Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Het rijke klankenuniversum van Dijf Sanders

Dijf Sanders

 

Het is wat stil geweest rond het solowerk van uitgeweken Bruggeling Dijf Sanders, daar zaten The Violent Husbands, Teddiedrum en zijn producerswerk voor Kenji Minoque, Blackie & The Oohoos en Germans voor iets tussen. Maar kijk: op de cd Moonlit Planetarium kneedt hij als vanouds – with a little help form his friends Nathan Daems en Jon Birdsong – elektronica, jazz en exotica uit de jaren ’60 tot boeiende en knappe songs. Op vrijdag 4 maart kun je hem, in het voorprogramma van Larry Gus, in levende lijve aan het werk zien op het podium van de MaZ.

EXit: Solo bracht je een debuutep en drie solo-cd’s uit, maar je raakte nooit echt gelanceerd?

Dijf: ‘Neen, dat was ook niet mogelijk met dit soort muziek. Ik ben niet geboren met een radiogevoelige smaak. Als dat zo wel was, dan was ik nu al rijk!’

 

EXit: Over radio gesproken: na en naast je solowerk, ben je begonnen met de bands The Violent Husbands en Teddiedrum. Hiermee heb je wel radiohits gescoord…

Dijf: ‘Ja, dat klopt. ‘Ok’, zeiden we, ‘laten we eens een hit maken zonder onze broek af te steken.’ Dat is gelukt, maar we keren altijd terug naar ons oorspronkelijk doel.’

EXit: Kun je dan hits op bestelling schrijven?

Dijf: ‘Dat ligt heel moeilijk. Als je doorhebt hoe een succesnummer in elkaar steekt, is het wel gemakkelijker. Er bestaan formules voor, maar dat zorgt nog niet voor een kans op een hit. Er zijn andere factoren (geluk, management, placement) mee gemoeid. Als je drie ingrediënten samen gooit, heb je nog niet die cake waar de ander zo succesvol mee was. Toen we enkele bescheiden radiohitjes gescoord hadden, was dat wel leuk, maar er ontstond ook een soort dwanggevoel. Als je in die ‘hitzone’ vertoeft, word je snel onder de loep genomen. Dan ontstaat er stress om minstens het vorige succes te evenaren. Slaat het niet zo goed aan, dan laten ze je snel vallen. Je krijgt niet veel kansen voorgeschoteld. Daarom doe ik graag mijn eigen zin, want dat geeft minder druk. Maar rijk zal ik er niet van worden.’

EXit: Hoe actief zijn The Violent Husbands en Teddiedrum momenteel?

Dijf: ‘Teddiedrum ligt stil, maar met The Husbands hebben we net een nieuwe plaat ingeblikt, verschijnt eind maart. We kregen zin om iets nieuws te maken. Het is een basic plaat geworden, maar het klinkt niet zo, want er zitten ook synths en percussie in verwerkt. Wel speciaal: we namen de plaat op rond een kampvuur met een field recorder. Een echte buitenplaat, dus, inclusief alle buitengeluiden van krekels, kikkers, treinen…’

EXit: We keren terug naar je solowerk, want na acht jaar heb je de nieuwe cd Moonlit Planetarium klaargestoomd. In welk opzicht verschilt die van je vroeger werk?

Dijf: ‘Het grootste verschil is dat ik nu heel goed weet wat ik aan het doen ben. Ik ben heel gefocust te werk gegaan. Ik weet perfect welke muziek ik wil maken. Vroeger was ik een speelbal van mijn onkunde. Je kunt stellen dat mijn muziek een speelse hond aan een leiband was, ik liep er wel achter en ik riep ernaar, maar het luisterde niet. Nu heb ik een trouwe viervoeter die mooi doet wat ik zeg.’

‘De songs op de cd komen goed zijn recht. De nummers stralen een cosy, warme sfeer uit. Het geheel klinkt jazzy en is geïnspireerd op de exotica van de jaren ’60. Ik koos ervoor om de nummers niet te zingen, maar ze van parlando te voorzien. Ik maak vaak teksten over de lelijkheid van sommige reiservaringen. Er zit veel persoonlijkheid in Moonlit Planetarium.’

EXit: Je bent ook een instrumentenbouwer.

Dijf: ‘Ja, af en toe fabriceer ik wel iets. Soms snaarinstrumenten met elektrische pickups. Het kan iets simpels zijn, als het maar een goede klank voor me oplevert. Af en toe heb ik nood aan een nieuw geluid. Ik ga met die instrumenten niet op een podium staan.’

EXit: Mag ik jou omschrijven als een klankentapper die graag op zoek gaat naar verrassende geluiden?

Dijf: ‘Absoluut, want mijn favoriet instrument is mijn field recorder, dat is mijn klankbron. Die klanken gebruik ik als samples. Op mijn cd heb ik veel gebruik gemaakt van field recording zonder dat de luisteraar het zal doorhebben.’

EXit: Je hebt dus twee ‘buitenplaten’ gemaakt?

Dijf: ‘Ja, zo had ik het nog niet bekeken. De buiten inspireert me. Ik ben er graag bij als klanken ontstaan. Dat doet me veel meer dan die voorgeprogrammeerde soundbanks in software. De klank is misschien wel tof, maar ik was niet bij het ontstaansproces aanwezig.’ (ADC)

 

 

Comments are closed.

%d bloggers liken dit: