Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

(Provinciale) natuurgebieden in woord en beeld

Scan Fort van BeierenScan Meetkerkse Moeren

Bent u nog niet eerder in het Provinciale Tolhuis (ooit Stadsbibliotheek!)  op het Jan Van Eyckplein geweest, dan hebt u nu een geldige reden. Twee stevige brochures over twee weinig bekende natuurgebieden in de Brugse rand, bijeen gefilosofeerd door natuurfilosoof Jan Desmet, liggen er gratis op u te wachten.

De eerste brochure beschrijft het ontstaan, de evolutie en de huidige situatie van het Fort van Beieren in Koolkerke, een voormalig privébezit dat sinds 1998 provinciaal bezit is en sinds 1999 opengesteld voor de publiek. Desmet noemt deze site ‘De Brugse Ardennen’ of ‘De ster van Koolkerke’.  Dit fort heet bovendien ‘het best bewaarde fort uit de regio’, maar het gaat hier natuurlijk om een aarden, stervormig fort waarvan momenteel het ontbrekende stuk wordt gereconstrueerd.  Desmet vertelt het hele historische verhaaltje: van de ontstaansperiode 1701-1713, de functie als frontstreek , de Duitse naam en het verdwenen kasteel. Begin 1800 werd er een nieuw kasteel opgetrokken dat helaas in 1956 werd afgebroken en waarrond nogal wat straffe verhalen bestaan. Foto’s en mondelinge getuigenissen leggen dit stuk lokale historie voorgoed vast.  Desmet heeft, noblesse oblige, vooral aandacht voor de flora en fauna van dit weinig bezochte natuurgebied. Met de restauratie van dit ‘fort’  is een bedrag van bijna 932.000 euro gemoeid. Het resultaat, besluit Desmet: ‘Een waarheidsgetrouwe herbeleving van het landschap, zoals het er drie eeuwen geleden bijlag, zal uiteraard niet meer lukken’, maar het maakt een fragmentje uit de geschiedenis van Brugge en omstreken tastbaarder en concreter.

De Meetkerkse Moeren 

Even informatief en vlot verteld is de brochure over de Meetkerkse Moeren, een kleine 500 hectare ‘Lage Moeren’ tussen Meetkerke, Zuienkerke,  Varsenare en Sint-Andries, overigens geen provinciaal domein. Dit prachtige natuurgebied, zeer bekend bij de duizenden fietsers die langs de vaart richting Oostende trekken, is uniek bewaard gebleven, dankzij veel overheidsinspanning. Dit waterrijke natuurgebied werd eeuwenlang via het Blankenbergs Vaartje gedraineerd tot het in de twintigste eeuw via de Oostendse Vaart werd droog gelegd. Desmet beschrijft de typische kenmerken van dit gebied met veel aandacht voor de ‘eendenkooi’ (geen kooi, maar een omheind gebied met fuiken) die er voor de vangst zorgden. Minder bekend is het verhaal over de pioniersrol van graaf Leon Lippens (1911-1986) die dit natuurgebied voor het nageslacht heeft helpen bewaren. Het merendeel van  deze boeiende pagina’s gaan over de zeldzame vogelsoorten (waaronder enkele zeearenden)  die er neerstrijken, de zeldzame flora (de grote ratelaar) en ‘de terugkeer van de laantjes’ (kaarsrechte greppels om het grasland te ontwateren). Leerrijk! (LF)

Beide brochures zijn gratis te verkrijgen in het Tolhuis op het Jan Van Eyckplein.

Comments are closed.

%d bloggers liken dit: