Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Maandelijks archief: februari 2019

‘Mijn honger om zelf te creëren is groot’

Foto Leontien Allemeersch

 

 

Maxim Storms is een naam om te onthouden. Hij haalde in 2018 het Theaterfestival met zijn solo ‘Brother Blue’. ‘Another One’, een creatie met Lobke Leirens, werd geselecteerd voor Circuit X en werd na de selectie voor Big in Belgium (2018) in Schotland bekroond met de prestigieuze Total Theatre Award. ‘Happy Hour’ is hun nieuwste creatie.

 EXit: Je staat opnieuw samen met Lobke Leirens op het podium?
Maxim Storms: ‘
Na ‘Brother Blue’ wilde ik opnieuw met een andere maker aan de slag. Het is ondertussen de derde keer dat ik met Lobke het podium deel en ons verhaal is nog niet uitverteld. We kruipen in de huid van twee personages die gestorven zijn. Ze bevinden zich in een soort tussenzone tussen hemel en hel. Hun handen zijn een beetje afgebrand, maar verder zijn het twee heel herkenbare, alledaagse figuren. Ze kennen elkaar niet, maar zijn heel toevallig op hetzelfde moment in dat vagevuur terecht gekomen. Ze zijn op elkaar aangewezen en gedoemd om bij elkaar te blijven. Samen reflecteren ze over de vele aspecten van leven en dood.’

EXit: Wordt het opnieuw een beeldende voorstelling?
Maxim:
‘Absoluut. Heel zintuiglijk ook. ‘Happy Hour’ is niet woordeloos, maar het fysieke primeert. Ik ben eigenlijk zelf meer geïntrigeerd door hoe een personage beweegt dan door wat hij vertelt. Beweging is mysterieuzer. Er zijn meer interpretaties mogelijk en net dat vind ik leuk. Personages kunnen op die manier vele gezichten hebben voor het publiek. We werken ook met klank, geluid en stukken zang. We spelen op een grote rode cirkel, wat dan weer refereert aan rituelen.’

EXit: Je kiest niet voor klassiekers, maar voor nieuw werk met een heel eigen stempel. Hoe start je aan zo’n voorstelling?
Storms:
‘Ik werk altijd heel intuïtief. Nu ook met Lobke. We gaan met een bepaald thema – in dit geval ‘de dood en doodsrituelen’ – de vloer op en dan gaat het heel natuurlijk verder. We improviseren, spelen, knippen, plakken, schrijven … Wat het eindresultaat wordt, dat is ook voor ons een verrassing. De titel blijft in dit geval gelukkig wel de lading dekken (lacht). Ze verwijst naar het laatste uur van de personages, maar heeft ook iets dubbelzinnigs. Er is een scène met zweepjes, we werken met rubber en latex in decor en kostuums, wat ook iets kinky heeft.’

EXit: Het stuk heeft ook een donker kantje?
Maxim:
‘Dat is dan vooral aan Lobke te danken. Ze is heel erg gefascineerd door horror en dat komt altijd wel op één of andere manier tot uiting. Laat ons zeggen dat we ons publiek nu en dan de stuipen op het lijf jagen (lacht). In ‘Krocht’ bijvoorbeeld namen we het publiek mee op een pretparkkarretje doorheen een spookachtig doolhof. Inspiratiebron was toen de hel van Dante. ‘Happy Hour’ zit een beetje in dezelfde sfeer. Lobke is de horrorfreak, ik ben dan eerder de man van de absurde humor.’

 EXit: Werd je daarom recent de ‘Charlie Chaplin van jouw generatie’ genoemd?
Maxim:
‘Een mooi compliment dat door velen werd overgenomen, maar ik heb eigenlijk niet zoveel met dit personage. Ik denk dat ze vooral doelen op de manier waarop ik beweeg: mimisch en heel staccato. Ik hou ook wel van humor in een voorstelling, liefst wat absurd, maar humor is nooit mijn hoofddoel. Ik spreek liever van absurdisme, dat klinkt filosofischer en absurd kan ook donker zijn.’

EXit: Je speelt in drie maanden tijd drie keer in Brugge en Oostende, telkens met een andere voorstelling. Blijft het haalbaar?
Storms:
‘Af en toe (lacht). Ik speel en creëer tegelijkertijd, zowel voor jongeren als voor volwassenen. Die kruisbestuiving is enorm verrijkend, maar het weegt wel. Mijn honger om zelf te creëren is groot, maar dat is voor een jonge maker niet altijd de gemakkelijkste weg. Je moet alles zelf in handen nemen: productie, het zakelijke luik, communicatie … We zijn ook erg afhankelijk van middelen. ‘Happy Hour’ is door omstandigheden in twee maanden gemaakt. Wie komt kijken, vindt de voorstelling daardoor veel gedurfder, maar ik had graag wat meer tijd gehad voor reflectie.’

EXit: Je agenda staat in elk geval alweer mooi vol?
Storms:
‘Met Ballet Dommage – dat ben ik met actrice en theatermaakster Katrien Valckenaers – ga ik VOLK (Fragment 3) creëren, een reeks voorstellingen buiten de theaterzaal. Tijdens VOLK (Fragment 1) trokken we van deur tot deur door enkele Gentse wijken. We belden aan en boden mensen drie minuten theater aan. Dit keer gaan we voor een ander concept. In één maand tijd gaan we van Leuven naar Hasselt. We zullen negen keer halt houden in straten, op pleinen, in parochiezalen, … Thema van het stuk wordt ‘ramp’.

EXit: Je speelt graag buiten de theaterzaal?
Storms:
‘Ik wil dat blijven doen. In de theaterzaal bereik je alleen de echte cultuurliefhebber. Op straat speel je voor een totaal ander publiek. Je speelt eigenlijk voor iedereen en dat opent je ogen als maker.’

 EXit: Er staat ook een muzikaal project in de steigers?
Storms:
‘Voor ‘Brother Blue’ nam ik zelf de geluidsband op. Linde Carrijn, muzikante en actrice, vond dat daar meer inzat. Brik tu-tok is de band waarmee we heel recent te zien waren tijdens het huiskamerfestival Chambres d’O in Oostende. We maken eigenzinnige composities met huishoudprullaria, cassettes, allerlei instrumenten … Onze excentrieke kostuums en choreografieën maken het plaatje compleet. Er zijn ook plannen om volgend jaar een plaat op te nemen. Ik kijk er alvast naar uit!’ (SD)

 

Kant in Vlaanderen, een subliem eerbetoon

Foto EDM

Wie ‘kant’ zegt, droomt al snel weg naar de charme van middeleeuwse portretten van vorsten en edelen, van geestelijken en burgers. Van verwondering gaat het over in bewondering, want het artistieke en technische kunnen van de makers van weleer was subliem. Vandaag is kant aan een remonte bezig en kantklost zich een weg naar de hedendaagse kant. In de voorbije zomer verwelkomde Brugge meer dan 3.000 mensen uit alle werelddelen voor een congres over… kant. Pleitbezorger van de organiserende vzw is Martine Bruggeman, op Brugse bodem de specialiste van (onder meer hedendaagse) kant.

EXit: In 1997 publiceerde u Kant in Europa, vandaag Kant in Vlaanderen. Wat is het verhaal achter dit nieuwe boek?

Martine Bruggeman: ‘Het gaat dit keer over datgene wat in Vlaanderen op kantgebied vandaag leeft, met het accent op de hedendaagse kant. Komt aan bod: de conservatie van kant en iconografie in Vlaamse musea, archieven en privécollecties. Het boek laat ook zien hoe de kantkennis in scholen en werkgroepen wordt doorgeven. De publicatie werd onder meer mogelijk gemaakt door Fernand Huts die de Engelstalige uitgave sponsorde.’

‘Daarnaast geeft het boek veel aandacht voor kant als hedendaagse kunst, zoals beoefend in de tien academies in Vlaanderen en door hedendaagse kunstenaars die kant realiseren, het kant-aspect in hun werk integreren of kant-gerelateerd werken. Er waren op dat congres ook enkele buitenlandse kunstenaars en organisaties uitgenodigd die relevant waren voor de hedendaagse kantkunst. Al deze aspecten samen worden in het boek voorafgegaan door een bondige geschiedenis van de kant in Vlaanderen, om dit alles in de juiste context te kunnen plaatsen’.

EXit: De vaak gestelde vraag: vanwaar uw passie voor kant?

Martine: ‘Waarom precies? Ik rolde erin, vond dit een zo boeiende wereld, een niche waarvan ik voordien het bestaan niet kende. Kant is meer dan een randje of zakdoekje, maar heeft een hele geschiedenis: kunsthistorisch, sociaaleconomisch en vooral het hedendaagse aspect dat de toekomst verzekert.’

