Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

Brugse danser danst Emio Greco (13.2)

De Italiaanse choreograaf en danser Emio Greco, sinds veel jaren geregeld op de Brugse dansscène te bewonderen, tekent van 11 tot 13 februari voor een tweedaags dansfestival. Op de openingsavond staat Ravels Boléro op het programma, op zaterdag 13 nodigt hij het ‘Ballet National de Marseille’ uit en daarbij danst iemand van Brugse bodem: Nahimana Vandenbussche. Een portret.

Nahimana: ‘Ik kom binnenkort in het Concertgebouw dansen met het Ballet National de Marseille. Ik ben van Brugse origine, uit Sint-Kruis. Ik ben beginnen dansen bij Fedes toen ik acht jaar oud was, en dat in het Bloso- centrum in Sint-Kruis. Ik volgde toen een paar uurtjes jazz en ballet per week.’‘Toen ik 12 jaar was deed ik een auditie voor de Koninklijke Balletschool in Antwerpen. Ik werd er aangenomen en startte mijn professionele dansopleiding onder de artistieke directie van Mariniela Panieda en later Kimmy Lauwens.’

‘De eerste drie jaren van mijn opleiding waren vooral gericht op klassieke dans, maar daarnaast had ik ook jazz, karakterdans, moderne dans en Spaanse dans op het programma. Later kwamen daar ook nog Pas de Deux  en de Graham-techniek bij kijken. In mijn vijfde jaar moest ik kiezen of ik verder wou gaan met de klassieke dansopleiding of gaan voor de hedendaagse opleiding. Ik koos voor de hedendaagse opleiding waar bovenop het klassiek en Graham, ook improvisatie-technieken en Cunningham bij kwamen.’

‘Na mijn zesjarige opleiding, die geëindigd is in juni 2007, ben ik in augustus van datzelfde jaar naar Dresden gegaan omdat ik er één van de vierentwintig geselecteerden was, na audities overal in Europa, om deel te nemen aan D.A.N.C.E II ( Dance Apprentice Network aCrosse Europe ) dat onder leiding stond van vier choreografen: William Forsythe, Wayne Mc Gregor, Angelin Preljocaj en Frederic Flamand. Onder leiding van deze vier toppers waren wij gebased in Dresden: we deden er veel workshops en dansten mee in voorstellingen van deze choreografen, en dat zowat overal in Europa. In 2009, op het einde van deze tweejarige intensieve danservaring, heeft Frederic Flamand, toen directeur van het Ballet National de Marseille, mij uitgenodigd om te komen dansen in zijn danscompanie, waar ik nu deel van uitmaak sinds 2009’

‘ Vele tournees en creaties later kom ik eindelijk eens dansen voor eigen huis. Wat voor mij heel speciaal is, want het is allemaal in Brugge begonnen. Vandaag zijn mijn nieuwe directeurs Emio Greco en Pieter C Scholten, en het werken met deze compagnie bevalt bijzonder. Ik blijf nog een tijdje in Marseille werken, maar ik weet natuurlijk niet wat de toekomst brengt.’ (LF)

Extremalism _ Ballet National de Marseille _ ICKamsterdam _ credits Alwin Poiana (17)Domein Emio Greco van 11 tot #3 februari. Het Ballet National de Marseille danst zaterdag 13.2. Info op http://www.concertgebouw.be

 

Rudy Trouvé solo in de Biekorf!

RudyTrouvé_BacheJespers

Foto Bachejespers

 

Muziek voor fijnproevers

 Wie het vakmanschap van muzikant/kunstenaar Rudy Trouvé live wil zien, moet op vrijdag 5 februari afzakken naar theaterzaal De Biekorf (en niet naar de MaZ, zoals eerder verkeerdelijk vermeld). De man geldt als één van de meest gerespecteerde artiesten binnen de Belgische muziekscène en was in ontelbaar veel bands actief (dEUS, Dead Man Ray, Kiss My Jazz, Gore Slut…). Die avond zal Trouvé, die zichzelf als ‘een doe-het-zelver en een slechte gitarist annex klankfetisjist’ typeert, vooral putten uit eigen repertoire. Een aanrader.

Rudy Trouvé: ‘Mijn optreden is geen round up. Ik speel al lang solo en dat is een moeilijke bevalling geweest. In het begin werd ik er heel zenuwachtig van. Het heeft mij jaren gekost om de voordelen ervan in te zien. Al een tijd ben ik met videokunst bezig en dat heeft me ertoe aangezet om solo-optredens te spelen. Ik maak heel graag filmpjes en die optredens geven mij dus een goed excuus om die te laten zien. In veel gevallen gebruik ik die filmpjes ook als begeleidingsgroep.’

 EXit: Je hebt geen muzikanten nodig dan?

Trouvé: ‘Specifiek voor die avond niet. De chemie van een groep is een heel andere zaak. Nu ben ik heer en meester over alles.’

 EXit: Vanwaar komt die zenuwachtigheid? Angst voor het podium of angst om alleen aan de slag te gaan?

Trouvé: ‘Beide. Ik werk altijd met muzikanten die aanzienlijk beter zijn. Zelf ben ik een heel beperkte muzikant. Als ik met andere mensen werk en andere muziek maak, dan ontstaat er een andere chemie. Er gebeurt altijd iets tussen mensen. Ik heb het geluk dat mensen het niet erg vinden dat ik beperkt ben. Ik voel me vereerd dat mensen met meer talent graag met mij willen samen spelen. Ik kan goed structureren en songs maken, maar puur technisch moet je bij mij niet aankloppen voor een blueske. Tijdens mijn solo-optredens sta ik bij wijze van spreken naakt op het podium. Aangezien ik nu vals speel door mijn eigen begeleidingsgroep – bestaande uit mezelf en de projectie – te creëren, valt die angst grotendeels weg. Ik film een stukje accordeon of enkele trommelslagen en ik verknip dat tot brokjes muziek. Voor mijn backings laat ik soms ook gewoon een tekenfilmpje zien.’

EXit: De klank primeert en niet het beeld?

Trouvé: ‘Het is een samenspel tussen beide. Ik vind het eigenlijk belangrijk als je optreedt dat het een gebeurtenis is. Ik zoek nu naar een evenwicht tussen een traditioneel optreden en een totaalgegeven.’

 EXit: Je optreden wordt omschreven als ‘iets tussen een klassiek singersongwriteroptreden en een jaren ’70 dia-avond’. Is dat het gevoel dat moet primeren?

Trouvé: ‘Ik vind dat wel belangrijk. Een van de meest positieve opmerkingen die ik kreeg was van iemand die zei: het is alsof je je atelier naar de mensen brengt. Het wordt een intiem gebeuren, een livingroomconcert bij wijze van spreken. Ik probeer mijn uiterste best te doen om er een event van te maken.’

 EXit: Valt je mini-tournee samen met het twintigjarig bestaan van je label Heaven Hotel?

Trouvé: ‘Niet per se, maar het is wel zo dat ik een aantal klassiekers uit het grote Heaven Hotel Songbook zal spelen. Ook nieuwe nummers. Ik moet selecteren, want ik heb een repertoire van meer dan twee uur.’

 EXit: Hoe bepaal je dat?

Trouvé: ‘Ik leg een groot deel op voorhand vast, maar ik pas mijn set ook aan de stemming van de avond aan. Het is een aangenaam gevoel dat het gevarieerd is. Zie het als: Man met akoestische gitaar. Man met elektrische gitaar. Man met loops. En man met filmpjes.’

EXit: Hecht je meer belang aan muziek of meer aan kunst?

Trouvé: ‘Ik maak daar nooit een onderscheid in. Ik denk ook heel visueel. Ik ben niet het type muzikant dat melodieën in zijn hoofd hoort. Ik zie vooral vormen en structuren. Ik beschouw muziek ook als kunst, dus voor mij is dat één pot nat.’

 EXit: Je hebt in al die jaren een groot oeuvre bij elkaar geschreven. In 1995 ben je uit dEUS gestapt, de beste Belgische band ooit. Er is daar toen veel inkt over gevloeid. Kijk je, na twee decennia, daar anders op terug dan toen?

Trouvé: ‘Gedeeltelijk wel. Dat was een jongensdroom dat geleidelijk aan in een nachtmerrie was veranderd. Het was toen hoog tijd voor mij om ermee te stoppen en achteraf bekeken vind ik wel tof dat ik die periode heb meegemaakt. Het toeren was toen zeer zwaar en we werden op korte tijd zeer groot. De romantiek van met een groep in een bestelwagen te zitten en dan ergens een publiek van muziekkenners te veroveren transformeerde in een grotere tourbus met meer personeel dan muzikanten en een publiek dat je meer als het snoepje van de dag zag. In feite was daar niets mis mee, maar voor mij hoefde het niet meer.’

ANTOINE DE CLERCK

Info: www.cactusmusic.be 

Uitwijken met Cirque Masala

Sven Roelants_Ellen De Meulemeester

Foto EDM

 

In februari wordt het uitkijken naar de tweede editie van het winterfestival Wintervonken dat plaats vindt op de Burg op 5 en 6 februari, telkens van 19 u. tot 22.30 u. Om in de winterse feeërieke sfeer te komen organiseert Brugge Plus voorafgaand Uitwijken. Op vijf verschillende locaties rond Brugge zal men kunnen genieten van Aurora Tornalis, een dansvoorstelling waarin de groep vzw Cirque Masala, bestaande uit een steltloper, twee dansers, een vuurmeester en drie muzikanten die 30 minuten lang een oosters geïnspireerde voorstelling brengen. Bruggeling Sven Roelants, de bezieler van dit project, verwacht dat de voorstelling vooral het gevoel van verwondering zal opwekken bij de toeschouwers.

EXit: Hoezo, verwondering?

Sven Roelants: ‘De meesten zullen het wat bevreemdend vinden, denk ik. Aurora Tornalis is een mystieke show die geïnspireerd is door heel wat verschillende oosterse rituelen, dansvormen en muziekstijlen, zoals onder andere de Indische Kathak en de Turks/Perzische Derwisjen. Tom De Cuyper, één van onze dansers, heeft de choreografie uitgewerkt. Er zit een hypnotisch aspect in dat mensen wellicht zal intrigeren. De combinatie van dans en vuur geven het natuurlijk ook een extra spectaculair effect. Ik hoop dat de toeschouwers gecharmeerd zullen zijn door de muziek, aangezien de composities zeer sterk zijn. Leen Minten, één van de muzikanten waar ik in het verleden nog mee heb samengewerkt, heeft de muziek geschreven in overleg met de andere muzikanten. De muziek wekt een oosterse sfeer op, mede dankzij de instrumenten die gebruikt worden, zoals de Indische tampura, de Indische tablas en de Tuvaanse keelzang. Het is alleszins geen alledaagse voorstelling.’

EXit: Jullie vullen elkaar goed aan?

Sven Roelants: ‘Ja, het is de eerste keer dat ik met zo’n uitgebreide groep samenwerk. In de regel doe ik vooral solo-straattheatervoorstellingen. Dit is ook de eerste grote productie onder de noemer VZW Cirque Masala. De groep werd speciaal opgericht voor deze voorstelling. Dat heb ik samen met Leen Minten gedaan, die de verantwoordelijkheid op zich heeft genomen om de muzikanten te zoeken. Nele Callebaut, de vuurkunstenaar kende ik ook al voordien van het straattheater. De oprichting en de samenwerking binnen de groep is allemaal vrij organisch verlopen. Het is ook de eerste keer dat we deze productie in Brugge en omstreken mogen uitvoeren, waar ik natuurlijk zeer enthousiast over ben aangezien het voor mij een thuismatch is. Ik heb deze samenwerking als een nieuwe, boeiende en lonende uitdaging ervaren.’ (LVE)

Uitwijken – waar en wanneer


di 2 februari om 19u30:  Daverlopark, Daverlostraat 315 in Assebroek
wo 3 februari om 19u30: Kerk Sint-Thomas van Kantelberg, Peellaertplein Male in Sint-Kruis

De Uitwijkenbar gaat open om 19u. De voorstelling gaat van start om 19u30 en duurt 30 minuten en is gratis.

 

 

Four times a lady: ‘Vrouwen klinken anders dan mannen’

Four Times A Lady_Ellen De Meulemeester

Foto EDM

 

Op 31 januari loopt de Kamermuziekzaal van het Concertgebouw beslist vol voor het gitaarconcert van het Brugse dameskwartet Four Times a Lady, bekend omwille van hun Latijns-Amerikaans klinkende gitaarrepertoire. De vier ‘ladies’ zijn Leen Langenbick, Tania en Veerle D’Hoest en Willemijn Vermeir en zij vormen sinds 2008 een hechte groep muzikanten. 31 januari wordt hun eerste groot Brugge-examen en dat in de heerlijke akoestiek van de Kamermuziekzaal.

 

De vier dames combineren een professionele muziekcarrière met het lesgeven aan de muziekscholen van Knokke-Heist en Torhout, wat ze zelf ‘een leefbare, leuke, maar soms vermoeiende combinatie’ noemen. Gitaarkwartetten als deze zijn in Vlaanderen en ver daarbuiten vrij uniek en hun repertoire is dat zeker.

Four Times A Lady brengt dan ook origineel voor gitaar geschreven muziek, zijnde een onontgonnen gebied (hoewel er vandaag wereldwijd veel voor gitaar wordt gecomponeerd) De bekendste naam in dit verband is het Los Angeles Guitar Quartet voor wie veel muziek wordt geschreven.

Four Times put dan weer vooral uit muziek van de voorbije 25 jaar. ‘Hedendaags’, jazeker, maar willen ze graag bevestigen: ‘geen te zware materie’. Ze houden van boeiende ritmes en melodische lijnen en hun publiek volgt hen daarin trouw. In het Kamermuziekzaal-concert is Zuid-Amerika de rode draad doorheen een programma volksmuziek.

Het feit dat ze opgenomen werden in het jaarprogramma van het Concertgebouw beschouwen ze als ‘een grote eer’. Via dit kunstenhuis kregen ze een extra-opdracht die eveneens op het programma staat: een nieuwe compositie van Petra Vermote (uit Izegem). Zij baseerde haar werk op literaire teksten van de Argentijnse auteur Jorge Luis Borges. Het kwartet noemt het ‘een opvallende creatie die heel anders zal klinken dan het reguliere werk’.

Of vrouwen anders klinken dan mannen? ‘Niet aan tijfelen’ klinkt het in koor: ‘Vooreerst is de samenstelling met vier damers uniek en vrouwen klinken sowieso anders dan mannen. Meer vanuit het hart.’ Genoteerd. (LF)

 

Four Times A Lady speelt op zondag 31 januari om 15 u. in de Kamermuziekzaal. Info op www.concertgebouw.be en fourtimesalady.be

Oudste geschiedenis Café Vlissinghe ontsluierd

Café Vlissinghe_Matthias Desmet

Foto Mathias Desmet

Op 21 december 2015 werd de 500ste verjaardag van Café Vlissinghe met het nodige feestgedruis en met een positief gevoel afgesloten.

De herberg is levendiger dan ooit nu ook het erfgoed errond stevig onder de aandacht kwam. Finaal kwam nog een verrassing uit de bus.

In het laatste nummer van het tijdschrift ‘Brugs Ommeland’ dat eind december werd verspreid, is een artikel opgenomen van Brigitte Beernaert van de stedelijke dienst voor Monumentenzorg waarin de oudste geschiedenis van het gebouw verder is ontrafeld (Vlissinghe Revisited, vijfhonderd jaar herberg, in B.O., 2015/4, p. 210-224)

Het doorploegen van archiefdocumenten bracht persoonlijke gegevens over de eigenaars en bewoners doorheen de geschiedenis aan het licht en de meest prangende vraag wordt bovendien beantwoord …er was hier in 1515 echt wel al een herberg en de viering was dan ook meer dan terecht.

Eeuwenoude rekeningboeken van het passantenhuis Sint-Juliaans uit het OCMW-archief bewaren het bewijs. Hierin zijn huiseigenaars in Brugge vanaf 1487 mooi chronologisch opgesomd en soms wordt hun beroep erbij vermeld. Hoofdbedoeling van die rekeningen was noteren of de jaarlijkse rente of belasting op het huis tijdig werd betaald.

Tussen 1487 en 1519 waren twee (wellicht?) naast elkaar gelegen gebouwen in de Blekersstraat, steeds in het bezit van eenzelfde eigenaar. Op beide stond een rente ten voordele van Sint-Juliaans.Eén ervan was ooit een publieke badinrichting (een stove ) en het andere is het huidige Vlissinghe. De buurt was niet onbesproken, zo dicht bij het vroegere havenkwartier. Bovendien was de straat smal en discreet en ideaal voor een rendez-voushuis. Brugge telde in de 15de eeuw niet minder dan 40 publieke badstoven, veelal in het Sint-Gilliskwartier. In de vroege 16de eeuw veranderd de situatie enigszins.

Vanaf 1515 betaalde een zekere Jan Breij als eigenaar en bewoner de belasting op beide panden. Hij staat genoteerd met als beroep tavernier. Vlissinghe is dan al zeker een taverne en het buurpand in de straat was ‘wijlent’ een badstoof.

De vijf eeuwen oude herberggeschiedenis wordt door dit archiefdocument bewaarheid! Over de afkomst en de levenswandel van herbergier Jan Breij zijn voorlopig geen verdere gegevens bekend. Hijzelf baatte nooit de badinrichting uit, maar enkel de herberg. Het artikel staat ook stil bij jongere eigenaars en doet bovendien een proeve tot beschrijving van het nog bestaande, fraaie gebouw dat als monument is beschermd. Nu rest er alleen Jan Breij een gezicht en een geschiedenis te geven als eerste herbergier.

BRIGITTE BEERNAERT

 

Stiltehoeve Damme nodigt de lezer uit

IMG_9140

vlnr. Bruno Van Imschoot, Evie Van Gestel, Joris Capenberghs

 

Op een stille, mistige ochtend op weg naar Stiltehoeve in Damme. De auto is hier niet echt welkom, en de toegangsweg leent zich er niet meteen toe, maar in een naastliggende loods parkeer ik schuldbewust naast acht andere auto’s, waaronder een hippe Porche. Hier, dat is de smaakvol gerestaureerde Stiltehoeve Metanoia, gesitueerd in de polders tussen Damme en Moerkerke, een bijzonder en merkwaardig initiatief van de Bond zonder Naam. BzN wil graag enkele initiatieven toelichten waarmee zij de hoeve bekend(er) willen maken bij het ruime publiek.

 

De Stiltehoeve-Metanoia (‘inkeer’) is sinds enkele jaren een gastenverblijf middenin een landbouwzone . De eerste gaste in dit huis was VRT-journaliste Kristien Bonneure die er haar boek ‘Stil Leven’ schreef, een fijn pleidooi om onszelf meer ruimte, rust en stilte te geven in deze hectische en onrustwekkende tijden.

De directeur Patrick Hanjoul mag dan al priester zijn, de Stiltehoeve is geen religieuze plek die zich wil meten met het leven in een abdij, maar een rustplek voor wie naar zichzelf op zoek gaat. De troeven zijn legio met ‘stilte’ op één, gevolgd door kwaliteiten als natuur- en agrarische activiteiten, vegetarisch voedsel (verplicht!) en vrije meditatie-oefeningen, dat alles in een uiterst smaakvol décor waar alleen het koffie-apparaat de stilte doorboort. Voorts biedt Waterhoek 2 wijde en weidse polderlandschappen, een wandelpad tussen het groen en een ‘spiritueel labyrint’, een creatie van Bruggeling Jan De Munck.

Omdat de Stiltehoeve meer wil zijn dan passieve stilte en natuur wordt de werking nu uitgebreid met activiteiten rond cultuur en filosofie. Onder impuls van dokter en medewerker Koen Vandewalle worden jaarlijks een aantal concerten klassieke muziek georganiseerd, die zich vooral richten naar eenzame mensen en gratis aangeboden worden.

Binnenkort breidt men ook uit met enkele boekvoorstellingen, dit in samenwerking met boekhandel De Reyghere. Daarvoor wordt beroep gedaan op Joris Capenberghs van (stichting) Waerbeke, een socio-culturele beweging die ijvert voor ruimte, rust en stilte(gebieden). Capenberghs was in de nasleep van Brugge 2002 een tijdje directeur van het Hospitaalmuseum, maar werkt nu als zelfstandige voor tal van projecten rond ‘stilte’. Op 21 februari begeleidt hij een avondvullend programma rond Joost Zwagerman, de Nederlandse auteur die vorig jaar uit het leven stapte, maar net voordien zowel een boek als een poëziebundel afleverde.

Activiteit twee, op 17 april, is een avond rond het boek en de figuur Marius De Geus, een politiek filosoof die halftijds aan de slag is in de universiteit van Leiden. De Geus is iemand die nadenkt over ‘vrijwillige eenvoud’ en steevast op zoek gaat naar de link met levenskwaliteit. Joris Capenberghs wil hem daarover interviewen. Hij belooft een ‘niet belerend en boeiend verhaal’.

 

Deze activiteiten kaderen in een context van verbreding. ‘Vermaatschappelijking’ is hierbij een sleutelbegrip. Metanoia wil het begrip solidariteit uitdiepen en sluit daarom geruisloos aan bij de beweging Hart boven Hard. Concreet wordt daarvoor samengewerkt met ‘Oranje’, een vereniging die zich inzet voor mensen met een beperking, en met Arcotec, de vroegere ‘Beschutte Werkplaats’. Vandaag wordt contact gezocht met het vluchtelingencentrum in Sijsele, met het oog op aanbieden van activiteiten, ook al wordt in de praktijk een moeilijke oefening. (LF)

 

Alle info op http://www.stiltehoevemetanoia.be

 

Swing Time Society brengt Movie and Musical Themes

FOTO FERNAND PROOT BRUGGE NIEUWJAARSRECEPTIE CD&V ( NIEUWJAARSCONCERT )

FOTO FERNAND PROOT
BRUGGE NIEUWJAARSRECEPTIE CD&V ( NIEUWJAARSCONCERT )

Swing Time Society is een 22-koppige bigband uit de regio Brugge die is samengesteld volgens de klassieke traditie: saxen, trombones en trompetten, ondersteund door een uitgebreide ritmesectie en in dit geval ook opgefleurd door 2 zangeressen en een zanger. Het repertoire is zeer divers en omvat zowel de grote swingklassiekers (Duke Ellington, Count Basie, Glenn Miller…) als meer hedendaagse jazz (Quincy Jones, Sammy Nestico, Diana Krall) en zelfs pop (Stevie Wonder, Phil Collins, The Beatles…). Ook dansmuziek, filmmuziek en muziek uit het lichtere genre hebben de muzikanten in de vingers.

Het is al jaren een traditie dat het orkest, met als dirigent de geboren en getogen Bruggeling Ghislain Slingeneyer, in het voorjaar twee opeenvolgende dagen concerteert in de Magdalenazaal. Dit jaar is dat op zaterdag 30 januari en zondag 31 januari.

Onder de titel Movie & Musical Themes haalt Swing Time Society dit keer inspiratie uit de rijke wereld van film, televisie en musical. Heerlijk romantisch wegdromen of rillen van spanning… Van Disney tot James Bond…

Zaterdag 30 januari om 20.00 uur en zondag 31 januari om 16.00 uur in de Magdalenazaal.

Kaarten: 05031 82 09 of bij In&Uit Brugge en via info@swingtimesociety.be

Meer info op www.swingtimesociety.be

(PJG)

De nieuwe EXit uit

Kunstenares Lieve Dejonghe solo in de Jan Garemijnzaal

IMG_3453

 

Abstract of realistisch; dat is één geheel voor mij’

Lieve Dejonghe wekt opnieuw de nieuwsgierigheid op met haar solotentoonstelling die op 14 januari start in de Jan Garemijnzaal in het Belfort. De kunstenares,van Brugse origine maar inmiddels uitgeweken, bezit het opvallende talent om zich los te kunnen maken van gangbare conventies en weet op die manier keer op keer te verrassen. De combinatie van creativiteit, diepgang en technische bekwaamheid zijn de eigenschappen die haar werk uniek en veelzijdig maken. Door scherpe boodschappen en observaties op subtiele wijze te verwerken in haar creaties zet ze de kijker aan tot reflectie.

EXit: De eeuwige vraag: de inspiratie

Lieve Dejonghe: ‘Ik ben iemand die het schilderen nodig heeft om te leven, en dat sinds mijn geboorte bij wijze van spreken. Al van kinds af aan heb ik geschilderd. Mijn inspiratie is dus gewoon mijn hart en wat er rond mij gebeurt, wat indruk op mij maakt en wat emoties in mij opwekt. Het maakt mij zelfs niet uit op welke manier ik mij uitdruk.’

EXit: Uw werk is heel uiteenlopend qua stijl: soms figuratief, soms abstract. Wat is de samenhang?

Lieve Dejonghe: ‘Dat is eigenlijk een levensverhaal. In de jaren ’70 en ’80 volgde ik les in de kunsthumaniora. In die tijd was men van mening dat het realisme slechts een techniekje was en geen echte kunst. Alles draaide toen rond abstracte, hedendaagse en conceptuele kunst. Realisme was dus not done. Wanneer je jong(er) bent, besef je amper of niet zo goed in hoeverre je een kind van je eigen tijd bent en hoe je iets stilzwijgend wordt opgedrongen. Ik was dus ook een kind van mijn tijd en werkte vooral abstract en impressionistisch. Later, toen ik ben gaan werken als illustratrice, maakte ik fijne tekeningen voor boekcovers en tekeningen bij kinderverhalen, maar het kwam niet in me op om dat meer te ontwikkelen als kunstvorm.’

‘Mijn nieuwe verhaal begon toen ik op mijn 34ste een kunstbeurs bezocht waar ik bij toeval getroffen werd door het werk van de Nederlandse realist Henk Helmantel. Ik was zo onder de indruk van ’s mans werk dat ik dacht: kunst is of niet, ik wil dit kunnen voor ik tussen mijn zes planken kruip! Al snel kwam ik tot het besef dat het realisme zoveel meer is dan een techniekje, je kan er zo ontzettend veel mee aan.’

‘Ik ben vrij klassiek beginnen fijnschilderen, maar mijn doelstelling was van in het begin al om een eigen stijl te vinden binnen het realisme. In 2012, na 15 jaar schilderen waarbij het realisme vrij prominent aanwezig was in mijn werk, voelde ik mij echter danig teleurgesteld door de heersende politieke en economische situatie. Ik had het gevoel dat er eigenlijk veel reden was om boos te zijn en door die gemoedstoestand kwam ik niet meer toe aan fijnschilderen. Ik voelde de nood om me weer met de grovere middelen van vroeger uit te drukken. Dat deed ik ook om in te gaan tegen het vakjesdenken van veel mensen op alle gebieden. Persoonlijk wil ik mijn artistieke vrijheid houden, los van verwachtingspatronen. Het werd dus tijd voor een reeks abstract-expressionistische geschilderde werken.’

‘Op dit moment, twee jaar later, blijkt dat alles een beetje samenvalt. Wat nu in mijn hoofd zit, en op het doek, is het resultaat van een heel leven. In mijn laatste schilderijen zit zowel dat realistische, maar ook bepaalde vlakken die ik heel abstract uitwerk. Ik ben mij daar niet meer zo bewust van of ik abstract of realistisch schilder. Dat is nu één geheel voor mij.’

LOUISE VAN ELST

Lieve Dejonghe, solotentoonstelling in de Jan Garemijnzaal, 14 tot 31 januari.

 

Joachim Badenhorst: de ontwikkeling van een eigen taal.

150801_Joachim_Badenhorst_137

Foto David Rodriguez Salas

Op 22 januari is het podium van De Werf het speelterrein van Lama Trio featuring onze landgenoot Joachim Badenhorst. Wie de Belgische jazzscene enigszins volgt, spitst de oren als die naam klinkt: ontegensprekelijk is hij een van de meest avontuurlijke en boeiende jazzmuzikanten. En die faam reikt intussen tot ver buiten Europa.

EXIT: Behalve in diverse eigen projecten, speel je ook met tal van anderen. Welke criteria bewegen jou ertoe in hun projecten te stappen?

Badenhorst: ‘Wanneer ik gevraagd word voor een project is het belangrijk voor me dat het uitdagend of leerrijk is voor mij. Dat de muzikanten of de componist, of het muzikale concept of de instrumentatie me prikkelen en interessant lijken. Ik doe regelmatig geïmproviseerde first-meetings met muzikanten, en dan weet ik vooraf dikwijls niet veel over hen – ik heb net een hele reeks van dat soort ontmoetingsconcerten achter de rug in Japan – en in dat geval vind ik het verfrissend en verrassend om bijna geen info op voorhand te hebben. Maar wanneer ik gevraagd word voor een project van langere adem, is het belangrijk dat ik meer vertrouwd ben met de muzikanten of de componist in kwestie.’

EXit: En omgekeerd: waarom, denk je, komen anderen bij jou aankloppen?’

Badenhorst: ‘Ik denk – of hoop – dat ik gevraagd word voor mijn muzikaliteit en veelzijdigheid: dat ik verschillende rietinstrumenten speel, en op die instrumenten een eigen traject, of eigen taal ben aan het ontwikkelen. De veelzijdigheid ook in de vorm dat ik zowel met melodieuze en meer traditionele vormen als met meer abstract en experimenteel gebied vertrouwd ben.’

EXit: DownBeat wijdde een aantal maanden geleden een artikel aan jou. Verschilt spelen met Amerikaanse muzikanten significant van je ervaringen hier?

Badenhorst: “Nee, dat verschilt niet. Er zijn fantastische muzikanten in de US en fantastische muzikanten in Europa, en ook minder goede in de States en in Europa. Het spelen op zich verschilt voor mij niet; een verschil waar ik aan kan denken is dat er dikwijls wat minder tijd is in de States (of toch in New York, iedereen is altijd druk-druk-druk bezig), waardoor alles wat sneller moet gaan; in Europa kan het er wat rustiger aan toegaan soms.’

EXit: Hoe is de samenwerking met Lama Trio tot stand gekomen?

Badenhorst: ‘Misschien ook via een link met New York: Lama trio had een cd opgenomen met klarinettist Chris Speed. Het was moeilijk om verder te gaan met Chris aangezien hij in New York woont, en van de verschillende gastmuzikanten die Lama in gedachten had was Chris Speed erg enthousiast over mij als keuze. Ik ken bassist Gonçalo Almeida al van mijn studietijd (ik studeerde in Den Haag, en hij iets later in Rotterdam) maar samengespeeld hadden we voor dit project nog niet gedaan.’

EXit: Wat mag het publiek op 22.01 in De Werf verwachten?

Badenhorst: ‘Ik vermoed dat we nummers zullen brengen uit onze cd `The Elephant’s Journey`, maar ik denk dat er ook nieuw materiaal zal zijn. Ons concert in De Werf is net na een residentie-week in Dommelhof, Neerpelt waar we nieuw materiaal gaan uitwerken. Op `The Elephant’s Journey` spelen we voornamelijk akoestisch (in de vrij klassieke bezetting van trompet, klarinetten, contrabas en drums) en is er een kleine inbreng van elektronica (zoals op openingstrack ‘The Razor’s Edge’). Tijdens onze residentie gaan we de combinatie van akoestisch en elektronisch/versterkt spelen verder onderzoeken.’ (PJG)

Vrijdag 22 januari om 20.30 uur – www.dewerf.be

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 1.333 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: