Exit Magazine

Maandelijks Brugs Cultuurblad

De afscheidsbrief van Sonia Debal na 23 jaar Cultuurcentrum

afscheid Sonia Debal_Stadsschouwburg Brugge_2014 09 24_foto (c) Jan Verhaeghe, Brugge (91)

Sonia Debal en Peter Roose

Van harte welkom in deze schitterende foyer.Vandaag is het feest en ik ben blij dat jullie erbij zijn.Al moet ik eerlijk bekennen dat dit afscheid mij toch wel enigszins zwaar valt.Afscheid nemen doet pijn (partir c’est mourir un peu) en duurt niet even maar wel je hele leven. Nu is de tijd gekomen om afscheid te nemen van 23 jaar intens cultuurleven.Overspoeld door nostalgie bij het schrijven van deze afscheidstoespraak , moest ik terugdenken aan een voorstelling die mij heel erg geraakt heeft; de live film/theater/dansproductie ‘Kiss&Cry’van filmmaker Jaco Van Dormael en choreografe Michèle Anne De Mey.Een beklijvende, ontroerende ode aan het verleden, aanraken en loslaten..De voorstelling opent met het beeld van een oud vrouwtje op een bank op een perron kijkend naar de voorbijrazende treinen . Terwijl de off-voice zegt :’Waar gaan de mensen heen als ze uit ons leven,onze herinnering zijn verdwenen?Waar zijn ze nu?’..En dan gaat het schuifje van haar herinnering letterlijk open.

Laat mij toe om het laadje van mijn herinneringen voor jullie open te trekken.A la recherche du temps perdu?

Na 23 jaar rennen ,springen,vliegen,duiken, vallen,opstaan..en weer doorgaan …is de tijd gekomen om even stil te staan en terug te bladeren in het grote schouwburgboek van toen en nu..

2 november 1991

Waar blijft de tijd? De dagen gleden door mijn hand…

Ik schrijf de eerste zinnen van mijn petite histoire ‘van lerares tot schouwburgdirecteur’. Een klein, nietig verhaal vergeleken bij de grote opera van het wereldtheater. Maar voor mijzelf een heel groot verhaal dat mijn levenskoers drastisch zou veranderen..

Vanuit de indrukwekkende eiken bureau in Dienst Cultuur op de Burg, stortte ik mij met jeugdige overmoed vol vuur en enthousiasme in het nieuwe avontuur. Tijdens deze pioniersjaren zochten wij samen met een handvol medewerkers naar een eigen plek in het Brugse én Vlaamse cultuurlandschap, gepassioneerd door de liefde voor de kunst en de kunstenaar.

Het waren trouwens gezegende jaren om schouwburgdirecteur te zijn . Vlaanderen bruiste van het opkomend dans-en theatertalent. In onze podiumzalen : de schouwburg, de Dijk en de Biekorf , die eind 1991 geopend werd,speelden wij gretig in op deze krachtige Vlaamse Golf. Wij brachten-vaak met veel lef en durf-werk van kunstenaars die later wereldtop werden.Om er maar enkele te noemen: Anne Teresa de Keersmaeker, Wim Vandekeybus, Jan Fabre, Meg Stuart, Alain Platel, Ivo van Hove, Johan Simons, Luc Perceval. De monumentale schouwburg waar sinds 1869 de ziel van zoveel generaties theatermakers nog levendig is, werd van meet af aan een warme ontmoetingsplaats, een open huis voor de kunstenaar én het publiek dat met volle teugengenoot van al dat moois en verrassend nieuw. Ook anno 2014 strijken kunstenaars uit alle windstreken en van heel diverse pluimage hier neer en keren ze graag en vaak terug om in dit warme Brugse nest hun artistiek ei te leggen.

In het begin van de negentiger jaren van de vorige eeuw plantten wij samen met andere gedreven collega’s van oa de Werf ,Cactus, Bruges Festival ..een zaadje in de blijkbaar erg vruchtbare Brugse culturele bodem.Het kiempje van toen is nu uitgegroeid tot een stevige boom met heel wat vertakkingen en rijpe vruchten.

1 januari 1995

We krijgen vleugels want vanwege de Vlaamse Gemeenschap verwerven wij op 1januari 1995 de erkenning als Cultuurcentrum in de hoogste categorie.De daarbij horende subsidie opende nieuwe perspectieven naar personeelsuitbreiding en programmering.De krant van West-Vlaanderen kopte :’Brugge heeft eindelijk zijn Kultuurcentrum!’De erkenning was meteen ook een mooie verwelkomingsroos voor de kersverse schepen voor Cultuur Yves Roose.De podiumzalen schouwburg, Biekorf, de Dijk (en vanaf 2002 ook de Magdalenazaal) en de tentoonstellingsruimten Jan Garemynzaal en vanaf 1997 ook de Bogardenkapel en de Bond werden officieel erkend als de infrastructuur van het Cultuurcentrum. Wij werden een nieuwe stadsdienst met een eigen personeelskader,eigen werking, eigen huisstijl en identiteit zoals het decreet voorschreef maar we bleven een gemeentelijke instelling.

In januari 1996 nam het Cultuurcentrum zijn intrek in de nieuwe kantoren in de Sint-Jacobsstraat, die ondertussen dit voorjaar grondig gerenoveerd werden en een eigentijdse look kregen.Terwijl mijn medewerkers de verhuisdozen in-en uitpakten zat ik ijverig examenvragen te beantwoorden. Na met succes de proeven te hebben afgelegd, kreeg ik na een interimperiode van 5 jaar tijdelijke contracten een vaste aanstelling.

In 1996 zag ook het succesvolle filmeducatief project Lessen in het donker ism Cinema Lumière het levenslicht. Ondertussen is dit project structureel gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de belangrijkste Vlaamse spreider van de betere film voor kinderen en jongeren. Samen met de schoolvoorstellingen, de familievoorstellingen een belangrijk onderdeel van ons kunsteducatief aanbod waarmee we jaarlijks aan meer dan 30.000 kinderen kansen geven om in contact te komen met het rijke culturele aanbod .

Dank zij onze erkenning als cultuurcentrum konden wij het podiumaanbod waarbij dans en theater heel pertinent aanwezig waren, verruimen met een werking beeldende kunsten en een complementair kunsteducatief aanbod. Met spraakmakende multidisciplinaire kunstprojecten zoals Vrouwentongen met oa ‘Girls? Bad Girls’ ,waarbij niemand minder dan performancequeen Marina Abramovic de expositie opende;zetten wij meteen de toon voor een eigenzinnig parcours hedendaagse kunst.

20 april 1996

De schouwburg moet voor 18 maanden de deuren sluiten wegens noodzakelijke brandbeveilingswerken. Een tegenslag voor het prille cultuurcentrum!Maar wij blijven niet bij de pakken zitten en bezetten de stad.Zo belanden wij ook in de Sint-Gilliskerk waar Marianne Faithfull op een spectaculaire manier van het altaar valt,recht in de armen van één van haar aanbidders, de toenmalige burgemeester Patrick Moenaert.

De broodnodige uitbreiding van het personeelskader liet vrij lang op zich wachten maar toen de twee Sonia’s (Sonja Debrouwer voor de schoolvoorstellingen en klassieke muziek, en ikzelf voor de avondprogrammering) in 1997 versterking kregen van twee frisse jongens Peter Roose en Michel Dewilde kwam het Cultuurcentrum op kruissnelheid.Het aantal voorstellingen verdriedubbelde, de publiekscijfers piekten boven de 100.000 en dit met een scherpe kwaliteitsbewaking.Met artiesten als Dr.John, P.Glass, M.Nyman, R.Thompson, Willy Deville, Joe Jackson, Randy Newman, Joan Baez, Bregovic, Jane Birkin… en beeldende kunstenaars als Jan Fabre, Wim Delvoye, Jacques Charlier speelden wij al vlug in internationale topdivisie.

Thematische,multidisciplinaire projecten werden ons handelsmerk en we verwierven naam en faam in binnen-en buitenland met baanbrekende festivals zoals Vrouwentongen (1996), Kharta Blancha (1998), Angels (1998) ,Egypt in 7 Days (1997), Spice & Spirit (2006), The Messenger, Horizon..

Ook in het Gezellejaar 1999 bewees het Cultuurcentrum met het project ‘Sterk zij de tale der woorden’ dat het een voortrekkersrol durfde te spelen inzake vernieuwende kunstvormen en benadering.

2002

Het Cultuurcentrum zette het magische jaar 2002 in met een ferme knal: de plafond van deze foyer kwam grotendeels naar beneden.Groot alarm .Een grondige restauratie en renovatie kon niet langer uitblijven . Na een nomadenbestaan van 9 maanden als een www cultuurcentrum( een weg wegens werken cultuurcentrum),luidden op de vooravond van de opening van Brugge Culturele hoofdstad de eerste feestklokken .Na een grondige facelift schitterende onze bonbonnière opnieuw in al haar glorie en grandeur. En onze huisartiest Herman van Veen diende zich graag aan als ceremoniemeester bij dit feestelijk gebeuren.

Het Cultuurcentrum was een heel dynamische en creatieve partner in het 2002 project en dit niet enkel met dans en theater van topniveau maar ook met grensverleggende projecten zoals Format 2002 en Station to Station.Het mag gezegd,het was niet altijd zo vanzelfsprekend om onze wagonnetjes veilig en wel op de rails te houden als een TGV 2002 voorbij raast maar ondertussen waren we milleniumproof en een meester geworden in de kunst van het evenwichtsbeoefenen en dansen op een slappe koord.

2002 was ook nog in andere opzichten een belangrijk scharnierjaar.Met de Magdalenazaal verwierven wij een uniek platform voor hedendaagse, eerder experimentele podiumkunsten .Samen met de Cactus bouwden wij deze zaal uit tot een succesvolle pleisterplaats voor het jonge geweld. En de toenmalige cultuurminister Bert Anciaux beloonde onze hoogstaande werking en ijverig dossierwerk met een flinke extra variabele subsidie van 340.000 euro bovenop de280.000 euro reguliere subsidie. Meteen werden wij één van de hoogst gesubsidieerde cultuurcentra van Vlaanderen.Het nieuwe decreet lokaal cultuurbeleid gaf ons dus heel wat extra kansen en stimulansen.

De kersverse centen werden onmiddellijk goed besteed aan een project waarvan we reeds geruime tijd droomden . In mei 2004 werd deze droom werkelijkheid en Brugge werd de hoofdstad van Accordistan. Het accordeonfestival Airbag was meteen een schot in de roos en dit tweejaarlijks evenement is niet meer weg te denken uit het Brugse culturele gebeuren.

Toen wij in 1996 voor 18 maanden zonder een grote schouwburgzaal zaten,stelden wij voor aan de toenmalige schepen voor Cultuur Hugo Stevens om onze programmatie een tijdelijk onderdak te geven in een grote tent op ’t Zand. Een voorstel dat werd afgevoerd als ‘ondenkbaar’. Sinds 2002 staat echter op diezelfde plaats een grote cultuurtempel, het Concertgebouw, een nieuwe parel aan de Brugse kroon.De beginjaren van het Concertgebouw, betekenden voor het Cultuurcentrum een niet vanzelfsprekende zoektocht naar een nieuw evenwicht Het stadsbestuur besliste dat ons succesvol aanbod lyrisch tonel (opera-operette-musical) , klassieke muziek, muziektheater en grote dansvoorstellingen beter thuis hoorden in het Concertgebouw .Dit zorgde voor een behoorlijke publieksterugval .Maar wij slaagden erin om op een creatieve manier een nieuwe koers te varen door ons aanbod te verruimen met nieuwe,eerder drempelverlagende initiatieven zoals Airbag, Radio Columbus, Nostalgia, Flamencofestival, familievoorstellingen..En op die manier een nieuw publiek aan te trekken

2005/2010 de stadsfestivals

Zowel in 2005 met Corpus als in 2010 met Brugge Centraal breidde de stad een vervolg aan 2002.Daarbij aansluitend pakte het Cultuurcentrum in 2005 uit met het dans-en performancefestival ‘Body Stroke’ en het beeldende kunstenproject ‘Pursued-Boost in the Shell’ waarbij de focus lag op jong, gedurfd en experimenteel werk.En in 2010 durfden wij het aan om de schouwburgscène om te toveren tot een heuse catwalk. Meer dan honderd Brugse jongeren namen deel aan het hedendaagse mode-event Party Saty.

Een leven vol dans

Het is een feit dat Brugge de dans niet is ontsprongen.Wat in 1991 begonnen is met vier kleine dansproducties is nu uitgegroeid tot een dansplatform om u tegen te zeggen. Koppig en standvastig timmerden wij aan de weg om een publiek te winnen voor een toch niet zo vanzelfsprekende kunstvorm. Wij kozen resoluut voor continuïteit,kwaliteit, diversiteit en een goede omkadering door gratis inleidingen en programmatieblaadjes.Brugge is nu de place to be voor hedendaagse dans.Dit succesverhaal resulteerde in 2007 in de eerste editie van het jaarlijkse,internationale dansfestival December Dance. Voor deze eerste editie wisten het Cultuurcentrum en het Concertgebouw niemand minder dan de ondertussen wereldvermaarde choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui aan te trekken als curator. Later volgend nog belangrijke grootmeesters zoals A.T.De Keersmaeker, Akram Khan en Wim Vandekeybus.

Vandaag staat voor jullie een gelukkige,trotse afscheidnemend directeur.

Jaarlijks meer dan 150.000 bezoekers voor een aanbod dat niet altijd evident is. Wij plukken nu de rijke oogst van wat wij samen -vaak met veel zwoegen-gezaaid hebben. Wat geen verleden heeft, heeft ook geen toekomst. Wat geen wortels heeft, heeft ook geen kruin.Beste medewerkers:koester het verleden maar blijf nieuwsgierig , neem risico’s, blijf niet stilstaan,kijk vooruit . Wie te lang over elke stap nadenkt,staat zijn hele levenlang op één been..

Als kersverse directeur had ik een droom , veel van die droom heb ik kunnen waarmaken (ook al stonden wel eens wetten in de weg en praktische bezwaren). Men zegt dat dromen bedrog zijn maar ik ben ervan overtuigd dat dromen kunnen werkelijkheid worden voor hen die sterk genoeg zijn om erin te geloven.

Mijn grote dank en erkentelijkheid gaat dan ook uit naar de zo velen die mij door dik en dun gesteund hebben om die droom waar te maken: de Vlaamse Overheid, het Stadsbestuur, de raad van beheer, het prospectieteam, de collega’s, vrienden en familie, mijn echtgenoot en zonen.

Dank aan de vele bevlogen kunstenaars voor de ontelbare uren van indringende schoonheid ,bewondering en verwondering. Dank aan ons trouw en fantastisch publiek. Maar bovenal dank aan mijn schitterend team, zonder jullie was het nooit gelukt.. En het beeld van Jan Fabre indachtig dat we in ’99 in de Gezelletuin plantten, ben ik ervan overtuigd dat jullie samen sterk genoeg zijn om het vuur brandende te houden..

Sonia Debal

Brugge oktober 2014

 

Oostende lonkt naar ‘De Zee’

Oostende lonkt naar ‘De Zee’

La Vague (oil on canvas)

Gustave Courbet La Vague

 

Nog tot 19 april trekt het grote publiek ongetwijfeld naar de monumentale tentoonstelling in het Mu.ZEE die onder de noemer ‘De Zee’ een staalkaart biedt van de kunstgeschiedenis van William Turner (1820) tot het schelpenkabinet van Guillaume Bijl (2004). Over de tentoonstelling hangt de even monumentale schaduw van de dit jaar overleden Jan Hoet die een ruim aandeel heeft gehad in deze tentoonstelling.

 

Oostende heeft nu ook ontdekt dat toerisme en cultuur een perfect huwelijk kunnen vormen en dat heeft hier geleid tot een boeiend geheel dat naast kunst in het Mu.Zee (de hoofdmoot) kunst op een uitgestippeld parcours toont, voer overigens voor een stevige strand- en stadswandeling.

De tentoonstelling in het voormalige grootwarenhuis in de Romestraat, een fantastische museale ruimte die blijft verbazen, oogt zeer divers. Er is niet echt een rode draad aanwezig, tenzij het thema ‘zee’, maar vrijwel elk werk staat garant voor menige anekdote of verhaal over Jan Hoet.

Een tentoonstelling werkt vooral met toppers en die zijn er: Turner (het pronkstuk, pas na lang aarzelen uitgeleend), Borremans , Broodthaers, Brusselmans, Cézanne, Courbet, Tuymans, Delvoye, Matisse (met een reusachtige zeefdruk op linnen), Spilliaert en uiteraard ook James Ensor Hoewel niet meteen aanwezig met de topwerken, bieden ze toch een rijk gestoffeerd geheel, waarmee Jan Hoet zelf zeer tevreden zou geweest zijn, want voor pakweg 70 % zijn keuze geweest. Naast de toppers is het soms verbaasd uitkijken naar werk van William Blake, Jacques Charlier of de 456 (!) ingekaderde vellen papier van Hanne Darboven die een hele museumwand beslaan. Samengevat: gaat dat zelf zien.

‘De Zee’ verlaat ook het museum met een wandeling over 12 locaties, van het Lam Gods-altaar op het strand, over het Thermae Palace naar Station, Jachthaven en de Nieuwe Strekdam waar The Oostendse band The Van Jets ‘the sound of the sea’ laten horen.

Bij de tentoonstelling horen publicaties: er is de praktische wandelgids ‘De Zee’ (7 euro) en de catalogus (45 euro). (LF)

 

Mu.ZEE is gesloten op maandag, de andere dagen open van 10 tot 18 u.

 

 

 

 

Bolwerk Brugge, Bezette Stad in 14-18

Bolwerk Brugge, Bezette Stad in 14-18

EDM_7418-3

Sophie De Schaepdrijver (Foto EDM)


Meer nog dan tijdens Wereldoorlog II hakte de bezetting hard in op de Brugse bevolking, dat blijkt na lectuur van het uitstekende boek ‘Bolwerk Brugge, Bezette Stad in 14-18’ van historica Sophie De Scbaepdrijver. Het boek schetst tientallen, meestal weinig gekende, verhalen en getuigenissen over de genadeloze werking van het Duitse Marinekorps Flandern, dat de havens van Brugge en Zeebrugge als speerpunt gebruikte in een heuse en onbeperkte zee-oorlog.

Het boek opent met een portret van het vooroorlogse Brugge (54.000 inwoners intra muros, vandaag 19.000!)) waarvan de faam mee werd gemaakt door auteurs als Georges Rodenbach en Maurits Sabbe, wiens werk niet door iedereen werd gesmaakt. De Schaepdrijver schrijft: ‘Hoezeer Rodenbachs boek ook had bijgedragen tot het ‘merk’ Brugge, velen eisten een rebranding, vlijtig, deugdzaam, door en door gezond, en vonden dat een auteur die in het Frans schreef en in Parijs woonde niet het recht had een beeld van hun stad op te hangen’.

Het boek overloopt chronologisch de oorlogsgeschiedenis vanaf de inname van Brugge (‘Binst de hoogmis, tijdens de consecratie, horen wij een kanonschot, het zijn de Duitsers’ schreef kanunnik Duclos. De Duitsers gingen meteen over naar een ‘bezettingsmodus’ en die bracht ‘enorme eisen’ met zich mee, waaronder ‘een bijzonder hard bezettingsregime’. In de periode ’14-’14 worden de havens van Brugge en Zeebrugge uitgebouwd tot zeer sterk verdedigde basissen. Zo werd de Vlaamse kust een van de zwaarst verdedigde kustlijnen ter wereld.

Het leven mocht dan ongemeen hard zijn, een klein aantal mensen dook het verzet en de spionage in, wat van Duitse kant leidde tot executies en brute repressie. Het verhaal van de ‘Brugse’ Anna De Beir, ternauwernood ontsnapt aan een executie, krijgt hier prominent veel aandacht.

Het zwaartepunt van het boek vertelt uitgebreid over ‘de onbeperkte onderzeese oorlog’, de geallieerde bombardementen op Brugse volkswijken (precisiebombardementen bestonden nog niet) en het uitspelen van ‘de laatste kans’. Bijzonder interessant is het hoofdstuk ‘Ondertussen: de Vlaamse politiek’ en de rol van de activisten daarin, materie die reeds uitgebreid aan bod kwam in De Schaepdrijvers ‘De Groote Oorlog’ uit 1997, recent nog herdrukt. Bolwerk Brugge besluit met de bijeenkomst van de Belgische elite en koning Albert in het kasteel van Loppem, die later het startsein blijkt te zijn geweest van een nieuwe maatschappelijke orde.

Bij het boek hoort een verplicht (…) bezoek aan de tentoonstelling ‘Brugge in oorlog’ in de Stadshallen, samengesteld door De Schaepdrijver. Bruggelingen betalen slechts 4 euro. (LF)

Bolwerk Brugge (1)

Bolwerk Brugge, Bezette stad in 14-18. Sophie De Schaepdrijver, uitg. Hannibal, 24,50 euro

De klankpaletten van Marc Cary Focus Trio

RMFT4625

Vóór pianist Marc Cary onder zijn eigen naam werk begon uit te brengen, had hij zich al jarenlang speelervaring verworven als begeleider. Vooral zijn werk voor zangeres en jazzicoon Abbey Lincoln vestigde zijn reputatie en maakte van hem een gegeerde muzikant, die ook andere groten graag aan hun zijde wisten: Betty Carter, Arthur Taylor, Dizzy Gillespie, Max Roach, Shirley Horn… Het leverde hem meerdere nominaties voor een Grammy op.

In 1995 bracht hij voor het eerst als leader een eigen cd uit, maar pas in 2006 richtte hij zijn Focus Trio op, tot heden zijn langstlopende band. Waar hij zich aanvankelijk volledig in de traditionele hardbop en mainstream jazz inpaste, is in de loop der tijden zijn interesse ook steeds meer gegaan naar experimenten met andere genres: soul, hip hop, go-go, elektronica en traditionele Indische en Malinese muziek.

Op de eind 2013 uitgebrachte tweede cd ‘Four Directions’ combineert Focus Trio al die invloeden, met als doel – in de woorden van Marc Cary zelf – “to bring indigenous rhythms together with American jazz to create new palettes of sound”. Die cd komt hij deze week in De Werf live voorstellen, met aan zijde drummer Sameer Gupta en bassist Rashaan Carter. (PJG)

Vrijdag 24 oktober om 20.30 uur in De Werf – www.dewerf.be

 

 

Eerste burgerforum van HART BOVEN HARD in Brugge en in Oostende

 Hard

 

HART BOVEN HARD, een brede maatschappelijke beweging van mensen en organisaties uit verschillende sectoren, is ontstaan al vrij kort na het bekend worden van cijfers over de aankomende besparingen van de Vlaamse regering. Dat “iedereen een steentje moet bijdragen” leest men als Newspeak voor “zware besparingen in de eerste plaats op de kap van de modale Vlaming”. Nochtans is er een positief alternatief, is de stellige overtuiging van dit burgerinitiatief, met name “een warme samenleving die hart boven hard verkiest en een beleid dat investeert in solidariteit, rechtvaardigheid en zuurstof voor mensen en zich verzet tegen een louter cijfermatige kijk op onze samenleving”.

Op 22 september – dag waarop minister-president Geert Bourgeois zijn Septemberverklaring in het Vlaams Parlement zou voorlezen – publiceerde de beweging een alternatieve Septemberverklaring die hem ook persoonlijk werd overhandigd. Intussen hebben 1000 organisaties en meer dan 12.000 mensen het idee van de alternatieve Septemberverklaring mee onderschreven en ging HART BOVEN HARD effectief van start in Gent, Antwerpen en Brussel.

Op 20 oktober blaast men ook in Brugge en in Oostende de beweging leven in.

In Brugge gebeurt dit in De Werf. Na voorlezing van de alternatieve Septemberverklaring door Liesa Naert, zullen Pierre Muylle (directeur MADmusée Luik), Pascale Cockhuyt (coördinator vzw Wieder – jongeren in armoede), Tom Callebaut (tcct – interieurarchitectuur), Jorijn Neyrinck (coördinator tapis plein vzw) en Geert Belpaeme (theatermaker) vanuit hun eigen ervaring kort een reflectie of statement op de actuele ontwikkelingen brengen. (Lijst wordt nog aangevuld: zie Facebookpagina en www.dewerf.be). Vervolgens is er ruimte voor discussie en gedachtewisseling met het publiek, waarna beschouwers Luc Vanmarcke (socioloog, Vives-hogeschool Kortrijk) en Luk Van Langenhove (directeur UNU-CRIS Brugge) hun visie brengen op de beleidsontwikkeling en de beweging HART BOVEN HARD. Moderator is journalist Mieke Dumont.

 

Locatie in Oostende is Vrijstaat O. Daar leest Marijke Pinoy de alternatieve Septemberverklaring voor, met daarna 8 “getuigenissen uit de dagdagelijksheid”: Guido Decombel (Beweging van Mensen met een Laag Inkomen en Kinderen), Ivy Goutsmit (FMDO-integratie), Hamid Hisari (CAW, welzijn), Tineke Decroos (Samenlevingsopbouw), Dirk Elst (kunstenaar), Hendrik Tratsaert (artistiek leider Vrijstaat O.), Filip Van Becelaere (coördinator JAC, jeugd ), Coby Jansen en Ellen Distave (Oostendse ondernemers). Volgt een debat met experten en panelgesprek in interactie met het publiek: Peter Vermeersch (stichtend lid G1000, hoofddocent Sociale Wetenschappen KULeuven), Peter Wollaert (expert duurzaam ondernemen bij Unitar en Vlerick Business School) en An De Bisschop (directeur Démos, kenniscentrum participatie en kansengroepen. Moderator is journalist Stefaan Kerger. (PJG)

Maandag 20 oktober om 20.30 uur in De Werf – www.dewerf.be

Maandag 20 oktober om 20.00 uur in Vrijstaat O. www.vrijstaat-o.be

Wereldoorlog I woedt in Stadshallen

EaglesClaws_kaft

Brugse verzetsvrouw viel in Duitse handen

 

‘Misschien is de Eerste Wereldoorlog wel ‘doodherdacht’? Herdenken is een hobby geworden, de gruwel werd kitsch’ (David Van Reybrouck)

Twee tentoonstellingen, een historische en een fotografische,  en een apart luik over zelfmoord bij West-Vlaamse jongeren, daarmee herdenkt Brugge op een waardige en originele manier de eerste wereldbrand uit de 20ste eeuw. Samenstellers zijn historica Sophie De Schaepdrijver, auteur (en ex-Bruggeling) David Van Reybrouck en Magnum-fotograaf Carl De Keyzer. Op het gelijkvloers evoceert De Schaepdrijver, auteur van het (in Vlaamse kringen) vaak misbegrepen boek ‘De Groote Oorlog’ uit 1997, het bezette Brugge dat door zijn haven een uitvalsbasis was voor de duikbotenoorlog, zoals uitvoerig beschreven door Tomas Termote in zijn boeiende ‘Oorlog onder water’.   In het gelijknamige boek, Bolwerk Brugge, Bezette Stad in 14-18, schetst ze het Brugge in oorlogstijd in de context van de gehele oorlog: de ervaringen van de Bruggelingen naast de plannen van de Duitse zeemacht, het ‘Marinegebiet’ naast dat van heel bezet België, de verwachtingen van de bevolking. De historica vindt dat ze hiermee slechts een aanzet heeft gegeven die moet uitnodigen tot verder onderzoek.

De fotografie-tentoonstellingen in de bovenzalen tonen WOI zoals nog niet eerder vertoond. De Keyzer zelf selecteerde een honderdtal foto’s uit ruim tachtigduizend beelden (‘heel de wereld afgeschuimd’) en maakte er grote, ronduit indrukwekkende, afdrukken van die stuk voor stuk beklijven. Het beeld van nachtelijk Ieper onder een laagje sneeuw staat symbolisch voor de gehele aanpak. Dit lijkt mij het sterkste onderdeel van de fotografie-tentoonstelling.

Het andere luik toont werkvan 9 internationale Magnum-fotografen die elk wonen in een land waar WOI een grote rol speelde. Let op, dit zijn geen beelden van WOI, maar eigentijdse invullingen die de actualiteit van oorlog tonen. De link tussen verleden en heden is hier niet altijd of meteen duidelijk, maar de foto’s boeien.

Een apart luik, vreemde eend in de bijt, zijn de getuigenissen van jongeren die moedwillig uit het leven gestapt zijn, maar een laatste woord achterlieten. David Van Reybrouck dompelde zich daarvoor maandenlang onder in de Westhoek en zocht de parallel tussen de slachting van toen en de (West-Vlaamse) hallucinante zelfmoordcijfers van nu. Een verre van evidente toevoeging aan de tentoonstelling die de bezoeker willens nillens doet nadenken.

Bij de tentoonstelling horen niet minder dan drie boeken: ‘Bolwerk Brugge,bezette stad in 14-18 van Sophie De Schaepdrijver (24,50 euro) ; Album 14-18 met tekst van Van Reybrouck bij foto’s van De Keyzer en ‘The First World War Now’ met werk van De Keyzer en de andere (negen) Magnumfotografen. Beeldend uitgegeven door uitgeverij Hannibal (telkens 39,95 euro) ,

Een bezoek uitermate warm aanbevolen.

Elke dag van 9 tot 17 uur in Stadshallen (Markt), Bruggelingen betalen slechts 4 euro, andere 12 euro

Stemmengeflonker in het donker

XiNiX is een project van Blindenzorg Licht en Liefde dat zich tot doel stelt “zoveel mogelijk mensen op een aangename en creatieve manier ‘inzicht’ geven in een leven zonder zicht”. Daartoe organiseert men o.a. voor verenigingen, scholen,

Deze week wordt ieder met interesse voor een unieke ervaring uitgenodigd naar 2 optredens die, geheel in de filosofie van het project, eveneens èn letterlijk in duisternis zullen zijn gehuld. Op 15 oktober komt Joe Baele – ondersteund met muziek door Mathias Van de Wiele – in het donker verhalen vertellen over wat ‘spelingen van het lot’ met een sterveling ten goede of ten kwade kunnen aanrichten. Een dag later staan The Cappaert Sisters “onzichtbaar” op de planken voor de try-out van hun nieuwe tournee.
Na hun deelname aan X-Factor, alweer bijna 8 jaar geleden, is het een tijd stil geweest rond de zingende zussen. Nochtans zijn ze al die tijd muziekgewijs bedrijvig gebleven: backing vocals zingen (o.a. voor De Dolfijntjes en Guido Belcanto), studiowerk verzorgen en bovenal slijpen aan eigen liedjes en teksten (in het Engels én in het Nederlands). Songs die ze jaren rustig in de lade lieten rijpen, maar waarvan ze wisten dat ze die ooit samen live voor een publiek zouden brengen, wanneer zich daarvoor de juiste muzikanten zouden aandienen.
Toen vanuit XiNiX de vraag kwam voor een optreden in – voor zowel publiek als performers – absolute duisternis, zagen Annelies en Sarah hierin hun kans om hun doel eindelijk te concretiseren. “Want, als mensen niks kunnen zien, dan zijn we ongelimiteerd in onze gevoelsuiting.” Voor de try-out van ‘The Cappaert Sisters: Unlocked en Unplugged’, waarvan het repertoire hoofdzakelijk uit eigen werk bestaat, laten ze zich omringen door enkele muzikanten en backing vocals. Onder hen pianist Bas Bulteel die met zijn eigen jazztrio recent ‘Coming Home’ (W.E.R.F. 121) uitbracht, cd die op Klara 14 dagen geleden zeer terecht “cd van de week” was.(PJG)
‘Spelingen van het lot’ – woensdag 15 oktober om 20.00 uur
‘The Cappaert Sisters: Unlocked en Unplugged’ – donderdag 16 oktober om 20.00 uur
Locatie: XiNiX (Blindenzorg Licht en Liefde), Oudenburgweg 40, 8490 Varsenare
Tickets: 8 euro per avond of 14 euro voor beide.
Reservatie: 0473 95 13 88, xinix@lichtenliefde.be

Kunst in de Langestraat

PoP-uP Gallerie

Voor de iets oudere jongeren onder de Bruggelingen zal de naam Daniël Dehulster wel immer onlosmakelijk verbonden blijven met en de associatie oproepen aan De Versteende Nacht. Er zijn slechtere referenties. Dat de man door de jazzmicrobe is gebeten, mag een understatement heten want die muziek speelde een niet weg te denken hoofdrol in zijn etablissement. Dat hij ook steeds gefascineerd is geweest door schone kunsten en deze bovendien zelf bedrijft, is wellicht iets minder bekend. Nochtans heeft hij de buitenwereld de voorbije jaren – al dan niet samen met andere kunstenaars – geregeld kennis laten  maken met zijn werk, o.a. in Bogardenkapel, VC De Sleutelbrug, Resto Mojo, Buren bij Kunstenaars, en recent nog in Biekorf Cultuurcafé en expo-litie.

Samen met Eddy Catry neemt hij binnenkort het initiatief voor een pop-upgalerie in de Langestraat

Daniël Dehulster: ‘We zijn beiden leerling in het DKO aan de Academie van Brugge. Ik volg dit jaar mijn 5de jaar schilderen = 1ste jaar specialisatie bij Kathy Ackaert, en als keuzevak beeldhouwen bij Jean-Luc Verpoucke. Op 12 oktober om 16.00 uur starten we met een vernissage met steun zowel van de Academie als van Brugse Zot. Johan Reynaert en ikzelf bijten de spits af en stellen tentoon tot half november: van mij zal hoofdzakelijk beeldend werk uit diverse materialen te zien zijn en 1 olieverfschilderij, Johan toont 9 acrylverfschilderijen van zijn hand. Daarna brengen we 2 andere kunstenaars: zowel beeldend kunstenaars, schilders als fotografen kunnen aan bod komen. De inleiding op 12 oktober zal door Eddy en mezelf, de initiatiefnemers dus, worden verzorgd.’ (PJG)

Vanaf zondag 12 oktober (vernissage) tot 9 november in de Langestraat 83.

De tentoonstelling is te bezoeken op zaterdag en zondag, telkens van 14.00 tot 18.00 uur.

 

Jazz Brugge 2014: impressies van een jazzmarathonloper

ban-maneri_claire-stefani

Ban-Maneri (foto Claire Stefani)

Je weet vooraf: het vierdaags festival is door zijn genereus aanbod van 17 optredens (+ 4 introconcerten) een marathon die bij al te grote gretigheid een ware uitputtingsslag en naarmate de uren vorderen (steeds meer) slopend kan worden. Maar ook voor deze editie hebben de programmatoren op basis van hun prospecties een affiche samengesteld met muzikanten die je van naam kent en nu eindelijk wel eens aan het werk/zeker opnieuw live wil zien en daarnaast ook een rits voorlopig nobele onbekenden die je dankbaar bent te kunnen “ontdekken”…

Dag 1 – “Belgische dag”

Mâäk Quintet, als allereerste op de zolder van Sint-Janshospitaal, blijkt meteen een sterke openingszet. De boost van energie die uit dit collectief stroomt, maakt eens te meer duidelijk waarom Mâäk – onder welke bezetting ook – tot de meest boeiende groepen van de binnenlandse jazz scene behoort. Releaseconcert van ‘Nine’ (W.E.R.F. 122). Loriers/Postma/Aerts in de ondanks publiekstrekker Loriers niet volgelopen Kamermuziekzaal brengen een mooi concert vol lyrische muziek, het handelsmerk van de pianiste. Alles zeer beschaafd, zonder verrassingen noch onverwachte wendingen. Tweede releaseconcert van dit festival (‘Le Peuple des Silencieux, W.E.R.F. 120). Heel wat gevarieerder en meer beklijvend: Eve Beuvens’ Heptatomic. Indrukwekkend, welke evolutie de pianiste sinds haar fraaie debuut ‘Noordzee’ heeft doorgemaakt als componist èn bandleider. Tweede hoogtepunt van de dag. Dat krijgt helaas geen vervolg met de doortocht van Flat Earth Society & Mauro Pawlowski: de kennismaking met het nieuwe project van dit “zootje ongeregeld” draait uit op een teleurstellende ervaring waardoor ik het bisnummer niet haal. Evenmin wordt mij de meerwaarde van Mauro Pawlowski bij dit ‘Terms of Embarrasment’ duidelijk.

Dag 2

Han Bennink/Jaak Sooäär: de slagwerkende geweldenaar wordt gekoppeld aan een Estse gitarist die het presteert zich niet weg te laten drummen waardoor het Bennik dit keer niet lukt alle aandacht naar zich toe te zuigen. Improvisaties vloeien mooi over in standards. Voor de tweede dag op rij scoort het festival met zijn middagconcert. Graewe/Reijseger/Hemingway zorgen voor controverse: voor sommigen te veel improvisatie, voor anderen te weinig variatie, weer anderen spreken dan weer van een sterk déjà vu. Ondergetekende voelt zich als toehoorder tot het uiterste uitgedaagd om in dit verhaal tot aan het einde mee te gaan en doet dat maar al te graag. Verneri Pohjola Quartet wordt een aangename ontdekking: de lof die deze Finse trompettist overal oogst, ervaar ik als terecht. De bassist maakt niet echt indruk, de groepsleider, de drummer en vooral pianist Aki Risanen doen dat des te meer. Renaud Garcia-Fons La Linea del Sur: met de formidabele bassist als aimabele gids dompelt dit viertal de zaal onder in een warme, zuiderse en behaaglijk aanvoelende sfeer. Dat het lot nooit van enige ironie is gespeend, blijkt uit het feit dat het concert dat op die dag eigenlijk het minst met jazz heeft te maken, de grootste opkomst kent en de luidste bijval oogst.

Dag 3

Courtois/Erdmann/Fincker “The Mediums”: dit trio, ongewoon samengesteld want met 1 cellist en 2 saxofonisten, deelt mij een mokerslag uit. Dat ik niet als enige zwaar onder de indruk kom, blijkt uit het feit dat de stapel meegebrachte cd’s veel te klein is om iedere gretige afnemer van een exemplaar te voorzien. Voor Rita Marcotulli/Luciano Biondini is er, zoals voorspelbaar, heel veel belangstelling: de Kamermuziekzaal loopt tot de hoogste verdieping vol. De pianiste en de accordeonist zijn graag geziene gasten want resp. al voor de derde en voor de tweede keer op Jazz Brugge. Het duo lost moeiteloos de hoge verwachtingen in. Atomic: de vlot in het gehoor vallende melodieën van de Italianen daarnet staan wel in erg scherp contrast met wat dit Zweeds-Noorse vijftal serveert: tegendraadse muziek, die de luisteraar regelmatig beentje licht, vol ritmeveranderingen ook. Wie zich het eerste kwartier niet laat afschrikken maar zich overgeeft, wordt beloond met een sterk concert. Het derde al die dag, het lijkt niet op te kunnen. Toch eindigt de avond met Paolo Fresu Devil Quartet op een ontgoocheling voor uw dienaar: Fresu laat zich kennen als een poseur en vertoont de nare neiging om middels elektronica echo-effecten te zetten op zijn instrument of de klank ervan te vervormen. De momenten waarop hij niet speelt en zijn begeleiders in trio zijn te horen, ervaar ik als de beste.

Dag 4 – ECM

Andy Sheppards Trio Libero: ook al bekent saxofonist Sheppard zich met zoveel woorden op dit uur “nog niet echt fris”, toch kadert ook dit optreden zich naadloos in de traditie dat de middagconcerten altijd van zeer hoge kwaliteit zijn. Drie schitterende muzikanten tasten met de ogen elkaars bewegingen af en vertalen wat ze zien in een samenspel vol subtiliteit. Koko de clown: gemist – lees: bewust overgeslagen – wegens aanvangsuur al vrij kort na het vorige concert en een mens wil minstens ’s middags een behoorlijke maaltijd. In de avonduren immers is het beredderen want in Concertgebouw Brugge is er ook deze editie weer geen deftige oplossing voor een festivalganger die logischerwijs wel eens honger krijgt. Lucian Ban/Mat Maneri: deze muzikanten vonden elkaar jaren geleden n.a.v. een project rond Georges Enescu (indertijd ook in De Werf te zien) en de samenwerking is zo meegevallen dat ze sindsdien graag in duo optreden. Het samenspel van piano en altviool en het repertoire waarin zowel traditionele Roemeense muziek, blues en bij momenten kamermuziek doorklinkt, zorgen voor een concert dat letterlijk de adem beneemt. Met Elina Duni Quartet krijgt ook vocale muziek een (eenzame) stek op de affiche. In Albanese roots gedrenkte jazz wordt het, zeer passioneel gebracht door de zangeres omringd door een strak spelende groep. Een korte technische panne waardoor de geluidsversterking even uitvalt, zorgt zelfs nauwelijks voor problemen!

Tomasz Stanko Quartet: aan de “peetvader van de Poolse jazz” de opdracht om de ECM-dag af te sluiten. Hij doet dat, omringd door schitterende muzikanten (o.a. pianist Marcin Wacilewski!) met verve en maakt zijn reputatie meer dan waar. Jazz Brugge 2014 eindigt daarmee, zoals dat heet, in schoonheid.

Een enkel woord van kritiek toch moet: optredens – in het bijzonder op de zolder van Sint-Janshospitaal en in de Kamermuziekzaal – werden bij momenten ergerlijk verstoord door “weinig subtiele” continu kiekjestrekkende fotografen. Als gevolg van herhaalde klachten vanuit het publiek zelf moest presentator Roger De Knijf telkens weer en zelfs tot de laatste dag toe aandringen enkel de eerste 10 minuten foto’s te nemen en niet te “klikken” bij stille muziekpassages. Een jammerlijke schoonheidsfout die een smet werpt op een nochtans muzikaal weer zeer geslaagde editie van hoge kwaliteit. (PAUL GODDERIS)

 

Toneeltips oktober

 

7 oktober 2014, 20.00 uur

Loop! Ultima Thule en HetPaleis, MaZ

Theater voor tieners is geen evidentie, maar HetPaleis blijft het jonge volkje met succes boeien. Samen met figurentheater Ultima Thule creëerde het huis Loop! Het verhaal speelt zich af tijdens een oorlog. Twee families spelen de hoofdrol. Er zijn twee broers en twee zussen. De ene broer vrijt met de ene zus, de andere met de andere. Er is geen vuiltje aan de lucht, tot de oorlog uitbreekt en een stom misverstand hun noodlot bepaalt. Ultima Thule staat bekend om zijn sobere, maar sterke ensceneringen. Op het podium: een tafel als decor, tien poppen, vier acteurs en twee muzikanten. Tekst en regie zijn van Wim De Wulf, artistiek leider van Ultima Thule, die recent de bijzonder succesvolle Gomaartrilogie creëerde. Focus Knack over Loop!: ‘Uitmuntend verwoord, gespeeld en vormgegeven figurentheater met een muzikale motor over het gewicht van een schuldgevoel.’

(Info Cultuurcentrum, t 050 44 30 60, cultuurcentrum@brugge.be, http://www.ccbrugge.be)

 

18 oktober 2014, 20.00 uur, MaZ

Rumble in da jungle, SinCollectief

 Wie een voorstelling van SinCollectief ziet, ontdekt dat theater vandaag geen grenzen heeft. Het jonge muziektheatergezelschap dat in 2009 werd opgericht, experimenteert met genres en stijlen, met muziek en dans, met sport en andere disciplines om uiteindelijk een product van hoge artistieke kwaliteit af te leveren. SinCollectief goochelt met vernieuwende kunstvormen als spoken word en slam poetry. Hun doel: de tijdsgeest en de grootstad vatten in muziek en theater. Inspiratiebron voor Rumble in da jungle is het legendarische gevecht tussen bokslegende Mohammed Ali en George Foreman uit 1974 in Kinshasa. SinCollectief maakt van de theaterzaal een boksring waarin acteurs, muzikanten en spoken word kunstenaars het beste van zichzelf geven.

(Info Cultuurcentrum, t 050 44 30 60, cultuurcentrum@brugge.be, http://www.ccbrugge.be)

 

25 en 26 oktober 2014

Jonge Snaken#Move, De Werf

 

Sinds vorig jaar heeft het Jonge Snaken festival van De Werf een nieuwe formule. Tijdens het eerste weekend van de herfstvakantie brengt het huis familievoorstellingen die helemaal in het teken staan van beweging. Stilzitten is niet aan de orde. Op zaterdag 25 oktober staat Milestones op het programma: een muziektheatervoorstelling rond de befaamde jazzcomponist en -muzikant Miles Davis. Jazz is geen evident genre voor kinderen, maar Zonzo Compagnie weet perfect hoe ze die muziek verteerbaar moeten maken. Drie muzikanten creëren een interactief stuk waarbij de kinderen in een cirkel om het podium zitten en haast deel uitmaken van het decor. Nog op zaterdag is er Rauw van Kabinet K. Rauw is een dansvoorstelling over spelen, dromen en doen alsof. Over kind zijn, ook als dat niet kan. Over opgroeien in hachelijke omstandigheden, met als motto: wat je niet breekt, maakt je sterk. Op zondag zoeken drie jonge dansers in 3 op 3 naar een manier om de ultieme beweging te vangen. Ze galopperen en vliegen als dieren. Ze tikken en rollen tegen elkaar als dominosteentjes of balletjes.

(Info t 050 33 05 29, reservatie@dewerf.be, http://www.dewerf.be)

 

 

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 844 andere volgers