Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

‘Stathis Skandalidis Plays Gilbert Isbin’: verfrissend geluid in de wereld van de luit!

isbin1

Onlangs verscheen de cd ‘Stathis Skandalidis Plays Gilbert Isbin’ (Tern 007), meteen een mooi excuus voor een huisbezoek aan de Brugse muzikant en (vooral steeds meer) componist. Het vraaggesprek begint evenwel met een hommage aan de in maart overleden John Renbourn, een gitaargigant die echt wel zijn stempel heeft gedrukt op de muzikale interesse en ontwikkeling van Isbin.

Gilbert Isbin: ‘Dat is zeker zo. Ik heb Renbourn ontdekt via zijn versies van Middeleeuwse muziek die hij op steelstringgitaar speelde. Wat hij deed, was harmonisch en gitaartechnisch heel interessant en knap. Door die stukken te leren naspelen, kreeg ik steeds meer belangstelling voor oude muziek. Maar Renbourn stond voor alles open: zie wat hij met Pentangle – waarin o.a. Danny Thompson, die ooit debuteerde in een van John Mclaughlin’s formaties – heeft gedaan: Pentangle bracht zowel folk, wereldmuziek als jazz en was heel vernieuwend voor die tijd. Ook die kennismaking verbreedde weer mijn horizon. Ik heb hem een paar keer live aan het werk gezien en hem ook mijn eerste LP gegeven. Als mens bleek hij zeer vriendelijk en toegankelijk, die man had totaal geen kapsones. Samen met Bert Jansch en Davey Graham behoort hij echt wel tot de hele groten in de folkwereld. In mijn muzikale ontwikkeling is hij in het begin een zeer belangrijke figuur geweest.’

EXit: Hoe voelt het om die nieuwe cd in handen te houden: tevreden met het resultaat?

Isbin: ‘Absoluut, zeer tevreden. Stathis speelt supergoed, was enorm gedreven en de samenwerking is uitstekend verlopen. Hij heeft een week bij ons verbleven. Hij oefende tot mijn verbazing dagelijks 6 uur. En ik die dacht dat ik veel oefende! De eigenlijke opnames hebben 3 dagen geduurd. In totaal hebben we 70 minuten opgenomen waarvan er ca. 63 minuten op de cd zijn beland. Er werd opgenomen van ’ s morgens 10 tot ‘s middags 16.00 uur, maar ook daarna oefende Stathis nog vaak tot ’s nachts. Het illustreert hoe gepassioneerd die man met muziek bezig is. De opnames vonden plaats in de Auurk Studio van Bert Lietaert, zelf een knappe klassieke gitarist die ik al van vroeger kende, want hij heeft met zijn Auurk Editions nog werk van mij uitgegeven.’

Exit: Hoe is die samenwerking tussen de Bruggeling Gilbert Isbin en de Griek Stathis Skandalidis eigenlijk tot stand gekomen?

Isbin: ‘Stathis heeft op een bepaald moment via internet mijn composities ontdekt en mij enige tijd daarna gecontacteerd via Facebook. Hij liet me weten dat hij in 2013 een stuk van mij zou spelen op het Internationale Luitfestival in Utrecht, waar een volledige dag was gewijd aan hedendaagse luitmuziek. Benieuwd als ik was, ben ik gaan luisteren en stelde ik vast dat Stathis die compositie zéér goed en boeiend uitvoerde. Na afloop zijn we beginnen praten. Het bleek tussen ons al snel zeer goed te klikken en hij heeft mij om nog meer stukken gevraagd. Zo is bij mij het idee ontstaan een cd op te nemen met luitmuziek van mij, maar gespeeld door iemand die puur met de uitvoeringspraktijk bezig is. Dat was voor mij zeer aantrekkelijk in dit project: hij moest zich enkel concentreren op de uitvoering, ik enkel bezig zijn met componeren. Stathis is in zijn spel zeer virtuoos maar ook heel lyrisch: je kan het vergelijken met hoe Paco de Lucia speelde. Bovendien verschilt hij hierin van andere luitspelers dat hij openstaat voor nieuwe luitmuziek. En als mens is hij een rustige, aangename man, vol humor ook, maar zeer gepassioneerd. Voor mij is het steeds zo geweest dat ik de beste resultaten behaal met medemuzikanten bij wie ik het op persoonlijk vlak ook goed kan vinden. Voor mij hoeft al dat ego-gedoe niet. We zijn trouwens al bezig met een tweede gezamenlijk project: in 2017 komt er een cd met luitsongs voor contratenor en luit. Daarvoor ben ik nu al werken aan het componeren. Behalve Stathis zal ook Mathias Pavlous van de partij zijn.’

Exit: Heb je voor hem speciaal nieuwe composities geschreven, of brengt hij ook oudere, al bestaande stukken?

Isbin: ‘Stathis speelt op zo’n hoog niveau dat ik een aantal bestaande stukken heb herwerkt: het moest voor hem toch ook een technische uitdaging blijven. Daarnaast heb ik ook nieuwe werken gecomponeerd en 3 oude volksliederen gearrangeerd. Al bij al heb ik meer dan een jaar intensief gecomponeerd om dit album mogelijk te maken. Tijdens het opnemen zelf speelde Stathis meestal 3 versies: de eerste steeds tamelijk traag, de tweede op het aangegeven tempo, waarna nog een derde take volgde en dat was meestal de beste. Er werd dus bijzonder snel opgenomen. Vooraf zijn er 2 optredens geweest, o.a. een heel mooi concert in het Conservatorium (Podium Voor de Passie) van Brugge. Dit project is uniek in die zin dat het voor zover ik kan nagaan de eerste keer is dat er een CD verschijnt met nieuw luitwerk van één hedendaagse componist. De luitwereld is een zeer terughoudend milieu. Een kritiek die geregeld opduikt is ‘waarom nieuwe luitcomposities, er zijn nog zoveel werken die niet werden gespeeld of opgenomen’. Maar waarom brengt men dan steeds hetzelfde repertoire ? Men denkt dat nieuwe luitmuziek inhoudt dat het moeilijk te verteren zal zijn. Op mijn cd staan luitwerken die net heel toegankelijk en sterk melodisch zijn. Er is daar niets mis mee. Hedendaagse muziek hoeft niet per se ontoegankelijk te zijn. Deze CD is tevens een manier om die argwaan te counteren. Ik heb het geluk dat de UK Lute Society meteen interesse had om mijn composities uit te geven, waardoor die flink aan gewicht hebben gewonnen. Ook de Amerikaanse Lute Society zal trouwens binnenkort een artikel met een aantal partituren van mij publiceren in hun Lute Quarterly. Er begint dus wat te veranderen in de luitwereld.

Exit: Liet je Stathis tijdens de opnames letterlijk vrij spel, of trad je op als adviseur, misschien zelfs als “regisseur”?

Isbin: ‘Zoals al aangegeven hebben we telkens 3 takes gemaakt. Ik heb een heel klein beetje geregisseerd – bv. waar het naar mijn gevoel meer pianissimo of meer forte, wat sneller of net wat rustiger, mocht – omdat dit op luitpartituren, geschreven in tabulatuur, niet wordt aangegeven. Iedere uitvoerder interpreteert dus zoals hij dat zelf wil. Maar eigenlijk was ik altijd tevreden met de versie die voor de cd werd gekozen. Stathis speelt ontzettend clean en zuiver, wat zeker niet makkelijk is want bij een luit zijn er veel bijgeluiden. Maar hij is technisch zó knap en kent het luitrepertoire en de technieken zo goed dat hij daardoor méér kan geven, boeiend kan interpreteren.

Exit: Je hebt de cd op jouw eigen label uitgebracht: platenmaatschappijen staan niet te trappelen om muziek in dit genre uit te brengen?

Isbin: ‘Ik heb niet eens overwogen hen te benaderen! De realiteit in deze tijden is immers dat als je al een platenmaatschappij vindt die je werk wil uitbrengen, je de opnames zelf moet bekostigen en je exemplaren zelf moet afkopen. De CD is dus uitgebracht op mijn eigen label, Tern, waarop ik eerder al een aantal cd’s heb gereleased, bv. van en met Rudy de Sutter, Geert Verbeke, Iep Fournier. De cd onder de aandacht brengen, verspreiden en/of verkopen, zal via verschillende kanalen gebeuren: Stathis zelf, die les geeft aan het conservatorium in Rhodos, zijn optredens, zijn en mijn relaties in de luitmiddens, het downloadbaar maken op het internet (Amazon, I-Tunes, Magnatunes,..), en de verkoop via het normale circuit van distributeurs. Hierbij komt ook nog het publiciteit maken via radiostations en tijdschriften in Europa en de VS; teasers op YouTube… Er kruipt dus heel wat werk in, maar ook dat vind ik dan weer zeer boeiend en ik ben goed georganiseerd. Het grote voordeel van deze cd is dat ze totaal uniek is in de luitwereld. Het maakt het gemakkelijker om interesse te wekken. De partituren zijn in boekvorm (‘Harvest’ en ‘7 Old Flemish Songs For Solo Lute’), uitgegeven door de UK Lute Society , wat een extra troef is. Luitenisten kunnen deze werken kopen en uitvoeren. Bij mij gaat het vooral om de passie voor het muziek maken en componeren, dat is echt mijn leven. Het schrijven van muziek wordt voor mij steeds belangrijker en geeft me enorm veel voldoening. Ik componeer elke dag en las ook geregeld studiemomenten in. Zo verdiep ik me momenteel meer en meer in het contrapunt- eerst heb ik het ‘Gradus ad Parnassum’ van Johann Joseph Fux bestudeerd – om dan die kennis uit te proberen, aan te passen, nieuwe invalshoeken te zoeken of zelf te verzinnen voor mijn muziek. Laat het me zo formuleren: ik leer de regels om ze vervolgens aan mijn laars te lappen (lacht).’ (PJG)

 

 

Tentoonstelling laureaten Provinciale Wedstrijd voor Schilderkunst

22.03.2012 Dhaka olieverf op doek 100op150

Werk van Daniël Dehulster

Tentoonstelling laureaten Provinciale Wedstrijd voor Schilderkunst

Vanaf 5 juli kan men in VLC De Geuzetorre, het gebouw van het Vrijzinnig Laïciserend Centrum Oostende, bijna 2 maanden lang werk bezichtigen van de 3 laureaten van de Provinciale Wedstrijd voor Schilderkunst 2014.

De tentoongestelde creaties zijn van de hand van:

  • Daniël Dehulster (Brugge), eerste laureaat. Genoot zijn opleiding aan de Academie te Brugge. Zijn voorkeur gaat uit naar beeldhouwen en schilderen. Eind 2014 nam hij met succes deel aan deze wedstrijd en werd er algemeen laureaat.
  • Urbain Vandeplancke (Zwevegem), tweede laureaat. Ontdekte op latere leeftijd de passie voor het kunstgebeuren en legt de klemtoon op schilderen, (vooral) tekenen en grafisch werk. Zijn voornaamste succes behaalde hij tijdens de internationale wedstrijd A. Blomme te Roeselare (algemeen laureaat).
  • Celeste Bo (Ingelmunster), derde laureaat. Behaalde in korte tijd enkele successen, waaronder de Royal Talens wedstrijd (eerste laureaat).

Het bestuur van het August Vermeylenfonds Oostende nodigt de belangstellenden uit op de vernissage op zondag 5 juli om 12.00 uur: welkomstwoord van Edgard Brunet (voorzitter VLC Oostende); voorstelling van de kunstenaars door Roland Laridon (voorzitter Vermeylenfonds Oostende); officiële opening tentoonstelling door Jan Vanroose, gemeenteraadslid, met aansluitend receptie. (PJG)

Van 5 juli tot en met 30 augustus in Kazernelaan 1 (Oude Watertoren), Oostende.

Op weekdagen van 08.30 uur tot 12.30 uur en van 13.30 uur tot 16.30 uur;

op zondag van 10.30 uur tot 14.00 uur (gesloten op zaterdag).

Info: www.vlcdegeuzetorre.be

 

 

NO MORE SECRETS!

IMG_2463

 

Op 21 juni 2015 om 16:30 opende de tentoonstelling NO MORE SECRETS! op het PAK, platform voor actuele kunsten in Gistel (B)
De expo toont werk van achttien kunstenaars uit binnen- en buitenland en confronteert ons met de al dan niet getrokken grenzen in het hoofd van de kunstenaar en de toeschouwer. Is de kunstenaar gebonden aan ongeschreven maatschappelijke regels? Houdt hij rekening met de nieuwe preutsheid, critici, media en commerce en legt hij zichzelf grenzen op?
Of is zijn kunst vrij en heeft hij geen geheimen meer? Is er in dit laatste geval een plaats voor zijn kunst in onze musea en galeries? Trekt de toeschouwer een grens voor zichzelf, zal hij het hoofd wegdraaien bij het zien van een naakte man? Vindt hij een plassende vrouw verwerpelijk of wordt hij heimelijk opgewonden?
Zal hij weglopen van wat in zijn ogen misschien perversiteiten zijn en schande spreken over de ontaarde kunst? Misschien …Misschien kan hij zijn eigen grens verleggen en ziet hij ook de melancholie in de ogen van het model, de kwetsbaarheid van de vrouw voor de camera? Misschien voelt hij de pijn die de kunstenaar voelt of wordt ontroerd door de eerlijkheid en puurheid van het werk. De vrijheid van de kunstenaar lijkt misschien een evidentie maar is het zeker niet. We leven in een maatschappij waar de waarden en normen met een ongeziene dualiteit evolueren en ons in verwarring brengen, waar we enerzijds toegang hebben tot porno in alle maten en gewichten (terwijl niemand er naar kijkt …) en waar anderzijds van langs om meer conservatieven hun stempel kunnen doordrukken. Denken we maar aan facebook, waar met een simpele mededeling zomaar naakt, ook al is het kunst, gecensureerd wordt.
Het is belangrijk dat we ons niet in slaap laten wiegen en weerstand bieden aan het sluipende gif van ‘de nieuwe preutsheid’. Het is belangrijk dat de kunstenaar die de vrijheid kent, die kan behouden én ook een platform aangeboden krijgt om zijn werk te tonen. Met NO MORE SECRETS! wil het PAK ons wakker schudden door luidop de vraag te stellen: is de vrijheid van de kunst een verworven realiteit of is dat een illusie?
Een bezoek aan No MORE SECRETS! kan een confrontatie zijn, maar laat het vooral een boeiende ontmoeting worden. Een ontmoeting met het (h)eerlijke werk van achttien kunstenaars die zichzelf vrijgevochten hebben, zich kwetsbaar opstellen en zich in al hun zuiverheid aan ons blootgeven. Onder de achttien kunstenaars zijn drie Bruggelingen. Sylvie Crutelle, Monika Dahlberg, Selina de Beauclair, Peter Depelchin, Maure Louise Elshout , Peter Jonckheere, Michael Kikrkham, Danielle Luinge, Rob Mellink, Fred Michiels, Jans Muskee, Thom Puckey, Hester Scheurwater, Niels Smits van Burgst, Koen Staassen, Michel Vaerewijck, Dirk Van Severen & Jan Verhaeghe

De tentoonstelling loopt tot 15 augustus 2015.

PAK, Dullaertweg 80, 8470 Gistel • Frank Demarest (initiatiefnemer/curator) • 0495 144 332

http://www.pakgistel.be

Carolines kunstenhuis wil ‘bruisen’

Hoste_Art

Caroline Hoste (Foto Stijn Vos)

 

Een negentiende eeuws burgerhuis in de Nieuwe Gentweg (118) met ruimte voor tentoonstellingen, residentie en kunsteducatie: dat is de locatie die Caroline Hoste (Knokke) vandaag uitbaat tot een promotiehuis voor hedendaagse kunst ‘die Brugge wil doen bruisen’.

Eind juni liep de boeiende tentoonstelling ‘Image Five’ af waarbij vijf Vlaamse illustratoren (waaronder Klaas Verplancke en Randall Casaer) nieuw en ander werk presenteerden. Dezer dagen, en dat tot 23 augustus, maakt Hoste plaats voor het fotografisch oeuvre van de Limburgse fotograaf Bart Ramakers. De kunstenaar inspireert zijn werk op historische verhalen, barokke en romantische muziek en opera. Zijn werk is bevreemdend: Sneeuwwitje die een appel aangereikt krijgt door een man met een ezelskop? Roodkapje die de borst geeft aan de wolf? Dertien cabaretmeisjes die een laatste avondmaal vieren rond een glas melk. Trouble in Paradise, zo wordt beloofd.

Caroline Hoste heeft een verleden in de Zuid-West-Vlaamse textielsector, maar switchte vijf jaar geleden naar de beeldende kunst. Kwam zo in contact met kunstenaar Jan Desmarets wiens bronzen sculpturen geëtaleerd werden in een kunstgalerij langs de Dyver. In 2013 verliet Hoste deze plek voor de huidige (tijdelijke) locatie in de Nieuwe Gentweg, een plek die meer wil zijn dan een klassieke galerij. Kunstenaars kunnen er verblijven en werken ‘in residentie’. Naast dit klassieke aanbod startte Hoste recent een educatief kunstenprogramma voor jongeren, in navolging van een gelijkaardig project in Nederland.

Nieuws: dit najaar verhuist ‘Hoste’ naar een andere locatie, dit keer op de Brugse Markt, palend aan het Historium. (LF)

Info: Trouble in Paradise, Bart Ramakers, 3 juli – 23 augustus

Hoste Art Residence, Nieuwe Gentweg 118, open donderdag t/m zondag, 11 – 18u, www.hostearts.com; www.bartramakers.com

 

 

 

 

 

 

 

 

Snuffel wordt groot

ProjectSnuffelTekstenLetterwerkdoorPeterVerhelstMaudBekaertfotografieKathleenDemey-fotodekaMei2015

Werk van het duo Verhelst-Bekaert bij nieuwe Snuffel (Foto Kathleen Demey)

 

Snuffel Backpacker hotel in de Ezelstraat is verhuisd naar de overkant van de straat waar de nieuwbouw-Snuffel uit zijn stellingen verrezen is. De nieuwe locatie biedt alleen maar voordelen met beduidend meer luxe en comfort dan voorhanden op de voormalige stek. Het project is in handen van Toerisme Vlaanderen, de uitbating in die van Snuffel. Voor de stad is deze realisatie een onbetwiste aanwinst.

Snuffel opende 30 jaar geleden (1985) haar ‘bescheiden’ deuren. Ze focuste meteen op de talrijke backpackers die Brugge doorgaans kort bezoeken en die met een bescheiden budget (moeten) reizen. Toentertijd heette zoiets nog een ‘sleep-in’ en men verhuurde ‘matrassen’. Vandaag spreekt men van 60 ‘bedden’, verdeeld over acht kamers. Het jeugdhotel evolueerde snel naar de veeleisende vragen van de bezoekers, de strenge criteria die de Stad Brugge oplegt en de veilige bedding van (eigenaar) Toerisme Vlaanderen. Er wordt gewerkt met acht medewerkers, geleid door (manager) Windy Van Maele en is, in principe, 24 uur op 24 beschikbaar. Al te vaak echter verschijnt het bordje ‘volzet’ en dat leidde naar een omvangrijk verbouwingsplan.

Al snel bleek de huidige locatie immers ontoereikend om te voldoen aan de strenge eisen van vandaag , maar met het verdwijnen van een grote handelszaak (Kwalito) schuin tegenover de huidige Snuffel, bood zich een buitenkans aan. Toerisme Vlaanderen benutte de opportuniteit en kwam met de centen over de brug. Het oude gebouw werd gesloopt, in de plaats kwam een stijlvolle nieuwbouw.

Architect Olivier Saelens ontwierp een ruim gebouw met 32 kamers (waaronder enkele tweepersoonskamers), goed voor 120 bedden en  opgebouwd rond een binnenplein, zoals dat bij kloosters gebruikelijk is. Vanuit vrijwel elke kamer kijk je uit op de binnenkoer. Elke kamer kreeg een gepersonaliseerde aankleding mee en hedendaags comfort. Blikvanger in het nieuwe complex is het stemmige theatertje waar Snuffel op tijd en stond alternatieve muziekconcerten wil organiseren en dat plaats biedt aan plusminus 300 toeschouwers. Samen met het voor iedereen toegankelijke binnenplein (bereikbaar via de nieuwbouw in de Hugo Losschaertstraat) is dit een nieuwe troefkaart voor de jeugd in deze stad.

Opvallend in de aankleding is het kunstwerk dat de Brugse letterkapster Maud Bekaert heeft ontworpen, op basis van een tekst van auteur Peter Verhelst, dat zowel de intro als de kamers een aparte touch meegeeft. Eind juni moet het nieuwe hotel de deuren openen.

Met dit nieuwe jeugdhotel zet Brugge forse stappen vooruit in het aantrekken van backpackers. Samen met Bauhaus, Charlie Rockets en hostel Lybeer bieden ze straks plaats aan een kleine vierhonderd bezoekers. (LF)

 

Skordatura Punkjazz in Astridpark

SPE @ Kraakpand Handelsbeurs

Foto Caroline De Meyer

 

Uitgenodigd door Vama Veche, het gratis zomerfestival in “de botanieken hof”, komt op 3 juli Skordatura Punkjazz Ensemble de grote tent (hopelijk enkel figuurlijk) in lichterlaaie zetten. We polsten vooraf even hoe de crowdfunding voor de realisatie van de nieuwe cd verloopt.

Joshua Dellaert (bassist): ‘De promotiecampagne is net afgelopen. Dankzij de steun van enkele nette heren uit de Belgische jazzscene (Fulco Ottervanger, Dries Geusens van Nordmann, Bart Maris), schrijver Christophe Vekeman en de lieve mensen van JazzLab Series, Gent Jazz en Jazz Middelheim hebben we een mooi bedrag opgehaald, dat ons in staat stelt om een release in het voorjaar 2016 te garanderen.’

Exit: In welke fase zitten jullie nu?

Dellaert: ‘De groep is hard aan het repeteren aan het nieuwe repertoire, dat af en toe al eens op een setlijst durft opduiken. We hebben redelijk wat materiaal bij elkaar geschreven, waaruit uiteindelijk een tiental nummers zal worden geselecteerd. In september duiken we de studio in, en mix en mastering liggen vast voor oktober en november. Een release in maart lijkt ons realistisch.’

Exit: Het worden op deze tweede cd dus allemaal eigen composities?

Dellaert: ‘Op de eerste CD (‘How to chase a minute in one second’, PJG) staat nog een bewerking van ‘Evidence’, een compositie van Thelonious Monk, op de opvolger zal enkel eigen werk te horen zijn. Alle groepsleden schrijven voor het kwartet, maar Sebastiaan Vekeman (drums) levert aan een zodanig hoog tempo nieuw materiaal aan, dat de grootste brok wellicht opnieuw van zijn hand zal zijn.’ (PJG)

Vrijdag 3 juli om 21.30 uur in het Astridpark

De zomer-EXit is alweer op post

Derde festival van de Chinese Kalligrafie

Komend weekend organiseert het Confuciusinstituut van de Hogeschool West-Vlaanderen (gehuisvest in de Sint-Jorisstraat 69) voor de derde keer het festival van de Chinese kalligrafie. Centraal dit keer staat het nüshu, het enige bekende vrouwenschrift ter wereld dat overigens ternauwernood van uitsterven werd gered.

Dit uniek schrift werd eeuwen geleden door vrouwen in het zuiden van China ontwikkeld, in een tijd toen vrouwen geacht werden zich ver van geletterdheid te houden. Via deze voor mannen ontoegankelijke code konden zij hun diepste zorgen en verzuchtingen met elkaar delen.

Het programma van de driedaagse oogt gevarieerd:

Vrijdag 26 juni, van 19.30 – 21.30 uur

Voorstelling “Chinees Vrouwenschrift” door Ann Ickx. Zij brengt een aantal verhalen van vrouwen die zich uitdrukten in het vrouwenschrift, naar de vertaling van W.L. Idema. Muzikale begeleiding: Fang Weiling op traditionele Chinese tweesnaar (erhu).

Zaterdag 27 juni 2015, vanaf 17 uur

Optreden van Feng Kaixuan, een kalligrafe die haar hele lichaam als penseel gebruikt.

Zaterdag 27 en zondag 28 juni 2015, doorlopend van 14 – 18 uur:

Demonstratie van Chinese kalligrafen, met gelegenheid tot zelf proberen.

De toegang is gratis, maar vooraf inschrijven voor de lezing wordt gevraagd.

Dit kan via Philip Vanhaelemeersch (directeur Confuciusinstituut), confucius@howest.be 050 44 67 82 of 0473 71 02 15.

Vrijdag 26 t/m zondag 28 juni, benedenzaal Provinciaal Hof, Markt, 8000 Brugge

(PJG)

Vlekkeloze landing na een avontuurlijke vlucht: MikMâäk in De Werf (16 en 17 juni)

MikMâäk

Foto Willy Schuyten

Op 16 en 17 juni verzamelden op het podium van De Werf in Brugge 16 muzikanten van diverse pluimage om in gezelschap van een select publiek opnames te maken voor een cd die straks verschijnt op het – zeg maar – huislabel. Vooraf gaf Rik Bevernage de toehoorders een aantal strikt op te volgen instructies mee: GSM helemaal uit – nooit een gemakkelijke opdracht voor aan het mobieltje verslaafden naar wie eigenlijk onze deernis moet uitgaan – en geen applaus na een solo, hoe fantastisch die ook zou worden ervaren.

Het stramien van beide concert-/opname-avonden was identiek: dezelfde volgorde qua programma; allemaal lange stukken, aangeleverd door meerdere groepsleden, in telkens 2 sets van ca. 45 minuten.

Aan tenorsaxofonist Jeroen Van Herzeele viel de eer te beurt om solo de allereerste noten te mogen blazen: hij voorzag ‘Litanie’, een compositie van Fabian Fiorini, van een scheurende intro. De pianist zelf wrong zich bij aanvang van dat stuk even in de rol van dirigent om de uitvoering nauwkeurig te laten inzetten en nam vervolgens zijn vertrouwde plaats aan de klavieren in. Klarinettist Yann Lecollaire leverde met het in kakofonie startende en dus de titel perfect reïncarnerende ‘Tilt’ de tweede bijdrage. Volgden daarna ‘Etoile de Brume Suspendue’ van Guillaume Orti, ‘Estuarium’, gecomponeerd door Niels Van Heertum en ‘Troupeau’ van Pierre Bernard. Aan het slot van die compositie, het laatste stuk van de eerste set, verlieten de muzikanten hun vaste stek op het podium: kriskras tussen elkaar in en gespreid over de ruimte vooraan wandelend, stapten zij – ondertussen verder spelend – de zaal uit, richting foyer en artiestenloge, pianist Fiorini en drummer João Lobo eenzaam achterlatend.

De tweede set werd ingezet met ‘Nine’ van Laurent Blondiau, een compositie die ook te vinden is op de laatste cd van Mâäk en nu door het nieuwe arrangement en de grotere bezetting een stuk “voller” klinkt. Voor ‘Cubist March’, zijn tweede schrijfbijdrage aan dit project, stond Fabian Fiorini opnieuw een korte wijle vooraan te dirigeren. Daarna volgde de enige compositie die niet van de hand van een bandlid van MikMâäk is: ‘Back and Force’ werd speciaal voor de groep geschreven door “ami” Andy Emler (die zelf recent nog schitterde met zijn MegaOctet tijdens de HamSessions). Als groep een cadeau van dergelijke kwaliteit in ontvangst mogen nemen: het is een godsgeschenk! ‘Souffle de Lune’ van Michel Massot werd de meest melancholische en emotierijke passage van de tweede set. Die werd afgerond met een suite in 3 delen, waarvoor Claude Tchamitchian tekende en waarin de bassist zichzelf een zeer prominente rol had toegemeten die hij met verve invulde.

Beide avonden applaudisseerden de met reden overweldigde toehoorders MikMâäk terug naar het podium voor een bisnummer: op 16 juni werd dat de herneming van een reeds gespeeld stuk dat naar de zin van Blondiau in de eerder gebrachte versie niet goed was geweest; op het concert van 17 juni – waar de groep een duidelijk méér ontspannen indruk gaf – klonk als afsluiter een nieuw (geïmproviseerd?) stuk.

Slotsom: complexe composities, soms zeer divers van stijl, kwamen indrukwekkend tot leven door de toewijding van 16 individuen die ieder echt wel een eigen stempel drukken op de uitvoering ervan. Dankzij het vakmanschap van elk der muzikanten – en met behulp van massa’s handsignalen – kende dit project een geslaagde, zelfs vlekkeloze landing.

Wie het geluk mocht smaken op een van de, of zelfs beide, avonden het wordingsproces van deze creatie te kunnen meemaken, kijkt ongetwijfeld uit naar de cd. Die zal behoorlijk snel verschijnen, want begin september is MikMâäk op de Belgian jazz Meeting editie 2015 een van de uitverkoren groepen die een showcase mag verzorgen voor een publiek van binnenlandse en internationale journalisten en programmatoren. (PJG)

 

 

 

 

Brugse Festivalzomer start opnieuw met Vama Veche

Vama Veche 2[3]

 

Het gratis festival Vama Veche in het Astridpark trekt voor de tweede keer de Brugse festivalzomer op gang. Nieuw is dat families met kinderen een centrale rol krijgen in de namiddag. Circusatelier Woesh is aanwezig en het Antwerpse Atelier Recup zet elke dag een bouwatelier op. Kinderen en jongeren kunnen er aan de slag met hamers, zagen, spijkers, … De hele week kunnen ze meebouwen aan een bouwwerk met leuke glijbanen, schommels, torentjes, helemaal geïntegreerd in het decor van het park. Vama Veche speelt ook in op de hedendaagse culinaire trends en pakt uit met een pop-up restaurant. Het kookteam van Het Entrepot serveert elke avond lekkers uit eigen keuken. Geen festivalfood, maar een verzorgde schotel met gezonde ingrediënten.

De kiosk die vorig jaar in de steigers stond, is dit jaar opnieuw een volwaardige setting voor meer intieme voorstellingen, van theater tot performances van jonge makers. In de kiosk zijn ook Bruggelingen op het appel: Bram Verrecas speelde recent nog naast Wim Opbrouck in de film Ventoux en staat op 3 juli in het Astridpark. Lies Gallez studeerde vorig jaar af als master audiovisuele kunsten, schrijft kortverhalen en houdt een blog bij over de kleine gelukjes des levens. Op 30 juni staat ze in de kiosk. Het Brugse koor The Bare Necessities brengt op 2 juli 2015 een selectie meerstemmige liederen. De voorstellingen starten telkens om 19.00 en 20.00 uur.

Vama Veche serveert ook opnieuw een stevige portie live muziek om 21.30 uur in de grote tent. Bands op het appel zijn onder meer: The Durgas en The Germans. The Durgas zijn de broers Benji en Christopher Simmersbach. Hun muziek is een mix van reggae, Afrikaanse, Oosterse en Europese folk elementen en Amerikaanse roots muziek. The Germans is een vijfkoppige band uit het Oost-Vlaamse Gavere en voert je op 5 juli mee naar een muziekwereld ver voorbij de experimentele poprockgrenzen. Pomrad speelt op 4 juli 2015 en is het alter ego van de Antwerpse keyboardspeler, producer en live performer Adriaan van de Velde. Zijn muziek mag je bestempelen als nostalgisch, harmonisch en kleurrijk. Op de sounds van een reeks dj’s kun je de avond afsluiten.

Op vrijdagavond 3 juli 2015 staat opnieuw een editie van Pecha Kucha op het programma. Het concept werd vorig jaar erg gesmaakt. Pecha Kucha wijkt dit jaar uit naar de nabijgelegen kerk.

Info Vama Veche van 30 juni tot 5 juli in het Astridpark, www.vamaveche.be, info@hetentrepot.be, t 050 47 07 80

 

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 1.216 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: