Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Verdier (interpret)eert Van Eyck

Fabienne Verdier

Verdier monumentaal in Sint-Janshospitaal (foto Sarah Bauwens)

Met de tentoonstelling Hommage aan de Vlaamse meesters reikt het Groeningemuseum de hedendaagse kunst voor het eerst de hand. Verspreid over vijf zalen zijn een twintigtal werken van de Franse kunstenares Fabienne Verdier (°1962) te zien. De Parisienne, in Frankrijk al geruime tijd een bekende naam, is aan een steile opmars bezig. Verschillende publicaties zijn reeds aan haar werk gewijd, dat voorheen te bezichtigen viel in Lausanne, Singapore, Londen, Brussel en Parijs. Nu dus ook in Brugge.

Bepalend voor Verdiers stijl is haar tienjarig verblijf in China (1984-1993). Ze raakte er in de ban van de Chinese kalligrafie en het schilderen met inkt. Eens terug in Europa, ging ze een stap verder. De kunstenares behield de Chinese techniek maar oefende deze nu uit op canvas van soms enorme afmetingen, in plaats van kleine stukjes papier en zijde. Hetzelfde gold voor de oorspronkelijk fijne pen: deze werd getransformeerd in een gigantische kwast, gemaakt van een dertigtal paardenstaarten, bevestigd aan het plafond van haar atelier.

Dezelfde methodiek hanteerde Verdier voor haar serie, opgedragen aan de Vlaamse meesters. De schilderijen uit de reeks, met zes topwerken van Van Eyck, Van der Weyden, Marmion, Memling en Van der Goes als inspiratiebron, zijn zeer minimalistisch en gestileerd. Het indrukwekkendste werk van de Française is ongetwijfeld het veelluik Polyfonie – Ascese. Dit gigantische werk van ongeveer 7 meter hoog en 4 meter breed, dat als enige is ondergebracht in het Sint-Janshospitaal, is Verdiers antwoord op Madonna met kanunnik van der Paele van Van Eyck. Op elk van de twaalf panelen van het werk staat een net niet gesloten zwarte cirkel tegen een zilvergrijze achtergrond. ‘Toen ik met Van Eycks meesterwerk bezig was, werd ik al snel getroffen door de alomtegenwoordigheid van cirkels. Sommige waren duidelijk zichtbaar, zoals in het maanglas achter de troon van de Madonna of de beschermplaten op de schouders en de ellebogen van het harnas van Sint-Joris; andere waren ietwat vertekend, zoals de motieven van het grote tapijt in het midden. Die cirkels, die als een geheime code over het beeldvlak verspreid zijn, intrigeerden me des te meer omdat de bijna gesloten cirkel jarenlang – en in de lijn van mijn lessen Chinese kalligrafie en filosofie – een steeds terugkerend motief in mijn eigen werk is geweest’.

De link met de Vlaamse primitieven is niet vanzelfsprekend maar is er wel, zij het zeer subtiel. Een vorm, een kleur, een suggestie; meer is het vaak niet. Bovendien, zoals de titel van de tentoonstelling aangeeft, was het niet zozeer Verdiers bedoeling om de Vlaamse meesters te imiteren, dan wel om ze hulde te brengen. ‘Op geen enkel moment gedurende de vier jaar die ik bijna uitsluitend aan de studie van de Vlaamse primitieven heb gewijd, heb ik geprobeerd te wedijveren met de meesterwerken van Van Eyck, Van der Goes of Memling. Ik wou achterhalen hoe het komt dat deze panelen ons na meer dan vijf eeuwen al evenzeer kunnen beroeren als eigentijdse schilderijen. Gaandeweg hebben de oude meesters mij dan hun zekerheden prijsgegeven: door mijn werk wilde ik absoluut uitvinden hoe het komt dat wij ons nog steeds zo verwant voelen met de Vlaamse primitieven’. Aan u om te oordelen of Verdier in haar opzet is geslaagd.   (ALEXANDER JOCQUE)

Fabienne Verdier: hommage aan de Vlaamse meesters’ loopt nog tot 25 augustus in het Groeningemuseum

Comments are closed.

%d bloggers liken dit: