Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Marec en de kunst van het tacklen

Marec

Marec (Foto Stijn Vos)

‘Het is Russische roulette, elke dag weer’

‘Op papier de beste’ titelde de Brugse cartoonist Marec in 2002 zijn eerste jaaroverzicht in cartoons en beeldverhaal. Vandaag, veertien edities en één kalender verder, is er ‘Kussen uit België’, een vermakelijk beeld van een rumoerig jaar, van Obama 2.0 tot Benedictus XVI, van Bart De Wever tot Jan Becaus, maar evengoed gemeende tranen om Egypte en Syrië. Het jaar in woord en beeld (en in stift).

Criteria: ‘Ik selecteer het jaaroverzicht samen met mijn echtgenote. Zo testen wij elkaar. Niet gemakkelijk, nee. Tekeningen die ik zelf heel goed vind, moet ik vaak schrappen, omdat de actualiteit weg is. Actualiteit is een moeilijk ding, want de overkill aan informatie is een heus probleem: wat wel, wat niet? Anderzijds neem ik meestal een aantal tekeningen rond hetzelfde thema dat men zich een jaar later nog herinnert. ‘Kussen’ is mijn veertiende jaaroverzicht, slechts één keer (succesvol) onderbroken door een jaarkalender.’

Stijl: ‘Of mijn stijl het eeuwig leven heeft? Het is in elk geval niet aangewezen om te veranderen van stijl. Je moet continuïteit nastreven, een eigen gezicht verwerven. Op dat vlak zit ik vrij safe bij Het Nieuwsblad en Dag Allemaal, hoewel je daarin geen zekerheid hebt. Nieuwe chefs wisselen graag van tekenaars. Ik ga ook niet wisselen van krant, hoe aantrekkelijk dat ook moge lijken. Ik wil heel graag heel lang aan de slag blijven, al ben ik nu reeds een beetje ‘éminence grise’. Ik hoop, tenslotte, dat de papieren krant het nog een tijdje uitzingt.’

Publiek: ‘Ik bezorg de dagelijks cartoon(s) tegen de deadline aan, vaste gewoonte. Een plan B voor als het niet lukt is er niet, het moet, het is Russische roulette elke dag weer.’

‘Ik teken over alles wat in het nieuws komt. Ook over sport, al zijn de tenen daar extra lang. Veel over Club Brugge? Ja, sowieso, Club komt veel in het nieuws en Preud’homme en voorzitter Verhaeghe  laten zich goed portretteren. Niet over Cercle, nee. Waarom? Voetbal in het dagelijkse nieuws gaat over maximaal vijf ploegen en Cercle hoort daar niet bij. Ik krijg natuurlijk heftige reacties over mij heen, niet allemaal even plezant. Ze koppelen dat aan het feit dat ik Cercle-supporter ben, weze het dan één van de rustige soort zonder sjaal, muts en vlag. Voetbalsupporters zien vaak het onderscheid niet.’

Gevoeligheden: ‘Hou ik steeds minder rekening mee. Tragedies, zoals de busramp in Sierre, laat ik niet voorbij gaan, al probeer ik dat vooral symbolisch en ingetogen te illustreren. Ik hoor dat mensen daar soms steun in vinden. Spijt heb ik nooit, tenzij over het feit dat ik het geen goede tekening zou vinden.’

‘ Ik heb natuurlijk een evolutie meegemaakt. Toen ik debuteerde (in ’96) moest  een cartoon hard en het liefst choquerend zijn. Zo tekende ik ook in Uitkrant. Vandaag probeer ik vooral eerlijk te zijn met mezelf, anders hou je het niet vol. Nu teken ik met evenveel plezier zelfs romantische cartoons zoals over enkele van mijn jeugdidolen als Adamo en Rocco Granata. Ik ben een volbloed romanticus, ik laat mij daar behoorlijk door vangen. Dit is de luxe van het ouder worden zeker? Ik vind: als je het talent hebt om iemand te tacklen, moet je ook het talent hebben om te zegen dat het goed is.’

Cartoonisten: ‘Mijn favoriete tekenaars zijn 70’ers, Wolinski en Cabu, uit de stal van Charlie Hebdo en Le Canard Enchainé, omwille van hun ideeën en hun tekenstijl. In het vrouwelijke landschap apprecieer ik de Franse Catherine Meurisse, hoewel vrouwelijke cartoonisten doorgaans gerecupereerd worden door het feminisme. Moet heel vervelend werken zijn. Een tekenaar moet het geheel overzien en niet alleen één bepaalde strekking, of je bent niet goed bezig.’

Schetsen & schilderen: ‘Een paar jaar geleden heb ik een huisje gekocht in de Korte Roopeerdstraat waar ik mij terugtrek om te schilderen, hoewel dat nu eventjes op een laag pitje staat. Ik hou mij nu vooral bezig met schetsen, vaak tot stand gekomen tijdens vakanties in de Provence. Ergens in juni worden ze tentoon gesteld in een Brusselse galerij. Door mijn schetsen evolueer ik naar meer stijl en tekening. Ik zat ooit als jonge gast in de Stedelijke Academie naast Robert Devriendt (LF. Brugse kunstschilder) die toen al getuigde van enorm veel talent. Hij adviseerde mij: Marc, vergeet nooit hoe de werkelijkheid er uit ziet. En dat probeer ik te doen.’ (LF)

Kussen uit België, Marec, uitg. Van Halewyck, 12,50 euro

Comments are closed.

%d bloggers liken dit: