Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Sofie Leyts debuteert met straffe roman

Sofie Leyts, bibliotheekmedewerker in de Biekorf, tekende al voor twee enthousiast onthaalde jeugdboeken en is nu aan een debuut toe als roman-auteur. Het boek brengt een groepje felle bejaarden ten tonele die snode plannen koesteren. De titel, ‘Niets mis met Suzanne’, verwijst naar de hoofdfiguur (Suzanne). Zij is een boekhandelaar op rust die in een residentie voor bejaarden woont en een hecht groepje vormt met vier lotgenoten. Wat volgt, is een roller coaster van gebeurtenissen, gespreid over 439 pagina’s. 

EXit: De thematiek van deze roman, weerbare bejaarden, is niet evident. Niet bang dat de modale lezer zal afhaken?

Sofie Leyts: ‘De eerste scène die in mijn hoofd sloop, was die van de eerste en de laatste bladzijde, verleden en heden. De grootste brok van het verhaal speelt zich af in het nu; het verleden komt slechts af en toe piepen. De uitdaging lag erin om dat verleden en heden steeds meer in elkaar te laten grijpen, tot die grenzen zouden vervagen en begin en eind elkaar konden spiegelen. Ik hoop dat de lezer dat proces wil volgen en erdoor geïntrigeerd raakt. Daarnaast merk ik ook een nieuwe vibe in letterenland, met auteurs als Jonas Jonasson of Richard Osman, wiens hoofdpersonages al lang geen drie maal zeven meer zijn, maar toch heel wat harten hebben veroverd.’

EXit: Er is momenteel een tendens in boekenland om lijvige exemplaren, rond de 500 bladzijden, af te leveren. Dat schrikt de lezers blijkbaar niet af?

Leyts: ‘Wat ik merk in mijn werk als bibliotheekmedewerker is dat het verhaal het meestal haalt van het volume. De thematiek moet aanspreken, de sfeer, de toon. Als het verhaal de lezer kan boeien, is een groot volume zelfs een voordeel: je kunt er veel langer van genieten. Denk maar aan de Riley-rage: ik zie in de bib mensen die we voorheen nooit zagen, maar die nu de ene na de andere turf lezen.’

EXit: Hebt u een precieze kijk op wie uw lezers zijn? Is dat een wisselend publiek?

Leyts: ‘Omdat ik tot nu toe enkel jeugdboeken schreef, is dit een nieuw begin en moet ik mijn publiek nog leren kennen. Wat mijn jeugdboeken betreft, zijn mijn lezers vaak kinderen die oprecht houden van lezen. Dat moet ook wel, want het zijn lijvige boeken, met verschillende verhaaldraden die door elkaar heen lopen, dus het vergt wel wat. Ook de taal is niet voor iedereen weggelegd. Ik kan eindeloos schaven aan een mooie zin; de ene lezer zal daar los doorlezen, de ander zal ervan genieten. En humor is natuurlijk iets heel specifieks. Ik ben ontzettend blij als iemand me zegt dat hij hardop moest lachen bij het lezen, maar het allermooiste compliment kreeg ik ooit van de elfjarige Sacha, die me zei dat ze ‘moest lachen, maar ook echt moest huilen én nadenken’ bij het lezen van ‘Jozefien Wachters’. Ze had precies begrepen waar het boek over ging en wat de verschillende laagjes waren. Ik heb haar naam alvast genoteerd als personage voor in mijn volgende jeugdboek.’

EXit: Welk soort reacties verwacht u nu?

Leyts: ‘Nieuwsgierigheid? Ik hoop dat de mensen mijn Suzanne willen leren kennen. Het boek verandert van toon doorheen het verhaal. Het Robin Hood-gehalte maakt stilletjes aan plaats voor iets anders. In die zin vind ik het ontwerp van de kaft (door Eline Veldhuisen) erg treffend: een huiselijke scène, maar wel met een hoekje af. Waarom staan die sloffen in een plas water? Zoek het maar uit.’ (LUC FOSSAERT)

______

‘Niets mis met Suzanne’, uitgeverij Pelckmans

Comments are closed.