Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Fabres vuurwerk

151201_Jan Fabre_c_Stephan Vanfleteren_BR

Foto Stephan Vanfleteren

 

Sinds het cultuurjaar Brugge 2002 is het jaarlijkse festival December Dance een begrip geworden dat staat voor kwaliteit, bekende en nieuwe namen uit de (internationale) dansscène en artistiek experiment. In de even jaren wordt gefocust op een regio, in de oneven jaren wordt het curatorschap toevertrouwd aan een gereputeerde dansregisseur. Zo kwamen in de voorbije edities (de coryfeeën) Sidi Larbi, Akram Khan, Wim Vandekeybus en Anne Teresa De Keersmaeker aan bod. Ontbrak tot nu toe op dit selecte lijstje: Jan Fabre die reeds in 2011 werd aangezocht, maar toen moest passen wegens tijdsgebrek. Rechtgezet nu, en wie met artistiek woelwater Fabre dans buiten categorie verwacht , komt met deze editie van December Dance beslist aan zijn trekken.

Fabres blikvanger voor deze December Dance is de (u leest goed) 24 uur durende voorstelling Mount Olympus (5.12), verwijzend naar Griekenlands hoogste berg op wiens hoge kruinen de goden hun verblijf hadden. Een hachelijke onderneming waarvoor de Vlaamse cultuurhuizen bedankten wegens ‘hoog risico’, maar het Brugse Concertgebouw stapte wel mee en investeerde in deze zelden geziene primeur. Organisatorisch een opdracht van jewelste en een berg vraagtekens bovenop, maar de eerste opvoeringen in Griekenland en Italië oogstten veel waardering en een grote publieksopkomst. De verwachting is dat Brugge, als enige co-producent, niet achter blijft.

December Dance 2015 is een twaalf dagen durend dansfestijn en daardoor zoveel meer dan die ene spectaculaire voorstelling waarvoor het woord belevenis tekort schiet. Fabres programma etaleert het kunnen van een aantal dansers die vrijwel allemaal uit de Fabre-school afkomstig zijn en nu ‘op eigen benen dansen’. Fabre noemt dit zijn persoonlijke missie, want ‘ik leer mijn dansers om mijn job over te nemen, ik leer hen regisseren en choreograferen. Ze moeten met mij nadenken, en krijgen daarvoor de verantwoordelijkheid. Ik maak hen tot denkende lichamen, tot bevragende lichamen, mensen die onderzoeken en grenzen aftassen. Ik ben fier op hen.’

Of Fabre het artistiek zal doen stormen is alsnog een vraagteken. Fabre was hier tijdens het cultuurjaar 2002 twee keer te gast: de eerste keer met een brave uitvoering van het Zwanenmeer (ism het Koninklijk Ballet van Vlaanderen), de tweede keer met het keet schoppende Parrots and Guinea Pigs, een uitvoering met heel wat provocerend naakt, maar het tamme Brugse publiek liet de sensatie over zich heen gaan (op een boze burgemeester na). Tijdens datzelfde cultuurjaar mocht de kunstenaar Fabre een bronzen beeld afleveren (De man die vuur gaf) dat naar ‘s mans wensen in de tuin van het Gezellemuseum werd geplaatst. Om er vervolgens een kwijnend bestaan te lijden. In het bijgaand interview (blz. 3) verklapt Fabre zijn affiniteit met Gezelle: ‘Ik vind dit fantastische poëzie’ en ‘zoals Gezelle mij als kunstenaar licht, vuur en warmte geeft, wil ik het vuur en licht aan anderen doorgeven’. U ook benieuwd? (LF)

Comments are closed.

%d bloggers liken dit: