Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Maandelijks archief: november 2013

Greet Bosschaert fantaseert haar kattenwereld

 

Greet Bosschaert

Greet Bosschaert (foto Stijn Vos)

Greet Bosschaert: ‘Het idee voor een kattenverhaal kwam er na een babbel met een buurman tijdens ‘Buren bij kunstenaars’ en werd meteen opgepikt door uitgeefster Marita Vermeulen van De Eenhoorn, tot nader order het meest prestigieuze adres voor kinder- en jeugdboeken. Ik begon er heel  enthousiast aan en kon met mijn verbeelding geen blijf. Door mijn vele fantasiekronkels werd het verhaal echter te omslachtig en werd het een moeilijke zoektocht. De uitgeverij drong er op aan om het verhaal herkenbaar te houden en toen dacht ik: ‘waarom een verhaal verzinnen als ik met mijn eigen katten een mooie verhaal kan brengen?’. Met die gedachte ging ik aan de slag en het voelde echt goed aan. Het liep vlot en alles kreeg zijn juiste invulling. Ook technisch ging het bijzonder goed en kreeg het boek snel vorm.

‘Omdat het een eigen vertelling is, is de stad Brugge het decor. Alles speelt zich af aan de Sint-Annarei en de Verversdijk (waar de auteur woont, LF). In veel illustraties is de omgeving goed herkenbaar. En op de laatste pagina vaart er een heuse Brugse boot met 28 katten, geportretteerd naar evenveel katten van evenveel vrienden en kennissen.’

Ook in dit verhaal beproeft Greet Bosschaert haar geheel eigen collagetechniek van monoprints, ingekleurd met acrylverf en kleurpotloden. Haar verhaal werd tenslotte bewerkt door auteur Saskia Goeminne. Emo-detail: haar geliefde poes Snippi , verwerkt in het verhaal, stierf onlangs geheel onverwacht. Het boek werd daarmee een soort eerbetoon.

Een heel bijzondere kat is zowel een lees- als een voorleesboek, geschikt voor heel jong. (LF)

Een heel bijzondere kat, Greet Bosschaert, uitg. De Eenhoorn, 14,50 euro,32 blz.

Ben Miller Band overklast met verve headliner Valerie June


19

Een contrastrijke avond, vrijdag 15 november In De Grote Post: een voorprogramma vol bevlogenheid en vooral honger om te spelen versus een belachelijk korte set van de headliner waarin het meestal zoeken was naar enig spoor van muzikale passie.

 Bij opener Ben Miller Band, een uitbundig trio, droop de gretigheid om te spelen er al af bij het betreden van het podium. De gedreven en energieke manier waarop zij hun in sterke eigen composities vertaalde mengeling van bluegrass, delta blues en Appalachian mountain music brachten, sloeg meteen over naar het publiek dat zich van bij de eerste song gewillig gewonnen gaf. Leider en zanger Ben Miller, sporadisch ook mondharmonica blazend, speelde gitaar alsof hij al bij de geboorte met een bottleneck om de vinger werd verwend; bassist (en occasioneel drummer) Scott Leeper bevingerde een éénsnarige borstelsteel op omgekeerde wastobbe met een vanzelfsprekendheid alsof dat het gewoonste der muziekinstrumenten is; Doug Dicharry ontpopte zich toch veel meer dan “de drummer van de band”, want speelde net zo makkelijk een mooi stukje mandoline, trombone (“Sint-James Infirmary Blues”) als trompet, roffelde tussendoor een aanstekelijk ritme op een elektrisch versterkt washboard en leverde ook nog even het bewijs dat lepels spelen zoveel boeiender klinkt wanneer men die kleinoden verbindt met effectpedalen… Een meeslepende set, kortom, waarin de ballad “I feel for you” (van de volgende, nog te verschijnen cd) ondergetekende een Groot Kippenvelmoment bezorgde èn, o.a. ook door een pracht van een samenzang, het beeld opriep van wat The Band in hun allerbeste dagen vermocht. Ondanks hard handgeklap en luidruchtig aandringen van het publiek bleek er helaas geen ruimte voor een bisnummer: de jongens hadden duidelijk het ordewoord gekregen dat hun tijd op was en ze dus zo snel mogelijk samen met  hun instrumenten en bijbehoren van het podium moesten. Voor wie van het genre houdt of een mooie introductie wil, is Ben Miller Band een naam om te noteren en “Heavy Load” een cd om minstens één luisterbeurt te gunnen.

 Valerie June dan… begon, zichzelf op akoestische gitaar begeleidend, solo aan haar set, zonder één woord van introductie. Aan het applaus dat na dat eerste nummer volgde, hoorde je al dat het van een andere aard was: niet sterk overtuigd, eigenlijk is “beleefd” een meer adequate omschrijving. Toen ze vervolgens toch het woord tot het publiek richtte, was dat eigenlijk eerder in zichzelf mompelen zo moeilijk verstaanbaar dat nooit echt duidelijk is geworden of ze haar begeleiders als “lovely” dan wel als “ugly” guys had geïntroduceerd. (Met de communicatie tussen zangeres en publiek zou het gedurende het optreden nooit echt goed komen: naarmate het concert vorderde, groeide de indruk dat zij er eigenlijk niet echt “bij” was). Beide muzikanten, resp. op bas en drums, kweten zich naar behoren van hun taak, maar “bezield” of “met speelplezier” zijn niet bepaald termen waarmede ik hun prestaties zou kwalificeren. Nu, het voorbeeld van hun frontvrouw was niet sterk inspirerend: song na song en afwisselend op gitaar en banjo werkte zij zich vrij routineus en schijnbaar zonder er zelf echt zin in te hebben door haar set. Slechts één enkele keer werd het wèl wat opwindend toen ze de elektrische gitaar omhing voor een meer uptempo song, maar de algemene teneur was er een van braafheid die bijwijlen tot saaiheid verwerd. Tot grote verbijstering kondigde ze, na amper 50 minuten en na nogmaals de namen van haar begeleiders te hebben vermeld, aan dat het tijd was voor het laatste nummer. Het duurde daarna even voor ze zich verwaardigde een bisnummer te komen brengen: die bleke versie van klassieker “Irene Goodnight” deed enkel snakken naar de opname van Leadbelly of de cover van een Ry Cooder. Des te meer betreurenswaardig allemaal, daar June met “Pushin’ against a Stone” toch echt wel een sterke cd heeft uitgebracht.

Was dit optreden van Valerie June dan slecht? Neen: zwaar teleurstellend, is een betere evaluatie. Een ontgoocheling, en wel om meerdere redenen, zoals: het immense contrast tussen de attitude waarmee zij op het podium stond en die van Ben Miller Band; de nimmer ingeloste hoge verwachtingen die ze met haar meest recente cd heeft gewekt; de keuze om – liever dan een volwaardig optreden te geven – na nauwelijks een uur het podium in te ruilen voor de verkoopstand in de hall, waar ze in duidelijke taal te kennen gaf dat ze éérst cd’s zou signeren en daarna pas op de foto gaan. Dat laatste vergrootte nog sterker het gevoel van een gemiste kans, omdat de tijd die zij uittrok om de diva uit te hangen aan muziek maken had kunnen besteed worden.Wellicht een van de zeer zeldzame keren in mijn decennia als concertganger dat het voorprogramma de hoofdact met zovéél lengtes achter zich liet! (PJG)

Commentaar

logo_Exit_Q(2) De Culturele Raad meldt zich

Het lijkt er op dat het Stadsbestuur er een ‘adviserende partner’ bij krijgt, bij monde van de Culturele Raad die niet alleen een nieuwe voorzitter heeft aangeduid (Leo Derynck), maar die ook een frisse wind wil laten waaien in Brugge Cultuurstad. Ze zijn opvallend gestart. Wellicht daarom werd het Algemeen Beleidsplan 2013-2018  minutieus onder het vergrootglas gelegd en vatbaar voor verbetering gevonden. Zo betreurt de Raad dat de lokale verenigingen  ‘omzeggens niet aan bod komen in het Beleidsplan’, ziet ze ‘overdreven aandacht voor de noden van de jeugd en de sport’ en vraagt ze ‘meer aandacht voor een degelijk uitgebouwd algemeen informatiekanaal’ (‘liever dan zich te vergapen aan vluchtige mediakanalen zoals facebook en twitter’, klinkt het toch een beetje flauw.)

OP erfgoedgebied wil de Raad waarschuwen ‘voor  een te hippe en trendyachtige binnenstad’ en willen ze leegstaande religieuze gebouwen voorbehouden zien voor naar lokalen zoekende verenigingen. Het lokalentekort zou hier immers ‘een zeer zwaar probleem zijn’. Hiermee is duidelijk gemaakt dat de Raad zich voortaan om meer wil bekommeren dan om vrijkaartjes, recepties en straatnamen, en zich wil opwerpen tot een heus adviesorgaan.

De (nieuwe) Republiek op de lange baan?

Reeds eind 2011 werden de ambitieuze plannen  voor de totale renovatie van De Republiek, ooit het Brugse Concertgebouw!,  bekend gemaakt. De architectengroep presenteerde een plan dat de voortschrijdende verloedering van het gebouw een halt moest toeroepen en een oplossing bood om de ongebruikte ruimtes een creatieve invulling te geven. Uitbater De Korrelatie, die het gehele gebouw in erfpacht kreeg van de Stad, kocht zelfs het Hof de Plaisance in het Boterhuis aan om later in de plannen te integreren. Cinema Lumière bracht, als de motor van dit project, de nodige centen bijeen, daarin bijgestaan door het stadsbestuur. Vandaag zit het dossier echter muurvast bij de rechtbank. De zwakke plek in de constructie is het café van De Republiek dat een geheel eigen leven leidt en niet mee stapt in de renovatieplannen, en al zeker niet instemt met een tijdelijke sluiting tijdens de verbouwing.   Gevolg: een procedureslag die een ambitieus en hoognodig  plan verhindert van start te gaan.

Filmfestival in tien talen

Van 18 tot en met 23 november vindt in de zalen van Cinema Lumière het tweejaarlijkse Filmfestival SNT – Lumière plaats.  Het beste van Lumière in de 10 talen van SNT-Arsenaalstraat.  Dit tweejaarlijkse filmfestival lokte in de vorige editie 1500 bezoekers, waaronder heel wat anderstaligen voor de Nederlandstalige film.  Een gedetailleerd vertoningsschema, met 2 exclusieve avant-premières, vindt u op pagina 28.  Alle vertoningen zijn ook voor het Brugse publiek toegankelijk à (slechts) zes euro. (LF)

Tweeluik met vertrouwde en nieuwe gezichten

  

poj raahuset 2009

Poj Raahuset

Laura Toxværd 2009 Råhuset

Laura Toxvaerd

De harde kern bezoekers van het eerste uur zal er tijdens de eerste set alvast een aantal vertrouwde gezichten op het podium zien: Giovanni Di Domenico (Fender Rhodes), Marek Patrman (drums) en Hugo Antunes (bas) waren immers al eerder te gast, zij het niet noodzakelijk in deze combinatie, integendeel more likely elk in ander gezelschap.

Ook Peter Jacquemyn, is een graag geziene gast, intussen bekend – of is het berucht? – voor wat hij op contrabas en als keelzanger vermag. Voor deze gelegenheid gaat hij onder de intrigerende noemer “The Little Flipping Bird Band” muzikaal loos met  twee Deense muzikanten tijdens het tweede luik van de avond. Saxofoniste Laura Toxvaerd heeft 3 cd’s op haar palmares en over haar meest recente release “Phone Book” (ILK190CD) stond in mijn favoriete muziekmagazine Mojo te lezen: “If jazz is dead no one has told Denmark the news”. Drummer en multipercussionist P.O. Jørgens is zowaar al op ruim 50 (!) cd’s te horen, als sideman van o.a. jazzgrootheden als Evan Parker en Peter Brötzman, maar ook van bv. David Thomas (bekend van het legendarische Père Ubu).

“To explore strange new worlds…” luidde in mijn jeugdjaren steevast de intro van Star Trek (toen enkel een feuilleton). Dat wordt ook voor het publiek op 17 november de missie. (PJG)

 

Praktisch: Parazzar, zondag 17.11, uitzonderlijk al om 19.00 uur wegens double bill. 

Lionel Beuvens Quartet presenteert “Trinité”

 

LionelBeuvens_Igloo_aug12_©Joop_Pareyn_093

Lionel Beuvens foto Joop Patreyn

 

Drummer Lionel Beuvens vereert tijdens de maand november onze contreien meermaals met een bezoek: onlangs nog (09.11, De Werf) groeide mede dankzij zijn enthousiaste inbreng het concert van Fabrice Alleman New QuarTeT uit tot een ware triomf, en in de komende anderhalve week tekent hij voor nog twee optredens in de regio. Dan wel telkens met zijn Lionel Beuvens Quartet om de debuut-cd “Trinité” live te komen voorstellen.

Hoewel al langer met die groep actief, was Beuvens tot voor kort uitsluitend te horen op (tal van) cd’s van anderen (slechts een kleine greep: aRTET, Steven Delannoye Trio, het trio van zus Eve Beuvens, Cezariusz Gadzina Quartet…). Waarom het “even” wachten was op die eerste eigen cd, verklaarde hij in een interview met eXit als volgt: “Ik componeer heel traag: dit repertoire is over een periode van tien jaar geschreven.” Maar nu is er dus “Trinité” (IGL237), een (ook in de vormgeving) erg aantrekkelijke cd. Bovendien zeer gevarieerd, want met verschillende soorten jazz volgespeeld: niet bewust, maar veeleer het gevolg van het feit dat het componeren zich over zo’n lange periode heeft uitgestrekt, luidt de uitleg. De tournee in het kader van JazzLab Series brengt het Belgisch-Fins-Franse viertal achtereenvolgens naar Oostende (Vrijstaat O.) en naar Brugge (De Werf). Voor het optreden in Vrijstaat O. geldt dat wie zijn ticket in voorverkoop koopt, daar van platenfirma Igloo gratis het debuutalbum – in digitaal formaat dan wel – bovenop krijgt! (PJG)

Praktisch: zondag 17 november om 17.00 uur in Vrijstaat O. (www.vrijstaat-o.be)   

                 vrijdag 22 november om 20.30 uur in De Werf (www.dewerf.be)

Het volledige interview met Lionel Beuvens is te lezen in de “papieren” eXit van november.

Lumière trekt kaart van de jeugd met jongerenwerking PLATFORM

PLatform Lumiere

PLATFORM, zo heet de kersverse jongerenwerking verbonden aan Cinema Lumière. De groep van een achttal jongeren, tussen 18 en 23 jaar, wil film via een thematische insteek dichter bij de jeugd brengen. Corneel Teerlinck, de bezieler van het initiatief, licht toe.

‘PLATFORM bestaat uit een groep jongeren die allen betrokken waren in de jongerenjury van het Cinema Novo Festival. We vonden het eigenlijk wel jammer dat er op vlak van film geen permanente activiteiten van en voor jongeren waren in de Brugse binnenstad. Op die manier is het idee voor een jeugdwerking zeer spontaan gegroeid.’ Die werking vertrekt van een eenvoudig maar essentieel uitgangspunt: het organiseren van maandelijkse filmavonden voor jongeren in de Lumière. Uiteraard aan een goedkoper tarief. ‘De film op zich vormt steeds de basis. Daarnaast zullen we proberen om altijd iets extra te brengen. Meestal zal dat een filmmaker zijn die eerst eigen werk voorstelt, waarna een film wordt getoond die de cineast gekozen heeft en vervolgens bespreekt. Nadien kan het publiek, dat zeker niet alleen uit jongeren hoéft te bestaan, nog napraten bij een glas in de foyer van de Lumière. Onze naam geeft ook weer dat we vooral jonge, beloftevolle filmmakers een podium willen geven. Op de aftrap van ons initiatief in oktober, een groot succes trouwens, hadden we Nicolas Keppens en Emmy Storms als gastsprekers. Zij zijn twee opkomende talenten in de animatiefilm, die hun eigen werk voorstelden. In november komt Bruggeling Gilles Coulier langs, die al met twee kortfilms op het filmfestival van Cannes stond. Niet de minste dus’. De eerstvolgende avond (20 december) is er eentje voor de Brugse jeugdbewegingen. Wes Anderson’s Moonrise Kingdom prijkt op de affiche, en voor de gelegenheid wordt de bar omgetoverd in een kerstbar met onder andere gluhwein.

Inhoudelijk zullen de avonden aansluiten bij het gangbare aanbod van de Lumière. Zeg maar de iets meer alternatieve film, zonder al te experimenteel of art house te willen gaan. ‘Als we geen gastsprekers hebben, willen we in de eerste plaats inhoudelijk iets opvallends of nieuws aanreiken. Zo staan er ook thematische filmavonden gepland. In januari focussen we bijvoorbeeld op de Aziatische film.’ Voorts wil PLATFORM vooral een dynamisch gegeven zijn. Iedereen die een idee heeft voor een thema, is welkom. Op die manier is er geen vaste groep die de avonden organiseert, maar kunnen meer mensen betrokken zijn. Anderzijds wordt de continuïteit van PLATFORM als werking op zich juist meer gegarandeerd. (AJ)

 Info: maandelijkse filmavond van en voor jongeren, steeds op vrijdag om 22.30 uur

5 euro voor -26

https://www.facebook.com/platformbrugge/events

Een kwartet om te (her)ontdekken!

 

jl1FABRICE ALLEMAN-ObviouslyIk beken zonder schroom: mijn voornaamste drijfveer om me op 7 juli 2012 naar Gent Jazz te begeven voor het optreden van Fabrice Alleman New QuarTeT, was het aantrekkelijke vooruitzicht zowel Nathalie Loriers als Lionel Beuvens in die groep te zien spelen. Echter: naarmate het concert vorderde, zochten mijn ogen en oren ook steeds vaker de landgenoot uit Bergen aan wie dat viertal zijn naam ontleent en werd mij alsmaar duidelijker waarom die muzikant (sax, klarinet, fluit en soms ook even zanger) in 2011 de Sabam Jazz Award had gewonnen en daarmede een plaats had veroverd in het programma van het Gentse Jazzfestival.

Hoewel hij zich niet beperkt tot één muziekgenre – zoals blijkt uit zijn medewerking aan cd’s van o.a. Adamo – gaat de voorkeur van deze rietblazer onmiskenbaar naar jazz uit. Na lidmaatschap van en opnames met heel wat (en de meest diverse) jazzformaties, bracht hij begin dit jaar met zijn eigen kwartet – waarin naast de reeds vermelde muzikanten ook Reggie Washington op bas – op Igloo Records de cd “Obviously” (IGL 241) uit. De Werf haalt dit ijzersterke kwartet op 9 november naar Brugge. (PJG)

Praktisch: zaterdag 09.11 om 20.30 uur – info en tickets: www.dewerf.be

 

Elements pakt uit met debuutcd

Elements-color-webReleaseshow op vrijdag 8 november in JH Comma

We hebben een aantal jaren geduld moeten oefenen, maar nu kunnen we horen hoe de vier leden van de uiteengevallen groep Red Zebra klinken zonder zanger Peter Slabbynck. Ze hebben zich verzameld onder de groepsnaam Elements en stellen op vrijdag 8 november hun titelloze cd voor in jeugdhuis Comma (Het Entrepot).

De mannen van Elements zijn Sam Claeys (zang, bas), Johan Isselée (drums), Geert Maertens (gitaar) en Chris Deneve (gitaar, toetsen). Sinds eind 2010 hokken ze samen in het repetitiekot. Pas drie jaar later vloeit daar een debuutcd uit voort.

Sam Claeys: ‘Het heeft misschien lang geduurd, maar in het begin vlotte het schrijven niet zo goed omdat het emotionele aspect van de split nog te veel doorwoog bij ons. We hebben ons erover gezet en beginnen te werken aan songs. Hoe meer we speelden, hoe meer de puzzelstukjes mooi in elkaar vielen.’

 EXit: Elements opereert in het genre new wave.

Claeys: ‘Niet volledig mee akkoord. We worden met veel groepen vergeleken en al snel wordt de stempel van new wave op ons hoofd gezet, maar wij vinden dat het niet echt zo klinkt. We hebben er diverse geluidjes aan toegevoegd. Dat doet onze sound modern klinken.’

EXit: Het klinkt, misschien op een nummer na, niet als Red Zebra.

Claeys: ‘Dat vinden wij ook, maar het zorgt wel voor een dubbel gevoel. Enerzijds opent de naam Red Zebra nog altijd een aantal deuren, anderzijds willen we die naam eindelijk ook eens van ons afschudden. Sommigen vinden zelfs dat wij geen Zebra-nummers moeten spelen op liveconcerten, dat we gewoon ons eigen ding moeten doen. Ik ben Peter Slabbynck niet. Ik kan niet wat hij kan, maar hij kan ook niet wat ik dan weer wel kan.’

EXit: Sam, jij treedt nu op de voorgrond als zanger én tekstchrijver?

Claeys: ’Ik kan me goed in deze rollen vinden. Ik heb bij de opnames veel hulp gekregen van Johan. Hij leverde telkens opbouwende kritiek over mijn zangprestaties. Hij heeft me een dimensie hoger geduwd. Johan is een goede leermeester geweest.’

‘Het opnameproces nam niet zo veel tijd in beslag, maar de mixing wel. We hebben hiervoor een beroep gedaan op onze geluidsman Peter Van Mulders en KVS-geluidstechnicus Steven Lorie. De P.A.-tafel staat gewoon in zijn living, we hebben daar de plaat gemixt. Aangezien we er allemaal een dagelijkse job op nahouden, heeft het mixen wat meer tijd in beslag genomen.’

The Nunn Story

EXit: De mastering van jullie nieuwe cd is gebeurd door Adam Nunn in de Abbey Road Studios. Dat is een bekende naam, niet?

Claeys: ‘Dat klopt, hij heeft nog aan cd’s gewerkt van Radiohead, TV On The Radio, The Human League om er maar een paar op te sommen. Je kunt dat in ons land dat ook goed laten doen, maar we hebben dus voor de mastering even over de landsgrenzen heen gekeken. Het was geen goedkoop proces, maar het resultaat mag er best zijn.’

EXit: Voor onze lezers: verduidelijk je nog even wat masteren inhoudt, Sam?

Claeys: “Masteren is het afwerken van de mix naar een totaalklank. De verhouding tussen alle frequenties wordt beluisterd en zichtbaar gemaakt. Degene die de mastering doet, zorgt ook voor kleine klankcorrecties. Door een compressor krijgen alle nummers een beetje meer volume. Bij een mastering wordt ook de volgorde van de nummers bepaald en de pauzes tussen de nummers ingevoerd. Met andere woorden: door de mastering krijgen alle songs een ietsje meer schwung.”

EXit: Op vrijdag 8 november krijgt het Brugse publiek in JH Comma een staalkaart van Elements te horen?

Claeys: ‘Ja. We zijn blij dat we voor JH Comma hebben gekozen. Het krijgt meer en meer de allure van een echte club. Ze beschikken er over goede apparatuur waardoor het als band een plezier is om daar op te treden.’

(ADC)

Info: www.elementsmusic.be

Jazz met een improvisatiebril op


Trio à Lunettes

Trio à Lunettes (foto Guy Vandepoel)

Tijdens een kort verblijf in la ville lumière eerder dit jaar pikte Joeri Hostens enkele concerten in het kader van het festival ‘Les Soirées Tricot’ mee, waar hij het genoegen smaakte kennis te mogen maken met de muzikale exploten van Trio à Lunettes. Dat maakte blijkbaar indruk, want na hun optreden confronteerde hij de muzikanten met de vraag of ze interesse hadden om in Brugge – lees: Parazzar – te komen optreden. Nu wil het toeval toch wel dat het trio zèlf al gepland had eind oktober/begin november een korte tournee doorheen België en Nederland te maken! Vraag en aanbod bleken zonder probleem op elkaar te kunnen worden afgestemd, wat op de arbeidsmarkt tegenwoordig een zeldzaamheid mag heten en dus op alle banken applaus verdient.

Quentin Biardeau (saxen), Léo Jassef (piano) en Théo Lanau (drums), verenigden zich, na elk afzonderlijk al een heel parcours te hebben afgelegd, bewust in een niet-alledaagse bezetting: een formule zonder bassist. Ze brengen – ongetwijfeld óók een reden waarom ze zich in Parazzar straks van het podium meester mogen maken – grotendeels geïmproviseerde muziek, met als vertrekbasis eigen originele composities. (PJG)

Praktisch: zondag 3 november om 20.

Christine Comyn: ‘Ik leef voor schoonheid’

Christine Comyn

Christine Comyn (Foto Stijn Vos)

Tentoonstelling in Absolute Art Gallery

In wat voorheen de (getraliede) directeurswoning van de gevangenis ’t Pandreitje was, heeft vandaag de Brugse kunstenares Christine Comyn haar hagelwitte atelier, boordevol gestouwd  met talloos veel portretten en figuren. Comyn schilderde zich in 2010 in de aandacht met haar portrettenreeks rond de tragische figuur van Marie-Antoinette, een van de vele prominente slachtoffers van de Franse Revolutie.

EXit: Was ‘Beroep: kunstenaar’ de ultieme droom?

Christine Comyn: ‘Nee, het was niet mijn bedoeling, maar ik heb wel altijd ‘getekend’. Ik heb grafiek gestudeerd in Sint-Lucas (Gent) en werkte nadien een tijdje als illustrator bij Uitgeverij Lannoo. Uiteindelijk mocht ik aan de Academie van Tielt aan de slag als lesgeefster. Dat heb ik volgehouden tot in 1997. Het was een boeiende periode en het contact met de studenten werkte zeer inspirerend. Maar op veertigjarige leeftijd heb ik de definitieve stap ‘naar vrijheid’ gezet.’

‘In de beginfase werkte ik uitsluitend figuratief en picturaal. Overwegend vrouwenfiguren. Nadien evolueerde ik naar thematisch werk. Ben dan ook de geschiedenis van de 18de en de 19de eeuw in gedoken, en daaruit is het project rond de figuur van Marie-Antoinette voortgekomen.’

EXit – Hoe bent u bij het onderwerp Marie-Antoinette gekomen?

Comyn: ‘Toen ik een biografie van Stefan Zweig, een groot auteur, las over Marie-Antoinette ,was ik enorm aangegrepen door deze figuur. Vooral door het extreme leven dat ze geleid heeft als laatste koningin van Frankrijk. Aanvankelijk was ze zeer geliefd, ze was ook zeer frivool en naïef. Naarmate ze ouder werd en heel wat te verduren kreeg, veranderde ze totaal van karakter. Die metamorfose sprak me geweldig aan. Daaruit is de tentoonstelling in Versailles en het bijbehorend boek voortgekomen.’

EXit: Schoonheid krijgt bij u een aparte invulling.

Comyn:  ‘Die is er vooral gekomen door mijn voorliefde voor het Victoriaanse Engeland  en de invloed van figuren daarin als John Rusking. De kunst in het 19deeeuwse Engeland verschilde grondig van het Franse impressionisme en werd gedomineerd door de voorliefde voor l’art pour l’art en het plezier van het schilderen op zich, los van het onderwerp. Ik vond mij daar geheel in terug. Ook vandaag nog voel ik mij een estheet, ik leef voor schoonheid in de ruime betekenis ervan. Het zintuiglijke speelt daarin een grote rol.’

 EXit: U bereidt nu een groots kunstproject voor in opdracht van Prins de Mérode?

Comyn: ‘Het project heet ‘Derrière la façade’ en moet een artistieke ode worden aan de geschiedenis en het imago van dit adellijke geslacht. Het familieverhaal dient daarbij als uitgangspunt, maar laat ons verder geheel vrij in de invulling ervan. Samen met enkele medewerkers bestuderen we nu het 700 meter tellende archief, om van daaruit het volledige interieur van het kasteel (in Westerlo) te gebruiken als decorum.’

EXit: Wat toont de tentoonstelling in Absolute Art Gallery?

Comyn:  ‘Vanuit die kasteelopdracht kwam ik terecht bij de expressie van dansende en bewegende vrouwenfiguren. Ik had vroeger al dansende figuren geschilderd, en ik ben op dat élan verder gegaan. Ik beoog hier veel expressie, contrasten tussen licht en donker, meestal rudimentair geschilderd, zonder veel details. Het is een spel geworden met verf en kleur en snel aangezet, want het moest er meteen bovenop zijn. En het was bovenal heel leuk om te doen.’ (LF)

Info: Christine Comyn in Absoute Art Gallery (Dijver) tot 17 november. Gesloten op woensdag. http://www.absoluteartgallery.be

 

%d bloggers liken dit: