het hedendaagse cultuurveld gelegd. Dat idee zijn we beginnen uit te werken: hoe kunnen we als ‘De Republiek’ opnieuw een broedplaats zijn voor de sociale en culturele projecten van de toekomst? We willen projecten – die een belangrijke impact hebben op de stad – onder onze hoede nemen, omarmen en ervoor zorgen dat ze structureel goed staan zodat ze op termijn sterk genoeg zijn om hun eigen vleugels uit te spreiden, hier of elders in de stad.’ ‘We zijn een sociale onderneming in die zin dat alle winst die we hier maken, integraal mee ter ondersteuning dient van ons maatschappelijk doel. Daarvoor hebben we drie belangrijke lijnen uitgezet: de uitbating van het Grand Café als pure ontmoetingsplaats, een co-housingplek voor starters en culturele organisaties en een broedplaats voor innovatieve socio-culturele projecten en ondernemers. Met elke pint die je hier komt drinken, ondersteun je dus met andere woorden die creatieve starters en projecten.’
Stadmakers worden stad-smakers
Geernaert: ‘We richten onze werking op verschillende thema’s: sociaal en creatief ondernemerschap, kunst en cultuur, erfgoed en vakmanschap, food, ecologie en stadsontwikkeling. Het is onze ambitie om impactvolle starters en ideeën te doen groeien zodat ze op termijn zelfstandig worden. Deze stadmakers worden zo stad-smakers. Hoe sterker ze worden, hoe meer maatschappelijke impact ze hebben in onze stad. Diverse projecten zoals Handmade in Brugge, TURBO, Jeugdfilm in Brugge, ModulAIR, Ant-Woord!, Brugs Food Lab … werken momenteel vanop ons platform. We zijn een grote ‘community’ en van onderuit kunnen we samen bouwen aan de stad. We geloven allemaal oprecht in het fantastisch potentieel van de stad.’
Culturele driehoek
Geernaert: ‘Het gebouw van De Republiek heeft een schitterende ligging in het centrum van de stad. In een straal van 150 meter vinden we een tiental culturele organisaties zoals het Cultuurcentrum, de Stadsschouwburg, de Biekorfbibliotheek, KAAP, het stedelijk Conservatorium, De Poortersloge … Samen vormen we de Stadsrepubliek waar we de mensen willen samen brengen in het creatieve hart van de stad. Door slimme verbinding creëren we een nieuwe positieve dynamiek. Geen eilandjes, maar één groot socio-cultureel landschap waarin iedereen zijn eigenheid kan behouden om de stad beter te maken. Met De Republiek willen we daar mee als motor fungeren. Samen met het stadsbestuur staan we ook als ‘beleidsaanjager’ schouder aan schouder. We houden elkaar wederzijds scherp, maar altijd met het oog op een positief, sterk en duurzaam verhaal voor de stad van de toekomst. Nieuwe stadmakers met goeie ideeën mogen altijd aankloppen bij ons.’ (ADC)
Speranza Symphonic in Brugse Stadsschouwburg (vrijdag 23.9)
Piet Lamiroy dirigeert andermaal zijn virtuozen van Speranza Symphonic in de Brugse stadsschouwburg. Zij brengen dit keer de drie grote componisten uit de Weens klassieke periode: Beethoven, Haydn en Mozart. Ontdek mee liefst vier Vlaamse, jonge, schitterende solisten ! Alexander Declercq vertolkt eerst het magistrale Derde Pianoconcerto van Ludwig van Beethoven. Na de ouverture tot ‘Le Nozze di Figaro’ zingen sopraan Mieke Dhondt en mezzo-sopraan Esther Verheyearia’s en duetten uit W.A. Mozart’s zogenaamde ‘Da Ponte-opera’s’. Als klap op de vuurpijl volgt dan de nog jonge(16j) trompetvirtuoos Warre Dendievel met het bekende en aanstekelijke trompetconcerto van Joseph Haydn. Uit respect voor het vele leed waaronder onze wereld vandaag gebukt gaat laten we het concert beginnen met het beroemde allegretto uit Beethoven’s Zevende Symfonie dat velen onder ons kennen van de film ‘The King’s speech’.