EXit: Weg suf imago?

Martine: ‘Zeker. Het fenomeen kant moet opengetrokken worden en bevrijd van zijn stoffig imago. Dit was de doelstelling van het congres Living Lace en dit bijbehorende boek. Ikzelf leid de groep Kant-Act die zich intensief toelegt op actuele kant. Ik vind trouwens dat het Brugse Kantcentrum (Balstraat) zich meer moet profileren met hedendaagse kant.’

EXit: Jullie organiseerden afgelopen zomer een Wereldcongres. Er was weinig mediabelangstelling, de stad Brugge stuurde haar kat.

Martine: ‘Inderdaad, maar er was wel een heel goede website die vooral in de kantwereld erg gesmaakt werd. De stad Brugge had weinig of geen belangstelling. We telden in het tentoonstellingsweekend (vrijdag-zaterdag en zondagmorgen) nochtans meer dan 3.000 bezoekers in de Hallen. In de Sint-Gilliskerk brachten de stedelijke Musea een tentoonstelling over religieuze kant, in het archief een tentoonstelling over het volkskundig aspect van de kant, de academie bracht in de Bogardenkapel hedendaagse kant van leraressen en leerlingen.’

‘Ook op andere locaties in Vlaanderen werden tentoonstellingen hedendaagse kant gerealiseerd (Aalst, Ieper, Kortrijk, Sint-Pieters-Leeuw, Sint-Truiden, Leuven…), verschillende musea in Vlaanderen zetten hun deuren open en organiseerden een speciale tentoonstelling naar aanleiding van het congres. Er was voor de belangstellenden een zesdaagse kantreis voorzien, maar ook individueel kon men de expo’s bezoeken.’

EXit: Nog ideeën?

Martine: ‘Ideeën voor een tentoonstelling? Ja, in 2020 zullen we met internationale hedendaagse kant naar buiten komen, maar dit moet nog concreet vorm krijgen.’ (LF)

Kant in Vlaanderen, Erfgoed en hedendaagse kant, Martine Bruggeman, 49,99 euro

Sunflower: ‘Dromen van een stek op het Cactusfestival’

Foto Daniil Lavroski

 Cactus Muziekcentrum pakt vanaf februari weer uit met een goedgevulde kalender. De concerten van de groepen Sunflower en Rumours op zaterdag 9 februari in de Magdalenazaal zijn er alvast twee om aan te stippen, niet in het minst omdat het bands zijn met 8000 als postcode. Sunflower, de post-punk-band-met-nog-meer-invloeden-dan-alleen-maar-post-punk, stelt er meteen ook zijn debuutplaat(je) aan pers en publiek voor. Afspraak op de eerste rij?

EXit: Jullie namen vorig jaar deel aan de voorrondes van Humo’s Rock Rally. Een verrijkende ervaring?

Daan Soenens (gitarist): ‘Humo’s Rock Rally kent natuurlijk een grote reputatie in de Belgische muziekscene en toen we (in de nasleep van Westtalent) ook hiervoor werden geselecteerd, leefden we even op een wolk. Snel merk je echter ook dat wedstrijden zelden leuk zijn als muzikant. Daarvoor doe je niet wat je doet. Achteraf bekeken zijn we ook heel blij dat het voor ons bij de voorrondes is gebleven. Het positieve aan zo’n wedstrijden is de aandacht die de muziek erdoor krijgt en dat hadden we door Westtalent al voldoende. Mentaal was een ‘neen’ krijgen bij Humo’s Rock Rally heel gezond voor ons.’

EXit: Inderdaad, voordien hadden jullie zich in de kijker weten te spelen met een overwinning op een ander rockconcours, die van Westtalent. Heeft dat deuren geopend voor jullie?

Daan: ‘Zeker. We mogen als band niet onderschatten hoe snel we hierdoor een zekere bekendheid hebben verworven. Niet zozeer door de overwinning op zich als de mensen die ons tijdens de voorronde en de finale hebben gezien. Zij zorgden ervoor dat we snel op enkele mooie podia konden staan. Deuren heeft het zeker geopend, maar we leerden ook dat je vooral op je eigen tempo moet groeien en elke stap moet zetten als je er klaar voor bent. Het label van ‘winnaar’ werkt in de eerste weken na zo’n concours, maar je moet jezelf ook gewoon met elk optreden weer opnieuw bewijzen. De muziek wordt niet beter door zo’n titel.’

EXit: Sunflower wordt bestempeld als een post-punkband. Dekt deze term de lading voor de muziek die jullie spelen?

Daan: ‘Termen plakken op muziek is nooit gemakkelijk, zeker in tijden waar genre-verwarring op zich een standaard is geworden. Vaak kiezen we zelf voor de combinatie van post-punk en dreampop om onze muzikale lading wat te dekken, maar ook wijzelf geven toe dat er nog heel wat andere invloeden in onze muziek sluipen. Iets dat het eindproduct alleen maar versterkt, maar de benaming al eens lastig maakt.’

EXit: Wat is er eerst: tekst of muziek?

Daan: ‘Bij het schrijven van nieuwe nummers vertrekken wij volledig vanuit de muziek. Soms komen mensen met ideeën naar een repetitie, vaak ontstaan er dingen op het moment zelf. De bas speelt een belangrijke rol in Sunflower en vormt de ruggengraat van veel nummers. Wat teksten betreft, schrijft Brent meestal buiten de repetities. Het gaat hierbij hoofdzakelijk om losse ideeën die hij dan samenbrengt in zanglijnen die tijdens de repetities ontstaan op de muziek. Deze manier van werken geeft voor ons een aangename sfeer en veel vrijheid in het creatieve proces.’

EXit: Sunflower straalt zelfvertrouwen uit.

Daan: ‘Voor mij is de grote sterkte van onze band het geloof en de eerlijkheid die in de muziek, zang en tekst zit. Die zit ook in de praktijk van het nummers schrijven. Doordat we dit steevast samen en op een heel organische manier doen, hebben onze nummers een soort natuurlijke flow in zich. Ook op het podium proberen we die oprechtheid te benadrukken. In tijden waar veel bands kiezen voor een meta- of ironische benadering van muziek als medium, vind ik het heel aangenaam om volop de kaart van die oprechtheid te trekken. We hebben op heel wat vlakken nog heel wat groei voor de boeg, maar dit is voor mij wel wat van Sunflower een sterke speler maakt.’

EXit: Op zaterdag 9 februari stellen jullie in de Magdalenazaal een verse EP voor. Spannend!

Daan: ‘Onze debuut-EP hebben we opgenomen in Track (Kortrijk) onder het toeziend oog van Michael Neyt. In de zomer van 2018 hebben we daar vijf nummers opgenomen die, naar mijn mening, een goed beeld schetsen van wat Sunflower fundamenteel als band bepaalt. De EP zal uitkomen op vinyl en op cassette onder het label Sentimental, onder bewind van Kobe en Fenne van Wispering Sons.’

EXit: Jullie dromen van een stek op de affiche van het Cactusfestival?

Daan: ‘Als Bruggelingen zijn we allemaal opgegroeid met het Cactusfestival. Ik denk dat we hier allemaal ook onze eerste festivalervaringen hebben opgedaan. Al bestond die toen nog hoofdzakelijk uit het oprapen van plastic bekertjes terwijl de ouders van de muziek en de sfeer genoten. Enkele leden van de band werken ook al enkele jaren op het festival en het heeft een grote nostalgische waarde voor ons. Als kind droom je om ooit ook eens op dat grote podium te staan. En de dromen die je als kind hebt, vergeet je niet.’

‘In je thuisstad spelen, is altijd fijn. Een mens voelt zich steeds goed in zijn eigen omgeving en bekende gezichten zien in het publiek is daar ook een aangenaam aspect van. Net als bij Cactusfestival blijft het leukste aspect om op podia te spelen waar je zelf zo vaak in het publiek voor hebt gestaan om naar je helden te kijken. Dat geeft een mooie boost en een goede positieve druk.’ (ADC)

http://www.cactusmusic.be

 

Agenda toneel februari

  Foto Kathleen Michiels

De Passant, Laika

Zondag 10 februari, 15 uur (Daverlo)
Vier mannen staan op de scène, van groot naar klein. Ze dragen hun koffers en kijken elkaar aan. Ze laten in elkaars koffer kijken, ze leren elkaar kennen, ze bouwen samen een huis, maar dan nemen ze weer afscheid. De één moet, de andere wil. Via klank en muziek, met slungelachtige en acrobatische bewegingen zoeken ze hun plek op het podium, maar eigenlijk ook in de wereld. Ze zwerven van hot naar her, vol verlangen naar een plek om eindelijk thuis te komen. Maar dan? Wat is dat eigenlijk thuis? Cultuurcentrum Brugge zet deze voorstelling op het programma binnen het jaarthema En Route! Regisseur Michai Geyzen gaat graag met deze acteurs aan de slag, omdat ze ‘samen een steengoede ploeg zijn’. De Standaard schrijft: ‘Kinderkunst met een boodschap, maar dan telkens verpakt in een lentefris, fantasierijk jasje.’

____

www.ccbrugge.be

Bruges Swan Patrol legt fans in de watten op ‘Jundercoverparty’

 

In 2017 kreeg Bruges Swan Patrol op het podium van de Stadsschouwburg een Brugotta-Award in handen gestopt voor ‘meest originele coverband’. Voor Eerste Opperwachtmeester Frodo Neels (gitaar), Majoor Hannes De Caluwé (bas), Adjudant Tim Afschrift (drums) en Luitenant-Generaal Tijs Verbeke (zang en gitaar) een serieuze erkenning na jaren samen musiceren. Om hun fans en vrienden te bedanken, organiseren ze op zaterdag 9 februari in Studio Hall (Sint-Kruis) een ‘Jundercoverparty’ met diverse ‘zottigheden’.

EXit: Met ‘Jundercoverparty’ in Studio Hall lanceren een ‘nieuw’ partyconcept? Wat houdt dit in?

Tim Afschrift: ‘Met Jundercover Party willen we de aanwezigen een complete avond bezorgen. Niet enkel een concert waarna een ‘afterparty’ volgt, maar een concert waarna een volwaardige fuif volgt. Wat Jundercoverparty zijn eigenheid moet geven, is dat we de hele avond ‘in thema’ blijven. Hoe we dat doen, willen we nog niet helemaal prijsgeven, de nieuwsgierigen zullen moeten langskomen. We kunnen wel al meegeven dat er onder andere een tombola is met ‘in beslag genomen goederen’. De aanwezigen kunnen gratis lotjes voor de tombola verdienen op Jundercoverparty en gaan misschien met iets moois (en misschien iets volledig illegaals) aan de haal…’

EXit: Bruges Swan Patrol is een coverband. Is het een bewuste keuze om geen eigen nummers te brengen?

Tijs Verbeke: ‘We zijn een coverband begonnen als zijproject. In onze andere bands schreven we muziek, zaten we in de studio, moesten we werken aan nieuwe albums… Een coverband leek ons een leuke afwisseling: 100% focus op het spelen en uitvoeren van de muziek en geen druk om te schrijven. Ons zijproject groeide echter heel snel uit tot een heel groot project en onze andere bands werden on hold of stopgezet. We amuseren ons veel te hard met Bruges Swan Patrol en we willen ervan genieten.’

EXit: Welke covers prijken er op de setlist?

Hannes De Caluwé: ‘Rock classics uit het collectieve geheugen. Dat gaat van classics uit de jaren 60 tot heerlijke jaren 90 rock. In onze set vind je nummers van onder andere AC/DC, Deep Purple, The Kinks, Elvis, Dire Straits, maar ook van Pearl Jam, Radiohead, Lenny Kravitz…’

EXit: Welke ingrediënten zijn er nodig om een song in een goede cover om te toveren?
Frodo Neels: ‘Voor ons is een goede cover een nummer waar je jezelf helemaal in kan vinden of verliezen. We coveren nooit nummers waar we zelf niet van houden, we moeten ze voelen. Pas dan kan je ze oprecht brengen.’

EXit: Wat is de sterkte van Bruges Swan Patrol?
Frodo: ‘Ik denk die oprechtheid. We houden van de muziek die we brengen en we zijn alle vier echte podium beesten. We doen niets liever dan op een podium ons helemaal laten gaan en proberen van elk optreden iets unieks te maken. We vinden het belangrijk dat er ook ‘iets te zien’ is op het podium. En als het publiek zich dan ook helemaal laat gaan dan worden we daar oprecht héél gelukkig van.’

EXit: ‘Ba de Rijkswacht – dör wörde pas nen echte vent’: jullie treden altijd op in oude kostuums van de Rijkswacht. Welke filosofie steekt er achter die verkleedpartij?

Tijs: ‘Welke filosofie? Je weet wat ze zeggen van mannen in uniform, hé…’

EXit: Krijgen jullie daar vaak opmerkingen op?
Hannes: ‘Ja, zeker oud-rijkswachters vinden het geweldig om hun oude uniformen nog eens terug te zien in een andere context. Na een optreden is het ook soms wat zoeken om onze kepies en vesten terug te vinden. De fans poseren er immers graag mee op de foto.’

EXit: Voor de trouwe fans hebben jullie op zaterdag 9 februari een verrassing in petto?

Tim: ‘Wij verheven onze trouwe fans tot de rang van Bruges Swan Patrol Deputie. Ze ontvangen een badge en worden vanaf dan altijd voor getrokken. Corrupt tot op het bot zijn we. Op Jundercoverparty hebben we uiteraard ook het een en ander in petto voor onze Deputies.’ (ADC)

http://www.facebook.com/brugesswanpatrol

 

Te vroeg

Het jaar 2018 heeft duchtig huisgehouden in de Brugse cultuurwereld. Ter herinnering: op 19 april 2018 overleed Rik Bevernage (64), decennialang de mentor en het kloppende hart van Kunstencentrum De Werf en gezegend met een encyclopedische kennis van de wereld van de jazz. Gelukkig leeft zijn inzet nog voort in de huidige jazzprogrammering van Kunstencentrum KAAP (het samengaan van Vrijstaat O. en De Werf).

Op 28 december jongstleden verloor deze stad met het overlijden van Joris De Voogt (65) nog een belangrijke culturele steunpilaar. De Voogt was in 1986 de eerste directeur van de Stadsschouwburg, de naam waardig. Hij voerde de programmering ervan naar uitdagende hoogtes en ontrolde zo de rode loper voor de latere directeur Sonia Debal die in 1991 de fakkel overnam.

De Voogt had oog voor de culturele ontwikkeling van Brugge. Zo richtte hij, samen met boezemvriend Kurt Defrancq, de symbolische Kunstenrepubliek West-Vlaanderen op, een verholen smeekbede voor een eerlijker verdeling van de cultuursubsidies.

In het cultuurjaar Brugge 2002 sloot hij aan met .WAV, een vreemdsoortig geluidenfestival en werd hij directeur van toneelhuis HetNet (voorheen De Korre). De samenwerking met de artistiek directeur Josse De Pauw (van 2000 tot 2005) verliep echter dermate slecht dat De Voogt eind 2002 zijn ontslag kreeg. Stuurde ons diezelfde avond nog een sober mailtje met ‘I’m fired’. Als zakelijk directeur kreeg hij op een weinig elegante manier (en volgens kenners geheel onterecht) de rekening gepresenteerd.

Tijdens de uitvaartviering sprak de familie over een zwarte bladzijde in zijn rijke carrière. Zeer ontgoocheld viel De Voogt terug op zijn oude liefdes: docent aan het RITS in Brussel en oprichter van radio FM Brussels. Tussendoor schreef hij gedurende een korte periode een gesmaakte column in EXit. Weer jaren later vonden we hem terug in de oude visserswijk van Oostende waar hij een Italiaans getinte wijnbar, de ZIO GIO, uitbaatte. De voorbije tijd was hij vooral aan de slag als reisjournalist. Zijn veel te vroege afscheid werd geheel passend gevierd met veel muziek en een drankje en bezongen door Johnny Cash met de woorden ‘I’ll leave this old world/with a satisfied mind’. Onze huiscartoonist Marec vereert Joris De Voogt hiernaast met een schitterende tekening.

In hetzelfde jaareinde tenslotte, op zondag 30 december, overleed de Britse Bruggeling Marcus Cumberlege (81). Hij oogstte in de zestiger en zeventiger jaren nogal wat bijval met zijn poëzie en vestigde zich in 1972 in Brugge waar hij snel wende. ‘Als ik al een Brit zou zijn, dan voel ik dat niet. Mijn wortels liggen hier’, liet hij ooit in een EXit-interview optekenen. In 2009 verscheen bij de Brugse uitgever Marc Vandewiele zijn Selected Poems. In 2015 bekende hij zich tot de Lappersfort Poetry Society als stadsdichter. Marcus ligt begraven op de Centrale Begraafplaats. (LF)

%d bloggers liken dit: